Kerknieuws
HUIZEN
Zondag 10 mei 1987 was voor de hervormde gemeente van Huizen een bijzondere dag. De vacature ontstaan in wijkgemeente 3, door het vertrek van ds. G. S. A. de Knegt 9 maanden, geleden, kon weer opgevuld worden, door de overkomst van ds. B. den Butter vanuit Stavenisse.
De bevestiging vond plaats in de ochtenddienst in de Nieuwe Kerk. Ds. Den Butter werd bevestigd door ds. G. van den End, consulent van de wijkgemeente. Ds. Van den End hield de te bevestigen predikant en de gemeente de woorden voor uit 2 Timotheüs 4 vers 1 en 2 'Ik betuig dan voor God en den Heere Jezus, Die de levenden de doden oordelen zal in Zijn verschijning en in Zijn Koninkrijk: Predik het woord: houd aan tijdelijk, ontijdelijk, wederleg, bestraf vermaan in alle lankmoedigheid en leer'. Hij spitste zijn prediking toe op het feit, dat het te prediken woord altijd zuiver moet zijn. In overeenstemming met Gods heilig woord, dit omdat God zelf getuige is iedermaal als het woord uitgedragen wordt. Het woord moet zuiver en naar Gods waarheid zijn. De predikant dient zich alleen daardoor te laten leiden. Na de prediking vond de bevestiging plaats. Als antwoord hierop zong de gemeente ds. Den Butter toe psalm 119 vers 9.
De intrededienst vond 's avonds plaats in de Oude Kerk. Na de opening van de dienst richtte ds. Den Butter zich tot de consulent en zijn bevestiger ds. Van den End, tot de wijkkerkeraad en de kerkvoogdij. Hij bedankte allen voor de hulp en het geschonken vertrouwen in de afgelopen periode en hij vertrouwde erop, dat de arbeid die nu verricht mag gaan worden, plaats zal vinden in dezelfde vertrouwensrelatie.
Verder begroette hij de diverse genodigden.
Namens het ministerie van predikanten en de Centrale Kerkeraad sprak ds. H. J. de Bie hem toe. Deze wenste ds. Den Butter met zijn echtgenote en gezin een goede en een gezegende tijd toe in de gemeente. Namens wijkgemeente 3 en de wijkkerkeraad sprak ouderling H. J. Brasser. Hij verzocht de gemeente ds. Den Butter toe te zingen de woorden uit psalm 84 vers 3 en 6.
Als tekst voor de prediking had ds. Den Butter genomen Lukas 5 vers 4: 'En als Hij afliet van spreken, zeide Hij tot Simon: Steek af naar de diepte, en werp uw netten uit om te vangen'.
Als thema van de prediking: 'een roeping tot de dienst in het Koninkrijk Gods'.
Het schriftgedeelte uit Lukas 5 handelende over de wonderbare visvangst had een belangrijke rol gespeeld bij de beslissing op het beroep. Christus spreekt hier niet d.m.v. een gelijkenis, maar verricht een wonder als ware het een gelijkenis. Hij sluit aan bij de belevingswereld van de discipelen. Zij waren vissers, daarom betreurt God het woord op hun situatie. Zij moeten afsteken naar de diepte. Een roep naar het onbekende. Het is een merkwaardige roep: Vissen overdag; een teken, dat je niet weet hoe er gevist dient te worden. Het woord van God gaat tegen de beroepsregels in. Jezus doorbreekt de gebruikelijke patronen. In ons leven moeten wij altijd aan Christus denken. Alles moet voor het aangezicht van God gebracht worden. Wij moeten Christus in alles dienen. Wij moeten zijn vissers vanuit Christus. Maar er is ook de weerstand. Wij willen niet gehoorzamen, maar Christus zegt 'Steek af'. En dan is er vol eerbied en ontzag de overgave bij Simon: Meester op uw woord, zal ik het net uitwerpen. Christus heeft het voor het zeggen en Simon laat zich geheel door Hem leiden. Wij kunnen niets anders doen dan te gehoorzamen aan de meester. Als Christus met zijn woord komt, dan zien wij ons nietig bestaan. Aan de knieën van Jezus beleed Petrus zijn wankele geloof en zijn ongeschiktheid. Onder Gods majesteit en kracht worden wij schuldig en belijden wij met een heilige vrees, dat wij onbekwaam zijn, maar dan zijn daar Christus' woorden 'Vrees niet'.
Ook is daar de opdracht van Jezus aan de discipelen 'Werpt uw netten uit om te ontvangen'. Zij worden geroepen om te handelen, hoewel God soeverein is, schakelt hij mensen in. Wij zijn, net als ons gereedschap (de netten) een instrument in de handen van God.
