Apartheid heeft gezegevierd
Al vele jaren maakt de hele wereld zich druk om fundamentele veranderingen in Zuid-Afrika. En telkens als zich veranderingen voltrekken blijkt te gelden: te weinig of te laat. Zonder nu op de stoel van alle kritici te willen gaan zitten — want hier dient wel met groot onderscheid geoordeeld te worden — moet inderdaad gezegd worden dat de veranderingen steeds te weinig en te laat waren. We moeten zelfs een stap verder gaan, de veranderingen die zich in Zuid-Afrika tot heden voordeden, hoe opzienbarend ook, bleven binnen het systeem van de apartheid. Vandaar dat er wezenlijk niet veel veranderd is en verandert. Zuid-Afrika stelt de koers bij. En naarmate Zuid-Afrika bijstelt worden de kritici radicaler. Dat is de praktijk.
Intussen mag het ons als kerken in Nederland een zorg zijn hoe het in Zuid-Afrika toegaat en dan met name ook hoe het in de kerken in Zuid-Afrika toegaat. Er is sprake van bloed- en broederbanden vanuit het verleden. Met name de kerken in Zuid-Afrika zijn van nederlandse origine.
Ik heb er geen moeite mee dat Zuid-Afrika op de agenda van de synodes prijkt. Als het dan maar primair om de kerken aldaar gaat en vandaaruit om de politieke consequenties. Er is de laatste decennia terecht fundamentele kritiek geweest op de kerken in Zuid-Afrika, met name omdat ze zich zo weinig zelfstandig opstelden ten opzichte van de overheid. De kerken dekten om zo te zeggen het beleid van de regering. En aangezien Zuid-Afrika een christelijke regering heeft— alle ministers behoren tot één van de kerken en negentig procent van hen behoort tot de Nederduitse Gereformeerde Kerk — was er zelfs sprake van vereniging van kerk en staat.
Welnu, in vroeger tijden werd in de Zuidafrikaanse kerken de apartheid theologisch oftewel bijbels onderbouwd. Er werd een theologische rechtvaardiging van de apartheid gegeven. De verschillende rassen hadden te maken met de scheppingsordeningen. En op deze scheppingsordeningen was de hele ideologie van apartheid, van gescheiden ontwikkeling, of hoe men het ook in de loop van de jaren genoemd heeft, gebaseerd. Een bijbels-theologische positiekeuze kreeg zo politieke gestalte. De laatste tientallen jaren werd in politieke kringen weliswaar apartheid meer op praktische dan op theologische gronden verdedigd, maar de wortels van genoemde bijbelbeschouwing zater er toch in.
Daarom mag gezegd worden dat het een historische gebeurtenis is geweest dat op de synode van de Nederduitse Gereformeerde Kerk, die vorig najaar in Kaapstad gehouden werd, afscheid is genomen van de theologische fundering van de apartheid en dat duidelijk uitgesproken is dat apartheid niet bijbels te verdedigen is en als zodanig zonde is.
Te prijzen, zijn het Reformatorisch Dagblad, het Nederlands Dagblad, Koers en de EO, die de moeite hebben genomen om journalisten erheen te sturen, die ons uit de eerste hand konden informeren. Dit in tegenstelling tot andere media in Nederland, die het toch allemaal al wisten en dan soms verkreukelde verhalen hebben doorgegeven.
