De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Geen dwang, maar is dat haalbaar?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Geen dwang, maar is dat haalbaar?

7 minuten leestijd

Op de laatstgehouden hervormde synode sprak dr. C. P. van Andel in gevoelige bewoordingen over de massale belangstelling, die de oproep van 'de achttien' — de groep van tweemaal negen jonge theologen, die uitriep dat gescheidenheid van de hervormde kerk en de gereformeerde kerken niet langer mocht worden geduld — in 1962 ontvangen mocht. Duizenden gemeenteleden bijvoorbeeld vulden in Utrecht de jaarbeurshallen.

Dat was een schoon verhaal. Maar de vraag is wat de realiteit vandaag is. Waar loopt men vandaag nog te hoop voor het Samen-op-Weg gebeuren? Aan het eind van de zestiger jaren riep ds. F. H. Landsman vertwijfeld op een vergadering van de hervormde synode uit dat het voorbij was: het elan was gedoofd.

Intussen zijn we toch driftig aan de gang gegaan met een deputaatschap en daaraan verwante werkgroepen. Ieder orgaan investeerde tijd en mankracht, produceerde stukken en vroeg aandacht. Zo'n organisatorisch gebeuren is naar zijn aard onomkeerbaar. Hier gelden eigen wetmatigheden. Niemand kan individueel meer ombuigen. Synodebeslissingen liggen ook steeds in het verlengde van eerdere beslissingen. Maar intussen blijft de vraag recht overeind: (hoe) leeft het geheel in de kerk, met name in de gemeenten?

Welnu, de raadpleging van de gemeenten, die vorig jaar heeft plaatsgevonden, biedt bepaald geen rooskleurig, laat staan een enthousiast beeld. Ruwweg dertig procent van de hervormde gemeenten verklaarde zich tegen het proces. En bij de voorstanders gaat het dan nog om tal van nuanceringen tussen ja, ja-mits en neen-tenzij. Verder mag ook de vraag gesteld worden welke waarde aan dé instemming met het proces moet worden toegekend. Moest er niet veelal extrapolatie, doortrekken van de lijnen plaatsvinden naar het geheel van de kerk, om zo ook die gemeenten mee te rekenen, die niet hadden gereageerd?

Kort en goed, de situatie van 1962 is allang achterhaald. Een grote matheid ligt over het geheel. We hebben eerder met een verlegenheidsproces dan met een oecumenisch proces te maken.

Het is duidelijk dat, als het over de hervormde kerk gaat, er met name in de sector van de Gereformeerde Bond weinig vreugde, laat staan enthousiasme is over de voortgang van het proces. Maar het zou irreëel zijn dit te beperken tot deze sector van de kerk. En wat dan nog? Het gaat dan toch om een legitiem, voluit hervormd deel van de kerk, in meer dan vierhonderd (wijk)gemeenten gelokaliseerd, dat nooit de weg van afscheidingen heeft gewild, vanwege de hef de tot de kerk der vaderen! We staan dan nu echter wel voor de klemmende vraag hoe het verder moet met dit proces als er zoveel gemeenten zijn waar voorlopig van Samen op Weg nog geen sprake zal zijn. In ieder geval is op de laatstgehouden hervormde synodevergadering beseft dat van enige dwang geen sprake zal mogen zijn. Gemeenten, die niet mee willen doen, moeten gewoon hervormde (wijk)gemeenten kunnen blijven.

Haalbaar

De vraag is intussen of dat haalbaar zal zijn. Hoe lang kan men het laten voortduren dat er gemeenten (van welke naam dan ook) onder een tussenorde fungeren, terwijl er andere gemeenten zijn die onder de hervormde kerkorde blijven voortbestaan. Gaan deze gemeenten op den duur de hervormde kerk dan voortzetten? Want geloof me, er zal nog heel wat water door de Rijn stromen voor er enige toenadering zal zijn tussen hervormd-gereformeerde gemeenten (liever nog gereformeerd hervormde gemeenten) en gemeenten van de gereformeerde kerken. Door de ontwikkelingen in de gereformeerde kerken is er eerder een uiteengroeien van de betreffende (wijk)gemeenten dan dat er sprake is van toenadering. Ik weet niet of de synode voldoende heeft beseft welk 'risico' men inbouwde door gemeenten onder de hervormde kerkorde te laten voortbestaan. Of zal er toch een moment komen dat de druk op de ketel komt en de niet-willige gemeenten gedwongen worden op te gaan in het nieuwe geheel?