Het net dat uitgeworpen moet worden is het evangelie uitdragen. Het evangelie is het woord, waarin God in Christus vergeving van zonden afroept. Een andere roeping hebben wij niet, dan het net uit te werpen; het woord te prediken. Altijd, ook als het niet uitkomt. De mensen met Gods woord te bezoeken is de opdracht. In de roeping zijn wij een heraut van God, wij verkondigen Gods heil. God roept om iets te doen. Het doel is om te vangen. Wij werpen het net van het evangelie uit om mensen te vangen. Om mensen te redden. Om ze te winnen voor het Koninkrijk van God.
Als het net van het evangelie uitgetrokken wordt, sterven wij aan onszelf. Het net van het evangelie is de enige plaats waar eeuwig leven gevonden wordt.
Het woord blijft steeds hetzelfde. Ook nu nog moeten er mensen gevangen worden. Ook in deze gemeente zijn er mensen met een levend geloof; zij zijn reeds gevangen, maar ook zijn er die nog niet gevangen zijn. Daarom ook hier het net van het evangelie uitwerpen. De Heere roept ons allen. God zorgt, dat de netten vol komen. Het is een verrassend en een heerlijk woord om de arbeid in de gemeente van Huizen mee aan te vangen. God zal zorgen dat de netten volkomen. Vrees niet en steek af om Gods eer te volmaken.
Aan het einde van de dienst werd Gods naam geprezen met de woorden van psalm 150 vers 3, waarna ds. Den Butter de gemeente voor de eerste maal als herder en leraar de zegen oplegde.
INTREDEPREEK DS. D. J. BUDDING OP 6 MEI 1987 TE ELSPEET
Zegenbede. Zingen: Psalm 80 : 1 en 11. Geloofsbelijdenis. Zingen: Psalm 65 : 2. Schriftlezing: Markus 6 : 30 t/m 44. Gebed. Zingen: Psalm 23 : 1, 2 en 3.
Thema van de preek is 'Jezus uitgaan' naar aanleiding van vers 34 en verdeeld in drie punten: 1. Jezus oog; 2. Jezus hart; 3. Jezus mond.
er is geen belangrijker werk op de wereld dan de verkondiging van het heilig evangelie. De heere wil door zulk een gering middel, een mannetje uit het stof verrezen, door Hem geroepen, door Hem gezonden, door Hem bekwaam gemaakt om het Woord van de levende God te bedienen. Door zulk een gering middel wil de Heere zulke heerlijke dingen uitrichten. Om zondaren te trekken uit de duisternis tot Zijn wonderbaar en heerlijk licht, om zielen te redden van het eeuwige verderf, om parels te hechten aan de Middelaarskroon van Koning Jezus die eeuwig zullen schitteren tot eer en verheerlijking van God drieënig. De discipelen waren uitgezonden en zij hebben hun werk mogen doen onder hoogspanning van de eeuwigheid. Zo staan wij ook deze avond onder hoogspanning van de eeuwigheid. De vrucht van het Woord zal uitmaken een eeuwig wel of een eeuwig wee. Wie iets gevoelt van het gewicht van de eeuwigheid en van de zielen op reis naar de rechterstoel van Christus gevoelt ook de hoogspanning waaronder dit werk geschiedt. Daarom zei Jezus tot Zijn discipelen dat zij een weinig zouden rusten.
Alleen met de Heere, dat heeft ook uw dienaar nodig.
De rust, dat alleen zijn met de Heere om door Hem geleerd en bediend te worden en om aan Zijn lippen te liggen.
De schare gunt hen geen rust.
In hen is nog een begeerte om Zijn Woord te horen.
Jezus gaat tot hen uit.
Een eeuwig wonder.
Tot vijandige en afkerige mensen.
Hij weet waar Hij heengaat.
Hij gaat nog uit door middel van Zijn Woord en door middel van Zijn dienaren die Hij roept en zendt.
Wat zult u gemeente met het Woord van de uitgaande Jezus doen?
Want als de Heere met Zijn Woord tot ons komt, komt Hij in zekere zin Zelf.
Dat is een voorrecht.
Hij zendt Zijne knechten waar en wanneer Hij wil.
Grote verantwoordelijkheid gemeente.
Ik hoop dat u dit voelt.
Het moest ons klein maken en verootmoedigen, want wij Zijn hem niet waard.
Zijn er nog zulke mensen in Elspeet, die wel het achterste plekje in de kerk zouden willen opzoeken.
Die wel iets van het wonder inleven dat zij nog niet in de hel zijn.
Ik hoop ze te ontmoeten, want van zulk een volk hou ik.
Arm en ellendig in zichzelf.
Hoogmoed is ons werk, maar ootmoed is Gods werk.
Ik hoop genade te ontvangen om Hem uit te stallen in al Zijn begeerlijkheid, heerlijkheid en schoonheid opdat u heilig verliefd wordt op de Heere Jezus.
