Globaal bekeken
Een lezer gaf mij door een 'vrij overgenomen' stulpje uit het Ellandennieuws van Flakkee.
'De N.H. Kerk in Ouddorp (Goeree-Overflakkee) staatln het dorpscentrum en is sinds mensenheugenis omgeven door hoge kastanjebomen. Deze bomen – zo'n 20 In getal – zijn onlangs gerooid omdat ze door ouderdomsgebreken gevaar gingen opleveren voor de omgeving. Het rooien van de bomen werd door de toeschouwers met gemengde gevoelens gevolgd.
Zo zei één van hen tot z'n buurman (op z'n flakkees): "'t Zal zundag licht weze in de kaarke", waarop de andder zei: "Daar hoeve al die boame niet veur opgeruumd te worre, daar mot d'n doomnee veur zurrege!"'
De dikste krant van Nederland heet Kroniek van Nederland, een zeer, zeer lijvig boekwerk, uitgegeven bij Elsevier, waarin de gebeurtenissen uit de geschiedenis van Nederland in de vorm van journalistieke stukjes worden doorgegeven. Hier volgt een stukje over 'vrouwenkleding ter discussie', gedateerd in het jaar 1902.
'Amsterdam – Het hoofdbestuur van de Vereniging voor Verbetering van Vrouwenkleding (VvVvV) is door een scheuring in twee kampen uiteengevallen. In de vereniging, die zich ten doel heeft gesteld "de vrouw vrij te maken van mode en conventie", tekenden zich al enige tijd een radicale en een gematigde groepering af. De radicalen, van wie de meesten afkomstig zijn uit Amsterdam willen dat de reformmodellen tegemoetkomen aan de wensen van minder bemiddelde werkende vrouwen. De gematigde richting, die voornamelijk uit in Den Haag woonachtige dames bestaat, wil juist toiletten voor beter gesitueerden ontwerpen. Op deze wijze, zo luidt haar redenatie, kan invloed op fabrikanten, winkeliers en kleermaaksters worden uitgeoefend.
Het meningsverschil heeft zich toegespitst op de sleep. Het commentaar van het feministische blad Evolutie luidt: "Alsof een vrouw het nooit heeft gedaan zonder een ellemaat goed achter zich aan." De gematigden hebben onder leiding van mevrouw Bouman-de Lange een nieuw blad opgericht, getiteld Schoonheid door gezondheid. Het streven om de vrouw te verlossen van adembenemende korsetten en dergelijke moet volgens hen los staan van standsverschillen. De rest van de vereniging richt zich nu hoofdzakelijk op de vrouw uit de middenklasse.
Arbeidsters vinden dat zij door beide stromingen over het hoofd worden gezien. De voor arbeidsters ontworpen modellen zijn naar verhouding erg saai en doorgaans te duur. Roosje Vos, voorzitster van de Naaistersbond, heeft zich afgevraagd of de ontwerpsters soms een parodie op de maatschappelijke verhoudingen voor ogen staat.
Op een vergadering van de VvVvV werd bijvoorbeeld een pleidooi gehouden voor het dragen van zachtlederen schoeisel, hetgeen aanleiding gaf tot cynisch gelach bij de leden van de Naaistersbond, die voor een gereduceerde prijs op de gaanderij plaats hadden genomen. Toch dragen de naaisters van de coöperatie Samenwerkende Linnennaaisters, die veel reformkleding vervaardigt, deze ook zelf, wat van de meeste feministes niet gezegd kan worden. In cartoons worden feministes steevast In 'hobbezakken' afgebeeld hoewel zelfs onder bekende feministes reformkleding nog lang geen gemeengoed is.
In Nederland werd de reformkleding zoals die door Duitse, Engelse en Amerikaanse feministes wordt gedragen, geïntroduceerd tijdens de Nationale Tentoonstelling Vrouwenarbeid van 1898.'
In een boekje met Gebeden van de bekende Deense irreguliere theoloog Sören Kierkegaard, trof ik onderstaande gebeden tot de Heilige Geest.
•. 'Slechts in broze vaten dragen wij het heilige. Maar U, o Heilige Geest, als U In een mens woont, dan woont U in het oneindig-armetierige. U, Geest van heiligheid, U woont bij onreinheid en besmetting. U, Geest van wijsheid, U woont in bij dwazen. U, Geest van waarheid, bij het zelfbedrog. O blijf in ons wonen. U die niet gemakzuchtig de prettigste verblijfplaats zoekt, die U trouwens tevergeefs zou zoeken, o blijf wonen, opdat het eens zal mogen gebeuren dat U welbehagen zult vinden in die woning die U zichzelf In mijn besmette en bedrieglijke binnenste hebt bereid.'
•. 'O Heilige Geest, kom, ook Gij, met een onuitsprekelijke zucht. Bidt voor mij, zoals Abraham voor het verdorven Sodom heeft gebeden, als er in mij tenminste nog één zuivere gedachte, één nobel gevoel aanwezig is, – dat de tijd van beproeving voor de onvruchtbare vijgeboom mag worden verlengd. O Heilige Geest, die het gestorvene weer doet herboren worden, die het verouderde verjongt, vernieuw ook mij en schep een nieuw hart in mij Gij die met moederzorg alles omgeeft wat nog een schijntje van leven vertoont, bewaar ook mij steeds vaster verbonden aan hem, mijn Heiland en Verlosser, opdat ik niet, – eenmaal genezen –, als die negen melaatsen vergeten zal, maar zoals die ene, zal teruggaan tot Hem die mij het leven geschonken heeft en in wie alle zaligheid gevonden wordt. Heilig mijn doen en mijn denken, zodat iedereen kan zien dat ik nu en voor alle eeuwigheid aan Hem toebehoor.'
De Huizer predikant, dr. A. v. Brummelen, die al enige weken wegens ziekte van terzijde meeleeft in het wel en wee van kerk en gemeente, plaatste in zijn wijkbericht in het Huizer kerkblad het volgende gedicht, getiteld 'De torenhaan spreekt' (vrij naar Jacob Cats).
'Van mijnen hogen post,
Op Huijsens Oude Kerck,
Aanschou lck thans ghewis,
Een seltsaem wonderwerck.
lck sie een tweetal kwijnen,
Dat nu al weeckenlangck:
De pastor, die is sieck,
De koster, die Is kranck.
De een lijdt aan sijn hert,
De ander aan sijn oogh,
lck hoor hen somstijds claghen,
lck merck het van omhoogh.
Dies treurt mijn siel,
Wat sal lck hen tog seggen? –
Nu weet ick het, nu ben lck seer verblijd,
Mijn eigen voorbeeld sal 'k vóór hen leggen! –
lck, haen, lck stae hier metershoog,
lck com nooit van mijn plekke,
lck geef slechts aen waar God mij draeit,
Laat dat u tot lering strecken.
lck ga slechts heen waar God mij wendt,
lck luijster nae Sijn winden,
En, schoon ick somtijds piepen moet,
Gods wil, dàt is mijn welbevinden.
Dat is de les, die lck u wil geven,
Bij 't waeien van de winden,
Voegh u gehoorzsaem nae Gods weg.
Dat is het leven van Gods kind'ren.
En als dan eens de Noorderstorm,
Of oock de Snijderglaet komt waeien,
lck segge u wijt het ganse hert,
Laat u gewilligh draeien.
Dat is het Woord des Heeren,
Ach, wilt het allen toch verstaen,
Wat u In 't leven moogt ontberen,
Wat God doet, dat is welgedaen!'
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1987
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's