De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Meditatie

8 minuten leestijd

'De Geest des Heeren is op Mij, daarom heeft Hij Mij gezonden om de armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart.'Luc. 4 18

De Heere Jezus haalt in Zijn toespraak/preek tot Zijn plaatsgenoten een uitspraak aan van de profeet Jesaja, die nú vervuld is. Jesaja heeft geprofeteerd van Hem, Die komen zou. De ganse Schrift is vervuld van Hem, maar we hebben nieuwe ogen nodig om dat te verstaan. Wie Hem immers niet kent, weet niet Wie Hij is, ook niet al wordt het ons helder voorgesteld in de Schrift. Daarom moet er verklaring en openbaring, ja: toepassing des Geestes bijkomen, wil de ganse Schrift niet een duister boek voor ons blijven. Aangaande het werk van de Zoon, volgens de opdracht des Vaders, wordt in deze tekst vermeld, dat de Heere Hem heeft gezalfd met de Geest des Heeren. De drie Personen worden hier genoemd in het werk der zaligheid. Dat is ook noodzakelijk. Wie zijn onuitsprekelijk diepe val leert verstaan in eigen hart en leven, die krijgt een Drieënig God nodig om behouden te worden.
De wonderlijke inhoud van deze vermelding krijgt hoge waarde voor elkeen, die in absolute onmogelijkheid terneerzit, machteloos en moedeloos: O God, hoe moet ik ooit nog zalig worden? De heugelijke vermelding van de samenwerking des Drieënigen Gods verblijdt het hart van dezulken, die niet anders meer overhouden, dan een stenen hart vol vijandschap en onwil. O, ze hebben misschien een tijd meegemaakt in hun leven, dat ze meenden gewillig en ernstig te zijn, maar het is een inbeelding van satan geweest. Ze zijn nu, na ontdekkend licht des Geestes, harder en bozer, vuiler en gemener, dan ooit tevoren. Ze kunnen dus niet meer schuilen achter hun onmacht, maar ze leerden die Gode-vijandige natuur kennen. Kijk, en nu komt het wonder van alle wonderen: God Zelf zal er voor zorgen, dat de Zijnen er komen. Hijzelf neemt het initiatief. Hij spant samen met Zichzelf, beraadslaagt met Zichzelf; en de drie Personen tesamen, de ene God, werken samen om de verloren adamiet te behouden. Hij, die niet alleen onmachtig of onwaardig is, maar ook onwillig, krijgt het zuiverste Evangelie te horen uit de mond van Jezus, te Nazareth: De Heere, de Drieënige God Zelf begint, zet voort en voltooit. Daarom heeft Hij Zijn Geest gezonden naar deze aarde om Zijn Zoon te zalven. Dat is niet alleen: te ordenen, te zenden met volmacht. Maar het is ook: te bekwamen.
Dat is een aspect in deze waarheid, waarin we verootmoedigend onderwijs ontvangen. Onderwijs, waardoor de Heere de ziel des amechtigen en radicaal verlorenen bemoedigt. Als het namelijk nodig was, dat de volmaakte Mens Jezus, de Zoon van God, nog de heilige Zalving des Geestes ontving…, dan was het werk der zaliging en schuldbetaling dus onvoorstelbaar groot, zwaar en moeilijk. Dat kwam doordat onze natuur alzó verdorven is geworden, dat wij allen in zonden ontvangen worden en geboren worden, ja: doordat wij ganselijk onbekwaam zijn tot enig goed en geneigd tot alle kwaad. Daarom moest er zúlk een groot wonder gebeuren, dat niet door de Zoon kon worden verricht, zonder de bekwaammakende zalving des Geestes. Aanschouw in deze heerlijke Evangelie-verkondiging uw diepe verlorenheid, o medereiziger! Dat we ons waarlijk mochten leren schamen, dat we ons zouden verootmoedigen, omdat onze Heere Jezus Christus zulk een diepe weg moest gaan, vanwege mijn afval en ongehoorzaamheid, dat slechts door de ondersteuning des Geestes dat mogelijk was. Wat zien we in de beraadslaging des Drieënigen Gods dan duidelijk voor ogen getekend, dat het werkelijk een volslagen onmogelijkheid was en is voor ons mensen om onszelf te redden. En nu gaat het er natuurlijk niet om, dat schrijver en lezers tesamen rechtzinnig belijden, dan we vanuit onszelf totaal onmachtig en reddeloos zijn, want dat doen we natuurlijk allemaal. Maar de Heere vraagt van ons: Hebt u nu wérkelijk nodig, dat een Drieënig God aan het werk gaat, tot uw redding? Vindt u, dat dat waarlijk onontbeerlijk is, omdat ge hebt gevoeld, geheel verdorven en totaal vleselijk te zijn?!
Tevens schuilt zulk een heerlijke bemoediging in deze omschrijving van des Vaders Welbehagen in het zalven, bekwaammaken van Zijn Zoon om Middelaar en Borg te zijn. Bemoediging voor amechtigen, die de hoop reeds hadden opgegeven, ziende op alle eigen kennen en kunnen. Want wat zegt de Schrift dezulken? Dat de Heere Zelf heeft voorzien in uw totale rampzaligheid. De Heere wist wel, hoezeer u verloren zou zijn door eigen schuld. De Heere wist wel, dat u een hart omdraagt, dat bitter vijandig is tegen de Rechtvaardige en Heilige. Daarom heeft God niet zúlk een Middelaar gezonden, Die half of driekwart kan zaligmaken, maar Hij heeft Hem de zalving/bekwaammaking Zijns Geestes gegeven, zodat Hij volkómelijk kan zaligen en heiligen degenen, die door Hem tot God gaan.
