Boekbespreking
J. Verwolf, Calvijn—leer en miskenning. Over ellende en verlossing. Uitgave F. Hardeman, Ede, 209 pag., ƒ 23, 90.
Laat ik beginnen te zeggen dat het hoofdthema van dit boekwerkje van groot belang is. De schrijver wil nl. laten zien dat de eigenlijke aard van het geloof niets minder is dan zekerheid. Echt op z'n calvijns is geloven: een stellige kennis van Gods welwillendheid. Ik heb hier niets op af te dingen. Integendeel. Ook zou ik Verwolfs verwijt aan (het gros van) de 'nadere reformatoren', dat zij dit oorspronkelijk-reformatorische inzicht hebben prijsgegeven, niet aan willen vechten. Ik geloof dat hij het hier bij het rechte eind heeft. Maar ik wou, dat ik nu zijn werkwijze evenzeer kon bijvallen als zijn zienswijze.
Maar eerst de methode. Die is zonder overdrijving bijna stééds (!) niets anders dan het ene citaat aan het andere rijgen: citaten van Calvijn (de norm!), en citaten van andere theologen (de genormeerden: van Perkins tot Paauwe). Om deze reden lijkt dit geschrift mij meer geschikt als een stuk basismateriaal dan als leesboek. Daar komt nog bij, dat de ondertitel een verkeerde suggestie wekt: de verhouding van ellende en verlossing krijgt zeker niet de hoofdaandacht. Heel onverwachts b.v. wordt ons als eerste hoofdstuk voorgezet: 'Menselijk denken en christelijk geloof' (een aantal uitspraken van Calvijn en Ursinus over wijsgeren en wijsbegeerte) . Hoofdstuk 5 bestaat uit 4 bladzijden Calvijncitaten over de 'verhouding God en mens en de mensen onderling'. Hoofdstuk 6 bevat verbeteringen van enkele vertalingen en drukfouten in de bijbelverklaring van Calvijn, uitgegeven bij W. A. de Groot-Goudriaan! En hoofdstuk 8 heet (en bestaat inderdaad uit): 'Verschillende uitspraken van Calvijn' (het zijn er 126!). Van deze methode geldt: zo geve men geen boek in het licht.
En nu de zaak zelf. Al val ik br. Verwolf bij in zijn voorkeur voor Calvijn, de mathematische manier waarop deze als meetstok wordt gehanteerd, met het gevolg dat zodoende een hele reeks mannenbroeders als ondermaats wordt afgewezen, komt nogal kil en grimmig over, al is dat uiteraard zo niet bedoeld. Ik ben oprecht van mening, dat ons pleidooi voor de zekerheid van het geloof gepaard dient te gaan met pastorale nabijheid en priesterlijk erbarmen. Het zou anders een averechts effect kunnen hebben. Het gaat in de kerk in laatste instantie niet om de vraag: Hoe moeten wij volgens Calvijn het geloof omschrijven? , maar om de vraag: Wat dunkt u van de Christus? En dan zou het wel eens kunnen zijn — om met Luther te spreken —, dat zij die zichzelf 't minst voor gelovigen kunnen houden, 't allerzekerst geloven! Waarmee ik maar wil zeggen: laten we niet te hoog van de toren blazen. En laten we bedenken dat wie 'zekerheid van het geloof' zegt, niets anders zegt (zeggen mag!) dan: zekerheid van Gods belofte, waarop een wankelmoedig mens zich door genade mag verlaten, omdat hij eenvoudig té onzeker op zijn benen staat om aan deze grond voorbij te gaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 januari 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's