Drs. A. G. Knevel schreef in Koers een bijdrage onder de titel 'Afscheid van de apartheid'. Hij gaf een grondige analyse van wat op de synode besloten was. A. P. Wisse schreef in Kerknieuws een soortgelijk artikel. We lazen verder ook dat dr. C. F. Beyers Naudé sprak van een fundamentele koerswijziging. Wél voegde hij eraan toe dat de vraag nu was hoe het verder zou gaan, welke consequenties uit de besluiten getrokken zouden worden. En ook de genoemde journalisten, die er waren, uitten zich verder in voorzichtige bewoordingen. Wisse schreef in Kerknieuws (terecht) dat, mét de uitspraken van de synode, ook al de onenigheid over de interpretatie van de synodebesluiten toesloeg. Hoe 'open' is 'open', als het gaat om het feit dat de blanke NG-kerk het lidmaatschap nu heeft open gesteld voor niet-blanken. En wat is een schuldbelijdenis voor apartheid als er bijstaat 'in zoverre'? Het synodebesluit zegt namelijk dat apartheid als een pohtiek en sociaal-economisch systeem, in zoverre het de ene groep (blanken) boven de andere groep (zwarten) bevoordeelt, in strijd is met de beginselen van naastenliefde.
Onduidelijkheid genoeg dus nog over de juiste interpretatie van de besluiten. Ook onenigheid genoeg in de Zuidafrikaanse NG-kerk. Maar er was hier in Nederland althans een unieke gelegenheid om boven tafel te krijgen wat nu werkelijk besloten is en dit het Nederlandse volk kenbaar te maken. De Evangelische Omroep organiseerde een televisiedebat, waaraan deelgenomen zou kunnen worden door ds. H. Huting, praeses van de synode van de Nederlandse Hervormde Kerk en dr. H. J. Kouwenhoven, praeses van de synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland, om zo met prof. dr. J. A. Heyns, praeses van de synode van de NG-kerk, van gedachten te wisselen. Edoch... de beide nederlandse praesides weigerden. Ze doken in hun kraag, schreef prof. dr. W. van 't Spijker in een verontwaardigd commentaar in de Wekker. Nederlandse kerken zijn in staat van hereniging en weigeren een gesprek met broeders, aldus Van 't Spijker. Daarom ook onzerzijds commentaar op wat gebeurd is.
Gemiste kans
Ik kan mij zeer wel vinden in de zeer kritische opmerkingen van Van 't Spijker. Zelf heb ik reeds eerder in gevraagde commentaren me in deze zin geuit. We zijn als kerken in Nederland met iedereen in gesprek, we gaan naar Rome om daar de paus te ontmoeten, schuwen gesprekken met marxistische gesprekspartners niet, ook niet als het om de anti-apartheid terzake van Zuid-Afrika gaat, maar met een verte genwoordiger van een broederkerk of zusterkerk weigeren we te spreken. Het is een dwalende kerk, zeggen we dan kennelijk. Of — om een ander argument te gebruiken het gaat hier om een kerk, die onder tucht staat. Inderdaad hebben andere kerken in de wereld, verenigd in de WARC, de NG-kerk onder tucht geplaatst toen de uitspraak 'apartheid is ketterij' werd gedaan. Alsof intussen kerken elkaar onder tucht kunnen zetten. En hoe selectief zijn we dan bezig. Hoe zou het zijn als ónze kerken doorlicht werden vanuit de Heilige Schrift! Zouden we niet evenzeer onder de tucht van het Woord Gods vallen? Hiermee bagatelliseer ik niet de ernst van het feit dat jarenlang de apartheid door de kerken van Zuid-Afrika bijbels is gefundeerd en in de praktijk werd toegepast, tot aan de avondmaalstafel toe. Maar wanneer broeders en zusters op de dwalingen huns weegs terug komen is het pure hovaardij als we dan weigeren te spreken. Het zou wel eens kunnen zijn dat we met echte bekering in blank Zuid-Afrika geen raad meer weten. Willen, hopen we dat eigenlijk nog wel? Of is het kwaad wat ons betreft ten volle over hen besloten? Het zou wel eens kunnen zijn dat we zelf zó bevangen zijn in een anti-apartheidsideologie, dat we ook blind geworden zijn op onze eigen situatie. Bekering, echte veranderingen in Zuid-Afrika passen niet meer in het beeld. En als we dan onze twijfels hebben over de echtheid van de genomen besluiten dan weigeren we om de personen in kwestie eerlijk te bevragen.