Dat u Hem niet meer kunt missen.
Dat er een schreeuw in uw ziel geboren wordt om Hem uit Uw nood en dood.
Dat is alleen vrucht van de uitgaande Jezus.
Wij willen deze avond alleen maar letten op deze Jezus en in de eerste plaats op Zijn ogen.
De Heere Jezus is schoon.
Hebt u Hem wel eens gezien met ogen des geloofs?
Maar veel vragen of u Jezus mag zien.
Jezus zag een grote schare.
Zij hadden hun werk in de steek gelaten.
Als het hart naar Hem uitgaat héb je er wat voor over, ja zelfs alles.
Hij sprak Zijn woord met macht, daar ging geur vanuit.
Als het Woord je hart inneemt dan duurt een dienst niet te lang.
En als je hart vervult mag zijn met Goddelijke liefde dan wil je wel blijven in de kerk.
Die goddelijke liefde is enkel vrije genade.
Hij doorzag de schare ook.
Wij kunnen elkaar bedriegen.
Maar Jezus ziet de werkelijkheid of hier vanavond hongerige en bedroefde zielen zijn.
Mensen die hun schuldbrief hebben thuis gekregen en ongelukkig over de wereld gaan.
Jezus' oog ziet scherp en ver.
Als God in je hart komt ga je enigermate zien met de ogen van de Heere Jezus.
Dan ga je jezelf zien zoals God jouw ziet.
Jezus zag de schare als een kudde zonder herder en een schaap zonder herder is een ellendig dier.
Mensen die maar dwalen. Mensen die elk uur in gevaar zijn. Mensen die zich dood eten aan de zonde.
Een grote schare en het lijkt zo mooi, maar Hij peilt hun nood en dood.
Wie is Uw herder?
Het is van tweeën één of Jezus of de duivel.
Nu gaan we kijken naar Jezus' hart.
In het Woord opent Hij Zijn hart.
Wij sluiten ons hart.
Bent u al eerlijk gemaakt voor God?
Het hart van Jezus is zo goed.
Als u een oog des geloofs mag ontangen ziet u alleen maar liefde,
goedheid en volmaaktheid.
Hij werd met innerlijke ontferming bewogen.
Schapen zonder herder die eeuwig omkomen, tenzij zij worden gered.
Hadden wij maar meer van die innerlijke ontferming van de Zaligmaker.
Dat wij de nood van de zielen die God aan ons toebetrouwt recht zouden mogen gevoelen.
En die nood op het hart gebonden zouden mogen hebben en van daaruit zouden mogen prediken met een heilige tere bewogenheid voor zielen die verloren gaan.
O dat tere medelijden van Christus tot de verloren zielen.
Dat mag moed scheppen.
Voor mensen die zonder Herder zijn.
Voor mensen die vrezen eeuwig om te komen, want als God u gaat ontdekken wie U bent dan ga je dat vrezen.
Maar dan laat de Heere Zijn hart zien aan de grootste der zondaren. Daarom kunt u zalig worden o zondaar.
In het hart van Christus brandt de eeuwige liefde Gods.
God drieënig heeft van eeuwigheid reeds gedachten des vredes gehad aangaande verloren schapen.
En de ontfermingen Gods, dat eeuwige soevereine en vrijmachtig welbehagen Gods gaat door de hand van Christus gelukkiglijk voort.
Hij ging voor hen naar de hel en hij verliet de hemel, opdat verloren schapen zouden worden gezocht en gered en eeuwig tot God genomen zouden worden en aan het het Vaderharte Gods zouden gedrukt worden.
En Hij begon hem vele dingen te leren van het Koninkrijk Gods.
Als u de ingang niet weet komt u er nooit in.
De ingang is er wel.
Tenzij dat iemand wederomgeboren wordt hij kan het Koninkrijk Gods niet zien.
Er is een nieuwe geboorte nodig in Uw hart.
Het moet gebeuren tussen wieg en graf
Jezus heeft die wedergeboorte en dat leven verworven toen Hij de dood verslond tot overwinning.
Dat is een leven dat uit God is, een geboorte uit God. Het zaad der wedergeboorte is het Woord.
Daarom moet U altijd naar de kerk komen.
De Heere roept tot bekering.
Christus komt zo nabijU inhetWoord enHij gaatdan veledingen leren.
Rechtvaardigmaking, heiligmaking, heerlijkmaking en verkiezing.
Wij hopen genade te ontvangen om in Zijn kracht, om door Zijn liefde u die velenoodzakelijke,wonderlijke enGoddelijkedingente verkondigen.
Zingen: Psalm 79 : 7. Gebed. Zingen: Psalm 84:6. Zegenbede.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 mei 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 mei 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's