Ouders als onderwijzers (3)
3. WANNEER MOET ONDERWEZEN WORDEN?
Zo vroeg mogelijk
De derde vraag die we elkaar ter herinnering aan de heilige doop stellen luidt: 'Wanneer moeten we met het onderwijs beginnen? ' Welnu, de derde doopvraag geeft ons wederom het antwoord: 'Wanneer (uw kind) tot zijn verstand zal gekomen zijn'. Tot verstand komen; wat een oneindig, rekbaar begrip!
Wanneer komt iemand tot zijn verstand?
Soms moeten ouders nog wel eens tegen hun twintigjarige zoon of dochter zeggen: 'Wanneer zul jij ooit je verstand eens krijgen? '
Het moet ons helder en klaar voor ogen staan dat 'verstand' geenszins in intelléktualistische zin mag worden opgevat. Zo'n opvatting is rechtstreeks in strijd met het getuigenis van de Heilige Schrift.
Wat anders te denken van onzse verstandelijk gehandicapte kinderen? Waar blijven binnen zulk een denkwijze onze zwak-begaafde kinderen? Al te lang en al te vaak hebben ook wij binnen onze christelijke gemeente het standpunt van de volvaardige en volmaakte kultuur-mens gehandhaafd. Hoe schril klinkt de ode aan de rationeel perfekte mens wanneer wij de tere klanken horen van het loflied uit psalm 8: 'Uit de mond der kinderkens en der zuigelingen hebt Gij sterkte gegrondvest...'.
Wat noemen wij 'zwak-begaafd' in het licht van deze bijbelwoorden? Neen, ons onderwijs geldt niet alleen en vooreerst de slimmen, de knappen, de brains. Godlof neen!
Wanneer moet u nu met dit onderwijs beginnen? Antwoord: zo vroeg mogelijk. Begint het onderwijs niet reeds vóór de geboorte?
U vindt dit wonderlijk? Ik vraag u, kunt u zich christelijk onderwijs voorstellen zonder gebed? Neen toch!
Kunt u zich een christelijke school indenken waar niet dagelijks het onderwijs begint met gebed?
In het christelijk gezinsonderwijs geldt onverminderd dezelfde regel. Laat ons onderwijs gestut en geschraagd zijn door de gebeden die wij reeds voor de geboorte richten tot de Heere.
Zo vroeg mogelijk...
Artsen willen ons doen geloven dat borstvoeding behalve de lichamelijke eveneens de geestelijke gezondheid van het kind ten goede komt. Het zou - na verluidt - een goede voedingsbodem vormen voor affektie, geborgenheid, warmte en genegenheid. Het zij zo!
Welnu, geldt deze waarheid dan niet evenzeer, ja zelfs des te meer voor het geestelijk voedsel dat wij onze kinderen toedienen? Een zuigeling in moeders armen wordt in slaap gewiegd onder het zachte gezang van een van Sions liederen.
Een kleintje dat in slaap sust bij de klanken die - hoewel niet begrepen en verstaan - de trouw, de liefde, de goedheid Gods bezingen.
Zijn wij als moderne christenouders niet al te ras kontent met ingeblikte tingel-tangels en voorgeprogrammeerde muziekdozen? Geen kwaad woord van deze ingenieuze speeltuigen, tenminste... als moeders zangstem er maar niet door verstomt!
De ouder-onderwijzer begint zijn onderwijs als voorzanger. Meewarig lachend nam u misschien onlangs kennis van het bericht dat er nu ook 'christelijk speelgoed' op de markt is; een pop die christelijke liedjes zingt en godsdienstige woordjes brabbelt. Ik glimlach met u, maar 'k voeg er wel aan toe: Geef ons de 'levende' christenmoeders die in hun kinderliederen de Heiland bezingen! Moet er dan echt eerst een christenpop (wat een woord!) gaan zingen eer de christenmoeder inzet?!
Zo vroeg mogelijk...
Straks begint uw kleine te praten. Wat zal hij het eerst zeggen? Weet u welke woorden onze peuters als eerste op de lippen nemen? Die woorden die wij hen hebben voorgezegd! Spoedig worden de woorden zinnen. Waar zint u op als ouder in het spraak- en taalonderwijs van uw kind?
Weet u, het doel van onze spraak en taal is naar Gods getuigenis de lofzegging en grootmaking van Zijn Naam. Is het ook óns doel dat onze kinderen, aangezet door de Geest, kleine grootsprekers van Zijn Naam en eer worden?
Laat ons spelenderwijs naar vorm en inhoud bestaan uit het voor-spellen van de bijbelse grond- en kernwoorden.
Als u het niet doet, wie moet het dan wèl doen? De straat? De vraag stellen is haar beantwoorden.
Zo vroeg mogelijk...
Naar te verwachten was, werpt u tegen: ze begrijpen er weinig of niets van. Het gelijk is aan uw zijde. Maar, vraag ik u, kunt u één Schriftplaats aanwijzen waaruit blijkt dat de Heere van ons vraagt dat wij het begrijpen? Weet u, ons onderwijs verhaalt 'de wonderheden en loffelijkheden des Heeren'. Kunt u, volwassen ouder, ooit een wonder begrijpen?