In een artikel in Trouw liet dr. H. J. Kouwenhoven weten dat prof. Heyns (eerst maar eens) aan de slag moest met de genomen besluiten. Hoezeer het ook waar is dat de NG-kerk voor de consequenties staat van haar koerswijziging, ook naar de overheid toe, hoe verwaten klinkt het niet als dit uit de nederlandse kerken zo wordt gezegd. Hoe vaak hebben nederlandse kerken al geen uitspraken gedaan inzake politieke kwesties, waar de politici niet naar luisterden. Heeft het standpunt van de kerken inzake de kernbewapening enige zoden aan de dijk gezet in politiek Nederland? De kruisraketten worden toch geplaatst. Als kerken moeten we eerder vragen: wat heeft zo'n synode nu werkelijk besloten? Daarover mag dan open gesprek zijn en eerlijke bevraging. Dat dit niet gebeurd is is een ernstige zaak. En dat niet zozeer omdat een televisiedebat geweigerd werd. Maar veeleer omdat het signaal uit' de NG-kerk op de synodevergaderingen van de nederlandse kerken, die recent gehouden zijn en waar — wat de Hervormde Kerk betreft — Zuid-Afrika concreet op de agenda stond, niet is opgepakt. Ook toen werd niet het besluit genomen om de NG-kerk te vragen: kom eens praten. Zo snel als de kerken erbij zijn als het om ontwikkelingen ter anderer zijde gaat, zo afhoudend was men nu. Er is best enig begrip op te brengen voor het bezwaar dat langs de weg van een televisiedebat geen nieuwe ralaties worden aangeknoopt. Tenslotte heeft de NG-kerk zélf de band verbroken met de Gereformeerde Kerken in Nederland. Die band wordt niet hersteld door een t.v.-discussie. Maar aan alle kanten is duidelijk geworden dat het circuit in werking kwam om ontmoetingen met Heyns te boycotten of te voorkomen.
Onze partners
Het hoge woord moet er maar uit. Ons referentiekader deugt niet. Onze partners staan aan een kant van de lijn waar niet meer op bekering wordt gehoopt maar op machtsovername..
De kerken hebben als beleidslijn dat de zwarte gemeenschap un Zuid-Afrika de eerste gesprekspartner is. Het was één van de redenen om het televisiedebat te weigeren. Men wilde niet spreken in afwezigheid van zwarten. Op zich is dat, gegeven de situatie in Zuid-Afrika zelf, een goede beleidslijn. Het gaat tenslotte om hun zaak. Welnu, dat leverde voor de programmamakers geen probleem op. Ze vonden ds. Mataboge, praeses van de (zwarte) NG-kerk in Zuid-Afrika, bereid om samen met Heyns aan het debat deel te nemen. Maar ook dat was voor de praesides niet voldoende om over de drempel te komen. Op z'n minst heeft men hierdoor nu de schijn op zich geladen dat, als men de nadruk op een zwarte gesprekspartner legt, dit dan een radicale zwarte moet zijn. In ieder geval werd een officiële representant van de genoemde kerk geweigerd.
Op zich was het best een goede opzet: vier synodepraesides. Maar de zwarte gesprekspartner moest kennelijk uit andere kring komen.
Ik laat nu de debatkwestie voor wat die is. Maar één ding is duidelijk geworden en vraagt om discussie en toelichting. Wanneer wij als kerken in Nederland in relatie zijn met de zwarte gemeenschap in Zuid-Afrika dan is het niet zo dat dat betekent dat de niet-blanke kerken, dus de Nederduitse Gereformeerde Zendingskerk (voor kleurlingen) en de NGKA (voor zwarten), ons referentiekader vormen maar groepen binnen de niet-blanke bevolking, bijvoorbeeld ARECSA, de Belijdende Kring, het Verenigd Democratisch Front en vakbonden als SACTU. Politieke organisaties, politieke actiegroepen vormen onze gesprekspartners en niet in eerste instantie de kerken zelf. Hiermee zijn we als kerken in Nederland uiterst kwetsbaar geworden. Ik zou weliswaar bepaaldelijk niet alle groepen in Zuid-Afrika, die hartstochtelijk ijveren voor afschaffing van de apartheid, over één kam willen scheren maar feit is dat we als kerken in contact zijn met en louter spreken met groepen, die soms op z'n minst marxistische vleugels hebben. Daartegen steekt dan de botte weigering om met prof. Heyns en ds. Mataboge te spreken heel schril af.