Er is namelijk reeds een voorwaarde gesteld. In de bredere verbanden van samenwerking moeten de gemeenten, die hervormd blijven, zich wel voegen in het Samen-op-Weg verband. De vraag is wat dan gebeuren gaat in classes, die gaan federeren, waarin gemeenten voorkomen die niet samen op weg kunnen of willen. Dat moet op den duur fricties geven, met name nu, naar het zich laat aanzien, de classis grote bevoegdheden gaat krijgen in het ontwerp van kerkorde voor de nieuwe kerk. Gaat dan de hervormde kerkorde niet botsen op de tussenorde en is voor de betreffende gemeenten de voortzetting van het hervormdzijn niet uitgesloten? Een groeimodel wordt hier een dwangbuis.

Als de voortekenen niet bedriegen zal de nieuwe, noem het nog gefedereerde kerk, veel weg hebben van een lappendeken. Hebben we in de hervormde kerk de modaliteiten weten te schikken (soms met bijzondere bepalingen of overgangsbepalingen) er voegt zich nu een nieuwe modaliteit bij het geheel, namelijk die van de gereformeerde kerken. Een modaliteit van ander gevoelen dan alle hervormde modaliteiten eigen is. Het zal daarom spannender gaan worden. In een tijd, waarin er van grote teruggang van het kerkelijk leven sprake is en er desalniettemin nog van grote vreugde sprake is aangaande plaatselijk gemeentelijk leven, moeten we wél weten wat we doen als we nieuwe spanningen gaan inbouwen. Anders zou er een kerk kunnen ontstaan met louter buitengewone of bijzondere (wijk)gemeenten, gesteld dat gereformeerden daar ooit voor zullen voelen, gegeven hun eenvormige kerkelijke verleden.

Geforceerd

En ten slotte, het proces krijgt toch al überhaupt iets geforceerds. Want in gemeenten van welke modaliteit dan ook, waar tot heden nauwelijks beweging was, in toenadering tot elkaar van hervormden en gereformeerden, gaat men nu toch samengaan overwegen, omdat de druk van boven er is; op z'n minst door het aangeboden materiaal en de voortgaande synodale beslissingen.

Ook kerkelijke organen menen koploper te moeten zijn. Maar het gevaar is groot dat de gemeentelijke wal het kerkelijke schip zal keren. Als bepaalde organen momenteel hard van stapel lopen om ook al federatief op weg te gaan of sterk te integreren dan valt te vrezen dat men support van de gemeenten zal verliezen. Met name op het vlak van het diakonaat — tot heden een eenheid in de hervormde kerk — zou dat zeer te betreuren zijn. Nog afgezien van het feit dat een en ander ook frustrerend is voor die organen waar Samen op Weg ook nog niet aan de orde is.

Negatief?

Een negatief verhaal? Nee, het is geschreven uit positieve zorg om de gemeenten. We mogen ons de vraag stellen of we niet zo gebiologeerd zijn door de kerk, dat we het wel en wee van de gemeente daaraan ondergeschikt willen maken.

Ik stel daarom de vraag: 'moet dat nu verder?'. Ik zeg het ondanks het feit dat ik deel uitmaak van de Raad van deputaten Samen op Weg. Wat dit laatste betreft wil duidelijk gemaakt zijn dat ook hervormd gereformeerden meegaan tot aan de grenzen vaü de hervormde kerk en juist ook in haar moeiten zich verantwoordelijk weten. Maar als het dan verder moet blijf ik toch met het hoe zitten.

Alle intentieverklaringen over de noodzaak van het zoeken van eenheid, die we allen naar bijbels voorbeeld en vermaan wel moeten afleggen, zullen op de weerbarstige kerkelijke praktijk, waar eenheid vaak ver te zoeken is, stukbreken. Dan liever in vrede naast elkaar dan in ruzie met elkaar om een woord van wijlen ds. J. Overduin te gebruiken. Met het oog op de gemeente.

(Eerder geplaatst in 'Woord en Dienst')

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Geen dwang, maar is dat haalbaar?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 november 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's