De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In vergadering bijeen.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In vergadering bijeen.

Hervormde synode

10 minuten leestijd

Vorige week, van 14 tot en met 16 maart, vergaderde de generale synode in Hydepark te Driebergen. Onderstaand verslag gaat kort in op twee behandelde onderwerpen, t.w. de deelname van de Hervormde Kerk aan het a.s. pausbezoek en de ratificatie van besluiten genomen in de combi-synode van 7 en 8 december jl.

Pausbezoek

Bekend verondersteld mag worden dat het (breed) moderamen reeds eerder besloten had tot deelname van de Hervormde Kerk aan het bezoek van de bisschop van Rome, zij het dat deelname afhankelijk was van de inwilliging van 3 voorwaarden. Ter herinnering: deze voorwaarden hadden betrekking op gelijkwaardigheid, Israël en voortgezet gesprek.

Het is de onvrede rond de recente benoeming van de bisschop van Den Bosch mgr. Ter Schure, die een aantal synodeleden (met name dr. K. Blei) aanleiding gaven tot het ter discussie stellen van de hervormde deelname. De eerste daad van de nieuwe praeses ds. H. Huting was het in stemming brengen van het voorstel dit onderwerp op de agenda te plaatsen. Met 40 stemmen vóór ging dit vanzelf!

In de discussie bleken er twee soorten bezwaren te leven: a. de botsing Rome-Reformatie; b. het benoemingsbeleid van Rome.

Enkele stemmen:

Dr. K. Blei (Haarlem) verklaarde zijn stelling, name vanuit een positief oecumenische houding. Met name de jaren '60 gaven blijk van toenemende ruimte binnen de Rooms-Kathoheke Kerk in Nederland. Ruimte voor een eigen koers, eigen accentueringen en een pastorale openheid die uniek was. Echter, deze ontwikkeling wordt in toenemende mate geblokkeerd door het benoemingsbeleid van Rome. Onze Roomse broeders en zusters vragen een daad: niet gaan! Naar zijn mening zou daarvan de oecumenische winst groter zijn dan de schade.

Ds. J. A. van Boven (Oost-Brabant) maakte melding van het vernederd zijn van Rooms-Katholieken door de benoeming van mgr. Ter Schure. De dialoog binnen de R.K. kerk is bikkelhard afgewezen. Niet gaan was zijn devies.

Ook ds. A. J. van Cruyningen (Nijmegen) merkte op van R.K.-geestelijken het verzoek te hebben ontvangen vooral niet te gaan. Persoonlijk vond hij echter dat solidariteit verplichtte juist wel te gaan. Maar zei ds. R. H. Kieskamp (Gorinchem) wat zegt ons zo'n benoeming? Hier komt de Roomse aap uit de Roomse mouw! Er zijn belangrijker motieven om niet te gaan. Hij citeerde uit een interview met dr. Simonis (RD 27-1) dat de paus niet voor discussie komt maar om het geloof te vieren. Bij de paus is de volheid van de waarheid te vinden.

Dr. S. Meyers (Leiden) zei letterlijk het volgende:

'Hoewel aanvankelijk van oordeel dat het niet meer dan gepast was dat onze kerk haar opwachting zou maken bij het bezoek van bisschop Wojtila aan zijn kerkprovincie, ben ik, na dieper nadenken, tot een andere mening gekomen. Overwoog bij mij aanvankelijk, dat de reformatie de roomse kerk nimmer valse kerk heeft genoemd, en dat Rome, zij het op voet van ongelijkheid, toch deelneemt aan de oecumene, en onze Kerk in dit geval op voet van gelijkheid wil ontvangen, andere zaken wegen mij nu zwaarder. Ik vat ze kort samen in een aantal stellingen.

1. Als het Hervormd Moderamen zijn opwachting maakt bij de bisschop van Rome, voedt het zo het roomse binnenkerkelijke hiërarchisch denken. Het kan duidelijk zijn dat het eerste doel van dit pauselijk bezoek is om een woelige kerkprovincie tot de heilig roomse rede te brengen. Niet alleen wordt dit impliciet door de roomse publiciteitsorganen uitgesproken maar het benoemingsbeleid sedert 1970 bevestigt dit streven. De bisschoppen van Rome plegen te worden gekozen omdat en opdat ze rooms zijn, en terwille van een romaniserend beleid binnen de kerk. Met dr. Blei hindert mij de benoeming van col. Ter Schure, maar verwonderen doe ik mij niet over het feit dat hij zo rooms is - dit kon verwacht worden - maar eerder omdat zovelen vóór hem deze zelfde benoeming niet hebben willen aanvaarden. Juist door niet te gaan kan de Hervormde Kerk iedere schijn van medeplichtigheid aan het in stand houden van de hiërarchie, van een ambtelijk gezag dat zich in plaats van Christus stelt, afwijzen. Vanwege de publicrelations ziet Rome de Hervormde Kerk graag komen, ter wille van een democratischer, open imago van hem die zich opvolger van Petrus noemt. Daarom moeten zij die van Paulus geleerd hebben, wegblijven, op voetspoor van de bijbelse Petrus, die geen gezag in zichzelf droeg, maar wiens gezag op de rots Christus rustte van wie hij belijdenis aflegde.

