De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Niet alleen de dominee,  de organist en de koster

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Niet alleen de dominee, de organist en de koster

Met het oog op de jongeren

6 minuten leestijd

Wij kunnen ons het kerkelijk leven niet zonder vrijwilligers indenken. Zonder vrijwilligers zou de kerk niet kunnen bestaan. Dat geldt ook van elke plaatselijke gemeente.

Als er geen vrijwilligers waren, dan zouden er ook geen ouderlingen zijn, en geen diakenen, geen voorzitters van verenigingen en clubs, geen bestuursleden, geen leden van commissies, geen mensen om de kerk schoon te maken, geen mensen om degenen die hulp nodig hebben de hand te reiken, geen... Want in de kerk gaat het hierbij om onbetaald werk. Vrijwilligerswerk wordt niet met geld beloond.

Als er geen vrijwilligers waren, dan zouden de dominee, de organist en de koster (de laatste twee voorzover zij voor hun werk - net als de dominee - betaald worden) al het werk in een plaatselijke gemeente moeten doen... Het is overigens de vraag of er dan nog wel een dominee, een organist en een koster zouden zijn... Een gemeente zonder vrijwilligers is immers ondenkbaar. Een gemeente zonder vrijwilligers is zoiets als een orgel zonder geluid, een boek zonder letters, een lichaam zonder leven...

Wat is een vrijwilliger eigenlijk? Volgens het woordenboek is dat iemand die iets 'met of uit vrije wil, uit eigen beweging, niet gedwongen' doet.

Nu hébben wij het niet zo op die vrije wil. Dat zeg ik natuurlijk tegen een bepaalde achtergrond, nl. de achtergrond van onze visie op de mens. De mens heeft geen vrije wil, zeggen wij op grond van de Schrift. Een mens kan zelf niet kiezen en zal uit eigen vrije beweging niet... En wat wij hierbij invullen heeft betrekking op het komen tot Christus, op de genade die wij nodig hebben, op geloof en bekering...

We kunnen de lijn ook doortrekken: dat de mens geen vrije wil heeft, is ook wat het kerkelijk werk betreft te merken. Uit 'vrije' wil, uit eigen beweging zich inzetten voor de opbouw van de gemeente, voor het werk in Gods Koninkrijk en een concrete verantwoordelijkheid op zich nemen...? Het kost vaak de grootste moeite om voor allerlei vormen van kerkelijk werk mensen te vinden. Gemeenteleden moeten vaak 'overgehaald' worden en gaan na lang praten misschien 'overstag'. Het lijkt er soms op, dat ze tegen hun wil 'ja' zeggen... zo van 'nou, dan moet het maar'. Blijkt hierbij niet de gebondenheid van de wil, die zich op andere dingen richt dan op Christus en Zijn werk?

Wij geloven niet in de vrije wil van de mens. Maar daarmee hebben we niet alles gezegd. Want wij geloven ook dat wij, als de Heilige Geest in ons leven gaat werken en ons door het geloof inlijft in Christus, zodanig veranderd worden dat ook onze wil gaat veranderen. We gaan willen wat God wil. De Heilige Geest buigt onze wil om, zodat deze niet langer op onszelf gericht is en op de vervulling van onze eigen wensen, maar dat zij zich op God gaat richten en op het onderhouden van Zijn geboden. Niet dat we ons daar zo gemakkelijk in schikken..., maar het is wel eigen aan het werk van de Geest om zo in ons leven bezig te zijn. Opdat wij niet gedwongen de Heere dienen en Jezus volgen, maar gewillig, uit 'vrije' wil... dat is de wil die vrijgemaakt wordt van de macht van de zende. En 'vrij' is in de Schrift altijd: gebonden aan Christus.

Wij zouden het woord 'vrijwilligheid' zo ook kunnen gebruiken, als wij in Christus 'vrij' zijn en als de Heilige Geest onze wil ook vrij maakt van de gebondenheid aan de zonde en aan ons eigen ik en wij 'vrijwillig', niet gedwongen, de Heere en onze naaste gaan dienen... niet tegen onze wil, maar gewillig.

Als er in een gemeente weinig vrijwilligers te vinden zijn... als er zo weinig gewilligheid is om aan het een of ander mee te werken, hoe zit het dan met het geloof, met het werk van de Heilige Geest, met de gehoorzaamheid aan het Woord, met de strijd tegen de zonde...? Welke tekorten zijn er en welke barrières? Wat is er loos? En hoe gaat de kerkeraad hiermee om?

Eén van de problemen in dit verband is, dat er vaak helemaal niet van uitgegaan wordt, dat ieder lid van de gemeente ook in en met het oog op de gemeente werkzaam heeft te zijn. Terwijl daar juist wèl van uitgegaan mag worden. Ieder lidmaat van de gemeente moet zich 'schuldig weten zijn gaven ten nutte en ter zaligheid der anderen lidmaten gewillig en met vreugde aan te wenden' (H.C. zondag 21). Gewillig! Niet tegen zijn wil. En met vreugde. Niet tegen zijn zin.

Maar niet iedereen weet wat zijn of haar specifieke gaven zijn en hoe deze dan ingezet en gebruikt kunnen worden. Zóveel gaven liggen onbenut! En zóveel plaatsen in de christelijke gemeente zijn niet bezet! Het is de verantwoordelijkheid van de kerkeraad en van de predikant (belijdeniscatechisatie!) om de lidmaten van de gemeente te helpen hun gaven te ontdekken (niet iedereen is overal voor geschikt) en ook te leren gebruiken... om hen ook te helpen de belofte die zij aflegden te houden, om o.a. met blijdschap te arbeiden in Gods Koninkrijk en naar de hun geschonken gaven mee te werken aan de opbouw van de gemeente van Christus (zie belijdenisvragen). Daarvoor is leiding en toerusting nodig. Ook langs deze weg wil de Heilige Geest de 'vrijwilligheid' in de gemeente doen toenemen. Wat kan hierin ook niet een bijdrage gelegen zijn aan het functioneren van de gemeente als gemeenschap!

Als lidmaten op deze wijze geholpen worden in het ontdekken en gebruiken van de hun geschonken gaven, dan zal er niet één van hen hoeven te klagen over dat 'gat' dat velen na het doen van belijdenis ervaren... als het intensieve bezig zijn met de vragen van geloof en leven en die fijne avonden samen met anderen voorbij zijn.

Lidmaat zijn van de gemeente van Christus en je tegelijkertijd niets van de gemeente aantrekken - dat kan niet! In de christelijke gemeente zijn wij tot vrijwilligerswerk geroepen vanuit de verbondenheid met Hem die het Hoofd van de gemeente is. Er moeten nu eenmaal ouderiingen zijn, en diakenen, en voorzitters van verenigingen en clubs, bestuursleden, leden van commissies, mensen om de kerk schoon te maken, mensen om degenen die hulp nodig hebben de hand te reiken...

Hierin vindt het werk van God, de Heere, voortgang. Zo ervaren wij dat als HGJB ook in deze dagen waarin wij ons 75-jarig jubileum vieren. Ook wij zouden niet kunnen bestaan, als er geen vrijwilligers waren. Wij mogen ons echter omringd en ondersteund weten door een paar honderd vrijwilligers, van wie wij steeds weer opnieuw merken, dat zij de hun geschonken gaven gewillig en met vreugde aanwenden ten dienste van het werk voor en onder de jongeren.

Dit wilde ik in het kader van ons jubileum op deze plaats met dankbaarheid memoreren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Niet alleen de dominee,  de organist en de koster

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 november 1985

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's