Globaal bekeken
Van de serie 'Anderhalve eeuw gereformeerden in stad en land' (uitgave Kok, Kampen) is nu het deel over Friesland uitgekomen (51 pag., ƒ 12, 60). Uit dit deel de volgende aardige passages.
• 'A' en 'B'
Wat was nu eigenlijk het verschil In, laat ik zeggen, geloofsbeleving tussen de mensen van 'A' en 'B'? Ik heb dit eens door een gemeentelid, die dit vroeger ook had meegemaakt, zo horen formuleren: de Kerk-A-mensen: 'Werkt uw zelfs zaligheid met vreze en met beven'; de Kerk-B-mensen: 'Het is God, die in u werkt het willen en het werken'. Een doordenkertje, zeggen we tegenwoordig, maar dan in de volle zin van het woord.
Ik merk hierbij op, dat in de bijbeltekst deze beide delen worden verbonden door het woordje: want. Dit geeft aan de inhoud van de tekst een buitengewoon indringende en bemoedigende betekenis.
(Ph. Rijpkema, 1964)
• Van geslacht tot geslacht
In zijn huiselijk leven werd door grootvader de herbergzaamheid betracht. Zijn huis stond te allen tijde open voor ieder die raad en samenspreking zocht om over de belangen van zijn zieleheil te spreken. Grootvader was een vraagbaak voor velen, hij werd niet alleen bezocht door de leden der afgescheiden gemeente (een titel onwaar maar door Thorbecke ons gegeven), ook christenen uit de hervormde kerk bezochten hem veel. De ernst van het religieuze leven bleek ook hieruit, dat men voor men het eigen huis verliet om kerkwaarts te gaan, eerst met psalmgezang en gebed Gods aangezicht zocht opdat de Geest der genade in der gebeden hunne harten toebereide voor de ontvangst van Gods Woord...
Men rekende minder met het tijdelijke, hoofdzaak was de Eeuwigheid. 'k Herinner me nog goed dat in mijn vaders huis geen ander blad kwam dan De Heraut door dr. Schwartz (later dr. Kuyper), De Bazuin, De Wekstem. Voor ons kinderen was er het groot Martelaarsboek, en de levensgeschiedenis van Salomon Duitsch, een bekeerde jood die... over de verdrukking vertelde, hem en zijn familie aangedaan.
(P. K. Mobach v.h. Bolsward aan zijn kleinkinderen te Utrecht, 1926)
• Moderne dominee
Op den gewonen tijd, 't was des voormiddags, was de geheele kerkeraad in het kerkgebouw op zijne plaats, als mede de kerkvoogden en een vrij gróót deel der gemeenteleden.
Daar komt de heer De Haas, als een gejaagde haas het kerkgebouw in- en doorstuiven. Zonder eenig teeken van groet, stormt hij, alsof dit zijne schuilplaats ware, den preekstoel op. Na een paar wenschen te hebben uitgesproken, wordt de tekst opgegeven naar Mattheüs 7:26-37. Thema: 'Een huis op een Rotssteen of op het zand gebouwd',
't Wilde eerst niet erg vlotten. Er was aandacht, want wij hoorden dingen verkondigen, waarvan wij nooit hadden gehoord. Om er een en ander van te zeggen: De mensch die naar het voorbeeld van Jezus, (den grooten Meester) alleen naar het geweten handelde, en niet naar overleveringen of geschriften die was den man gelijk, die zijn huis op een steenrots had gebouwd, enz.
'Het geweten', zoo riep hij uit, 'is de eenige betrouwbare openbaring aan den mensch'. 'Eeuwenlang', zoo heette het verder heeft de christelijke kerk de menschen in slavernij gehouden. Langen tijd ook onder een vleeschelijken Paus. 't Is waar! zoo sprak hij verder. 't Is waar, Luther, Zwingli en anderen, (hunne namen worden met eere genoemd), want zij hebben ons van den vleeschelijken Paus verlost'.
En nu volgde er iets 't welk ons, tot in de ziel heeft geërgerd. Want toen werd verder betoogd dat deze Hervormers geen kracht genoeg hadden bezeten, omdat zij zich met hunne volgelingen blijven buigen onder een papieren Paus. En wie was die Paus? denkt gij, lezer 'Die Paus, zoo zei de spreker, 'was de Bijbel', gelijk die daar ook voor hem lag.
Doch gelukkig er was in deze 19e eeuw een nieuw licht opgegaan en zij, Modernen hadden de boeien afgeworpen. Ja, als Jezus nu hier was, dan zoude Hij zeggen: 'Gij Modernen, gij zijt mijn volgelingen. Gij zijt Christenen!'.
