Theologie van de derde weg is versimpelend en misleidend
Het Kairos-document
In totaal 152 theologen (blank en zwart) in Zuid-Afrika, behorend tot 19 kerken hebben het zogeheten Kairos-document opgesteld, 'een theologische vertaling van de politieke wensen van mensen, die alles op alles hebben gezet om de nieuwe grondwet onuitvoerbaar te maken en de structuren van de apartheid af te breken', aldus David de Beer in een toelichting bij de Nederlandse vertaling, mede door de werkgroep Kairos in Nederland uitgegeven. Het is een document met een open einde. Het kan en zal om zo te zeggen worden uitgebreid op grond van reacties die erop binnenkomen.
De discussie over dit document is in volle gang, zowel in Nederland als in Zuid-Afrika zelf. Het R.D. van 27 febr. bracht 't bericht dat prof. dr. J. A. Heyns van de Zuidafrikaanse N. G.-kerk, hoewel hij deze theologie confronterend noemde, van mening was dat de inhoud ervan niet simpel onder de tafel kon worden gewerkt, omdat het een vertolking was van de stem van mensen wier ellendige omstandigheden we nauwelijks kunnen bevroeden.
Eind van deze week wijdt de hervormde synode er speciale aandacht aan. Wat wil het Kairos-document (zeggen) en hoe hebben we het te bezien?
De inhoud
Het uur van de waarheid is aangebroken in Zuid-Afrika. Zo zet het stuk in. De kairos, de gelegen tijd moet worden onderkend (Lucas 12:56). Het Kairos-document wil een nieuwe, een derde theologische weg naast, liever na de theologie van de staat en de theologie van de kerk.
Wat is de theologie van de staat? Het is de theologie die de staat zelf gebruikt om haar absolute machtspositie te vestigen met een beroep op Romeinen 13. Gezegd wordt: 'als we de bijbel willen gebruiken als leidraad in een situatie, waarin de overheid, die geacht wordt "de dienaresse van God" te zijn (Rom. 13:4), deze roeping negeert en in plaats daarvan de satan dient dan kunnen we beter hoofdstuk 13 van het boek Openbaring ter hand nemen.' En verder: 'De Zuidafrikaanse staat erkent geen autoriteit buiten zichzelf en zal dan ook niemand toestaan datgene wat zij orde en gezag noemt in twijfel te trekken. Er zijn echter miljoenen christenen in het huidige Zuid-Afrika die met Petrus zeggen: "men moet God meer gehoorzaam zijn dan mensen" (Hand. 5:29)'.
Het meest onthullend acht het geschrift 'het godslasterlijk gebruik van de heilige naam van God in de preambule van de nieuwe grondwet'. Deze luidt: 'In nederige onderwerping aan de almachtige God, die over de volkeren beschikt, die onze voorvaderen uit vele landen vergaarde en hen dit land als het hunne gaf, die hen geleid heeft van geslacht tot geslacht en die hen wonderbaarlijk verloste van de gevaren die hen bedreigden...'
Geconcludeerd wordt dat we hier te doen hebben met een god die historisch gezien aan de kant van de blanke kolonisten staat, die zwarte mensen hun land ontneemt en het grootste deel daarvan aan zijn "uitverkoren volk" geeft. Het Kairos-document noemt deze God een afgod, het is de god van 'het traangas, de rubberkogels en zwepen'.
Wat is de theologie van de kerk? Dat is de theologie waarin 'verzoening' het sleutelwoord is. Verzoening in conflicten waarin de ene partij 'een tot de tanden gewapende onderdrukker is en de andere weerloos en onderdrukt'. In de Zuidafrikaanse situatie is het absoluut onchristelijk — aldus het document — om te pleiten voor verzoening en vrede voordat het heersende onrecht opgeheven is. In Zuid-Afrika is geen verzoening mogelijk zonder gerechtigheid. Geen vergeving en dus ook geen onderhandelingen zonder berouw. Gerechtigheid, die aangeboden wordt door de onderdrukker, wordt aangeboden als een soort concessie. Het is een gerechtigheid die aangeboden wordt in de vorm van hervormingen. Gods gerechtigheid vereist echter radicale veranderingen van de structuren. Wat de beleden geweldloosheid van de 'theologie van de kerk' verdacht maakt is de stilzwijgende steun, die veel kerkleiders geven aan de toenemende militarisering van de Zuidafrikaanse staat.