2. Als het Hervormd Moderamen zijn opwachting maakt bij de bisschop van Rome, staat het zo de rechte ontwikkeling binnen het roomskatholicisme in de weg. Niemand in reformatorische kring die niet hoopt dat recente ontwikkelingen binnen de Romana zullen leiden tot herontdekking van het gezag van de bijbel en van de bijbelse boodschap van de rechtvaardiging van de goddeloze. Dan zal, naar ons oordeel, de Roomse kerk via deze ontwikkelingen gezegend worden. Dit bezoek nu, officieel aangekondigd als een pastoraal bezoek aan roomse medegelovigen, zou dan ook winnend en luisterend op dialoog uit moeten zijn, vooral met hen die de bijbel aangrijpen tégen de paus van Rome, en dit ter wille van het rechte paus-schap, zo dit bestaat. Het blijkt dat dit nu juist niét het geval is. Dit bezoek is een intern gezagsbevestigend gebeuren, dat met inschakeling van de publiciteit en met gebruikmaking van breed en oecumenisch ogende ontmoetingen als die met onze kerk en onder dekmantel daarvan, de uniformiteit binnen de roomse gelederen wil herstellen. Daartoe moet de Hervormde Kerk zich niet lenen.

3. Als het Hervormde Moderamen zijn opwachting maakt bij de bisschop van Rome, frustreert het de rechte oecumene. Rechte oecumene is daar waar een gemeenschap van zondaren zichzelf rondom Woord en Sacrament als zodanig herkent, en waar de leiders der kerk weten ook zelf bij die steeds weer feilbare zondaren te horen. Een verheugende wending in het verleden naar het conciliariteitsbeginsel gaf ons soms hoop dat er binnen de Romana een doorstoten zou komen tot het zondaarsevangelie, en daarmee tot de mondigheid van het gelovig kerklid in zijn gebondenheid aan bijbel en gebod. Dit zou een geestelijk oecumenisch gebeuren zijn. De oecumene zou dan een van zijn pauselijkheid bekeerde paus kunnen binnen laten en deze hogelijk eren. Hoe kan echter een kerk als de onze ooit enige voet geven aan de gedachte dat de rots, die voor de oecumene de grondslag is, nl. de Christusbelijdenis van Petrus en van heel de kerk, ooit zou kunnen worden ingeruild voor een hoofd der kerk als belichaming van de eenheid? Men vermijde, juist ter wille van de oecumene, hier de schijn des kwaads.

4. Als het Hervormd Moderamen zijn opwachting maakt bij de bisschop van Rome, compromitteert het ook onze eigen kerk als machtskerk. Nog steeds heeft de roomse kerk haar pretentie van wereldlijke macht niet opgegeven. Nog steeds zijn het roomse landen die onder sociaal onrecht zwaar lijden. Als steeds zal ook deze paus onze grond kussen en zegenen en door dit nederig gebaar voor zich opeisen. Nochtans is de staat Israël niet erkend, bracht de reis naar Zuid Amerika slechts een boodschap vol ontwijkingen en compromissen en vooral een oproep tot terughoudendheid in het getuigenis tegen onrecht, en hebben wij geaccrediteerde gezanten uit Rome en te Rome tussen wie het probleem van de gelijkwaardigheid niet speelt. Een kerk die de handen vrij wil hebben om, de Schrift doorgevend, te getuigen wat gerechtigheid is, zal dubbel op zijn hoede zijn om zich diplomatiek te laten inkapselen, laat staan de indruk te vestigen dat zij, vanwege haar eigen status, net als Rome haar handen niet vrij heeft. Het beraad Rome-Reformatie tast dan ook geheel mis als het schrijft dat goede verhoudingen zowel met het grondvlak als met de roomse top van levensbelang zijn. Het eerste is juist, maar ter wille daarvan moet men juist tegenover de top een daad durven stellen. Wanneer dit beraad zich beroept op de lange hervormde oecumenische traditie en op de kerkorvde, doet het zowel de feiten als de kerkorde geweld aan: deze spreekt nog steeds van kerstening van het volksleven in de zin der reformatie (art. 8) en van de primaire opdracht van het zoeken van hereni­ging met die kerken waarmee eenheid of verwantschap bestaat in geloof en kerkorde (art. 26).'

