Hebben wij voldoende aandacht voor de doven? (3)
Op grond van wat wij in het voorgaande aan u schreven, willen wij de stelling verdedigen, die u hopelijk al lezende niet al te vreemd overkomt, dat de kerkdiensten, zoals wij gewend zijn om te beleggen, voor dove mensen niet zijn te volgen. O, ongetwijfeld is er vast wel ergens in Nederland een dove man of vrouw, die de kunst van het liplezen zo goed beheerst en een zo grote woordenschat heeft, dat hij of zij dat wel kan. Dan is dat een bijzonder mens, die wij heel graag eens zouden willen ontmoeten. Negen van de tien keer zal hij erover klagen, dat het in de kerk te donker is, de preekstoel veel te hoog is of ook nog te ver van de voorste bank afstaat. 't Is namelijk zo, dat voor een goed spraakafzien behoorlijk veel licht nodig is, de afstand tussen de spreker en de 'kijker' niet al te groot mag zijn. Wordt aan deze voorwaarden niet voldaan, dan is het óf niet te zien, óf het vraagt zoveel inspanning, dat men zo moet turen, dat het niet op te brengen is om het zolang zoveel inspanning te geven. Als door te grote inspanning de aandacht wel moet verslappen, is het niet interessant meer om mee te doen. Wie de draad van iets kwijt is, gaat... Alleen al hierom moeten voor gehoorgestoorden diensten kort gehouden worden en moet er wel zeker even gelegenheid tot ontspanning zijn.
Tegelijkertijd dient vanuit de tweede aflevering opgemerkt te worden, dat in het licht van wat daar is gezegd over de taalschat van dove mensen, er veel in onze preken voorkomt dat voor dove mensen té abstrakt is. Hiermee bedoelen wij niets veroordelends te zeggen, maar stellen vast, dat het gesprokene veelal gewoon te moeilijk zal zijn. Een kind van de basisschool neemt toch ook niet alles mee uit de preek. Vele dingen moeten toch dat kind ontgaan, omdat het er niet bij kan. Laten wij op dit punt dus heel goed beseffen wat wel en wat niet mogelijk is. Dan is er nog een gegeven, wat niet uit het oog verloren mag worden. In een gesprek tussen horenden, maar ook in preken, maakt men gebruik van stembuigingen en intonatie om allerlei duidelijk te maken. Heel vaak onbewust. 't Brengt een grote levendigheid in het spreken, houdt de aandacht gevangen. Gevoel, stemming, heel nodig vaak voor het betoog. Helaas..., de dove kerkganger kan het niet meemaken, omdat hij en zij het niet horen.
Kunt u het met ons mede concluderen, dat doven onmogelijk onze gewone kerkdiensten kunnen meebeleven? Dan begrijpt u nu, waarom er over ons hele land verspreid sinds vele en vele jaren aparte kerkdiensten worden belegd. Zowel op zondag, als op zaterdag. Van iedere zondag tot maar één keer per maand toe. Vaak zeer op zichzelf staand. Onbekend aan de plaatselijke, 'horende' gemeenten of kerken, of slechts bekend bij enkele belangstellenden. Vroeger geheel georganiseerd door de Bond van Doven, nu gedragen door een netwerk van Interkerkelijke Commissies om het allemaal dichter bij de kerken te brengen en het alles een kerkelijke achtergrond te geven.
Wie iets niet kent, is al gauw geneigd om, als hij iets onder ogen krijgt waarvan hij niets weet, datgene dan maar naast zich neer te leggen. Dat kan zijn een jaarverslag of brief van een Interkerkelijke Commissie. Vaak komt het hierop neer, dat men maar een bedrag over maakt en er dan maar niet meer aan denkt. Het lijkt ons toch beter om eens kennis te maken met de betrokken mensen en hun vragen. Wonen er doven in onze gemeente, dan mogen zij met het bezoekwerk niet worden overgeslagen. Wij blijven ook voor hen verantwoordelijk.
Wij zijn ons bewust en hebben dat in de praktijk van de dovendiensten al eens ondervonden, dat er op bepaalde punten in een interkerkelijke samenleving knelpunten zijn. Bijvoorbeeld verschil van inzicht op het punt van de liturgie, of de vrouwelijke ambtsdrager. Afspraken vooraf, eerlijk noemen van eigen standpunt, respect hebben voor de ander, respect ook vragen van de ander, zijn onontbeerlijk in een goede samenwerking.
Kijken wij naar de groep mensen waar het om gaat, dan is het gelukkig maar een kleine groep. Maar hoe klein ook, zij vragen een aparte aanpak en hebben daar mijns inziens ook recht op. Vandaar een aparte kerkdienst. Maar ook mogen zij van tijd tot tijd best eens opgenomen worden in de gewone kerkdienst. De kerkeraad zou dan een zgn. gecombineerde, aangepaste dienst kunnen beleggen. Uiterlijk zijn er dan niet zoveel aanpassingen nodig. Wat de preek betreft moet de predikant zich wel sterk aanpassen. Kan hij dit niet, dan is het ook mogelijk iemand al het gesprokene te laten vertolken. Een en ander over de gang van zaken rond de kerkdienst zal nu door een ander verder voor u worden geschreven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1986
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's