De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Onderbelichting en overbelichting

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onderbelichting en overbelichting

Het Kerstfeest

6 minuten leestijd

Altijd Kerstfeest
Voor velen is Kerstfeest vieren helemaal gebonden aan 25 en 26 december. De Kersttijd is het een en al. Daarna gaat men weer over tot de orde van de dag. Met het verbranden van de kerstboom en met het opbergen van de kerstversierselen verdwijnt ook het Kerstgebeuren.
Het is goed met de Kerk der eeuwen van jaar tot jaar dit heilsfeit te gedenken. Maar wanneer God in Christus in ons leven is gekomen kunnen we ook op andere data Kerstfeest vieren. Zelfs in de zomer. Kerstfeest vieren via de kalender is arm. Beslissend is niet wanneer we Kerstfeest vieren, maar dat we Kerstfeest vieren en komen tot de kennis van Jezus Christus. We hebben hem niet enkele dagen van het jaar nodig. Christus is onmisbaar voor heel ons leven.

Feest van het Woord
Op het Kerstfeest mogen de bijzaken de hoofdzaak niet verdringen. Het gaat om het horen en niet om het zien. 't Kind in de kribbe raakt de tederste snaren. Wie de Kerstgave alleen met de ogen bekijkt is teleurgesteld. Het levend geloof ziet meer. Wat onze ogen niet kunnen verklaren begrijpt het hart. Zonder geloof ergeren we ons aan de eenvoud en de hulpeloosheid van de pasgeboren Jezus. Het geloof ontmoet in het Kind de Zaligmaker. Door het geloof zeggen we bij de kribbe amen op het Woord van God: Vreest niet, want, ziet, ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal; nl. dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus, de Heere, in de stad Davids. Het geloof verlaat zich op het Woord van God. Dwars tegen het zichtbare en het onbegrijpelijke in. Zonder geloof is het onmogelijk om op het Kerstfeest blij te zijn. Als het Woord ons niet raakt gaan we het in bijkomstigheden zoeken. Sfeer en gezelligheid moeten goedmaken wat we missen.
Het geloof is uit het gehoor. Dit geldt ook voor het Kerstfeest. Het geloof komt vol aanbidding bij de kribbe: Christus ligt daar voor mij, omdat ik anders de eeuwige dood had moeten sterven.

Direct bij Zijn geboorte Middelaar
Christus is vanaf het begin van Zijn menswording onze Middelaar. Hij moest Kind worden omdat dáár onze zonde begint. Wij zijn in zonden ontvangen en geboren. 'Ik ben in ongerechtigheid geboren. Mijn zonde maakt mij 't voorwerp van uw toorn. Reeds van het uur van mijn ontvang'nis af.' Daarom is Christus ontvangen van de Heilige Geest, geboren uit de maagd Maria. Zijn geboorte wijst er op dat wij onrein zijn van de eerste oorsprong van ons leven af.
Ons in zonde ontvangen en geboren zijn bedekt Hij met Zijn heilige levensaanvang uit de maagd Maria.
Wat betekent de heilige ontvangenis en geboorte van Christus voor het geloof? 'Dat Hij onze Middelaar is, en met Zijn onschuld en volkomen heiligheid mijn zonde, waarin ik ontvangen en geboren ben, voor Gods aangezicht bedekt.'

De eniggeboren Zoon van God
Weinig aandacht krijgt op het Kerstfeest het groot verschil tussen de geboorte van Jezus en onze geboorte. Wij zijn in onze geboorte passief. Wij worden geboren zonder dat we er iets aan toe doen. De Zoon van God wilde geboren worden. Zijn geboorte was een vrijwillige daad. Hij heeft de menselijke natuur aangenomen. Een daad van nederbuigende goedheid!
Bovendien kunnen we van de Heere Jezus iets zeggen wat we van ons niet kunnen zeggen. Hij was er al voor Zijn geboorte. Want Hij is de eeuwige Zoon van God. Deze belijdenis is het fundament van het geoof. Wie Christus belijdt als Gods eeuwige Zoon spreekt uit dat Hij niet een schepsel is als wij. Wij zijn allemaal geschapen door God. Christus is de natuurlijke Zoon van God. Nooit was er een tijd dat Hij de Zoon van God niet was. Degenen die de Godheid van Christus loochenen maken altijd bezwaar tegen Zijn bestaan van eeuwigheid. Zij maken van Hem een schepsel. Wij houden ons aan de klassieke belijdenis van alle eeuwen: Wij geloven in één Heere Jezus Christus, de eniggeboren Zoon van God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God; geboren, niet gemaakt, van hetzelfde Wezen met de Vader, door Wie alle dingen gemaakt zijn.

