De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Sabbat en zondag

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Sabbat en zondag

11 minuten leestijd

Door de eeuwen heen zijn discussies gevoerd over de wijze waarop de zondag door christenen moet worden ingevuld, gevierd. Er is wat dit betreft onder christenen in heel de wereld groot onderscheid. De vraag komt dan altijd op in welke relatie onze zondag staat tot de oud-testamenische sabbat. Welnu, het is duidelijk dat, hóé men ook over de viering van de zondag denkt, de verschillen met de joodse viering van de sabbat in het algemeen erg groot zijn. Nergens komen die verschillen ook zo scherp aan het licht als wanneer men als christen in Israël vertoeft. Daar krijgt met name al het verschil van de dag, waarop sabbat en zondag gevierd worden, sterk accent.

Elke vrijdagmiddag bij zonsondergang daalt als het ware de sabbat over Israël. Een deel van het joodse volk – orthodoxe joden uit het land zelf en joden uit het buitenland die er vertoeven – begeven zich dan naar de Klaagmuur, het westelijk deel van de tempelmuur, in 1967 op Jordanië veroverd. Maar dan begint ook de sabbatsviering in de vele synagogen. En verder, de stad gaat om zo te zeggen op slot. Alle winkels en openbare gelegenheden gaan dicht. Zoals bekend heeft de joodse religie grote invloed op het openbare leven, ook al wordt deze in ernst slechts door een minderheid van het joodse volk beleefd en gepraktiseerd.
Op de zaterdagavond, eveneens bij zonsondergang, barst het volle leven intussen weer los. Overigens ook weer niet altijd. Want Israël viert zijn vierdagen, ook al volgen deze direct op de sabbat. Zo geviel het mij enige tijd geleden dat ik 's zaterdagsavonds aankwam in Jeruzalem en één van de op dat moment altijd drukbevolkte straten van Jeruzalem passeerde, waar het toen echter volmaakt stil was. Israël herdacht toen de zes miljoen joden, die in de Tweede Wereldoorlog omgebracht waren. Ook toen, in aansluiting op de sabbat, bleef het hele openbare leven stil liggen.

En verder doortrekken de sabbatswetten het joodse leven. Om een voorbeeld te noemen, het verbod om vuur te ontsteken op de dag van de sabbat (Ex. 35: 3) heeft tal van eigentijdse consequenties. Ook een koelkast mag op die dag derhalve niet worden geopend of gesloten. En om te voorkomen dat liften worden ingeschakeld en uitgeschakeld zijn sabbatsliften de hele dag door in werking in bepaalde gebouwen. Voor alles, wat op de sabbat gedaan en niet gedaan wordt, is wel een Schriftplaats te vinden, ook al hebben de joodse rabbi's de eeuwen door een netwerk van verfijningen in de sabbatswetgeving aangebracht om het gevaar te vermijden dat toch ergens het sabbatsgebod overtreden wordt. De grenzen worden om zo te zeggen veilig gesteld.

Ter lering
Alvorens iets te zeggen over de verschuiving van de sabbat naar de zondag wil ik toch allereerst opmerken dat er in de viering van de joodse sabbat enkele aansprekende momenten zitten, die ook ons ter blijvende lering zijn.
In de eerste plaats is er het feit dat de economie ondergeschikt wordt gemaakt aan de viering van de sabbat. Ook het openbare leven deelt in de zegen van de sabbat, ook al levert dat economisch geen winst op. De rust van de sabbat krijgt breed en diep gestalte.
In de tweede plaats kent men ook in de sabbatsviering de vreugde van de wet. Het is niet zo dat de wijze waarop de sabbat gevierd wordt tot last is. Eerder is het een lust, die te maken heeft met de heiliging van de Naam.
In de derde plaats laat men de sabbat beginnen op de avond, waarna deze 24 uur duurt. Ethici in christelijke kring hebben vaak de vraag onder ogen gezien of de sabbat 12 of 24 uur duurt. In Israël is dat nooit een probleem geweest. De sabbat duurt een vol etmaal en begint op de avond. Daarvan hadden we in christelijke kring vroeger ook meer besef dan vandaag. Vroeger stond immers ook de zaterdagavond vaak al in het teken van de komende zondag.
Kortom, er zijn elementen in de viering van de joodse sabbat die ons tot lering strekken.

