De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Samen op Weg (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Samen op Weg (2)

9 minuten leestijd

Blauwdruk voor de toekomstige kerk (verv.)

4. Synode-discussie

Op 14 en 15 november is de 'Schets voor de, toekomstige vormgeving 1986' door de tezamen vergaderende synoden besproken. Dit gebeurde, nadat de beide synoden reeds met lUtegen 13 stemmen hadden verklaard definitief op weg te gaan naar eenwording. Hierover is'al uitvoerig bericht. In deze verklaring is uitdrukkelijk opgenomen dat gemeenten die in de fake van eenwording niet tot enige vorm van samenwerking willen overgaan, hiertoe niet gedwongen zullen worden en dat voor hen de bestaande kerkorden blijven gelden. Ik kom hierop nog terug. In het algemeen bleek waardering te bestaan voor de zorgvuldigheid en deskundigheid waarmee de 'Schets' was opgesteld, al hadden de synodeleden die zich voor de sprekersronde opgaven ieder voor zich de nodige bedenkingen.

Deze spitsten zich toe op twee onderdelen. Enerzijds de vraag of de eenheid in de plaatselijke gemeente niet te vlug is losgelaten en anderzijds — precies andersom — of de eenheid in de plaatselijke gemeente niet te veel wordt geforceerd, afgedwongen.

Zo vond diaken mevrouw Lammers (ger.) dat de bestaande verschillen tussen hervormden en gereformeerden in b.v. 'kerkcultuur' doorbroken zullen moeten worden in de ene plaatselijke gemeente. Geen op zichzelf optredende groepen. Wat schieten we anders met de eenwording op? In dezelfde zin ds. Schravendeel (ger.). Hij waarschuwde om de eenheid in de plaatselijke gemeente niet te snel op te geven en in elke gemeente de ruimte te geven 'aan alles wat waarachtig christelijk is'.

Ook diaken Seldenrijk (herv.) pleitte ervoor om meer uit te gaan van de eenheid in de plaatselijke gemeente. Het mag geen hotelkerk worden; we moeten met elkaar de lasten dragen en het vormen van afzonderlijke gemeenten niet te gemakkelijk maken.

Ds. Kieskamp (herv.) had er juist moeite mee, dat er alleen afzonderlijke gemeenten kunnen zijn als de classis dit goed vindt. Dit dient veel meer vrij te zijn. Anderzijds ligt de nadruk te veel op de classes en is er het gevaar van te weinig onderling verband, waar men elkaar kan aanspreken.

Zowel prof. Dingemans (herv. en voorzitter van de werkgroep die de Schets heeft opgesteld) als prof. Weijland (ger.) reageerden op een en ander. De eerste stelde met nadruk dat geen hotelkerk voor ogen staat, maar ook geen — afgedwongen — eenheidskerk. Wel dienen we voorzichtig te zijn met afzonderlijke gemeenten ih één plaats.

Prof. Weijland constateerde tegenstellingen in hetgeen naar voren is gebracht: Men ziet een ideaalbeeld van kerk-zijn voor ogen, waarin het verlangen naar eenheid én het rekening houden met verschillen op de best mogelijke wijze gestalte wordt gegeven.

Hij wilde onderscheid maken tussen het proces. de periode waarin men naar de vereniging toe groeit en daarna. In deze periode van groei zijn er federaties ^an gemeenten. Elke gemeente die geen samenwerking wil blijft zelfstandig. Maar ook daarna moeten we elkaar geen dwang opleggen. Hij noemde het zelfs uniek voor Nederland dat een lidmaat automatisch tot de ene geografische gemeente hoort en niet kan kiezen tot welke gemeente in zijn eigen plaats of daarbuiten hij wil behoren. Als voorbeeld noemde hij Grand Rapids in Noord-Amerika, waar een ieder de kerk van zijn eigen 'kleur' bezoekt, ook binnen één kerkgemeenschap.

Verder zijn er naar zijn mening zodanig grote verschillen, dat deze niet binnen één gemeente overbrugd kunnen worden. Hij verwees naar verschil in opvatting en praktijk ten aanzien van de vrouw in het ambt, kinderen aan het Avondmaal e.d. ,

Dit alles"is'^e achtergrond van de 'Schets': De reële situatie onder ogen zien en toch met elkaar in gesprek blijven. Want het is een onvervreemdbaar recht van elke gemeente 'zichzelf te blijven'.