De afgewezen Zoon
Rond Kerst krijg je de indruk dat Gods heilig Kind overal vol blijdschap met open armen wordt ontvangen. 'Nu zijt wellekome, Jesu, lieve Heer'. Zelfs het draaiorgel op straat laat ons dit lied horen. Gemakkelijk wordt vergeten wat we lezen in Johannes 1 : 11: Hij is gekomen tot het Zijne, en de Zijnen hebben Hem niet aangenomen. Gods Zoon kwam de verloren schapen van het Huis Israëls roepen tot bekering en tot geloof in het Evangelie. Maar de Zijnen hebben Hem niet geaccepteerd. Bethlehem had geen plaats voor Hem in de herberg. In Nazareth wilden ze hem van de berg afwerpen. In Gadara smeekten ze of Hij weg wilde gaan. In Judea zochten ze Hem te doden. En Jeruzalem wierp de Christus der Schriften buiten de poort en kruisigde Hem. Waarom hebben de Zijnen de door God gezonden Zaligmaker verworpen? Ze hadden een andere Messias verwacht. Ze zagen uit naar iemand met pracht en praal. En Jezus verkeerde in armoede. Zij hoopten op een bevrijder van het volk. En Jezus kwam aan het kruis.
Niet aangenomen! Duidelijker kan het niet gezegd worden. Elk excuus wordt ontnomen. Het afwijzen van Jezus is een grove belediging. Pas op voor hoogmoed! U vergist u wanneer u denkt: Gelukkig, met de Zijnen heb ik niets te maken. Het Evangelie Is niet alleen voor de Joden, maar ook voor de heidenen. Niemand krijgt toestemming onbekeerd te zijn. Met eigengemaakte Jezus' voorstellingen wijzen we de Zaligmaker af. De oorzaak van het ongeloof is, dat we de Heere Jezus van huis uit kunnen missen. Het niet aannemen zit vast op het feit, dat wij onszelf niet willen verloochenen en het behoud niet buiten onszelf zoeken in de door God gezonden Zaligmaker.

De dag des Heeren
Op het Kerstfeest letten we op de komst van de Redder naar deze wereld. Maar de profeten hebben geprofeteerd van de dag des Heeren. Er zou een dag komen waarop het onderscheid zichtbaar zal worden tussen degenen die de Heere wel dienen en niet dienen. Het is de dag van de toekomst. Deze dag begint met de komst van Christus naar de wereld en eindigt met Zijn wederkomst. Voor de goddelozen is die dag te vergelijken met de verschrikkelijke hitte van een oven. Voor de godvrezenden is er het licht van Gods vriendelijk aangezicht. Johannes de Doper heeft over de toekomst van de Heere gesproken. De farizeën en de schriftgeleerden hoorden uit zijn mond: Wie heeft u aangewezen te vlieden van de toekomende toorn? Hij verwees vervolgens naar Christus: Deze heeft de wan in Zijn hand en Hij zal Zijn dorsvloer doorzuiveren, en de tarwe zal Hij in Zijn schuur samenbrengen: maar het kaf zal Hij met onuitblusselijk vuur verbranden. Er is hier sprake van vuur en kaf. De oproep tot levensvernieuwing is er. Wat heeft deze boodschap ons op het Kerstfeest te zeggen? Wij mogen niet vrijblijvend en zoetsappig over een klein kindje in de kribbe praten. Christus brengt geen goedkope vrede, waarbij een mens kan blijven zoals hij is. De Redder komt eens als Rechter om te oordelen de levenden en de doden. Alleen in Hem is de Vrede, die alle verstand te boven gaat.

J. Harteman, Wijk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1987

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Onderbelichting en overbelichting

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 december 1987

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's