De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rustdag. Dag rust!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rustdag. Dag rust!

6 minuten leestijd

...En zij namen Hem waar, of Hij op de sabbat hem genezen zou, opdat zij Hem beschuldigen mochten. .. (Marcus 3 vers 2)

Het volgen van Jezus brengt ons op de sabbat in de synagoge.

Dat verbaast ons allerminst. Het zijn in de dingen Zijns Vaders is Zijn lust en Zijn leven. Het sabbat vieren is Hem uit het hart gegrepen. Zij die Hem volgen vieren mee. Dat betekent dat we vooral op de rustdag trouw tot Gods Gemeente komen om Zijn Woord te horen, Hem aan te roepen en de armlastigen christelijke hulp te betonen. Jezus met zijn volgelingen in de synagoge op de sabbat.

Marcus leidt even onze aandacht af van Hem en wijst ons op een aantal opvallende mannen. Hun gewaad doet ons vermoeden met leidslieden van doen te hebben. Hun gelaat is wat strak, wat gespannen. En hun gepraat? En zij zwegen stil (4b). Deze keer geen woorden, maar daden. En die zeggen ons genoeg. Attentie!

En zij namen Hem waar. Zij: een hoor-commissie, een kijk-commissie. Ze blijken ook volgelingen van Jezus te zijn. Misschien willen ze ook discipelen van Hem worden. Laten we het hopen.

De ontmoeting in het open veld, ook op een sabbatdag (Marc. 2, 23vv), was niet zo aangenaam geweest. Maar goed, een mens is niet altijd hetzelfde.

Echter, ook vandaag is de sfeer verre van aangenaam. Ze wordt helemaal bepaald door de aanwezigheid van de farizeeën. Zij namen Hem waar. Daar staan ze. Gegroepeerd. Eendracht maakt macht. Waarnemers. Ze liggen als het ware op de loer. Wat zal Jezus doen? Wat zal Hij zeggen? Ze kunnen hun ogen niet van Jezus afhouden. Wat is de oorzaak? Is het de praktijk van 'de ogen der knechten op de hand van hun heren' om nooddruft te begeren? Helaas.

Wat is het geval? Wel, in de synagoge is een gehandicapte aanwezig. Zijn hand is verlamd. Dat is niet niks. Sociale voorzieningen zijn er niet. De man is helemaal aangewezen op hulp van mede-mensen. Nou, dan weten we voldoende. Nee, zijn situatie is alles behalve rooskleurig. Wat een nood. Niet alleen sociaal-maatschappelijk, maar ook de persoonlijke, de psychische nood van die mens.

Maar gelukkig, hij is ook gekomen om sabbat te vieren. Gelukkig.

U vraagt hoe hij er gekomen is? De toeleidende weg is ons niet bekend. Dat hij er is is doorslaggevend. Zijn op de plaats waar Jezus is. Beter kan het niet. Bij Hem zijn we aan het juiste adres. Daar mogen we verwachting van Hem hebben. Verwachting in al onze nood en ellendigheid. 'Ik hef mijn ogen op tot U...'

... en aldaar was een mens met een verdorde hand. En zij namen Hém waar...

Natuurlijk hebben ze ook die man gezien. Die man, dat geval... én Jezus. Even breekt een glimlach door op hun strakke gezichten. Ze kijken elkaar aan. Een goede verstaander heeft maar één blik nodig. Hun ogen spreken boekdelen. Zal Jezus dit geval genezen, vandaag, op de sabbat? Hun 'gevallenleer' bevatte de regels. Een zieke in levensgevaar moest ook op de sabbat geholpen worden. Maar een zieke die kon wachten tot de dag na de sabbat mocht niet geholpen worden. En dit laatste is toch hier het geval.

... en zij namen Hem waar, of Hij op de sabbat hem genezen zou, opdat zij Hem beschuldigen mochten...

Zij... Hij... hem. Vol verwachting klopt ons hart.

Nou, wat denkt u ervan? Wat denkt u van Jezus en deze man op de rustdag? Ik verwacht eigenlijk niet anders dan dat Hij hem genezen zal. Zoveel heb ik wel van Hem gehoord dat ik dat verwacht. Mag ik vragen: hoe is uw verwachting gekleurd?

De farizeeën verwachten het ook wel. Ze hopen het zelfs. Dan hebben ze tenminste iets om Hem te beschuldigen. Ze weten het: waar Jezus een mens in nood aantreft daar laat het Hem niet koud. Jezus volgen. Met verwachting zijn waar Hij is. In de synagoge. In de kerk. Maar dan negatief: om iets te zien, iets te horen om kritiek te leveren. Hem beschuldigen. Hem aanklagen. Hem doden. Als dat zou kunnen! Zo meenden zij Gode een dienst te bewijzen. Zij namen Hem waar... opdat zij Hem beschuldigen mochten. Zij... over wie hebben we het eigenlijk? Wie is er te goed voor?

Gij dan, bidt aldus: Onze Vader, die in de hemelen zijt... leidt ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze...

Het zien op Jezus. Laten we niet als de fa­rizeeën zijn, maar afzien van onszelf en van alle schepselen en op Jezus zien in al onze nood en ellendigheid. Instemmen met de dichter: ... d' ogen houdt mijn stil gemoed opwaarts om op God te letten...

Hij beschaamd nooit die het zo van Hem verwachten.

De farizeeën in verwachting. Ze hopen thans hun slag te slaan: Hem beschuldigen van sabbatsontheiliging.

Zijn sabbat vieren brengt hen in rep en roer. Zij rusten naar het gebod. Jezus bracht voor hen één en al onrust. Met hun sabbatsrust was het, sinds Jezus rondging door het land, gedaan.

Als deze Jezus gelijk heeft, dan hebben wij nog nooit één keer echt sabbat gevierd, zoals dat voor God kan bestaan.

Als Jezus gelijk heeft dan is hun rust een valse rust. Dat is onvoorstelbaar. Zij, farizeeën, leidslieden van het volk, gefaald? Geen denken aan.

Juist op die rustdag komt de onrust openbaar. Een onrust, die zich hier openbaart in vijandschap tegen God en tegen Zijn Gezalfde. Wel rusten in eigen doen... in eigen laten en dat vooral op de rustdag. Maar in de ontmoeting met Jezus, onder Zijn Woord: onrustig. Ergernis. Mijn fundament wankelt. Hij zegt: er deugt niets van. We genieten zo graag van onze rust. Zelf verdiende rust. Vooral op de rustdag willen we met rust gelaten worden. We hebben zo hard gewerkt. Werken der wet. En: na gedane arbeid is het zoet rusten.

Fris en groen

Gelukkig intussen die ouder wordende mens, die bij het ouder worden nog fris en groen is, wiens jeugd nog voor hem ligt: de eeuwige jeugd voor het kind des Heeren. In de verborgen omgang met God mogen zij worstelen om het komende geslacht, opdat dit ook gaan moge in de vreze des Heeren. De ouderen mogen de jongeren vóór leven dat — en hoe — het leven zin heeft. Dan heeft ouder worden op zichzelf óók zin; naar Gods bedoeling zin.

(Eerder geplaatst in Nieuwsbulletin van de Nederlandse Patiëntenvereniging.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 februari 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Rustdag. Dag rust!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 februari 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's