De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De verzoeking van de geschiedenis (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De verzoeking van de geschiedenis (2)

9 minuten leestijd

Wie was Thomas Müntzer?
Het is niet eenvoudig om een goed oordeel te vormen over de persoon van Müntzer. Hij was zo'n acht jaren jonger dan Luther, priester, bibliofiel, aanvankelijk enthousiast volgeling van Luther, maar na een periode van langzame vervreemding tenslotte een bittere vijand van de reformator, die hij smalend 'broeder mestzwijn' en 'vadertje slomentred' noemde. Zijn leven was een grote zwerftocht van de ene plaats van onrust naar de andere. Overal verwierf hij zich een aanhang met zijn gloedvolle prediking, maar overal werd hij er ook weer uitgezet als de onrust de overheden te bar werd.
Lange tijd heeft men in Müntzer niet meer gezien dan de revolutionaire leider van de Boerenoorlog. In het Oostblok geldt hij nog steeds als de held van de vroeg-burgerlijke revolutie, die helaas door de 'vorstenknecht' Luther onderuit is gehaald. Voor de revolutietheologen van vandaag is hij een voorbeeld van een maatschappij-betrokken theoloog, die in de tijd van de Reformatie de bevrijdende kracht van het Evangelie niet beperkte tot de binnenkamer, maar dienstbaar liet zijn aan de strijd tegen maatschappelijke onderdrukking.
Voor Luther was Müntzer het instrument van de duivel, die als de diabolos, de grote verwarrer het geestelijke en wereldlijke rijk wilde verstoren, om zo beide rijken te gronde te doen gaan. Voor vele niet-marxisten is Müntzer niet meer dan een bevlogen revolutionair, die gelukkig niet geslaagd is in zijn opzet.
Wie echter de geschriften van Müntzer bestudeert en zijn brieven leest, merkt dat Müntzer zichzelf tot het laatste toe gezien heeft als een theoloog, die op profetische wijze het op moest nemen voor het ware geloof tegenover het 'verdichte', verzonnen geloof.
Dat laatste meende hij bij Luther te vinden, een geloof dat door het Woord gewerkt is, een goedkoop geloof. Hij noemt het ergens ook een 'gestolen geloof', dat de ware vreze Gods niet kent. Het roemt alleen maar in een 'zoete Jezus', het kent de 'bittere Christus' niet. Het wil in Christus geloven, zonder eerst Hem metterdaad door de aanvechtingen heen gelijkvormig geworden te zijn. Müntzer vertekent het geloof, zoals Luther het belijdt en beleeft, als een puur uiterlijk geloof, zonder ervaring. Het kent niet het werk Gods, Die eerst het onkruid uit het hart uitroeit. Christus alleen is het geloof niet genoeg, vindt hij, want wie ook Zijn ervaringen niet heeft ondervonden, die zal ook niet in Zijn voetstappen gaan. En om dat laatste is het Müntzer nu juist te doen. Bij Luther ontbreekt het ware geloof, omdat de consequenties gemist worden, althans, die Müntzer voor onmisbaar acht. Luther weigert het geloof concreet te maken in een poging om het heilsrijk op aarde te realiseren. En om die weigering veroordeelt Müntzer zijn reformatie als half werk, niet uit de Geest.

Het ware geloof
Het ware geloof verstaat de roeping om in de eindtijd, in de geschiedenis dienstbaar te zijn tot het werk Gods. De gelovigen zijn niet geroepen om het laatste oordeel te verwachten op de dag van de wederkomst, maar om het oordeel hier en nu al te voltrekken. De sikkel is Müntzer in handen gegeven, door het geloof dat de Geest onmiddellijk in het hart werkte, en zo is hij geroepen tot het werk van de oogst. De goddelozen moeten weggedaan worden uit het midden der uitverkorenen. Alleen wanneer dat geschied is, zullen er 'goede dagen' komen van Gods heilsregering, een duizendjarig rijk. Het is belangrijk dat de uitverkorenen elkaar herkennen en zich samen voegen tot hun historische opdracht. Ze zijn te herkennen aan een zelfde geloofservaring. Alleen wie, net als Müntzer, door een onmiddellijke ervaring van de Geest, het oordeel in eigen hart heeft ondergaan en zo los is van het creatuurlijke, die is geschikt om mede uitvoering te geven aan Gods gericht. Müntzer stelt zijn eigen geloofsweg als maatstaf en kenmerk voor het ware geloof. Zoals het oordeel innerlijk ervaren is, zo moet het uiterlijk ook in de praktijk worden gebracht. Zo zien we dat een in wezen mystieke innerlijkheid een directe verbinding heeft met een revolutionair activisme. Vanwege deze wonderlijke verbondenheid van mystiek 'en revolutie is Müntzer wel 'de mysticus met de hamer' genoemd.
Het zijn dus niet, in tegenstelling tot de marxistische interpretatie, de uiterlijke sociale omstandigheden die Müntzer tot een revolutionair activisme hebben gebracht. Vanuit zijn radicale geloofsvisie, die van het begin af aan aanwezig was, is hij heel zijn leven bezig geweest om de instrumenten te vinden om zijn opdracht uit te voeren. Daarbij richtte hij zich niet in de eerste plaats tot de onderdrukte boeren, maar tot de vorsten van Saksen. Hij hoopte, dat zij de radicale reformatie wilden doorzetten, nu Luther weigerde. Toen ook de overheden hem geen gehoor gaven wendde hij zich tenslotte tot het volk. In de opstandige boeren zag hij uiteindelijk de uitverkoren instrumenten, waarvan hij zich bedienen kon voor de grote oogst waartoe hij geroepen was.
Het is maar de vraag of Müntzer ooit echt oog heeft gehad voor de werkelijke noden van de boeren. Hij was daarom net de verkeerde behartiger hun zaak, omdat hij die niet vanuit zichzelf verstond. De analyse van de historische en maatschappelijke situatie werd veel meer gemaakt vanuit de innerlijke ervaring. Zo heeft Müntzer de maatschappelijke onrust min of meer geëxploiteerd, en de boeren nog verder weg geholpen dan ze al waren. Door de wijze waarop de Boerenoorlog geëscaleerd is tot een religieuze eindstrijd is de rechtmatige zaak van de boerenstand voor zeer lange tijd onder tafel geraakt.