Zou er een meerderheid in de synode zijn om alsnog het (breed) moderamen te noodzaken het genomen besluit te herzien? Twee moties hadden die strekking. Een motie-Meyers zonder motivering en een motie-Blei met als motivering de afnemende ruimte voor eigen beleid in de Nederlandse kerkprovincie door het benoemingsbeleid van (uit) Rome.

Inmiddels was ter synode de antwoord-brief van kardinaal Willebrands verspreid waarin deze instemt met de gestelde voorwaarden. Ter synode werd een oud liedje opgehaald 'We gaan naar Rome, maar 't gaat niet door'. Volgens kenners uit mei 1932. Dit hield verband met het amendement-Kersten waarover een kabinet struikelde. De Hervormde kerk evenwel gaat in mei 1985 naar de paus in Utrecht. Immers bij de stemming kreeg de motie-Blei 20 stemmen voor en de motie-Meijers 14 stemmen voor. Te weinig om het genomen besluit te herzien.

Ratificatie besluiten combi-synode

Besluiten genomen in een combi-synode zijn pas rechtsgeldig als zij in de synodes van de afzonderlijke kerken nog worden geratificeerd (= bekrachtigd). In 1984 zijn er twee combi-synodes geweest, in november en december. De besluiten van de combisynode van november zijn geratificeerd in de novemberzitting van de Hervormde synode, die van de combi van 7 en 8 december moesten nu geratificeerd worden.

De genomen besluiten in december hadden betrekking op o.a. de regeling voor de verkiezing en bevestiging van ambtsdragers in gefedereerde gemeenten, predikantstraktementen, ledenregistratie en diverse studieopdrachten. De assessor-primus, ds. B. Wallet, leidde de vergadering. Met name het onderwerp 'Predikantstraktementenen pensioenen' riep nogal wat vragen op. Niet zo zeer inhoudelijke maar vooral procedurele vragen. Komt er zo nog wel een vrij overleg tussen de te raadplegen organen, was één van de vragen. De redaktie van het besluit was evenwel zo dat daarover geen twijfel behoefde te bestaan. Alle in december genomen besluiten zijn bij meerderheid aanvaard in de Hervormde synode. Alleen bij de regeling voor de verkiezing en bevestiging van ambtsdragers klonken negen tegenstemmen.

Naast een vragenronde per onderwerp was er ook een algemene ronde. In deze algemene ronde hebben dr. S. Meijers en ondergetekende nogal aandacht gevraagd voor de inbreng van de classes in dit gehele proces van ratificatie. Gaf dr. S. Meijers zijn ervaringen door bij inleidingen op classicale vergaderingen, ervaringen die getuigden van vervreemding, ondergetekende illustreerde de miskenning van de opvattingen van de classes met cijfers. Raadplegen we de consideratie-overzichten over de voorstellen m.b.t. de verkiezing van ambtsdragers in gefedereerde gemeenten, dan blijkt het volgende: 21 classes reageerden afwijzend op de vraag of ouderlingen en diakenen altijd gekozen moeten worden door de gemeente; 24 classes reageerden afwijzend op de vraag of predikanten door de gemeente gekozen moeten worden en slechts 7 classes reageerden positief op het voorstel van 1x herkiesbaar en jaarlijkse verkiezingen. Letten we vervolgens op het stemgedrag in de synode bij ratificatie dan blijken 9 synodeleden tegen te stemmen. Op deze wijze klinkt de opvatting van de classis onvoldoende door. Daarom heeft ondergetekende de volgende motie ingediend, mede ondertekend door dr. S. Meijers:

De generale synode in vergadering bijeen op 15 maart 1985

overwegend dat de overzichten van consideraties van voorstellen die te behandelen waren op de combi-synode van 7 en 8 december 1984 blijk gaven van grote bezwaren van classicale vergaderingen tegen een aantal van de toen voorliggende voorstellen, constaterend dat in de huidige besluitvorming bezwaren van classicale ver­ gaderingen onvoldoende verwerkt kunnen worden,

overwegend dat in de huidige fase van het SOW-proces het meer dan noodzakelijk is de relatie met de classicale vergadering zorgvuldig te bewaren en te bewaken,

nodigt in het kader van de gevraagde ratificatie het (breed) moderamen uit, zich te bezinnen op de vraag hoe de opvattingen van de classicale vergaderingen een meer bepalende rol kunnen spelen in het SOW-proces.

Deze motie is met 33 stemmen vóór aangenomen. Dit jaar (zeer binnenkort!) zullen de classes geraadpleegd worden over de vraag of zij kunnen instemmen met de voortgang van het Samen-op-Weg proces. Een belangrijk jaar, 1985!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 1985

De Waarheidsvriend | 18 Pagina's

In vergadering bijeen.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 maart 1985

De Waarheidsvriend | 18 Pagina's