De derde weg
Tegen de achtergrond van dit alles bepleit het Kairos-document een nieuwe, een derde weg. De kairos vandaag vraagt om een profetische theologie. De hervormingen in Zuid-Afrika dienen slechts daartoe dat radicale verandering van het systeem voorkomen wordt. Het systeem moet blijven bestaan in enigszins 'hervormde' of 'herziene' vorm. Maar onderdrukking is zonde, daar kunnen geen compromissen mee worden gesloten. 'God kiest de kant van de onderdrukten'. Als de overheid een tiran is dan verspeelt deze het morele recht om te regeren. Een feitelijke regering is nog geen wettige regering. Een tiranniek regiem is uit moreel en theologisch oogpunt onwettig. Een tiranniek bewind is een regering, die in beginsel vijandig staat ten opzichte van het algemeen belang. Onder die kwalificatie valt dan het Zuidafrikaanse apartheidsregime. En dat apartheidsregime is niet te hervormen. En omdat dit regime de vijand van het volk is, is het ook de vijand van God. Daarom moeten de onderdrukten er zeker van zijn dat hun zaak Gods zaak is. Jezus staat aan de kant van de armen en de verdrukten.
Hoe dan verder (in Zuid-Afrika)? 'De grootste blijk van liefde, die we zowel de onderdrukten als onze vijanden die onderdrukkers zijn kunnen geven is de onderdrukking uit te bannen, de tirannen af te zetten en een rechtvaardige regering in te stellen in het belang van het gehele volk. Christenen moeten dan ook deelnemen aan de strijd voor bevrijding en een rechtvaardige samenleving. De kerk kan en mag niet collaboreren met de tirannie en is dus niet geroepen 'een bastion van gematigdheid en voorzichtigheid te zijn'.
Kort gezegd komt het hierop neer. De Zuidafrikaanse regering is geen wettige overheid en kan zichzelf niet beroepen op Rom. 13. De kerk heeft wel altijd de verzoening gepreekt, maar in feite komt het neer op steun aan het (geweld van) de regering. De theologie van de verzoening moet worden losgelaten. Het gaat nu om de keuze tussen het dienen van God of de vijand van God. Christenen worden opgeroepen tot de bevrijdingsstrijd, de strijd om gerechtigheid en dan pas vrede.
De exegese
Het is duidelijk dat het Kairos-document gezien moet worden in het licht van de bevrijdingstheologie, die niet van vandaag of gisteren is, maar die reeds lang ten grondslag ligt aan het streven naar een nieuwe wereldwijde samenleving. Mocht daarover nog onduidelijkheid bestaan — want het document is, hoe scherp het ook is, toch ook nog weer voorzichtig in het gebruik van de terminologieën — dan spreekt de exegese, die dr. H. Wiersinga en dr. Th. Witvliet bij de Nederlandse vertaling van het document voegen voor zichzelf. H(erman) Wiersinga schrijft over 'een andere god'. Niet zonder afgrijzen schrijf ik iets over uit zijn betoog. De woede van de zwarte bevolking in Zuid-Afrika is de woede van God. In Zuid-Afrika is de uitgebroken oorlog een heilige oorlog. De blanken hebben hun blanke patriarchale god en nu is de zwarte theologie een onmisbaar wapen in de zwarte strijd. Het gaat in Zuid-Afrika om twee goden: de god van de staat en de God van de onderdrukten. Met Ed. Stern zegt Wiersinga dat Romeinen 13 tot de vezetsliteratuur behoort. Vredestichters op Jezus' spoor zijn geen sussers maar dynamietleggers. God is niet de blanke kolonist maar de zwarte bevrijder. Verzoening bepleiten tussen onderdrukkers en onderdrukten is hetzelfde als God en de duivel willen verzoenen.
Vervloekt
Dr. Wiersinga besluit zijn stuk met een uitspraak in een boek van Takatso Mokofeng De Gekruisigde temidden van kruisdragers'. Christenen (in Zuid-Afrika) worden meer door de Goede Vrijdag aangesproken dan door Pasen. Geen wonder — zo is de conclusie van Wiersinga — want Christus is nog steeds in een crisis, in Zuid-Afrika, en waar niet? Pasen, de bevrijding, laat nog op zich wachten.