Aanvechtingen
Op de vraag hoe de christen heeft te staan in de verzoeking en de verwarring van de geschiedenis, heeft Müntzer een duidelijk antwoord gegeven. De gelovige mag alleen zo heten als hij actief is in de voltrekking van het gericht en zo het heilsrijk hier en nu helpt komen. In de vervulling van zijn roeping ligt de zekerheid van zijn heil, daarin maakt hij het heil als het ware werkelijkheid. Revolutionaire ervaring in het hart, gecombineerd met revolutionaire daden, dat is de zekerheid des geloofs. Dit antwoord was voor Müntzer een kracht in zijn aanvechtingen. Zijn rusteloos activisme kan wel eens alles te maken hebben gehad met zijn innerlijke aanvechtingen. Het doet ons de vraag stellen of veel activisme ook vandaag, als het gaat om de werkelijkheid van Gods heil in de geschiedenis, niet te maken heeft met een diep verborgen innerlijke angst en leegheid? Müntzer heeft veel aanvechtingen gekend. De verwoording van zijn ervaring lijkt vaak veel op die van Luther, vooral in zijn vroegere theologie van het kruis. In de aanvechting wordt het ervaren dat God heelt door te slaan, dat Hij doodt, en juist zo levend maakt. Toch waren de aanvechtingen bij Luther van een geheel andere aard dan bij Müntzer. Luther vertwijfelde in zijn innerlijke strijd aan de genade van God. Hij vond de uitkomst en troost in de zekerheid van Gods rechtvaardigende genade in Christus, voor een schuldig zondaar. Müntzeras aanvechtingen waren meer de vertwijfeling aan het bestaan van God en de mogelijkheid van geloof zonder meer. Daarin staat hij dicht bij veel mensen van vandaag. Hij vond zijn vertroosting en zekerheid niet zozeer in de genadige vrijspraak, als wel in zijn roepingsbesef. Het zich geroepen weten, van binnen uit, tot de zaak van Gods gericht, dat was zijn heilszekerheid. Daarmee stond of viel zijn geloof. Daarom was hij ook zo fel tegen eenieder, die het anders geloofde. In zijn roeping moest hij dat wat in het hart bevestigd was ook uiterlijk waarmaken. Er is sprake van een wisselwerking, want naarmate het uiterlijke werk gestalte kreeg, naar die mate werd de innerlijke zekerheid ook beleefd.

Mislukking
Müntzers geloofsactivisme is uiteindelijk stukgelopen op de werkelijkheid van de geschiedenis. De afloop van de strijd bij Frankenhausen maakte zijn profetie van het nabije heilsrijk tot een valse. Tot vlak voor de beslissing had hij zijn leger van verkorenen in de ban van zijn charisma gehouden. De kogels zouden hen niet deren, de regenboog die boven het vorstenleger gezien werd, was het bewijs van de overwinning die God hen geven zou. Onderhandelingen, die voor zijn komst in het leger nog gaande waren, werden definitief verbroken door de moord op de onderhandelaars van de vorsten. Er was geen weg terug. De fanatieke wil om het heil waar te maken verdreef de laatste resten van redelijkheid, en stortte duizenden in onheil, als offer aan de chiliastische droom. Toen de kogels over het kamp der boeren begonnen te fluiten werd de ban verbroken. In paniek vluchtte men weg. Ook Müntzer probeerde te ontkomen, voor de zoveelste keer, nu hij de gevolgen van zijn prediking zag. Nu lukte het niet. Hij werd gevangen genomen, gefolterd en terechtgesteld. Vlak voor zijn dood keerde hij terug tot het katholieke geloof. Zijn medestander bleef standvastig bij zijn overtuiging, maar Müntzer viel terug. Waarom? Was het enkel lafheid? Of was er met het mislukken van zijn roeping zo'n streep door al zijn zekerheid van geloof gezet, dat hem niets anders restte dan terug te keren naar de bodem van het katholieke geloof, dat hij eens zo zelfbewust verlaten had? Alle vastheid, die hij tevoren in de overtuiging van zijn roeping door de Geest, had uitgestraald, is weggeslagen. Zo eindigde de zoeker naar innerlijke zekerheid, die op zijn zoektocht de kruisvaarder geworden was van Gods gerechtigheid.
In een tijd van grote aanvechtingen, in de stroomversnelling van de geschiedenis, zag Müntzer geen andere mogelijkheid voor de christen om te blijven geloven in God en Zijn heil, dan door zich in te zetten voor de realisering van het koninkrijk Gods hier en nu. Een schip op het strand is een baken in zee. Müntzer is niet het enige voorbeeld uit de kerkgeschiedenis van een mislukt millennium.
Zouden veel bevrijdingstheologie en revolutionair heilsactivisme ook vandaag niet voort kunnen komen uit een laatste wanhoopspoging om de relevantie van het geloof en van God in de geschiedenis aan te tonen? De volgende keer zullen we zien dat er ook een ander antwoord gegeven kan worden op de vraag hoe de christen in de verzoeking van de geschiedenis mag volharden in het geloof.

M. A. van den Berg, Harderwijk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De verzoeking van de geschiedenis (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's