Boekbesprekingen
AANVULLING
In de Waarheidsvriend van 14 juli 1987 op pagina 449 1e kolom 2e boekbespreking is de aanhef weggevallen die alsvolgt had moeten luiden:
Drs. A. G. Knevel: Visie op Karl Barth, uitgave Kok, Kampen, 96 blz., prijs ƒ 16,90.
De scribent was ds. De Reuver.
E. Doumergue, Calvijns jeugd, Calvijn in het strijdperk; en Calvijn en Genève, 3 delen. De Groot, Goudriaan, Kampen 1986, gebonden, ƒ 80,– per deel, tezamen ƒ 240,–.
Al sinds jaren was er sprake van dat er een herdruk zou komen van Doumergue's boeken over het leven van Calvijn, dat wil zeggen de vertaling en bewerking daarvan in onze eigen taal door W. F. A. te Winckel. En nu is het dan zo ver. De eerste uitgave verscheen in 1903, dus meer dan 80 jaar geleden, en er bleek nog steeds vraag naar te zijn.
De fransman Doumergue was geen geestverwant van Calvijn, maar heeft het toch gepresteerd om een levensecht en sympathiek beeld van de hervormer te ontwerpen. Niet geheel kritiekloos, wat ook uit deze vertalingen wel blijkt, maar dat behoeft ook niet. Doumergue heeft hierbij heel wat caricaturen en zelfs lasteringen omtrent de hervormer moeten opruimen. Vooral in deel 1 dat gaat over Calvijns jeugd, maar toch ook wel in de twee andere delen, komen wij herhaaldelijk de discussie tegen van Doumergue met vooral roomse historici. Ik moet zeggen dat dat het lezen van deze boeken er niet gemakkelijker op heeft gemaakt. Ik vrees zelfs dat vele lezers erover zullen struikelen. Temeer omdat deze polemiek intussen verouderd is.
Wat óók verouderd is zijn de vele stadsbeschrijvingen in deze drie delen. Zeker, resten van wat allemaal beschreven wordt uit steden als Noyon, Straatsburg, Bazel, Genève enz., zullen er nog wel zijn; maar stellig zal er ook veel veranderd zijn. Toch wil ik deze beschrijvingen niet helemaal wegcijferen, men kán als men op reis gaat naar deze steden er wellicht profijt van hebben.
De boeken zijn vooral historisch van aard. Ik wil daarmee zeggen dat men dogmenhistorisch materiaal er maar matig in vindt. Een uitvoerige beschrijving van Calvijns theologie moet men hier niet zoeken. Maar toch wel een brede schets van de religie van Marguerite, zuster van de franse koning Frans I, wier protestantisme een 'eigenaardig karakter' droeg (deel 1, blz. 394); en in het tweede deel een heel mooi stuk over Farel. De vertaler, Winckel, heeft soms, in de noten waardevolle aanvullingen gegeven, b.v. over Rabelais (deel 1, blz. 141v.).
Waardevol is ook dat soms hele stukken uit de werken van Calvijn in vertaling zijn opgenomen. Trouwens, niet alleen uit de werken van Calvijn, ook wel uit de werken van anderen, als Baudoin en Beda. De strijd van Calvijn met Caroli wordt in deel 2 uitvoerig verhaald, zodat men er een goed inzicht in krijgt. De schrijver heeft heel veel details vermeld. Zo krijgen wij in deel 3 een brede uiteenzetting te verwerken van de eet- en leefgewoonten van de hervormers. De boeken bevatten ruim 1500 bladzijden. Hierbij zijn inbegrepen een aantal afbeeldingen. Het uiterlijk aanzien van de boeken is boven alle lof verheven; 3 stevige, mooie banden. Dat er in deze boeken naar mijn oordeel veel goeds te vinden is, zal nu wel duidelijk zijn.
K. Exalto
Met open vizier, Peter Bergwerff en Tjerk S. de Vries in gesprek met prof. Kamphuis, uitg. De Vuurbaak, 128 pag., ƒ 19,90.
