Het Lima-rapport
(Uitgangspunten op de synodevergadering bij de behandeling van het Lima-rapport).
Naar mijn gevoelen dient het antwoord op het Lima-rapport op de volgende punten beslist aangescherpt te, worden:
1. Inzake het grote belang van de Woordverkondiging. De gemeente wordt te veel gezien als eucharistische gemeenschap. De priesterlijke heilsbemiddeling overheerst ten koste van de profetische verkondiging, terwijl de reformatie juist die profetische verkondiging op grond van de Bijbel zo duidelijk naar voren heeft gehaald. Het kan niet anders of dit accent op het priesterlijke zal betekenen dat er afgedongen gaat worden op het sola scriptura en op het sola fide. Hier hangt ook mee samen dat er te massief over heilsbemiddeling door de Doop wordt gesproken. De Woord-bemiddeling komt in het gedrang en we mogen niet nalaten in het antwoord daarop te wijzen.
2. Ondanks het goede dat het Lima-rapport zegt over epiclese (= de aanroeping van de Heilige Geest) bij het Heilig Avondmaal, wordt er toch niet duidelijk gesproken over de wijze waarop Christus in het sacrament aanwezig is nl. enkel via (Woord en) Geest. Het antwoord zal toch op zijn minst dit gemis moeten signaleren.
3. Evenmin wordt het offerkarakter in de eucharistie afgewezen, al worden er wel mooie dingen gezegd over het unieke en onherhaalbare van het offer van Christus. In het antwoord dient toch in elk geval gezegd te worden dat als consequentie van het unieke en onherhaalbare van het offer van Christus het offerkarakter ter verzoening in de eucharistie niet gehandhaafd kan worden.
4. Het Lima-rapport tendeert naar een aanzet tot kinderen aan het Heilig Avondmaal. Iets waar beide kerken nog lang niet mee klaar zijn en wat naar mijn opvatting ook nooit zal dienen te worden ingevoerd. Ook dit dient in het antwoord gesignaleerd te worden.
5. Vanwege de laatste drie genoemde punten kan herstel van de Avondmaalsgemeenschap (nog) niet gerealiseerd worden en dit dient in het antwoord eerlijk te worden gezegd. Wat dit betreft sta ik aan de kant van Rome, die ook vindt dat de verschillen nog te groot zijn om deze gemeenschap te herstellen.
6. Ten aanzien van de Doop wordt er in het Lima-rapport te gemakkelijk gesproken over de problemen inzake kinder- / volwassenen-doop. Was er meer nadruk gelegd op de besnijdenis-gedachte in het O.T. dan zou er ook krachtiger en duidelijker over de kinderdoop zijn gesproken. Bovendien zou dan de verbondsgedachte breder en dieper uitgewerkt zijn geworden. En dat was dan weer ten goede gekomen aan het onderstrepen van het Goddelijk initiatief (Hij is toch de Alpha) in het zaligmaken van zondaren. Van daaruit hadden de lijnen doorgetrokken kunnen worden naar het sola gratia en dat tegen de achtergrond van onze totale verdorvenheid door de zonde. Immers, als mensen van de reformatie kunnen we niet genoeg wakker en waakzaam zijn ten aanzien van het genade-karakter van de genade. En dit alles zal het antwoord toch zeker dienen kenbaar te maken.
7. Ten aanzien van de ambten is nog op te merken dat in het Lima-rapport het ambt teveel gezien wordt als gemeente-representatie en te weinig als Christus-representatie. Het 'tegenover' van het ambt op grond van het gezag van Gods Woord komt zo teveel in de verdrukking. Het gevaar dat op deze wijze dreigt is dat het ambtelijke het sola gratia gaat vernietigen.
8. Ten slotte zou in het antwoord waarschuwend ingegaan dienen te worden op universalistische trekken in het Lima-rapport. Deze universalistische trekken suggereren dat het heil zonder meer voor alle mensen is, los van geloof en bekering. En dat is toch heel onbijbels.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's