De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Dr. J. Verkuyl, Met Moslims in gesprek over het Evangelie, 144 blz., ƒ 17, 90. Kok, Kampen 1985.

Twee motieven dreven de auteur tot het schrijven van dit boek. Enerzijds: bevordering van de ontmoeting tussen moslims en christenen in onze samenleving door het wegnemen van vooroordelen, onkunde en misverstanden. Anderzijds het verlangen ook de vreemdeling binnen onze poorten in contact te brengen met het evangelie van de gekruisigde en opgestane Christus als de enige weg tot behoud. Verkuyl wil een aanvulling en correctief bieden op de toenemende trend bij velen, ook binnen de kerk, om zich te beperken tot hulpverlening, onderwijs en integratie in de samenleving en af te zien van de vervulling van de missionaire en evangelisatorische roeping ten aanzien van moslims. Maar wanneer christenen dit getuigend gesprek willen voeren, zullen ze op de hoogte moeten zijn van wat de Islam inhoudt en waar wezenlijke verschillen liggen.

Zo komen achtereenvolgens ter sprake de verhouding Bijbel en Koran, het openbaringsbegrip, de Drieëenheid, de relatie God - mens, persoon en werk van Christus, het oordeel, de moslimse umma en de kerk, terwijl in de slotparagraaf wordt ingegaan op de plaats van de Islam en de figuur van Mohammed, en gepoogd wordt een theologische beoordeling te geven.

Wie zich met hand en tand verzet tegen elke missionaire benadering zal aan dit boek weinig vreugde vinden. Ik denk aan een in een van de dagbladen verschenen bespreking, waarin met een beroep op enkele feitelijke onnauwkeurigheden de tendens van Verkuyls boek werd 'weggeschreven'.

Wie zoals ondergetekende met Verkuyl van mening is dat Handelingen 4 : 12 en Johannes 14 : 6 ook voor de ontmoeting der wereldgodsdiensten van wezenlijke betekenis is, zal met vreugde van dit boek kennisnemen.

Temeer omdat de schrijver ook waarschuwt voor agressieve propaganda, en het geven van karikaturen. Met respect schrijft hij over de moslims en hun religie. Met beslistheid getuigt hij van de rijkdom van het heil in Christus die voor elk mens, christen en moslim, de enige Redder is.

Ik ben erg blij met dit boek. Men kan zich hooguit afvragen of de voorbeelden die Verkuyl geeft van zijn contacten met moslims geheel en al van toepassing zijn op de huidige situatie in ons land. Verkuyl spreekt over zijn contacten in Indonesië. Is dat hetzelfde beeld als wat de moslim in een Westeuropese samenleving geeft? Ook het beeld van de moslims is zeer veelvormig.

Niet alleen voor de missionaire gemeente, maar ook voor allen die binnen het christelijk onderwijs met onze problematiek te maken hebben, acht ik dit een belangrijk boekje, dat ik graag in veler handen wens.

Anton Wessels, Jezus zien, Hoe Jezus is overgeleverd in andere culturen, 175 blz., ƒ 25, —. Ten Have, Baarn 1985.

De Amsterdamse missioloog gaat in dit boek in op de vraag, hoe er bij de Christusverkondiging onder de volken sprake is van continuïteit en veranderingen in het door Europese christenen overgeleverde Jezusbeeld. Hoe is Jezus vertolkt onder de volken en wat hebben deze overgenomen van de hun gebrachte boodschap in hun cultuur? Achtereenvolgens komen na een korte inleiding over het beeld van Jezus in Europa aan de orde: het verstaan van Jezus in de joodse context, Jezus in de Islam, het beeld van Jezus in Latijns-Amerika, Afrika (slavenhandel), Suriname, Azië (verhouding tot hindoeïsme, boeddhisme en taoisme), terwijl in een slothoofdstuk een aantal samenvattende lijnen getrokken worden en enkele dogmatische vragen onder de loep worden genomen.

Er valt stellig veel uit dit boek te leren. Duidelijk blijkt, hoe de prediking inzake Jezus Christus niet in een vacuüm geschiedt: Geschiedenis en cultuur, de politieke en maatschappelijke context, de situatie van de predikers, de verwevenheid van zending en westerse politieke invloed blijken van invloed te zijn op de overlevering. De eeuwen door is er de worsteling om de bijbelse boodschap te doen 'landen' in de leef- en denkwereld van de hoorders. Met alle risico's van dien, zoals overwoekering door eigentijds denken, vermenging met heidense voorstellingen, nationalistische ideeën enz.

Overleveren of verraden? Enerzijds blijkt dat we ons nooit los kunnen maken van culturele en filosofische denk- en levenspatronen. Anderzijds dient de wijze van denken onderworpen te zijn aan de wijze der Godsopenbaring. De context van cultuur, volk, politiek en godsdienst heeft niet het laatste en beslissende woord.

Ook Wessels worstelt met deze problematiek. Hij wijst op de slotpagina van zijn boek op Ef. 3 : 18, 19. Tegelijk dient gezegd te worden naar mijn mening, dat Christus niet gedeeld is en dat er de eeuwen door ook de strijd is om het zuiver verstaan van de Waarheid Gods. Zeker, wij kennen Hem ten dele. Dat moet ons bescheiden maken. Maar dat moet ons ook voorzichtig maken.

Heeft de auteur deze voorzichtigheid altijd betracht? Met name het slothoofdstuk doet toch wel vragen rijzen. Vooreerst legt de auteur m.i. een te sterke nadruk op de verschillen binnen het Nieuwe Testament. Alleen wie er van uitgaat, dat het Nieuwe Testament de neerslag is van de theologie van de gemeenten kan tot de conclusie komen, dat het N.T. een bundel heel diverse Christologieën bevat. Ik zal accentsverschillen binnen de ene canon niet ontkennen. Het ene Evangelie is viervoudig overgeleverd. Maar met het woord 'pluraliteit' is toch niet alles gezegd. Er is ook de eenheid van de apostolische overlevering door alle boeken heen. Wessels geeft hier m.i. te snel toe aan de moderne pluraliteitsgedachte.

Een gevolg van zijn visie is, dat het centrum van kruis en opstanding (verzoening) toch wat in de mist geraakt door ruimte te scheppen voor andere Christologieën (Jezus als bevrijder, Jezus als duiveluitbanner). Zijn die andere noties niet verbonden met dit hart van de prediking?

Op blz. 164 hanteert de auteur, als ik hem goed begrijp, de gedachte van een open canon. Hebr. 1 : 1 spreekt m.i. toch van Gods definitieve woord in de Zoon. Daaraan is de kerk der eeuwen gebonden. De gedachte van de anonieme kerk (Rahner) waarop Wessels wijst, vind ik in het Nieuwe Testament niet terug.

M'n vragen en bezwaren nemen overigens niet weg, dat het goed is om van dit vlot geschreven boek kennis te nemen. Het kan ons bescheidenheid en ootmoed leren. Het kan voorts de blik verwijden. Christus is de Heiland der wereld. Inderdaad, samen met alle heiligen mogen we Zijn Naam belijden. Maar al deze heiligen, waar ze ook staan, zullen toch elkaar steeds weer moeten herinneren aan het fundament dat eens gelegd is.

A. N.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 7 mei 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van woensdag 7 mei 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's