Zodoende is er ja en nee een 'hotelkerk'; op zichzelf verkeren we dan iii het gezelschap van de Gereformeerde Gemeenten die zich ook 'herberg' (als noodonderkomen) noemden.

Met name van gereformeerde zijde kwam enige kritiek op de voorgestelde verdeling in classes en afvaardiging door de classes naar de synode. Zo vond mevrouw v.d. Broek (ger.) de noordelijke provincies onderbedeeld. Ds. Schravendeel (ger.) zag liever de afvaardiging naar de synode door de provincies gebeuren. Ds. Kieskamp (herv.) vroeg of de afgevaardigden naar de synode met mandaat (bindende opdracht) gaan of daarin vrij kunnen besHssen.

Diaken De Ronde (herv.) vroeg zich af of de 'Schets' wel voldoende inzicht geeft in de koers die we moeten varen. Ook ds. Bos (ger.) had bezwaren tegen de voorgestelde organisatievorm en met name de plaats van de classes.

Ds. Wallet (herv. lid van het synode-bestuur) vroeg aandacht voor het pastoraat buiten de gemeenten (onder doven, in ziekenhuizen, in het leger e.d.) en de plaats van de secretaris-generaal.

De voorzitter van de (hervormde) generale financiële raad, mr. H. Wagenvoort stelde voor om de indeling van de burgerlijke overheid in regio's (zestig stuks) over te nemen.

Ten slotte werd gestemd over de voorstellen, die de opstellers van de 'Schets' naar voran gebracht hadden. Bij motie probeerden enkele gereformeerde afgevaardigden het besluit om de gereformeerde afvaardiging naar de synode (die nu vanuit de provincies gebeurt) alvast aan te passen (nl. vanuit de classes) te voorkomen. Dit werd echter verworpen.

Alle voorstellen werden vervolgens aanvaard. Dit betekent dat er een 'werkorde' zal komen (de aanzet voor een nieuwe kerkorde), dat de grenzen van de ger. en herv. classes moeten gaan samenvallen, dat predikanten over en weer beroepbaar moeten worden en gelijke traktementen moeten gaan krijgen en dat het personeelsbeleid van de landelijke organen op het proces van Samen-op-Weg moet worden aangepast.

5. Enige kanttekeningen a. inleiding

De gemeenschappelijke vergadering van synoden van de NHK en de GK heeft besloten dat de synode van de NHK en de GK wordt aanbevolen te besluiten dat het proces van de beide kerkgemeenschappert op hun weg naar eenheid doorgaat en dat dit gestimuleerd wordt. Aangezien niet valt aan te nemen, dat afzonderlijke synoden anders besluiten kan gesteld worden dat Samen-op-Weg niet meer vrijblijvend is. De weg naar eenwording is definitief ingeslagen. De vraag rijst dan waarheen we op weg zijn. Met andere woorden hoe zal het gaan en wat zal het worden? Over de antwoorden zal nog veel gesproken moeten worden.

De 'Schets 1986' is een eerste aanzet voor deze

discussie. Ik wil daarbij enige kanttekeningen plaatsen, in het bijzonder ten aanzien van de spanning tussen eenheid en verscheidenheid en de geboden oplossingen, de structuur (wijk)gemeente/classis/synode, het 'Hervormde model' en het proces om tot eenwording te komen. Ik wil dan afsluiten met enige opmerkingen over het belijdende karakter van de herenigde kerk.

