De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

5 minuten leestijd

Een predikant-lezer zond ons het volgende stuk uit het boek Abide in Christ van ds. Andrew Murray (1828-1917), onder de titel 'Christelijke toekomstverwachting'. Hier volgt het:

'Het blijven in Christus, de Verheerlijkte, is een leven van verwonderlijke verwachting en hoop. Dat is zo met Christus. Hij zit aan de rechterhand van God, verwachtende totdat al Zijn vijanden tot Zijn voetbank gemaakt zijn, uitziende naar de tijd, wanneer Hij Zijn volle beloning zal ontvangen, wanneer Zijn heerlijkheid zal openbaar gemaakt worden en Zijn geliefd volk voor eeuwig met Hem zal zijn in die heerlijkheid. De hoop van Christus is de hoop van Zijn verlosten: "Ik kom weder en zal u tot Mij nemen, opdat gij moogt zijn waar Ik ook ben''. Deze belofte is even dierbaar aan Christus als die ooit aan ons kan zijn. De vreugde van elkaar te ontmoeten is zeker niet minder voor de komende Bruidegom als voor de wachtende bruid. Het leven van Christus in heerlijkheid is een leven van verlangend verwachten: de volle heerlijkheid komt pas wanneer Zijn geliefden met Hem zijn. De gelovige, die dichtbij in Christus blijft zal met Hem in deze geest van verwachting delen. Niet zozeer voor de toename van persoonlijk geluk, maar uit de geest van hartelijke trouw aan zijn Koning, verlangt hij ernaar Hem te zien komen in Zijn heerlijkheid, regerend over iedere vijand, de volle openbaring van Gods eeuwige liefde. ''Totdat Hij komt'' is het wachtwoord van ieder trouw gelovige. "Christus zal verschijnen, en wij zullen met Hem verschijnen in heerlijkheid".

Daar kunnen zeer ernstige verschillen zijn in het verklaren van de beloften van Zijn komst. Voor de één is het zo klaar als de dag, dat Hij zeer spoedig in eigen persoon zal komen om op aarde te regeren, en deze spoedige komst is zijn hoop en zijn steun. Voor de ander, die zijn Bijbel en zijn Zaligmaker niet minder liefheeft, kan Zijn komst niets anders betekenen dan de oordeelsdag — de plechtige overgang van de tijd in de eeuwigheid, het slot van de geschiedenis op aarde, het begin van het hemelleven; en de gedachte aan die openbaring van zijn Zaligmakers heerlijkheid is niet minder zijn vreugde en zijn kracht. Het is Jezus, Jezus Die wederkomt, Jezus Die ons tot Zich neemt, Jezus Die aangebeden wordt als Heere van alles, dat is voor de hele kerk de hoofdsom en het middelpunt van haar hoop.

Het is door in Christus te blijven, de Verheerlijkte, dat de gelovige zal verlevendigd worden tot dat echt geestelijke verlangen naar Zijn komst, dat alleen echte zegen voor de ziel brengt. Daar bestaat een belangstelling in het bestuderen van de toekomende dingen, waarbij het volgen van een school vaak meer kenmerk is dan het volgen van Christus, de Zachtmoedige; waarbij het strijden voor meningen en het veroordelen van broeders meer opvalt dan enige tekenen van de komende heerlijkheid. Het is alleen de ootmoed, die bereid is om te leren van degenen die andere gaven en diepere openbaringen van de waarheid kunnen hebben dan wij, en de liefde die altijd vriendelijk en teder spreekt over hen, die het niet zien zoals wij, en de hemelsgezindheid die laat zien dat de Komende werkelijk reeds ons leven is, die zowel de kerk als de wereld zal overtuigen dat dit ons geloof niet is in de wijsheid van mensen, maar in de kracht van God. Om van de Zaligmaker als de Komende te getuigen, moeten wij in Hem blijven en het beeld van Hem als de Verheerlijkte dragen. Niet de juistheid van de visies die wij hebben, noch de ernst waarmee wij die bepleiten, zullen ons voorbereiden om Hem te ontmoeten, maar alleen het blijven in Hem. Dan slechts kan ons verheerlijkt zijn met Hem zijn wat het bedoelt te zijn — een gedaanteverandering, een uitbreken en een uitstralen van de inwonende heerlijkheid, die wachtte voor de dag van openbaring.'

***

Een lezer — M. Molenaar te Bleskensgraaf — stuurde ons het volgende rijm 'Niet gevraagd'. Waarom zouden we het als hartekreet — ondanks zwart-wit kantjes die eraan zitten — niet eens doorgeven, ter onderlinge opscherping?

'Bij het begin van elk nieuw kalenderjaar,
wordt de jacht geopend op de predikantenschaar'.
Voor Anno Domini 19.. wordt dan reeds afgesproken,
ook al kan de dag van Christus' komst reeds zijn aangebroken.
Bij sommige predikers staat in het prille begin,
de telefoon roodgloeiend en wordt — met meer óf minder zin —
een beurt aangenomen naar de gemeente ''Nooit-tevreden'',
hoewel men liever in de gemeente "Heilbegerig" was opgetreden.
Ter verbreiding van de waarheid rijdt menig predikant,
mijns inziens soms wat veel en ver door ons goede vaderland.
Daarnaast zijn er ook heel wat "dienaren van het Goddelijke Woord",
die helaaszelden worden gevraagd en dus ook niet worden gehoord.
Terwijl collegae — zo meldt het R.D. — wel 3 tot 4 keer voorgaan,
blijven zij — niet gevraagd — en gefrustreerd aan de kant staan.
Alleen wanneer de vakanties op de kalender prijken,
mogen zij — evenals kandidaten en emeriti — hun befje opstrijken.
Dan is de hooibouwtijd voor hen gekomen,
maar dan willen zij juist ook wel eens op adem komen. 
Met het oog op deze kwalijke ontwikkeling past dit gebed:
"Verlos ons van de Preekautomaten Heer" en let
juist op hen die weten — hoewel in zichzelf onbekwaam en onrein —,
toch "een geroepen dienaar van het Goddelijke Woord' te zijn".
Dat geeft aan hen "gevraagd" of "niet gevraagd" diepe rust,
en doet hen Uwe Dienst vervullen met lust'

***

Ter afsluiting van een gevleugeld woord van wijlen ds. J. H. F. Remme, mede-oprichter van de Gereformeerde Bond. Het werd mij aangereikt door een concio-ganger.

'Bij de gratie der indringers
vinden ook de zonen der vaderen
nog een bescheiden plek in het
vaderlijk huis, waar zij mogen
wonen als zij stille zijn!'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 januari 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's