Boekbesprekingen
Culturele ongehoorzaamheid? Een oproep tot geloofsvernieuwing en anders leven in deze tijd. Met bijdragen van dr. mr. A. W. Kist en dr. L. Schuurman. Uitgeverij T. Wever B.V. Franeker, 74 blz.
Dit boekje opent met de bewogen oproep van dr. mr. A. W. Kist tot het vormen van een landelijk missionair collectief. De achtergrond van deze oproep is dat in deze cultuur waar wij in leven, die doortrokken is van de geest van het materialisme, waarbij de echte vrijheid door ons mensen wordt ingeleverd voor het knechtschap aan de cultuur van het Westen, gestempeld als deze is door Soweto en Tjernobyl, een andere levenshouding noodzakelijk is dan die wij te zien krijgen, en als christenen te zien geven. Het Rijk van God staat haaks op alle materialisme en gemakzucht en machtsmisbruik. Culturele ongehoorzaamheid is daarom niet iets revolutionairs in de politieke zin, maar betekent: bij jezelf beginnen, en in groepen elkaar overeind houden in het vormgeven aan een nieuwe levensstijl. Het besef dat miljoenen lijden, dat dit lijden te lang duurt, dat de actuele wereldproblemen om een oplossing schreeuwen, en dat de hoop die wij als christenen voor deze wereld hebben zich in daden om moet zetten, is bepalend voor deze levensstijl. Enerzijds ascese en een kritisch en gereserveerd gebruik van hetgeen het Westen ons biedt, anderzijds de inzet voor anderen die onderliggen. En dit alles dan niet als een programma dat koste wat kost moet worden uitgevoerd, maar als een beweging waarbij mensen beginnen bij zichzelf.
Ook blijkt uit dit boekje hoezeer de oproep respons gehad heeft. Overal over het land zijn er groepen gevormd. Ook de adressen staan in dit boekje. En de resultaten van de gehouden enquête, onder hen die de verontrusting van de initiatiefnemers delen. En de suggesties voor deze levensstijl die eruit zijn gekomen. 21 juni en 11 oktober waren dagen waarop men landelijk bijeenkwam.
Eigenlijk kunnen wij hier nauwelijks kritiek op hebben: zo licht laadt men de schijn op zich geen oog te hebben voor hetgeen de initiatiefnemers bezielt. Of voor het vele goede dat zij terwille van een echt christelijke levensstijl bepleiten. Of voor het feit dat zij niet eerst anderen oordelen maar bij zichzelf willen beginnen. Alleen, wij delen hun gedrevenheid niet. En dat zal ook wel samenhangen met het feit dat wij de hoogtechwaardige maatschappij waarin wij leven niet zo uitsluitend negatief zien als Kist en Schuurman. En het schema van deze wereld waaraan we niet gelijkvormig mogen worden méér dan zij ook als een persoonlijke geloofszaak zien. En de machten van de tijd niet zo gemakkelijk kunnen identificeren met die van het rijk van de duisternis.
Daarmee heb ik het dan gezegd. Als iemand die óók bij zichzelf wil beginnen. Maar die niet het verwachtingspatroon van het Missionair Collectief deelt, en niet graag belandt in krampachtigheid.
Nochtans staan wij ergens náást deze initiatiefnemers. Wie zijn wij dat wij zulk een overvloed aangeboden krijgen in onze cultuur? En kunnen wij zonder gêne deze overvloed gebruiken, zelfs wanneer wij onszelf matigen en beperken? Zijn anderen minder dan wij?
S. Meijers, Leiden
Herman Dooyeweerd, Grenzen van het theoretisch denken. Uitgegeven, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Marcel E. Verburg. Uitgeverij Ambo, Baarn; prijs ƒ 24,50.
Dit boek is het 20e en laatste deel van de serie Geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland, onder redactie van prof. dr. M. J. Petry en prof. dr. J. Sperna Weiland. In deze serie zijn niet alleen allerlei stromingen in de filosofie aan de orde gekomen, maar ook vele niet-filosofen uit de Nederlandse traditie, als Agricola, Coornhert, 's-Gravesande, Van Heusde. En nu aan het slot de grondlegger van de Wijsbegeerte der Wetsidee, de calvinistische wijsbegeerte die zijn bloeitijd vooral vond na de tweede wereldoorlog, maar nog steeds leeft.
