De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Billy Graham: De vier ruiters uit de Openbaring; voorteicenen van het laatste oordeel, uitgeverij Mingus B.V., Haam, ƒ 26, 90.

Wie exegese zoekt van Openbaring 6 moet dit boek niet ter hand nemen om in de stof te worden ingeleid. Eerder is dit boek een boek waarin Billy Graham zichzelf, zijn hoop voor de wereld en de dreigingen die hij in het huidig tijdsgewricht onderkent, heeft uitgeschreven.

Met name de vragen van oorlog en vrede en de dreigende nucleaire bewapening vormen de achtergrond waartegen dit geschreven is. De cirkelgang van het geweld waarbinnen ook de derde wereld bezig is zich sterk te maken is de schrijver een benauwenis. Het geheel wordt doorspekt met persoonlijke herinneringen en getuigenissen aangaande mensen die in Christus de bron van hun hoop vonden.

Hoewel de schrijver de ontwikkeling ten kwade niet schroomt op door de Schrift voorspelde ontwikkelingen terug te brengen, komt hij toch ook niet verder dan een zowel concreet als stichtelijk uitzeggen van hetgeen hem tot nood is, en ik denk dat dit al een reden in zichzelf is voor dit boek. Het geheel loopt — maar wie zou anders verwachten — uit in een oproep tot berouw, zoals eens is uitgegaan tot God om Nineveh: het heeft onze innerlijke instemming.

Mr. G. Holdijk: Christenen en burgerlijke ongehoorzaamheid, uitgave Boekencentrum, prijs ƒ 18, 50.

Dit boekje wil niet alleen een standpuntbepaling zijn, maar het wil vooral ook informeren over de politieke, staatsrechterlijke en ethische aspecten die aan het onderwerp burgerlijke ongehoorzaamheid vastzitten. Heel bewust wil de schrijver dit doen vanuit zijn christelijke, calvinistische achtergrond.

Dr. G. Maneschijn, ook door de schrijver genoemd, is voor zover ik weet de enige die zich in min of meer afgeronde vorm theologisch rekenschap van dit onderwerp gegeven heeft. Dr. W. Verdonk, aan wie dit onderwerp zeer ter hart ging, heeft de teboekstelling van zijn gedachten niet meer mogen volbrengen. Bij dr. J. Douma vinden we een summier theologisch exposé over dit onderwerp, waarbij de schrijver van dit boek meestal aansluit.

Het aardige van het boekje van Holdijk schuilt niet in het minst in de opzet. Het begint politiekjuridisch. Terecht. Het moet voor juristen een voortdurende bron van ergernis zijn hoe gemakkelijk en onzakelijk theologen over ongehoorzaamheid kunnen spreken.

Het zwaartepunt van het boek ligt na hoofdstuk VI, waarin de christelijk-ethische benadering aan de orde komt. De drie vijanden van de gehoorzaamheid komen daar ter sprake: het activisme, het intellectualisme en het egoïsme. Wanneer men heden, onder de druk van de moderne ontwikkeling, zou afzien van een religieuze rechtvaardiging van het recht, zou men niet alleen de openbaring verloochenen maar ook de neiging tot chaos bevorderen. Zowel Ter Schegget als Verdonk als Manenschijn zoeken dan ook ten onrechte naar een principieel voor ieder toegankelijke argumentatie voor burgerlijke ongehoorzaamheid.

Nochtans houdt Holdijk, met Douma, de mogelijkheid van ongehoorzaamheid open, hoe wezenlijk de grondhouding van gehoorzaamheid voor de christen ook is. Het blijft mij, bij alle polemiek die Holdijk telkens voert, niet ten onrechte overigens, wat onduidelijk welke nu de gevallen zijn waarin ongehoorzaamheid een toegestane mogelijkheid is. De indruk blijft achter: bij een staatsabsolutisme dat de kerk in de ver­ drukking leidt. In afwijking van Holdijk denk ik dan dat aan de notie van het verbond wel degelijk iets te ontlenen valt aangaande het karakter van de overheidsregering, net als aan Romeinen 13, en ook ben ik geneigd om iets minder formeel-juridisch wat meer ruimte laten aan de mogelijkheid van een burgerlijke ongehoorzaamheid die het element van het spel en van het uitproberen in zich draagt en tot positieve dingen leidt. De geschiedenis heeft in deze, ons óók positieve lessen geleerd.

