'Feest houden!'
'Zo laat ons dan feest houden, niet in de oude zuurdesem, noch in de zuurdesem der kwaadheid en boosheid, maar in de ongezuurde broden der oprechtheid en waarheid.' (1 Korinthe 5 : 8)
Van calvinistische mensen wordt weleens gezegd dat zij niet zo feestvierderig zijn. Op het ogenblik wordt dat gestaafd met uitingen rondom de viering van 40 jaar bevrijding van Nederland.
De datum van 5 mei en de zondag waarop die valt roepen vragen rondom de zondagsheiliging en de feestelijkheden op. Het feestelijke wordt deels bedorven door vasthouden aan de datum, deels door vasthouden aan de zondag. Het is maar aan welke kant je gaat staan...
Nu wil ik bij dezen geen antwoord geven, dat past niet in een meditatie. Maar: christenen - calvinistisch of niet - zijn geroepen feest te houden krachtens de bevrijding door Gods hand. Dat staat boven in onze tekst voor HEEL het leven!
Dat is geen hoogdravend en dus ongegrond feestvieren. Evenmin een vrucht van onze goede voornemens. En wat waren die er vele!
Na de bevrijding kwam er in staat en kerk heel wat ontwaakt nieuw élan tevoorschijn. Het beste been zou worden voorgezet in alle opzichten.
Maar ik moet persoonlijk zeggen dat de geboortegolf van mensen en nieuwe idealen geen wedergeboortegolf was. De jacht van de laatste 40 jaar kan het verlangen naar de feesthoudende menige (psalm 42) almaar duidelijker laten horen. Daarin stemt de gemeente in met het oude Israël dat nu 37 jaar geleden zijn nieuwe staat stichtte.
Een feesthoudende gemeente? Israël en de gemeente? Ons land en volk? Paulus doelt in deze tekst op een levenslang feest. Zeven dagen de volheid van het leven en de vervulling van Godswege.
Het nieuwe deeg vanwege Pascha kent geen gistkracht van de oude zuurdesem maar de gistkracht is de Geestkracht Die alles nieuw maakt.
Daar is terugzien op Gods grote Pascha en de uitleiding uit het slavenhuis en de terreur: Onze God zal voor ons strijden!
Bevrijd tot de vrijheid die bindt aan de Heere Zelf. En de feestpas van de bevrijding is de marsroute van het Woord: zien op de Overste Leidsman. Het nieuwe leven, verworven door Christus, wordt leven om Christus' wil. Daarin mag het eigenlijk altijd feest zijn. Overigens wordt dat niet georganiseerd door ons, en ook de reorganisatie van onze kerk met een andere samen kan dat niet bewerken.
De Geest van de Opgestane vorst van Pasen nodigt tot feesthouden. Vieren van het feest is: Alle boosheid en verdraaidheid laten varen en wij zullen er wél bij varen! Het is onmogelijk dat wie in Christus is niet zou voortbrengen vruchten van dankbaarheid. Een feesthoudende menigte die roemt in God kent maar één vreugde, en die blijft: Hem voortaan te leven.
Dat dat niet altijd en eerst met uiterlijk vertoon gepaard gaat moet duidelijk zijn. De gemeenschap met het paaslam, met de opgestane kent vooreerst een innerlijke vreugde en vrede. Toch komt de 'erve der heiligen in het licht' ook aan het licht. En daartoe wekt de apostel ons vurig op.
Men zegt wel dat echt feestvieren een vreugde is. Maar Gods kind weet: Het is een gunst die duur is betaald.
Niet op talloze oorlogsgraven af te lezen, maar te horen bij EEN geopend graf. Onze gestorvenen zijn - hoevelen het ook zijn - relatief bij die ENE. Als de gemeente dit niet bedenkt zal de bevrijdingsroes van korte duur zijn. En haalt die ook het eind niet. Wat dan wel?
Een stervend leven, een steeds meer loslaten van oude zuurdesem. Waar lusten tot lasten worden en lasten lusten. NI. waar hoe langer hoe meer God aan Zijn eer komt en de zaligheid in het vizier.
Luther zei eens: Het ganse leven van een christen is een uniek, voortdurend en eeuwig paasfeest.
Niet in de zuurdesem van de kwaadheid: niet door een kracht die de gemeenschap met God en elkaar verstoort. Meestal gaat dat immers samen... Ook niet in de oude zuurdesem van de boosheid: d.w.z. in onbruikbaarheid en verwerpelijkheid. Zo'n leven wordt ten slotte uitgehouwen en in het vuur geworpen.
Feesthouden is: Je hart ophalen aan Gods grote daden. Elke zondag, elke dag. Bevrijding alle dagen van het leven.
Wat valt er dan in te vullen als al het oude weg moet?
Een nieuw leven in ongezuurde broden. Dat zijn broden der verdrukking die herinneren aan het lijden. Die getekend zijn door het teken van brood en wijn als Christus' gaven bij het Avondmaal. Smartebrood is: Heerlijke gedachtenis aan Zijn bittere dood. Maar Hij nam er de smart van voor Zijn rekening. Al die duizend doden stierf Hij voor mij (Kohlbrugge). Maar onze harten blijven in de HEERE gerust. Rechtvaardig in Hem en erfgenaam van het eeuwige leven mag ik zijn! En rechtvaardige betekent ook: Reisvaardig. Op weg naar het Feest! De lendenen omgord, de voeten geschoeid en de staf in de hand.
Daarom: Oprechtheid en waarheid.
Was er in de gemeente de laatste veertig jaar teveel vroomheid zonder oprechtheid of teveel oprechtheid zonder vroomheid? De polarisatie van de kerk is de verscheuring tot in de zoveelste graad. In het klein en het groot past verootmoediging en bezinning op het echte feest. Terug naar de deurpost: Is er Bloed?
Maar het Lam dat Zijn bloed gaf is ook de Deur naar het feest. Ik ben de Heere uw God. En: Ik ben Jezus! Hij doorziet alle dubbelhartigheid en ongestadigheid in onze wegen. Oprechtheid en waarheid zijn veilig bij Hem alleen. En Hij schenkt Zijn gaven voor een feestelijk, voor een Geestelijk leven. Reinen van hart mogen God zien om Christus' wil!
Onreinen van hart vieren een feest met een lege koets. Voor reinen, vervuld van Christus, krijgt het feest zijn bestemming. Nog dit: Het smartebrood blijft wel een andere kant houden. Hoewel de smart eruit is is de smaad eraan verbonden. Daaraan wordt duidelijk dat het niet om een onberispelijk leven zonder meer gaat, maar ook: om Zijn naam met vreugde smarten dragen. Daar blijft van onze kant meestal het bevrijdingsfeest steken, maar Jezus Zelf voleindigt Zijn oprechtheid en waarheid voor het Aangezicht van de Vader.
Een Godzalige levenswandel drukt ons op de laagste plaats in de wereld maar: 'Ik heb voor u gebeden!'
Verootmoediging en gebed blijven nodig vanwege de nodiging tot het feest en: wanneer de laatste verootmoediging en bede voorbij zijn blijft het Feest over.
Zijn wij niet zo feestvierderig?
Veertig jaar vrij en niet bevrijd?
Heere: Zult Gij ons niet weder levend maken, opdat Uw volk zich in U verblijde? Zekerlijk, Zijn heil is nabij degenen die Hem vrezen, opdat in ons (Neder-)land eer wone.
Lof zij U, Christus, in eeuwigheid!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1985
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1985
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's