Stille kracht
Dat Gods liefde het menselijk bestaan binnendringt en herschept, is één van de teerste geheimen van het geloof. De gemeente van Jezus Christus heeft alle eeuwen door een vermoeden van dit geheim gehad, het geheim van Gods uitverkoren kinderen. In de Dordtse Leerregels, in 1619 door de synode van Dordrecht vastgesteld, lezen we dat de uitverkorenen van Gods liefde verzekerd worden 'als zij de onfeilbare vruchten van de Verkiezing in het Woord van God aangewezen (als daar zijn: het ware geloof in Christus, kinderlijke vreze van God, droefheid die naar God is over de zonde, honger en dorst naar de gerechtigheid, enz.), in zichzelf met een geestelijke blijdschap en heilige vermaking waarnemen' (I, 12). Het bestaan doorzien tot op God, het geheim van de uitverkorenen.
In de Nederlandse Hervormde Kerk zijn er altijd mensen geweest, die de herinnering aan de Dordtse Leerregels levend hielden. Maar vooral de kerken 'rechts buiten' de Hervormde hebben zich steeds als de bewaarders van dit geheim opgeworpen. Helaas hebben zij daarbij niet altijd de 'geestelijke blijdschap' en het 'heilige vermaak' bewaard. Waar die verdwijnen, verdwijnt ook de zekerheid en wordt de gedachte aan Gods verkiezende liefde tot een boze droom.
Ik had hem een lift gegeven op weg van mijn werk naar huis. Hij was me op de kazerne al opgevallen. Een Zeeuw. Een stille jongen. Luisterde veel, sprak weinig. Hij was van de 'Gereformeerde Gemeenten', één van de kerken 'rechts buiten'. Hij zou die avond doorbrengen op een contactadres, bij mensen van zijn kerk.
'Was het moeilijk voor jou', vroeg ik, 'de overgang toen je in dienst kwam?'
'Ja', zie hij, 'ik vond het moeilijk. Ik kom uit een beschermd wereldje. In dienst gaat alles heel anders. Ik heb nog nooit iemand zien bidden voor het eten. Ze praten ook heel anders. En dat vloeken, daar ben ik niet bij opgevoed. Ik drink niet en ik ga ook niet met ze mee de stad in.'
'De jongens op jouw kamer, accepteren die dat jij anders leeft?', vroeg ik.
'Jawel, ze zijn best aardig. Ze weten dat ik een boel dingen niet meedoe. Maar verder zijn ze heel gewoon tegen mij. Gewoon, zoals ze ook tegen elkaar zijn.'
'Misschien hebben zij het in dienst ook moeilijk, maar weer op een heel andere manier dan jij.'
'Ja, ik praat weleens met ze. Er zijn er bij die het thuis erg moeilijk hebben. Ik denk dat die ook wel eens bij u komen praten.'
'Ja', zei ik.
'U bent eigenlijk meer een soort sociaal werker. Hebt u ook een gemeente waar u preekt?'
'Nee, de kazerne is mijn gemeente. Preken doe ik daar niet veel. Het zijn meestal korte ontmoetingen met mensen, net als in de Evangeliën. Maar ik hoop altijd dat mensen die het moeilijk hebben door zo'n ontmoeting weer een beetje tot leven komen. Dat is ook heil. En verder vertrouw ik maar een beetje op de uitverkiezing. God brengt de mensen waar Hij ze hebben wil. En dat is meestal beter dan wij denken… Maar we zullen het nu maar niet over de uitverkiezing hebben.'
'Daar is tegenwoordig veel vijandschap tegen, tegen de uitverkiezing', zei hij.
'O ja?'
'Dat willen de mensen tegenwoordig niet meer horen'.
'Nee?'
'Nee, maar wat denkt u van de uitverkiezing?'
'Ik geloof dat God met mensen bezig is. Hij dringt hun bestaan binnen en maakt dat ze weer opleven als dat nodig is.'
'Maar waarom doet Hij dat bij de één wel en bij de ander niet?'
'Dat is Gods geheim. Daar kan ik niet inkomen.'
Inmiddels stonden we stil voor de flat waar hij zijn moest.
'Maar is Hij dan niet met jou bezig?', vroeg ik hem op de man af.
'Dat weet ik niet', zei hij.
'Zou Hij met jou niet bezig zijn?'
'Dat weet ik niet', zei hij opnieuw.
'Er is niets in ons dat met Gods wil overeenkomt, of het is het werk van Christus. Dat heb ik pas nog gelezen (Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 14).
Nou, alleen al in die paar dingen die jij mij nu verteld, zie ik van alles dat overeenkomt met wat God wil van ons. De manier waarop jij leeft tussen al die mensen die jij in dienst ontmoet. Je kijkt geen ogenblik op ze neer. Je denkt geen ogenblik dat je beter bent dan zij. Je luistert naar ze. Je probeert hun problemen te begrijpen. Er zijn genoeg mensen die dat niet doen. In het Evangelie staat ergens dat Jezus 'innerlijk' met ontferming bewogen werd' als Hij de schare zag (Matth. 14 : 14). Daar heb jij iets van begrepen. Dat is het werk van Christus in jou.'
Hij staarde naar de bodem van de auto.
'Dat zie je zelf niet altijd', zei hij.
'Daarom spiegel ik naar jou terug wat ik in jou gezien heb. Klopt dat spiegelbeeld een beetje.
Hij staarde nog steeds naar beneden.
'Daar kan ik geen 'nee' op zeggen…'
'Nou, jôh!', verbrak ik de stilte, 'je moet wel een beetje goed van God geloven hoor! Je mag gerust vrolijk zijn over het goede dat Hij jou geeft. Dat is "geestelijke vreugde" en "heilig vermaak". Staat in de Dordtse Leerregels.'
Ik gaf hem een stootje. Hij keek me aan. Hij lachte, een beetje verlegen.
'Zo heb ik het nog nooit gehoord', zei hij.
'Ik ga maar eens. Bedankt voor het meerijden.'
Hij stapte uit en liep in de richting van de flat.
Je zag hem denken. Daar gaat hij, dacht ik bij mezelf, en God met hem!
De Dordtse Leerregels, een document dat door een enkeling kunstmatig in leven gehouden wordt? Of vertolking van een ook nu nog levende werkelijkheid? Die avond thuis moest ik denken aan een andere zoon van Zeeland die ik ooit ontmoet had. Die was buiten de beschermde wereld van een geordende kerk opgegroeid. Sinds de scheiding van zijn ouders was hij een steun voor beiden. Hij was de enige die zijn broer een beetje in het gareel kon houden. Maar het vreemde was, zei hij, dat hij zelf van dat alles geen nare gevoelens overhield. Hij voelde een kracht in zich die hemzelf en anderen staande hield. Dat was begonnen toen zijn vader een keer bij hem zat te huilen als een kind.
'Sinds die tijd lijkt het wel alsof ze allemaal steun bij mij zoeken, en ze schijnen die steun bij mij nog te vinden ook. Dat vind ik raar…'
De Leerregels spreken van de wonderlijke werking van God, waarmee hij het bestaan herschept, en die 'in haar kracht niet minder noch geringer is dan de schepping of de opwekking der doden' (III, IV, 12). Een stille kracht, het geheim van de uitverkorenen…
ds. J. van Eck jr., Ede
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 november 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's