Hetzelfde geldt trouwens voor de partners in Nederland zelf. Wanneer zich maar een groep aandient, die anti apartheid is, dan heeft die de sympathie van de kerken en schuwen we gezamenlijke actie niet. Ik noem het Komitee Zuidelijk Afrika. Dezer dagen hoorde ik een radiogesprek met de heren Sytze Bosgra en Karel Roskam van dit komitee over de brandstichtingen bij de Makro. Brandstichting mocht eigenlijk niet, maar er was zo wel een daad gesteld. En — zo betoogde één van hen — wanneer de brandstichtingen gepleegd zouden zijn door het ANC dan was er een rechtsgrond voor. Want het ANC heeft oorlog met Zuid-Afrika en de Makro steunt Zuid-Afrika.
Op deze wijze zijn we duidelijk bezig een klimaat te scheppen, waarin terreur wordt opgeroepen en zelfs gesanctioneerd. We zijn in ieder geval bezig de kwalijke oogst binnen te halen van jarenlange acties, b.v. voor desinvestering. Het mag dan een oogst in de marge zijn. Maar juist deze marginale verschijnselen dwingen ons tot de vraag of we wel op de goede weg zijn. Laten we als kerken onze partners er nog maar eens op nakijken.
Gezegevierd
Apartheid heeft gezegevierd de laatste weken. En dat niet zozeer omdat de beide synodepraesides apartheid ten opzichte van broeders toepasten. Maar méér nog omdat door hun weigering een klimaat werd geschapen, waarin mensen zeggen: we hebben altijd al geweten dat dat kritisch bezig zijn met Zuid-Afrika fout was. Met het badwater wordt het kind weggeworpen. De aanhangers van apartheid, daar en hier, zijn slechts bevestigd in de status quo. Er mag kennelijk in Zuid-Afrika niets meer veranderen langs de weg van bekering door het Woord Gods. De zaak moet gewoon politiek óm, met welke middelen en krachten dan ook.
Het wordt tijd dat vanuit de kerken duidelijk wordt gemaakt wat ons referentiekader is en welk referentiekader vanuit de Schrift houdbaar is.
De nieuwe koers van de Zuidafrikaanse NG-kerk vraagt om een ingrijpend politiek vervolg. Prof. Heyns zei in een interview met het Nederlands Dagblad: '1857 is het geboortejaar van de apartheid in de kerk, 1986 is het sterfjaar. Alleen moeten we de gestorvene ook begraven. En dat gaat in onze complexe, historisch belaste situatie niet in een paar uur'. De vraag is dan wel: hoe lang moet het dan nog duren? Want zo kan men ook voet geven aan de al jaren uit Zuid-Afrika gehoorde opmerking: heb nog even geduld met ons.
Er zullen inderdaad radicale beslissingen nodig zijn in Zuid-Afrika wil het land nog uit het isolement komen — kerkelijk en maatschappelijk—en een nog groter bloedbad worden afgewend. Maar anderzijds is het voor ons, met name ook als kerken in Nederland, de vraag of we nog bereid zijn Zuid-Afrika te helpen uit het isolement te komen. Dan hadden we toch op z'n minst het signaal van de NG-kerk moeten oppakken.
Of dat signaal betrouwbaar is? Daar zullen we van uitgaan, totdat het tegendeel blijkt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's