Onder het laatste zingen — bij ons was de lust tot zingen geheel vergaan; wij hadden gemakkelijker kunnen schreien — want dit hadden wij nu moeten hooren in ons eigen kerkgebouw, (zoo wij meenden), dat wij juist één jaar vóór dien tijd zoo hadden gerestaureerd. Onder dat laatste zingen dan, werd door mij staande plaats genomen tegen het deurtje van het zoogenaamde Hek of Vierkant
De heer De Haas bleef eenigszins schuchter op de helft van den kanseltrap staan. Hij zag mij nu ééns scherp aan, en dan weer over mij heen. De sprong over mij heen scheen hem al te gewaagd voor te komen. Eindelijk kwam hij af en stak mij de hand toe, doch door mij werd hij bij de pols genomen. Nu sprak ik hem ongeveer zoo toe: 'Mijnheer, U wist toch zeker wel, dat het hier een gebouw eener Christelijke gemeente is. Hoe zijt gij dan hier als zulk een, gelijk wij U hebben gehoord, ingekomen? '
Zijn antwoord luidde, dat hij hier als Evangeliedienaar, dat is als Predikant der Hervormde Kerk gekomen, en gesproken had. Hierop werd door mij de opmerking gemaakt, dat het Christendom zijne bepaalde grenzen heeft.
(A. Elshout, Lollum In Doleantie)
• Traktaatje
Och, mocht Leeuwarden, dat onze prediking veracht heeft en onzen arbeid verworpen, nog tot inkeer komen. Verblind in eigene gerechtigheid, is er geen bekommering meer over de zonde. Och, gingen nog eenmaal de blinde oogen open en kwam er een roepen: 'Wat moeten wij doen om zalig te worden!'
Want op volharding komt het oordeel der verwoesting. Ziet in de Sociaal-Democratie, hoe God Zijn moker gereed maakt om straks de tegenover God en de ellendigen even eigengerechtige en onaandoenlijke bourgeoisie te verbrijzelen en het rijke Leeuwarden, dat God niet vreest en geen mensch ontziet, te vergruiselen tot puin. Alleen door terugkeer tot een Christendom, dat God liefheeft boven alles en den naaste als zichzelven, zou er nog afwending van de oordeelen kunnen zijn.
(Dr. L. H. Wagenaar, 1892)
***
In het blad Opbouw (Nederlands Gereformeerd) schrijft ds. A. H. Algra (Maassluis) over Stille Nacht. Een filippica tegen de romantiek van het kerstfeest. Hier volgt het slot.
'Wanneer zal Kerst toch eindelijk eens ophouden te zijn dat vertederende feest van het 'Kindje-wiegen'? Heimelijk is het Kind van Bethlehem ons tot een symbool geworden van het nieuwe licht, het nieuwe jaar, de nieuwe levenskansen en daarom hebben we er belang bij dat het kind een kind blijft en dat het elk jaar wéér komt en ieder jaar opnieuw voor ons, of nog liever in ons, geboren wordt'. Tot zover Den Besten.
We hebben na de vrijmaking heel wat discussie gehad over de feestdagen. Breda schafte ze af, zoals indertijd Calvijn ook deed. Dat ging velen te ver, maar er groeide een zekere mate van overeenstemming: men was het er over eens, dat we het met die feestdagen niet overdrijven moesten. Dus geen kerstnachtdiensten. Toch bleven de meeste mensen verknocht aan die feestelijkheden in oude stijl.
In de gemeente die ik diende, bleven enkele gezinnen thuis tijdens de kerstdienst. Uit principe. Ik meende, dat ik niet moest weigeren om te preken, maar ik wilde van dat zoetelijke af en ook niet elk jaar over Lukas 2 preken. Ik nam als tekst "Rijken heeft Hij ledig weggezonden". Dat is echte stof voor Kerst, zeg nu zelf. Lofzang van Maria. En die kant zit er óók aan het kerstverhaal.
Sommige broeders waren na de dienst bozer op mij, dan op degenen die niet naar de kerk gekomen waren. Ik had niet de gevoelige snaar gestreken. Eén van de prominenten in de gemeente zei naderhand tegen me, dat hij de kerstvrede en de kerstvreugde pas na de dienst gevonden had door enkele meditaties van Schilder te lezen.
Ik denk dat we maar een beetje tegen de bierkaai moeten blijven vechten, anders zwelgen we straks van de romantiek en allerlei godsdiensterigheid. We gaan toch geen Kind aanbidden? We verwachten de Vorst van de vrede, de sterke God, de Zoon met de heerschappij Jes. 9:5.'
V. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1985
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1985
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's