Prof. Kamphuis is in Vrijgemaakt Gereformeerde kring een gezaghebbend man. Een man uit één stuk. Een geharnast strijder. Niet van vaagheden te betichten of van inkonsekwenties. In 1984 werd hem bij zijn 25-jarig ambtsjubileum een fraaie bundel studies aangeboden onder de titel 'Bezield Verband'. En nu, nu hij in mei met emeritaat ging, is er een bundel gesprekken verschenen. Ze zijn in zekere zin biografisch opgezet. De eerste gesprekken gaan over jeugd en opvoeding. De eerste gemeenten die werden gediend: Ferwerd en Hallum, Bunschoten-Spakenburg en Rotterdam-Delfshaven. Dan komt zijn benoeming tot hoogleraar aan de orde en zijn positie in de Vrijgemaakt Gereformeerde Keren met daarbij de al hoger oplopende interne spanningen uitmondend in het conflict van 1967. Boeiend vond ik zijn visie op de evangelischen o.a. binnen het kader van de EO. Prof. Kamphuis stelt dat wie het Sola Scriptura hanteert, deze regel nimmer los kan maken van de twee andere Reformatorische principes: Sola Gratia en Sola Fide. Daar ligt zijn pijn terzake de samenwerking binnen een verband als de EO. Er is wel het Sola Scriptura maar het Sola Gratia b.v. is vaag en onduidelijk en dat heeft dan ook weer z'n weerslag terug op het Sola Scriptura. Hij vertelt van een ontmoeting met een groep jongeren van evangelische inslag. Ze beklaagden zich erover dat hun gebouw beklad was door een homoseksuele groep en ze brachten dat in gebed. Prof. Kamphuis was het daarin met hen eens, maar zei toen wel: bij jullie krijgt de plaats van man en vrouw geen normatieve aandacht. Wat vinden jullie van Paulus' uitspraak dat de vrouw moet zwijgen in de gemeente. Daarop kwam alleen gegrinnik. Dáár heb je het dan, aldus prof. Kamphuis, je wel beroepen op de bijbel alleen, maar dat beroep is slechts een geformaliseerd beroep. Hier ligt wel een zeer wezenlijk punt. Samenwerking is in onze tijd, waar mogelijk, gewenst. Maar wat wezenlijk is èn blijft tussen Reformatorischen en Evangelischen mogen we niet vanwege de nood der tijden b.v. onder tafel laten verdwijnen. Helderheid blijft nodig. Prof. Kamphuis heeft weinig goede woorden over voor wat hij steeds noemt 'mystiek'. Nu is er inderdaad op dit terrein veel wat gevaarlijk en griezelig te noemen is. De cultus van de vrome mens, zoals ergens wordt gezegd. Prof. Kamphuis steigert waar aan de belofte Gods en de geldigheid daarvan wordt getornd. Daar vallen we hem geheel en al in bij. Maar is hij niet minder bang voor een vanzelfsprekendheid, een gearriveerdheid, een mentaliteit van 'des Heeren tempel' dat zijn wij? Geloof en mystiek? Nee, dat niet. Maar geloof en bevinding toch wel? Het heil moet toch ook toegepast worden in harten en levens van hen die het Evangelie horen en behoren tot het verbond der genade? Voorts, terzake de Hervormde Kerk is prof. Kamphuis duidelijk: een kerk die confessioneel gesproken geen bestaansrecht meer heeft. Zij die binnen deze kerk Gereformeerd trachten te zijn, zijn in deze visie eigenlijk nog het meest schuldig. Zij weten immers beter, maar blijven kerkelijk ongehoorzaam. Ik heb deze bundel gesprekken geboeid gelezen. Het boek bevat een stuk eigentijdse kerkgeschiedenis en biedt achtergrondinformatie terzake vrijmaking èn 1967, een periode die voor een buitenstaander niet makkelijk te volgen was. Alle achting voor een man die zo overtuigd getracht heeft de Gereformeerde beginselen gestalte te geven in zijn kerken.
J. Maasland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1987
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1987
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's