De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Geest Die meebidt!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Geest Die meebidt!

6 minuten leestijd

'Want wij weten niet wat wij bidden zullen gelijk het behoort, maar de Geest Zelf bidt voor ons met onuitsprekelijke zuchtingen.' (Romeinen 8 : 26b)

De Heilige Geest komt de gelovigen mede te hulp in hun zwakheid. Met name in hun gebedsleven. Daar is reden voor. Hoor maar: want wij weten niet, wat wij bidden zullen gelijk het behoort.

Het gebed is het centrum van het geloofsleven, van de omgang met God. Daar luistert het o zo nauw! En juist in het bidden, blijkt hoe zwak wij zijn.

God vraagt, dat wij bidden tot eer van Hem, naar Zijn wil en met het oog op de komst van Zijn Rijk (voorbeeld het Onze Vader). God eist, dat wij Hem met heel ons hart zoeken, in liefde en met eerbied, vol overgave als een kind. In Jezus' Naam en op grond van Zijn volbrachte werk aanroepen. Wie tot Hem komt, moet geloven dat Hij is en dat Hij een Beloner is van degenen die Hem zoeken.

We hebben volhardend, met verstand, met aandacht, ordelijk, vurig te bidden. Zoek door gebeên met ernst Mijn Aangezicht. Met dankzegging dient al ons begeren bij God bekend te worden gemaakt, in onderworpenheid aan Zijn welbehagen.

Maar wie is tot al deze dingen bekwaam? Wie is bereid? Wie kan zo bidden als God wil hebben? Niemand van zichzelf. Niemand van al Gods kinderen. Paulus evenmin. Wij weten niet. Bidden naar behoren d.w.z. naar Gods bedoeling en naar de eis van de omstandigheden, wie kan dat en doet het? Wij niet!

Ambrosius beleed: het is gemakkelijker van God dan tot God te spreken!

Alle zelfroem en zelfverzekerdheid ook wat bidden betreft wordt afgesneden, ondanks het weten van vers 22. De inhoud van het rechte bidden, zeker in het laatste der dagen, ten bate van kerk en schepping, weten wij niet. Erkent u het mee met de apostel, omdat de Geest u het ontdekt heeft?

Wie eigen gebedsleven nagaat, moet zich schamen. Wat een egoïsme. Wij bidden tegen Gods bedoelingen in. Vragen om dingen die niet goed voor ons zijn; zeuren er om als een klein kind dat een gevaarlijk mes wil hebben. Wat een ongeduld, een verbittering of een zich er maar bij neerleggen, een verwijtend zwijgen kenmerkt ons ge­ bedsleven. Hoe dikwijls bidden wij niet met veel woorden, maar zonder verstand en hart erbij te hebben? Zonder verwachting en al twijfelend? Wat zijn wij snel afgeleid!

Wat moet je, wat mag je bidden als je ziek wordt en lijden gaat? In verdrukking en vervolging? Mag je vragen om eruit verlost te worden en heen te gaan om met Christus te wezen, of om in het vlees te blijven ten behoeve van anderen, van het werk in Gods Rijk? Hoe gebruik je Gods toezeggingen op de juiste manier in je gebeden? Bidden is aangrijpend en moeilijk. Zeker gelijk het behoort.

Wil dat zeggen, dat wij deze tekst kunnen gebruiken om ons er maar van af te maken, zo in de zin van: een mens kan niet bidden ... ? ! Nee. De discipelen hebben juist gevraagd: Heere, leer ons bidden. En Jezus leerde hen aldus bidden... (Luc. 11). Wij mogen namelijk met onze gebedsnood gaan tot de Enige Die wel weet te bidden gelijk het behoort. Hij heeft het volmaakt op aarde gedaan. Hij doet het nog in de hemel. In Zijn Naam mogen wij God vragen om de Geest der genade en der gebeden.