Het werk, dat Hij vóór de Zijnen heeft gedaan is groot, maar het werk, dat Hij in de Zijnen doet is niet kleiner. Hij verkondigt en geneest. Het Evangelie maakt Hij bekend.
Zat u erop te wachten? Omdat u zo blind en dwaas bent vanuit uzelf? En dan niet een eenmalige bekendmaking, maar een voortgaande en dieperafstekende bekendmaking. Niet alleen in de eerste wegen, waarin de Geest u onderwijst aangaande de enige mogelijkheid der zaligheid. Maar ook, wanneer de Geest van Christus u op de School der armoede plaatst en u het bij de voortduur moet leren, om de letters van Gods belofte te spellen. Dat Hij u, o arme dwaas, die u was en bent, weer opnieuw zou leren lezen, hoe goed het is in de gemeenschap Gods.
Die verkondigende arbeid des Heeren Jezus gaat steeds verder in het leven van Gods volk.
Steeds opnieuw worden ze door de Heere apart genomen – u ook? – om verder te worden ingeleid in het heilsgeheim. Zo hebben we eens gedacht: Nu weet ik alles. En dat is waar, want hij, die Jezus Christus met ogen des geloofs en veriichting des Geestes heeft leren kennen in die eerste ontmoeting der ziel, heeft alles, weet ook alles. Nochtans leidt Hij je later terug naar de eerste klas, om niets te weten, dan alleen wat Hij zielsbevindelijk onderwijst. Gelukkig die mens, die niet meer weet, dan alleen van dát onderwijs, dat het stempel des Geestes draagt.
Als we nader ons bezinnen op het genezende werk van onze Arts, blijkt, dat Hijzelf onze genezing is. Zoals het formulier om het Heilig Avondmaal te houden ons zegt aangaande onze honger en kommer, dat Hijzelf onze honger stilt, als zijnde het Brood des Levens, zó ook is Hij onze Genezing, omdat Hijzelf de Balsem is. Waar immers zal het verbroken hart, dat door de kennis der zonde vanuit Gods heilige Wet is verbrijzeld ooit vertroosting vinden, dan – om met artikel 21 der Nederlandse Geloofsbelijdenis te spreken – in Zijn wonden?! O zoete vertroosting, die in Zijn dierbaar en bitter lijden ligt voor hen, die met grote rouwklage op Hem zien. Dien zij doorstoken hebben. Onbegrijpelijk, dat Hij Zich heeft laten bereiden door de Vader, tot een Balsem, die waarlijk geneest. Nimmer kwam Hem een hopeloos geval onder ogen. Nimmer schooide een bedelaar tevergeefs om een gratis consult. Hij, Die de therapie en genezing schenkt, gaf u ook de beoordeling, de diagnose. Wie onder de diagnose niet wil buigen in zelfveroordeling, zal de genezende en vertroostende werking van deze Balsem nimmer genieten.
O, wat hebben we in de Gekruisigde een bekwame Heelmeester, gewonde zielen, die dit leest! Hij weet precies, wat u behoeft en wénst u niet slechts het goede, maar déélt het daadwerkelijk mee. Daarmee wordt Hij de meerdere Koperen Slang, Die is verhoogd, opdat een iegelijk, die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe.
De genezing door de Heere Christus geschiedt door middel van het geloof. Door die kostelijke gave des Geestes worden we immers aan Hem verbonden, zodat Zijn kracht en genade in ons overvloeit. Dan komt er zielsvereniging met onze Zaligmaker tot stand. O, verwonde, ja: dodelijk gewonde zielen. Hij is een aangestelde Medicijnmeester voor de gánse wereld, gelijk onze vaderen in hun geschriften overvloedig hebben geleerd, volgens Gods onfeilbaar Woord: Hij wenst als Arts geëerd te worden, doordat u niet eerst zelf aan het dokteren gaat, uw wonden verbindt, het gebroken hart ietwat geneest, maar door ná, gelijk ge zijt, zonder iets van uzelf daarbij, behalve uw helwaardigheid en God-beledigingen, aan Zijn voeten te buigen, opdat Hij uw Alles zij.
Wie klagen moet Hem niet te kennen en de weg tot Hem niet te weten, of geen benen te hebben om tot Hem te kunnen komen, die klage zijn uiterste hulpeloosheid en hopeloosheid in eenvoudigheid des geestes aan de grote Hoorder des gebeds.
Zalig, dat volk, dat mag weten van de verklaring des Geestes, Die het Evangelie indroeg in het hart en Die de genezende Balsem van de Gekruisigde toepaste aan de gewonde consciëntie. Zij zullen weten hoezeer ze alles aan Hem te danken hebben en daarom zal de eeuwigheid voor hen niet te lang duren om Hem te eren en te aanbidden.
Allen daarentegen, die Hem nog niet nodig hebben, omdat ze nog waarlijk arm en niet geheel verbroken zijn, wordt gezegd: de toom Gods en de eeuwige verdoemenis rust op u en wacht u. Laat u nog waarschuwen, opdat u zich niet voor eeuwig zou bedriegen met een praten over Jezus, terwijl Zijn Stem en genezende Hand u nog nooit dierbaar zijn geworden!

W. Pieters, Genemuiden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 november 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 november 1987

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's