De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bekwaam gemaakt (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bekwaam gemaakt (1)

6 minuten leestijd

Die ons ook bekwaam gemaakt heeft, om te zijn dienaars des Nieuwen Testaments, niet der letter, maar des Geestes; want de letter doodt, maar de Geest maakt levend. (2 Kor. 3 : 6)

Met name de laatste woorden van onze tekst zijn zeer bekend. Zij zijn vaak gebruikt in de kerkelijke strijd en gehanteerd door geestdrijvers. Daarmee zijn zij meestal uit hun verband gerukt en verkeerd gehanteerd.

Waarom is deze tekst door de apostel neergeschreven?

Paulus richt zich tegen mensen, die met nadruk wijzen op de eigen vervulling van de wet, omdat zij door de Geest geleid worden. Het zijn joden, die een sterke verwantschap gehouden hebben met hun vroegere, geheel door het Oude Testament bepaalde, leven. En dat in dat typisch joodse verstaan, zoals we dat zo vaak in de bijbel tegenkomen. Een denken en leven waarin de woorden nederigheid, onbekwaamheid tot enig goed, uit genade alleen, bepaald geen gemeengoed waren.

De apostel benadert hen nu in hun eigen taal en spreekt tot de gemeente in vs. 3 als een gemeente, die een leesbare brief geworden is van Christus. Deze briefis echter niet geschreven met inkt, maar door de Geest van de levende God. Niet ingedrukt in stenen tafels, maar in vlezen tafels van het hart.

Het zal u niet moeilijk vallen in deze beeldspraak de wetgeving op de Sinaï te herkennen waar de apostel bij aanknoopt. Direkt gaat hij in op de achtergrond en beleving van degenen, die hij als dwaalleraars wil ontmaskeren. We komen hier in aanraking met een benadering, die ons zal aanspreken. Hoe we ook in het leven tegenover elkaar staan, voorwaarde voor wezenlijke ontmoeting is begrip voor de ander en inzicht in zijn denken. Hoeveel verwarring en onbegrip heeft niet als achtergrond dat we elkaar niet verstaan. Is niet juist in onze tijd nodig, ook al zijn we het volkomen oneens met elkaar, te luisteren naar wat de ander beweegt en wat hij zoekt. Dat vraagt onderscheiding van de geesten. En dat is van ons uit als mensen met een verdorven hart en een verduisterd verstand een onmogelijkheid. Is dat een basis voor gesprek. die we gemeenschappelijk hebben? Van nature is ook in de geestelijke zaken zo gemakkelijk de hoogmoed aan het woord. Eigen inzicht en verstaan vieren hoogtij. De medelijdende lach en de zich krullende lip, gepaard met een zacht schudden van het hoofd moeten de onkunde van de anders denkende en gaande uit laten komen. Zo niet Paulus.

Hij weet zich een dienaar van. God, van zichzelf onbekwaam, maar bekwaam gemaakt door een barmhartig God. Stille verwondering vervult de apostel als hij de weg van de Heere in zijn leven overziet. Hoog te paard, als verdediger van het houden van de wet in eigen kracht, werd hij van bekwaam in eigen kracht geheel onbekwaam gemaakt. En dat stempelt hem. Dat is te proeven in de wijze waarop hij schrijft en spreekt. Hij weet met Johannes de Doper mee te belijden dat hij niet waardig is, nederbukkende, de schoenriem van Jezus' sandalen te ontbinden. Van nature was hij geneigd God en zijn naaste te haten. En daarom is het immers God alleen Die hem bekwaam gemaakt heeft. En nu om ten volle dienaar te zijn. Nee, heersen over de kudde is hem vreemd geworden. Hij wil de gemeente leiden in en bewaren bij de grazige weide van Gods Woord en getuigenis. Dat doet onderscheidenlijk spreken, maar toch in de gestalte van de dienaar, in nederigheid, als de onbekwame, die bekwaam gemaakt is. Dat mogen we onszelf ook wel steeds afvragen of ons hart en leven daardoor gekenmerkt wordt: de dienstknechtsgestalte.