Dit boek van Dooyeweerd is een klassieker. Men vindt er het grondthema in van de Wijsbegeerte van de Wetsidee: het is het hart dat de werkelijkheid beleeft als een eenheid, en dit hart heeft een wedergeboren hart te zijn wil men deze werkelijkheid verstaan. Het uitgangspunt doet aan Kuyper denken, maar daarmee is niets miszegd. Vanuit deze existentialiteit gaat de mens nu de werkelijkheid ontleden. Vanuit zijn hart is de mens in zijn zelfheid denkend werkzaam. Deze werkelijkheid laat zich benaderen onder 15 aspecten, waarvan het laatste tevens het diepste is: het geloofsaspect.
De grote verdienste van Dooyeweerd is dat hij de zg. neutrale wetenschap aan de kaak heeft gesteld als een innerlijke onmogelijkheid, iets dat ook in onze tijd door niet-christenen meer en meer beaamd wordt. Gaat niet alle wetenschapsbeoefening van vooronderstellingen uit en zo van zoiets als geloof? Een strikt theoretisch en neutraal uitgangspunt bestaat niet.
Het is hier niet de plaats om over de Wijsbegeerte der Wetsidee als zodanig te spreken of haar schaduwzijde aan te wijzen. Wie haar wil leren kennen raadplege dit klassieke boekje, eventueel samen met de inleiding van L. Kalsbeek uit 1977 De Wijsbegeerte der Wetsidee.
De aantekeningen van Verburg zijn zeer verhelderend. De selectie uit het brede oeuvre van Dooyeweerd is zorgvuldig en samenhangend gekozen. Het boek is verzorgd uitgegeven.
S. Meijers, Leiden
Heinz Zahrnt, Hoe kan God dat toelaten? Job – de mens en het lijden. Ten Have, Baarn; 80 bIz.; prijs ƒ 14,50.
Dit boekje valt uiteen in drie hoofdstukken: de almachtige God (Waarom laat Hij dat toe?); de verborgen God (Waarom zwijgt Hij?); de genadige God (Hij lijdt met mensen). Zahrnt ziet Job als het prototype van de lijdende mens. En de God van Job is niet de God Die Zichzelf wil bewijzen ten koste van de weerlozen en slechts groot is voor een mens als die mens zich vanwege zijn lijden klein voelt. Om lijden te kunnen aanvaarden moet men niet klein zijn, maar juist op zijn voeten gezet worden. Daarom breekt (ook) Zahrnt radicaal met het thema dat het lijden straf is op de zonde, zoals de beloning dat is op de gehoorzaamheid. Is dit niet juist het thema van Jobs (zogenamde) vrienden?
De weg die Zahrnt wijst is die van een wisselwerking binnen de openbaring tussen God en mens, waarin beide handelend actief zijn. Zo heeft God zijn 'Levensloop' in de geschiedenis. Ik denk dat op deze wijze de medelijdende God van Zahrnt wat gaat lijken op de God van Teilhard du Chardin, met het vleugje idealisme van Hegel erin. Alleen, Zahrt zegt meer wat hij verwerpt dan wat hij kiest. En prijst ook niet, als Kushner, zichzelf aan als een ontdekker.
Nochtans kan Zahrnt met de voorzienigheid en de Raad van God niet uit de voeten. Ik denk zelf dat men dit wél moet kunnen, ook al moet m.i. het raadsel van het lijden fundamenteel een raadsel blijven. Er worden slechts achteraf flarden van de sluier opgelicht, iets wat Zahrnt overigens beaamt.
Deze fundamentele theologische kritiek sluit echter niet uit dat men er de ogen voor open moet houden hoe voorzichtig Zahrnt is. Hij wil niet anders geven dan een antwoord, maar weigert iedere oplossing. Ondanks zijn verwerping van het beloning/straf-thema erkent hij samenhangen in de geschiedenis: 'Wat men zaait zal men ook oogsten'. En vooral: hij weigert mee te doen aan een theologie 'na Auschwitz', omdat men zich dan niet door het heil maar door de geschiedenis laat bepalen, en dit vermaan kunnen vele theologen zich aantrekken. Zelfs weet Zahrnt niet of er inderdaad tegenwoordig meer geleden wordt dan vroeger. Evenmin als ik.
Daarom houd ik oog voor zijn pastorale bedoelingen, én voor het feit dat ondanks het historisch-maken van God Zahrnt toch trouw gebleven is aan de titel van zijn andere boek: God kan niet sterven. De sympathetische God van Zahrnt heeft helaas geen vastigheid in Zichzelf en van Eeuwigheid, maar Hij is evenmin van plan onder te gaan in de geschiedenis. Ik denk dat dit niet kan samengaan, maar Zahrnt heeft niets meer willen doen dan 'een' antwoord geven en iedere 'oplossing' voor het vraagstuk van het lijden van de hand gewezen.
S. Meijers, Leiden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 juni 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's