Het boekje leest wat moeizaam, zo ging het althans mij, omdat de schrijver voortdurend eerst de vragen opwerpt en de af te wijzen meningen de revu doet passeren. Liever zou ik eerst thetisch het oordeel van de schrijver voor mij willen zien, en dan daarna de afgrenzingen die zich daarbij voltrekken.

S. Meijers

Dr. H Baarlink: Vrede op aarde. De messiaanse vrede in bijbels perspectief, uitgeversmaatschappij J. H.  Kok, Kampen 1985, ƒ 22, 50.

De hier voor ons liggende studie wil vóór alles een puur exegetische zijn. Juist omdat de vrede op aarde op allerlei wijze in het geding is en de vrede die uit de hemel komt op evenveel wijzen in het geweer wordt gebracht, te pas en te onpas, wil deze studie opkomen voor het rechte evenwicht en tegen het voortdurend misbruik van het woord vrede.

Centraal staan de teksten Lucas 2 vers 14 — hoe kan het anders — Lucas 19 vers 38, en Jesaja 6 vers 3. Met name het trishagion van Jesaja 6 keert als thema binnen de Schriften telkens weer terug, met al de eschatologische dimensie die het kenmerkt (Openbaring 4).

Telkens laat de. schrijver zien hoe de accenten in de bijbeltekst verschuiven van de vredeboodschap naar de vredebrengers en hoe vele deze accenten zijn: de individuele dimensie, de kosmologische dimensie, de sociale dimensie, de oecumenische dimensie, de ekklesiologische dimensie, de oekologische dimensie en de politieke dimensie, ze komen alle in de bijbel voor, met uitzondering misschien van de laatste. Tot de politieke dimensie van de bijbelse vrede moeten we dan ook altijd weer komen via een exegetische omweg, terwijl juist deze dimensie zo voor het grijpen schijnt te liggen, wil men de gangbare mening geloven. Nochtans hoort ook de politieke dimensie erbij, tenzij men puur biblicist wil worden.

Toch heb ik het gevoel dat er dingen in de schaduw gebleven zijn. Heeft vrede (Jesaja 9, 11, 57 : 21) ook niet alles te maken met persoonlijke vernieuwing en verzoening? Met de zegenbede ook uit Numeri 6 ...'en geve U vrede...'. En vraagt dit priesterlijke niet om het profetische in de oproep tot bekering als afwending van de valse vrede (Jeremia 6 vers 14), en is zonder deze gekozen geloofshouding het koninklijke van psalm 72 wel recht denkbaar? Kortom, bestaat de messiaanse vrede, in Christus tot werkelijkheid geworden, niet een heel stuk in onze strijd om de vrede, in al haar aspecten, zodat het woord- en beloftekarakter van de vrede meer centraal dient te staan?

Ik bedoel deze laatste vragen niet als alibi, maar misschien zijn ze nodig om te beantwoorden wil men met de bijbelse vrede in deze wereld staande blijven.

S. Meijers

Dr. C. van der Waal: Die wereld in ons woning; Christelijke Kultuurtaak. Uitgave NG Kerkboekhandel, Transvaal, Pretoria 1985.

Dit boekje is posthuum uitgegeven. De schrijver, nederlander van oorsprong, gereformeerde van het oude stempel, is in 1980 in Pretoria overleden. Zowel in het Oude Testament als in de Kerkgeschiedenis gepromoveerd, geeft de schrijver blijk van een allesbehalve eenkennige belezenheid. Men kan dit boekje typeren als een critische verwerking van Schilders gedachte van het cultuurmandaat, met behoud van het hierin gelegen positieve, maar met verwerping van de verzelfstandiging ervan.

S. Meijers

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's