Immers we ontmoeten niet de zuchtende slaaf, die geen vreugde in zijn dienst uitstraalt. We zien in deze man dat hij niet dient om soldij, om stoffelijk gewin. Niet gaarne was hij de gemeenten tot een financiële last. Nee, zijn werk beperkt zich niet door een ambtelijke, plichtmatige gang. De Heere heeft hem ogen gegeven om te zien Wie het Oude Testament vervulde. Christus, Die de dienstknechtsgestalte bij uitnemendheid vervulde, is aan zijn hart geopenbaard. En daarmee struikelde hij over zijn eigen eer, kon het in vuil gewin niet vinden en leerde wat het is om zachtmoedig te zijn en nederig van hart. Dienaar is hij. Een persoonlijke dienst aan de ander, een liefdedienst vanuit de volmaakte liefde van Christus.

En deze dienst maakt onbekwaam in eigen kracht, nederig vanwege eigen onkunde, maar geeft ook gezag omdat God toerust. En zo verschijnt temidden van de vragen de dienaar van het Nieuwe Testament voor ons. Bewust zal de apostel wel schrijven 'van het Nieuwe Testament' en niet: van God, van Christus, van het Evangelie enz. Hij stelt zich duidelijk op tegenover zijn joodse tegenstanders. Immers een Nieuw Testament veronderstelt een Oud Testament.

Testament betekent verbond. Bij het Oude Testament behoren de besnijdenis, de wet en offers. Het gaat ook dan om een verbond dat éénzijdig van God uit gesloten is. Met recht kan een schuldige zondaar alleen nog in een genadeverbond besloten worden. Dat dit verbond, omdat God het met mensen sluit, tweezijdig is in zijn uitwerking maakt mensen nog niet bekwaam. Het is zeker waar dat de wet een leefregel geeft en ook reeds door haar opschrift een relatie uitdrukt: Ik ben de Heere, uw God. Even waar is dat de wet op zichzelf heilig, rechtvaardig en goed is. Maar waar vergeten wordt, of niet verstaan wordt, dat wij de wet niet kunnen houden komt de menselijke hoogmoed. En dat zit ons allen in het bloed. Er is een natuurlijke, een vleselijke verbondenheid in de onbekwaamheid tot verstaan en in de opgeblazenheid van zelfverheffing. In het Oude Testament betekende dat reeds een misverstaan van de mogelijkheid om zelf de wet te houden. De noodzakelijkheid van het brengen van de offers met een schuldverslagen hart werd zo gemakkelijk vergeten. Of de offerdienst was een vormelijke, uiterlijke dienst. Paulus onderkent vlijmscherp waardoor de gemeente van Korinthe bedreigd wordt. En wij mogen wel onderkennen dat deze bedreiging nog steeds als een grote verzoeking op ons afkomt.

Het lijkt wel of de apostel vraagt: weet u dan niet dat vanuit het niet houden van de wet, zij in haar werking verandert. Van ten leven verandert zij ten dode. Een bittere aanklacht komt op mij af wanneer ik de noodzaak van de offers niet versta. Of, vanuit het Nieuwe Testament, dat er alleen leven is wanneer ik de wet zie in relatie met Christus, als het doel en de vervulling van de wet. En daarmee vangen we iets van de drang van de liefdedienst op, waarmee de apostel, vervuld door de Pinkstergeest, zijn dienst vervult. Het is hem een vreugde de gemeente te onderwijzen en telkens weer te onderwijzen. Haar te begeleiden in de vragen en verzoekingen, die op haar afkomen en haar te binden aan het Nieuw Testamentisch getuigenis, bekwaam gemaakt door die Geest, die in al de waarheid wil leiden. Die Geest, Die onderscheid en voortgang doet zien in Oude en Nieuwe Testament. Die de gemeente ook vandaag wil leiden, ook u, opdat we de Schriften verstaan, ons eigen hart verstaan, de tijd verstaan, elkaar verstaan. Die van onbekwaam, bekwaam wil maken; van dood, levend.

Daarover de volgende week.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 1985

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Bekwaam gemaakt (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 mei 1985

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's