De Heere Jezus verzekert: bidt en u zal gegeven worden. Hij heeft nadrukkelijk beloofd: indien gij die boos zijt, weet uw kinderen goede gaven te geven, hoeveel temeer zal Mijn Vader Die in de hemelen is de Heilige Geest geven aan hen die Hem daarom bidden! Wie met deze belofte bij God komt, wordt niet afgewezen. Daar is Jezus Christus in de troon garant voor. Heus, God wil Zich juist als Vader doen kennen in het geven van de Geest. En Die wil waarachtig te hulp komen! Maakt u een gelovig en een dankbaar gebruik van deze beloften? God is het waard en het is voor uw eigen bestwil! Paulus mag ervan getuigen uit eigen ervaring: maar de Geest Zelf bidt. Let op het woordje Zelf. De Geest in eigen Persoon, met al Zijn mogendheden en mogelijkheden bidt!! Hij doet het inderdaad vol ontferming en met macht. Voor ons. Hij doet het niet buiten en zonder ons om. Hij wekt het gebed in ons op, leert bidden en doet smeken.

Zoals thuis of op school woorden, gebedswoorden worden voorgezegd en meegezegd, zo doet de Geest. Hij spelt ons de woorden die wij tot God spreken zullen. Hij geeft die in ons hart en legt die op de tong. Zo wordt het van harte, echt, dringend, vol verlangen en verwachting. Dan gaat het ons om God en om Zijn eer. Om Zijn genade in Christus. De Geest maakt en houdt ons werkzaam aan de troon van de genade met Gods beloften. Hij houdt vol en vast. Hij geeft raad en sterkte in het bidden. Hij stelt het smeekschrift op en geeft vrijmoedigheid om toe te gaan. Hij verzekert, dat wie zonden belijdt en laat barmhartigheid verkrijgt. Wij bidden in de Geest om Christus te mogen kennen met de kracht van Zijn bloed en opstanding, als Voorbidder en Plaatsbereider. Om meer van Hem en Zijn eigenschappen. Zijn heilvolle daden te mogen kennen. Zeker met het oog op Zijn toekomst en de dienst voor Hem die eraan aan voorafgaat en die volgt.

De Geest en niet de nood leert bidden om én danken voor God en Zijn gaven in de Borg. In de oefening van het gebedsleven geeft de Geest wijsheid, zekerheid, het gerichte omgaan met Gods Woord. Alles in de vreze des Heeren.

Hij bidt met onuitsprekelijke zuchtingen. Hij brengt ons zwak gestamel voor God. Alle verzuchtingen, al het verlangen heiligt Hij. In voor- of tegenspoed zijn er soms geen woorden om uitdrukking daaraan te geven. Maar de Geest weet er weg mee naar omhoog. Hij spreekt Zelf voor Gods Aangezicht woorden die niet in mensenwoorden zijn over te zetten.

Haalt het wat uit? Nou en of. Dat zuchten wordt gehoord en verhoord. Hier en nu al. Toen hoorde God (Ps. 116). Deze ellendige riep en de Heere hoorde (Ps. 34). Vult u zelf ook in? En straks zeker. De Geest Zelf is er de beste waarborg van. Hij bidt naar Gods bedoelingen voor de heiligen (vs. 27). Zonder Geest, Zijn hulp en leiding in het bidden, blijven wij nergens. Ja toch wel: buiten Gods gemeenschap, onder Zijn oordeel . Dat zal zuchten worden in pijn en duisternis!

Is er ontkomen aan? Wis en waarachtig. Paulus is er een voorbeeld van. Zie hij bidt. Als dat bij God bekend is en door Hem vermeld wordt — Hij geeft en leert het nog steeds — dan wordt u gered en met de Geest verrijkt. Zo gij iets begeren zult in Mijn Naam, Mijn Vader zal het doen! Dat is toegezegd, om er gebruik van te maken. In de TOEKOMST is alle zuchten voorbij. Er is eeuwige blijdschap in God. Dankzegging en aanbidding. God Drieënig wordt door kerk en kosmos geloofd. Geen wonder dat de Geest de bruid leert bidden: Maranatha! Bidt u mee met de Geest? !

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juli 1986

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De Geest Die meebidt!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 juli 1986

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's