De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ik wil zo graag geloven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ik wil zo graag geloven

Met het oog op de jongeren

5 minuten leestijd

Het was zo maar ergens in een gemeente. Op een zaterdagavond.

Een open avond.

In veel gemeenten is er dan ergens een gezellig plekje waar jongeren binnen kunnen vallen. Op een tijdstip dat hun het beste uitkomt.

Een open avond als een open, wenkende hand: kom maar!

Veel jongeren komen niet. Zoeken hun 'heil' liever op andere plaatsen.

Andere komen wel. Als vaste bezoekers of als voorbijgangers.

Opeens stond hij voor me.

Hij was een voorbijganger.

Hij had mijn praatje niet gehoord. Kwam binnen toen de bespreking bijna afgelopen was. Ik stond net op het punt om naar huis te gaan.

'Ik wil zo graag geloven', zei hij.

Hij was enkele jaren niet naar de kerk geweest, 't Was hem goed bevallen.

Hoewel...

Hij vond het leven in ieder geval makkelijker zonder God en zonder Bijbel en zonder gebed. Alles zat 'm dan veel meer mee. En zodra hij weer ging bidden en zo, dan kreeg 't ie weer allerlei problemen. Het zat 'm dan weer tegen.

Dus er maar weer mee opgehouden.

Maar dat zat 'm toch ook weer niet lekker. Hij had er geen vrede mee, als alles hem mee zat. Kon dat wel goed zijn?

'Als ik erover praat, zoals nu, dan houdt het me zo bezig'.

Hij zou er het liefst over blijven praten om dat verlangen ermee bezig te zijn maar niet kwijt te raken.

We hebben er samen over gepraat. Over het geloof, over zijn werk, over zijn verlangen, over de Here Jezus, over...

Al pratende dacht ik: "k Wou dat ik jou het geloof kon geven'. Dat denk ik wel vaker. 't Is, denk ik, niet zo'n goede gedachte. Als wij anderen het geloof zouden kunnen geven, zouden wij dan niet onze voorkeur tonen? En zouden wij anderen dan ook niet van ons, weldoeners, afhankelijk maken? Wat zouden wij hen overigens te bieden hebben, als zij vanwege het geloof in de problemen terecht zouden komen? Niet dat het geloof problemen met zich méé brengt, maar het roept vaak wel problemen óp. In je persoonlijke leven, in relaties, in werksituaties... Als je je leven anders gaat leren invullen, dan is dat niet altijd even makkelijk. En niet iedereen neemt je dat in dank af. Zonder God en zonder Bijbel en zonder gebed lijkt het inderdaad allemaal zoveel makkelijker.

'Ik wil zo graag geloven'.

Blijft dat ook niet de bede als je gelooft? Volharden... het Woord tegen alles in vast blijven houden en gehoorzamen.

'Ik wil zo graag geloven'.

Waar komt dat verlangen eigenlijk vandaan?

Van de Heilige Geest. En van niemand anders.

De Geest die voorbijgangers stilzet, onrustig maakt, op zoek doet gaan... op een zéker spoor zet... en ook rust laat vinden. Ik geloof in de Heilige Geest.

Ik geloof dat de Heilige Geest zondaars terecht-wijst. Ik geloof dat Hij van het ene moment op het andere een zondaar van dood levend kan maken.

Ik geloof dat Hij daar het Woord voor gebruikt. En dat ene moment kan het moment zijn waarop ik als dienaar van Jezus Christus dat Woord uitdraag, in de prediking of in een persoonlijk gesprek. Als ik dat niet zou geloven, dan zou ik er - bij wijze van spreken - beter aan doen mijn toga aan de wilgen te hangen dan nog langer de schijn op te houden met het belangrijkste in de wereld bezig te zijn. Ik voeg er direct aan toe: de Heilige Geest hóeft van dat ene moment geen gebruik te maken. Of misschien dat Hij het op dat moment gesproken Woord pas na lange tijd gebruikt. We moeten dat maar in Zijn soevereine handen neerleggen. Boven alle twijfel verheven is in ieder geval, dat het Woord wat dóet. Wij mogen er verwachting van hebben, als wij zo met het Woord bezig zijn. Daarom: ik hang mijn toga niet aan de wilgen. Want ik weet, dat Hij die het aan Zich­ zelf heeft voorbehouden om het geloof te geven en te voeden dat ook daadwerkelijk doet door de verkondiging van Zijn Woord. Dat wil niet zeggen, dat er geen reden tot zorg zou zijn. Die is er wel. Het is goed om dat ook uit te spreken. Zorg... niet in het minst vanwege de vele jongeren - ook in of uit onze gemeenten - die aan het dwalen of aan het verdwalen zijn. En niet minder vanwege het bij veel ouders en ouderen ontbrekend besef van wat onze jongeren vandaag nodig hebben en wat essentieel is in deze (be)dreigende wereld.

Er is ook genoeg stof tot dankbaarheid. We hebben een God die aan het werk is. Onmiskenbaar! Ook onder de jongeren. Er zijn bemoedigende dingen van te vertellen. Het werk onder de jongeren is niet tevergeefs. Integendeel!

Onze jongeren hebben onze warme aandacht en hart-elijke zorg nodig, op een gezonde wijze... op grond van de gezonde leer (Tit. 2 : 1), opdat zij een gezond geloof ontvangen.

'Ik wil zo graag geloven'.

Het ontroert me steeds weer als ik aan deze ontmoeting terugdenk.

Op weg naar huis heb ik hardop voor hem gebeden, met de ogen open en de handen aan het stuur...

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Ik wil zo graag geloven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's