Jezus en de sabbat
Toen Jesus rondwandelde op aarde heeft hij intussen de sabbat (nog) in tact gelaten. Zelf ging hij als naar gewoonte op de dag van de sabbat naar de synagoge. Maar wel haalde hij van tijd tot tijd al de bezem door de vele uiterlijkheden, waarmee de sabbat omgeven was. Hij Zelf genas zieken op de sabbat. En verder behoeven we alleen maar te denken aan het in drie Evangeliën vermelde verhaal van de discipelen, die om hun honger te stillen na de vermoeienissen van hun dagtaak, aren lazen op de dag van de sabbat. Dat viel uiteraard in slechte aarde bij de stipte wetgeleerden. Calvijn zegt dat het louter geveinsdheid was, 'die hen in zulke beuzelachtige dingen zo enghartig maakte'. Hij herinnert eraan dat Christus hen ook al vermaand had omdat ze 'de munt en de anijs vertienden', terwijl ze de voornaamste stukken der wet verachtten. Hij zegt: 'zo handelen de huichelaars altijd; van gewichtige plichten trachten zij zich te ontslaan, maar aan uiterlijke dingen klemmen zij zich vast. Vandaar staan zij er zo sterk op, dat men die uiterlijke dingen in acht neme; zij willen God met een louter uiterlijke dienst voldoen'.


Uiteindelijk zegt Jezus dan tot de Schriftgeleerden en wetgeleerden dat de sabbat er is om de mens en niet de mens om de sabbat. De mens mag door de sabbat niet worden benadeeld. Als hij honger heeft heeft hij voedsel nodig. De sabbat is er niet om de mens te kwellen maar is te zijnen nutte.

Toch schaft Jezus hier de sabbat als zodanig nog niet af. Het voorhangsel van de tempel was nog niet gescheurd. Maar bovendien is de sabbat immers in de schepping gefundeerd. Na de zes scheppingsdagen rustte de Heere van Zijn werken. En daarna was het gebod: zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen maar de zevende dag is de sabbat van de Heere uw God, dan zult gij geen werk doen…

De zondag
Het is opvallend dat in het Nieuwe Testament, na de Opstanding en de Hemelvaart des Heeren, geen directe uitspraak is te vinden om de sabbat af te schaffen en om te zetten in de zondag. Toch is dit gebeurd. Pas na de eerste eeuw echter is de zevende dag door de christenen vervangen door de eerste dag van de week, zijnde de dag van de Opstanding van de Heere Jezus Christus. Wel zijn er in het Nieuwe Testament ook enkele Schriftplaatsen, die erop wijzen dat de gewoonte om de zondag als eerste dag van de week te vieren onder de heidenchristenen opkomt (Hand. 20:7, 1 Kor. 16:2 en Openb. 1:10). In het algemeen wordt het aan de leiding van de Heilige Geest toegeschreven dat de zevende dag in de eerste dag van de week is omgezet als rustdag. Men leze hiervoor bijvoorbeeld het gefundeerde boekje 'Arbeid, geen rust meer?', dat recent uitgegeven werd door de Reformatorisch Maatschappelijke Unie.

In ieder geval is duidelijk dat híér en zó de diepe kloof tussen christendom en jodendom aan de dag treedt. Op het moment waarop de joden de viering van de sabbat, met de vele inzettingen, geboden en verboden afsluiten, moet de zondag voor de christenen nog beginnen. Hier denken we met name aan de tekst uit Romeinen 3: 'maar nu is de rechtvaardigheid Gods geopenbaard geworden zonder de werken, hebbende getuigenis van de wet en de profeten: namelijk de rechtvaardigheid Gods door het geloof in Jezus Christus'. In de kloof tussen kerk en Israël staat Jezus, de Gekruisigde en de Opgestane, de Messias van Israël en het Hoofd der gemeente.

Karakter
Ongetwijfeld heeft het feit dat er zo 'n verschillende invulling gegeven is aan de zondag in de loop der eeuwen te maken met het feit dat het Nieuwe Testament er zo sober over is. Maar wel staat de positieve vulling ervan als een opdracht vóór ons. Calvijn zegt 'want daar het einde en de vervulling van die ware rust, waarvan de oude sabbat een afschaduwing was, gelegen is in de Opstanding des Heeren, worden de christenen juist op die dag, die aan de schaduwen een einde gemaakt heeft, vermaand dat zij niet in schaduwachtige ceremoniën moeten blijven hangen'. Calvijn veroordeelt overigens hen niet, die andere dagen bestemd willen houden voor hun samenkomsten. Dat hij in deze zelfs niet absoluut oordeelt over bezigheid op zondag blijkt uit het feit dat hij zegt dat men ondergeschikten 'niet onmenselijk met werk (moet) overladen' (ik citeer het genoemde boekje van de RMU).