Daar gaat een geletterde, wetenschappelijk-gevormde meester. Zijn naam is Nicodemus. Deze rabbi komt terecht bij onze hoogste en enige Leermeester Jezus Christus. Hoor, meester Nicodemus krijgt onderwijs: 'Amen, amen Ik zeg u: 'Tenzij dat iemand wederom geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien'.
De man van het begrijpen en het kennen antwoordt: 'Hoe kan een mens geboren worden, nu oud zijnde? Kan hij ook andermaal in zijner moeders buik ingaan en geboren worden? '
Nicodemus en u ouder die zegt 'mijn kinderen begrijpen er niets van': De wind blaast waarheen hij wil en gij hoort zijn geluid, maar gij weet niet van waar hij komt en waar hij heen gaat; alzo is een iegelijk die uit de Geest geboren is.
Zullen we dan met onze kinderen maar zingen?
'Het is een wonder in onz' ogen We zien het maar doorgronden 't niet'.
Zo vroeg mogelijk... Nee, niet wachten tot ze 'het' wel begrijpen, want die dag zult u nooit beleven.
Een hoogbejaarde grootmoeder kreeg eens bezoek van haar kleinzoon. Op de vraag: 'Hoe is 't met u grootmoeder?', antwoordde ze: 'Goed kind, want ik ervaar Gods liefde steeds meer, maar... ik ga er steeds minder van begrijpen!'
In de lijdenstijd zongen we: 'In deze zee verzinken mijn gedachten'. En u zei: Ze begrijpen er niets van.
Als zij tot hun verstand zullen gekomen zijn...
Vergis u anderzijds niet in het tere bevattingsvermogen en de scherpe onderscheidingszin van uw kind. Menig ouder kan vertellen hoe een van de hummels diepzinnig de rijkdom van een bijbelverhaal of preek onder woorden bracht. Vaak tot beschaming van de volgroeiden!
Een klein illustrerend verhaal: Een leerling tekende na een bijbelles een lammetje. Hij kleurde het diertje naargeestig zwart. Op de vraag vanwaar die sombere kleur, antwoordde het kind: Meester u hebt toch gezegd dat het Lam Gods de zonden der wereld draagt? Nou, dan moet dat lammetje wel pikzwart zijn!'
Als zij tot hun verstand zullen gekomen zijn...
Tot de dood ons scheidt
Komt er eigenlijk wel een einde aan ons onderwijzen? Komt er ooit een dag waarop ouders zeggen kunnen, nu ben ik van mijn taak ontslagen?
Neen, we hoorden reeds dat de aanstelling levenslang geldig blijft. En toch, het laat zich verstaan dat de vorm die ons onderwijs in later levensfasen aanneemt verschillend is.
Ook de inhoud, de leerstof, de vraagstukken verschillen. Het gesprek met de zoon die met weekendverlof thuis is. De begeleiding van de verloofde of gehuwde dochter. Je hoort en ziet ze niet meer zo vaak. Uitgevlogen, maar niet weggevlogen.
Wulfert Floor adviseerde doeltreffend: Wanneer u niet meer met uw kinderen over God kunt spreken, spreek dan maar met God over uw kinderen. Ik geef deze wijze raad maar door aan u die vanwege de doopbelofte levenslang onderwijzer bent. Levenslang, ja tot de dood ons scheidt.
Grootouders
Het is goed de grootouders ook binnen onze overpeinzingen te betrekken. Ze voelen zich vaak wat aan de kant staan. Uitgerangeerd. Echter, in zekere zin is voor hen, wanneer kleinkinderen hun intrede doen binnen de famihekring, het leerlingenaantal uitgebreid.
Wat hebben grootouders dikwijls een grote rol gespeeld in het leven van kinderen. Vele volwassenen weten zich, zelfs na vele jaren, nog duidelijk de sfeer en het klimaat te herinneren van opa's en oma's huis. Daar was iets wat je thuis miste, zo leek het. Sommige woorden en uitdrukkingen van opa staan u nu wellicht nog klaar voor de geest. Wat kunnen, grootouders toch vormend werken! De grootvaders en grootmoeders in Israël.
'k Geef u tenslotte het woord aan C. H. Spurgeon die terugblikt op zijn grootouderlijk huis:
'Of Het oude tehuis. Wie heeft het niet lief die plaats onzer kindsheid. Er is geen dorp in de wereld dat ook maar half zoo fraai is als dit bijzondere dorp. Wel is waar, de deuren en de overstappen aan de wegen, en de palen zijn veranderd; maar toch wij zijn gehecht aan die oude huizen, den ouden boom in het park, en den ouden met klimop begroeiden toren. Dit alles is wellicht niet heel schilderachtig, maar ach! wij zien het zoo gaarne! Wij houden van de plaatsen waar wij als knapen hebben gespeeld. Er is iets heel prettigs en gezelligs in die oude trap, en in het portaal, waar de klok placht te staan. De herinnering is zoo liefelijk aan de kamer waar grootmoeder gewoon was hare knieën te buigen, en waar wij den huisgodsdienst hielden. Neen, er is nergens eene plaats zoo heerlijk als dat oude huis'.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1985
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1985
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's