Paulus durft zeggen dat al zou een engel uit de hemel een ander Evangelie verkondigen dan hij verkondigd heeft, deze vervloekt is. Welnu, dat is dunkt me van toepassing op deze theologie, zoals Wiersinga die pregnant verwoordt. Het is een miskenning van het geheel enige offer door Christus aan het kruis gebracht. Hier wordt Christus tot een idee. Vandaag heet Hij zo de zwarte Messias. Het bloed van de Zuidafrikaanse onderdrukte wordt het bloed van de Messias. Christus wordt zo opnieuw gekruisigd, terwijl het offer gebracht is, voor eens en voor goed. En terwijl Pasen, de bevrijding, niet nog kómen moet maar achter ons ligt zodat we mogen leven uit de kracht van de Opstanding.
Ik aarzel niet de theologie, zoals Wiersinga die verwoordt en waarop hij het Kairos-document toesnijdt, een pestilente theologie te noemen. Hiertegen protesteerde het Getuigenis van 1971 door te zeggen dat deze theologie een radicale breuk met het verleden der kerk inhoudt.
Het is al weer enkele jaren geleden dat de alternatieve verzoeningsleer van Wiersinga grote beroering verwekte. Hier krijgt deze theologie vlees en bloed. De toorn van God over de zonde en de verzoening door voldoening werd ontkend. Verzoening werd een rechtsgeding tussen mensen. In de toepassing ervan is verzoening een twistgeding tussen mensen. De zwarte bevolking is de Messias. Dat Christus de zijnen verlost heeft, een vloek voor hen geworden zijnde (Gal. 3:13) is hier weg uit de theologie. God wordt in het vlees getrokken, is nu een zwarte God. En Christus wordt opnieuw in het vlees getrokken, is nu de zwarte Messias. Dat is een aantasting, een verloochening van de verheerlijkte Christus, die het zeggen mocht: Het is volbracht. Het is een verloochening van Kruis en Opstanding.
Versimpeling
In het Kairos-document zelf is intussen sprake van een sterke versimpeling. De vooronderstelling is dat de Zuidafrikaanse overheid onwettig is en gemakshalve wordt de sprong gemaakt dat deze ook nog vijand van God is. Het document zelf dekt zich in tegen kritiek door te zeggen dat 'incidentele onrechtmatige daden' een regering nog niet tot tiran maken. Zou dat namelijk het geval zijn dan zouden zoveel overheden genoemd moeten worden waarvoor geldt dat ze tiranniek zijn. Nee, het vooroordeel ten opzichte van de Zuidafrikaanse regering is absoluut en daarom is het document één doorgaande consequente redenering vanuit die vooringenomenheid. Het is een theologische vertaling van politieke wensen van mensen, zegt David de Beer. Beter is te zeggen: een theologische vertaling van een politiek vooroordeel. De onderdrukte staat aan de kant van God — ongeacht diens ideologie of liever de ideologie van de leiders —, de onderdrukker staat aan de kant van de duivel. Met dit uitgangspunt is de gang van het betoog eigenlijk vanaf de eerste regel voorspelbaar. Dat intussen radicaal gebroken wordt met de gedachte dat de kerk geroepen is tot verzoening als het gaat om twisthaarden is nu een keer onomwonden gezegd. Met de bekering van (de regering) Botha mag om zo te zeggen geen rekening meer worden gehouden. Er is slechts hoop langs de weg van revolutie. Dat men voor deze stelling de Schrift moet laten buikspreken is evident. Een radicale breuk met het verleden der kerk!
