Het avondmaal in de praktijk
De uitgever heeft dit boekje gestoken in een diep hemelsblauwe kaft. Daarin proef ik een soort symboliek. Hemelsblauw zien wij op een mooie dag met veel zonlicht. Alles is even helder. Welnu, dat is naar ons inzicht de eerste deugd van dit geschrift. De schrijver heeft zichzelf tot taak gesteld een klein en gemakkelijk te hanteren boekje over het Heilig Avondmaal te schrijven, dat vooral praktisch van aard is. Daardoor is in de eerste plaats veel overbodig theologiseren vermeden. Maar overigens is de grens van het onderwerp scherp bewaakt. In dit boekje ziet u het Avondmaal als door een scherp geslepen glas. Dat heeft de behandeling buitengewoon goed gedaan. De lezer verwachte dus geen breedheid, maar beknoptheid.
Intussen de bondigheid van dit boek betekent allerminst oppervlakkigheid. Deze kortheid ligt daarin, dat rekening is gehouden met een modern lezerspubliek. Exalto verstaat de hedendaagse problemen, maar geeft er antwoord op van de oude formulieren uit. Zo ooit. dan blijkt de klassieke leer van de kerk creatief te zijn voor mensen in onze tijd. Dat is juist het boeiende van de lektuur – er is een brug aanwezig van de oude tijd naar de nieuwe tijd en de auteur vertolkt het geloofsgoed van de kerk der eeuwen in onze taal. Daardoor is geheel vanzelf diepte verkregen. De geconcentreerde vorm der gedachte wekt het nadenken vanzelf op. Men moet overigens wel over een groot fonds van theologische wetenschap beschikken om toch ter zake en kernachtig het wezenlijke aan te snijden. De schrijver bezit daartoe een charisma.
In zes hoofdstukken valt de stof uiteen. Allereerst wordt de instelling van het Avondmaal besproken. Vervolgens vinden wij een uiteenzetting over de vraag voor wie het is bestemd. Voorbereiding, viering en nabetrachting van het sacrament komen ter sprake, al is het dan ook in anderen termen. Een bijzondere uiteenzetting is gewijd aan de kwestie of kinderen ook aan het Avondmaal mogen worden toegelaten. In krachtige argumentatie wijst de schrijver dit af.
Bijzonder verdienstelijk achten wij het, dat Exalto eigenlijk niet veel meer doet dan het oude Avondmaalsformulier toelichten, ook hier en daar een vingerwijzing geeft naar de Catechismus. Een enkele maal komt ook de Institutie van Calvijn ter sprake, eveneens een ander geschrift van diens hand. De schriftuurlijkheid van de echte reformatie klinkt juist in die oude formulieren gaaf door en het aanhalen van die formulieren verleent aan het betoog dwingende kracht. Een attent lezer merkt zo wel tussen de letters en de regels door, dat de schrijver zo zijn bedenkingen heeft voor menig tijdsverschijnsel. Hij moet dan wel goed lezen, fijnproever zijn – maar het staat er toch maar en wij juichen het toe. Wat denkt u bijvoorbeeld over de opmerking dat wij door het piëtisme zijn heengegaan, over het te nauwkeurig doorgevoerde zelfonderzoek, dat kwelling wordt? U bemerkt ogenblikkelijk de intentie. De bedoeling is de verstarring rondom het sacrament weg te halen en het levend in ons midden te zetten. Het zal de auteur niet in dank worden afgenomen. Maar – heilige huisjes moeten afgebroken worden vooral wanneer wij daar behagelijk in gaan wonen.
Op deze manier wordt dit boekje veel meer dan het onderwerp aankondigt. Het is een essay, waarin de peinzende lezer zonder al te veel gedruis in aanraking gebracht wordt met verkalkingen, versteningen in prediking en sacramentsviering, die nooit bestaan kunnen voor Gods oog. Exalto merkt ze op, even maar, met een tinteling in zijn oog, maar de lezer, die onderzoekt, ontvange toch een stoot in zijn zijde en een correctie in zijn mening. Wat is er ook onder ons veel 'gewoontedenken' heilig verklaard!
Als wij desalniettemin een paar wensen hebben, dan is het dit aantal: zou het niet eens mogelijk zijn wat meer aandacht aan de kwestie van de prediking te besteden? Dan staat er op bladzijde 46 de opmerking, dat de secularisatie bevorderd wordt door een beroep op onze onwaardigheid en onmacht. Wij werden zeer getroffen door deze opmerking, vanwege het waarheidsgehalte daarvan. Hier raakt Exalto de levenszenuwen van veel kerkelijke ellende aan, maar zal een gemiddelde lezer dit zo maar vatten? De overgang van gezond warm geloofsleven naar beredeneerde rationaliteit verlamt menige gemeente. Bavinck heeft indertijd over deze kwestie goede dingen geschreven, maar naar onze mening is het broodnodig dit bij de nood der huidige verstarring weer eens opnieuw aan de orde te stellen. In het bestek van dit boekje was dat misschien onmogelijk, maar juist in de Avondmaalspraktijk stuiten wij gedurig op dit probleem.
Samengevat achten wij dit geschriftje een goede aanwinst. Wij proeven er achter het medeleven van een pastor met een nood, die nog veelzins onder ons heerst en door meer heldere Schriftkennis allicht zou kunnen worden opgeheven. Men denke slechts aan het scrupuleuze zelfonderzoek. Het boek is geschikt voor uitdeling aan gemeenteleden en het kan goede dienst bewijzen bij de voorbereiding van het Avondmaal. Wij bevelen het hartelijk aan.
A. v. Brummelen, Huizen
K. Exalto, Het Avondmaal in de praktijk, uitgeverij De Groot Goudriaan – Kampen 1987, 70 blz., ƒ 10,–, verschenen in de serie Pastoraat.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's