De Reformatie heeft de zondag met name in het teken gezet van de viering van de Opstanding. In de Heildelberger (zondag 38) vinden we dan ook de nadruk op de positieve vulling, namelijk het onderhouden van de kerkdienst in de samenkomst der gemeente (men zegt daarbij in gelijkschakelende zin: op de sabbat, dat is op de rustdag), het horen van het Woord Gods, het gebruik van de sacramenten en de christelijke handreiking. Het staat daarbij alles onder de noemer van het scheppen van ruimte om de Heilige Geest in mij te laten werken.

Wilhelmus á Brakel noemt in zijn Redelijke Godsdienst concreet hierbij nog de volgende taak: 'kranken en ellendigen te bezoeken, hen van het onthoudene wat mede te delen, uit het Woord Gods wat voorlezen en voorts hen te overtuigen van zonde en straf en hen de Heere Jezus bekend te maken zo zij onbekeerd zijn, de bekeerde te troosten en tot lijdzaamheid op te wekken'. Brakel zegt óók dat men van die dag weliswaar geen werkdag, marktdag of plezierdag mag maken maar ook geen ezelsdag, een dag voor luie ezels.

Puriteins
In Nederland is door allerlei invloeden de zondag sterk gestempeld geworden door het puritanisme. Wij hebben een sterk puriteinse zondag. Op zichzelf zit daarin iets uiterst waardevols. Van Luther is bekend dat hij een vrijere zondag voorstond dan Calvijn. Sterker nadruk legt hij op de lichamelijke rust. In Lutherse landen is intussen de zondag vaak, tot schade van het geestelijk leven, méér verwaterd dan in landen waar de gereformeerde Reformatie wortel schoot en bovendien puriteinse invloeden van kracht waren. De puriteinse zondag heeft kerk en gemeentebewarend gewerkt, méér dan in landen waar men een vrije zondag voorstaat. De zondag heeft te onzent in het verleden ook beslag gehad op het openbare leven. Het is wat dit betreft een grote verarming dat we dit zijn kwijt geraakt. De jacht van het leven houdt zo nooit op. De moderne mens gaat van werkdag naar plezierdag maar op adem komt nien niet. Maar bovendien, hoe is juist ook de heiliging van de dag des Heeren en daarin de heiliging van de Naam des Heeren niet in het gedrang gekomen, ook onder christenen die met een halve zondag genoegen nemem. Het zij nogmaals gezegd, hierin is Israël met de viering van de sabbat ons ten voorbeeld.
Anderzijds zullen we ons blijvend moeten herinneren dat de sabbat (de zondag) er is om de mens en niet de mens om de zondag. De zondag mag niet een dag worden van raak niet en smaak niet en roer niet aan, een dag van marteling en verveling, een dag waarop mensen gaan verlangen naar het einde ervan. Telkens weer duikt het gevaar op dat we ook wat de zondag betreft op joodse wijze bij de werken der wet uitkomen, waar Paulus in Romeinen 3 een streep doorhaalde. Dat we toch een gerechtigheid proberen op te bouwen door die dag in de uiterlijke dingen te laten opgaan en zo te laten ondergaan. Juist in onze tijd neemt in de Gereformeerde Gezindte de hang naar uiterlijke kenmerken en plichtbestrachtingen toe. En soms gaat het om wat Calvijn rangschikt onder de 'beuzelachtigheden' van de Farizeeën. We kunnen om zo te zeggen punten sparen om wat de wetsbetrachting betreft een voldoende te halen, terwijl ons hart verre is van de vreugde der wet en van de rechte viering van de dag des Heeren als dag van de Opstanding.


Als het gaat om de zondagsviering gaan we over het scherp van de snede. De sabbat is niet afgeschaft maar wel van dag en karakter veranderd. De dienst van de schaduwen is voorbij. We kunnen ook hier maar het best uit de omgeving van de grens van wat nog net wel en niet 'mag' blijven maar we mogen ons niet onder een nieuwe wet laten brengen. De dag zal staan in het teken van de heiliging van de Naam en de viering van de Opstanding. Daarvoor moet alles wijken, zowel de libertijnse losheid als de farizese werkheiligheid. Ook in deze geldt het Sola Scriptura. Opdat de zondag echt een dag van bevrijding zij.

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 augustus 1987

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Sabbat en zondag

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 augustus 1987

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's