Een dwingend appèl
Het zou intussen onjuist zijn als ik hier het verhaal beëindigde. Verontwaardiging over de theologie achter Kairos — en zeker over de theologie van de exegeten daarachter — mag niet in mindering komen op diepgaande verontrusting, mijnentwege ook verontwaardiging over de situatie in Zuid-Afrika als zodanig. De Zuidafrikaanse overheid is dermate geworteld in de historie van het land dat ik niet aan de kant ga staan van hen die deze overheid bij voorbaat onwettig noemen. Tussen twee haakjes zij gezegd dat op de conferentie van de Wereldraad van Kerken van kerkleiders in Harare nog een compromis moest worden gevonden toen het ging om het bidden voor de val van de Zuidafrikaanse regering. Het werd uiteindelijk: 'bidden om het beëindigen van het onrechtvaardig bewind in Zuid-Afrika'
Maar deze overheid handelt wel onwettig. Komen de hervormingen, die worden bepleit en/óf doorgevoerd, werkelijk voort uit een hartstochtelijk verlangen om gerechtigheid te bevorderen in de bijbelse zin van het woord? Of hebben die alles te maken met de hete adem, die Zuid-Afrika nu al zoveel jaren in de nek gevoelt van de wereldopinie? Ik denk het laatste.
In Koers van 14 februari stond een interview van drs. A. G. Knevel met prof. dr. David Bosch, hoogleraar missiologie aan de Universiteit van Zuid-Afrika in Pretoria. Hij zei te blijven geloven in verzoening, al ziet hij als 'één van de weinige positieve tekenen in de Zuidafrikaanse samenleving de geweldige algemeenheid van het debat over de toekomst'. Een nationale conventie noemt hij het laatste redmiddel voor Zuid-Afrika. Hij voert één doorlopend pleidooi voor deling van de macht en beëindiging van het onrecht van de apartheid. Hij meent dat er bij alle hervormingen, die zijn of worden doorgevoerd, intussen nog niet zó veel veranderd is, met name in mentaliteit niet. Daarvan zegt hij: 'soms denk ik, dat er bij vele blanke Zuidafrikanen een sluier is bij het lezen van de Bijbel, die het voor hen onmogelijk maakt om werkelijk te verstaan wat Gods Woord zegt.'
Wanneer in de preambule van de nieuwe grondwet zulke grote woorden over Gods leiding in de geschiedenis worden gebruikt als nu geschiedt dan schept dit wel geweldige verplichtingen. Wanneer de Zuidafrikaanse regering dan handelt in strijd met de bijbelse gerechtigheid dan wordt zulk een preambule tot een vloek, tot een ontering van Gods Naam. David Bosch waarschuwt dan ook tegen de in Nederland gesignaleerde houding van: het is allemaal zo slecht nog niet en Zuid-Afrika is een christelijk land en daar wonen onze gereformeerde broeders en zusters. Hij vraagt om kritische solidariteit.
Wie geen oogkleppen op heeft moet zeggen dat in Zuid-Afrika geen bloedbad dreigt maar dat dit al in volle gang is en dat daarbij de slachtoffers (nog) voornamelijk aan de kant van de machtelozen vallen. Waar blijft in deze situatie een gereformeerd Kairosdocument uit de blanke kerken? Is ook binnen de Gereformeerde Gezindte het begrip gerechtigheid, voorkomend bij de profeten, in de psalmen en in de brief van Jacobus niet zo vergeestelijkt, verspiritualiseerd, dat alle profetische kracht van het Woord eruit weggehaald is met het oog op situaties van schrijnend onrecht in de wereld, ook in Zuid-Afrika? Het Kairos-document, dat nu in Zuid-Afrika verschenen is, is vanwege de politieke vooringenomenheid en de daarop gebaseerde hineininterpretatie van de Schrift kwetsbaar genoeg. Maar het laat toch een dwingend appèl na. Wat is de roeping van een wettige overheid? Wat is recht en gerechtigheid in de samenleving? Een heroriëntatie op wat in reformatorische zin gerechtigheid is, ook naar de maatschappij toe, is dringend gewenst. Een systeem. Waarin mensen van elkaar worden gescheiden, is dat toch zeker niet?
Is er intussen voor Zuid-Afrika nog wel de kairos, de mogelijkheid voor een fundamentele ommekeer? Of is het oordeel onafwendbaar?
V. d. G.
Deze week eerder geplaatst in het Reformatorisch Dagblad, in enigszins verkorte vorm; n.a.v.: Het uur van de waarheid, het Kairosdocument van Zuidafrikaanse christenen, uitgave Boekencentrum, 's-Gravenhage, 95 uitgave Ten Have, Baarn, 95. pagina's.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 maart 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's