Overigens wil ik vooropstellen dat dit laatste de term ('herenigde kerk') aangeeft dat we niet op weg zijn naar een nieuwe kerk. De eenwording betekent dat de twee bestaande kerken samengaan en op deze wijze voortgezet worden. Er zal historisch gezien geen breuk zijn (zoals b'v. bij afscheiding het geval is), maar voortzetting van de historische, 'vaderlandse', kerk. In feite is er dus sprake van het helen van de breuk die in de vorige eeuw is ontstaan en restauratie (herstel) van de daarvoor bestaande situatie. Al moet bedacht worden dat, de tij f'i niet stil staat en een teruggang naar het verleden onmogelijk is, zodat herstel van het oude altijd meer 'nieuw' in zich zal hebben dan 'oud'.

b. eenheid en verscheidenheid

Beide kerkgemeenschappen worstelen met de toegenomen en toenemende verschillen. Hoewel er dus formeel twee ongedeelde kerkgemeenschappen zijn, blijken er daarbinnen welhaast onoverbrugbare verschillen. Niet alleen uiterlijk (gebruilcte bijbelvertaling, liedboek, wijze van zingen, liturgie, deelname aan maatscliappelijke acties), maar ook geestelijke verschillen (waardering van de belijdenisgeschriften van de Reformatie, 'gezag' van de Bijbel, geloofsbeleving en - praktijk, etc).

Deze verschillen hebben tot scheiding binnen - de ene kerk geleid. Niet elke hervormde predikant is beroepbaar in elke gemeente; geen hervormde zal in een willekeurige hervormde gemeente ter kerke gaan. Zelfs binnen gemeenten heeft dit tot scheiding geleid. Ik wijs in het bijzonder op het ontstaan van buitengewone wijkgemeenten en zelfs aparte gemeenten op hetzelfde grondgebied (deelgemeenten).

Op plaatselijk niveau zijn we dus in grote mate uit elkaar gegaan. Op bovenplaatselijk niveau wordt echter de (formele) eenheid bewaard in de ene classis voor een gebied, de ene synode (hoezeer ook daar de verschillen gestalte krijgen en men daar nauwelijks mee om weet te gaan).

Niettemin zijn er vele plaatselijke gemeenten die min of meer gelijkgezinde leden hebben en waarvan gezegd kan worden dat ze een bepaalde identiteit hebben die de leden gemeenschappelijk hebben. Meestal zijn deze — min of meer uniforme — gemeenten op het platteland (met één predikantsplaats) of middelgrote plaatsen (waar dan vaak wel een deelgemeente is). Zoals bijv. de gemeenten met een uitgesproken hervormd-gereformeerde identiteit. Wat dit betreft is er sprake van een zeker evenwicht binnen de NHK..

Dit lijkt doorbroken te worden door het samengaan met de GK. Althans, als dit zou leiden tot het samenvloeien van de plaatselijke gemeenten: De identiteit van de plaatselijke Gereformeerde kerk is vaak anders dan die van de Hervormde gemeenten, zeker als deze tot de kring van de Gereformeerde Bond behoort. Samenvloeiing zou dan het einde van de identiteit van beide betekenen. Dit zou niet zo erg zijn, als men voor het behoud ervan niet hele goede papieren had, zoals we menen dat deze er met een beroep op de Schrift inderdaad zijn. Dit eigene is onopgeefbaar. Op de inhoud daarvan ga ik in dit kader verder niet in; anderen hebben dit al uitvoerig gedaan.

In dit besef is de 'Schets 1986' opgesteld. Plaatselijk zal de eenwording (fusie) nimmer opgedrongen worden. Ik denk dat dit nog wat duidelijker aangegeven moet worden.

Ook in de herenigde kerk mogen de (oude) hervormde en gereformeerde gemeenten zichzelf blijven. Ze behoeven daartoe geen toestemming van bijv.'de classis.

Volgens de 'Schets 1986' moeten twee of meer gemeenten in één plaats samen een kerlcgemeente vormen met één centrale kerkeraad. In een plaats waar nu een Hervormde gemeente en een Gereformeerde kerk zijn, zou dat dan ook moeten gebeuren. Mijns inziens dient dit in de hier besproken situatie echter tot de vrijheid van de (oude) Hervormde gemeente en Gereformeerde kerk te behoren.

Tegengeworpen kan worden dat de eenwording in deze gevallen dan niets voorstelt. In wezen is dit ook zo. Dat is dan ook één van de hoofdbezwaren tegen Samen-op-Weg: Er is geen geestelijke eenheid. Aan de andere kant is die eenheid er nu ook al niet en opent de eenwording van de kerken in elk geval de mogelijkheid om in gesprek te komen en Deo volente tot meer geestelijke overeenstemming.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Samen op Weg (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1986

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's