Wetsvoorstel brengt levensbeëindiging onder hulpverlening
Overheid geeft gelegenheid tot commentaar
Als er geen profetie is, wordt het volk losgelaten; maar welgelukzalig is hij, die de wet bewaart.Spr. 29 : 18
Een wetsvoorstel 'Regelen met betrekking tot de hulpverlening door een geneeskundige die zich beroept op overmacht bij levensbeëindiging op uitdrukkelijk en ernstig verlangen van een patiënt' is aan de Tweede Kamer aangeboden. De Vaste Commissie voor Justitie en de Volksgezondheid (Tweede Kamer, Binnenhof 1 A, 2513 AA 's-Gravenhage) geeft het Nederlandse volk gelegenheid hierop commentaar te geven vóór 1 maart a.s.
Het wetsontwerp handhaaft de strafbaarheid van levensbeëindiging op uitdrukkelijk en ernstig verlangen, maar brengt het strafmaximum van 12 jaren terug tot 4,5 jaren. Dit is bedenkelijk voor zware vormen van het misdrijf, bijv. op wrede wijze of met gebruik van druk gepleegd. Voorts brengt het voorstel vereisten voor zorgvuldig medisch handelen in de wet regelende de uitoefening der geneeskunst. Deze vereisten geven de geneeskundige, die ingaat op het verlangen van een patiënt tot levensbeëindiging, aanwijzingen ter opvolging bij het ingaan op dit verlangen (volledige tekst van het wetsvoorstel, 2,5 blz., kan worden aangevraagd bij Schreeuw om Leven, Postbus 290, 3860 AG Nijkerk, tel. 03494-59044).
Aanvaarding van het wetsvoorstel zou betekenen dat van overheidswege een totale begripsomkering binnen het Nederlandse volk wordt gebracht. Doden wordt: hulpverlening, zorgvuldig medisch handelen, onderdeel van de geneeskunst. Doden gaat behoren tot het takenpakket van de gezondheidszorg. Dit tast het normbesef in het Nederlandse volk aan, met o.a. als consequentie dat in de gezondheidszorg nuttigheidsoverwegingen (het 'dure bed') onder het dekmantel van hulpverlening zich kunnen gaan doorzetten. Moeilijk verwerkbare schuldgevoelens blijven niet uit.
Zeker Christenen – als gemeente of als persoon – hebben nu de taak om de uitnodiging van de overheid tot commentaar te aanvaarden. Zij weten dat het een volk schaadt, wanneer het zich aanmatigt het terrein van God te betreden: beschikking over leven en dood.
Er zijn artsen, die er krachtig voor pleiten dat de Regering de weg van ware stervenshulp zal betreden, namelijk door positieve zorgvuldigheidseisen artsen te helpen niet in te gaan op een verzoek van een patiënt tot levensbeëindiging: zoals opleiding voor artsen in stervensbegeleiding, consult aanvragen van gespecialiseerde artsen hierin (immers: 'wat schort er aan mijn pijnbestrijding, wanneer zulk een verzoek komt'). Gewezen wordt op de Hospice-beweging – 'hospice' heeft zijn oorsprong in een rustplaats voor pelgrims – die naar Nederland overwaait, met als grondregel patiënten die het einde naderen te stimuleren 'te leven tot zij sterven'. Juist ook Christenen kunnen de overheid helpen de positieve weg te gaan. Want zij mogen weten en kunnen ervan getuigen, dat wanneer God nog de tijd geeft. Hij daarmede een bedoeling heeft en dat de laatste dagen of uren met Zijn troost tot de grootste vrede voor de patiënt en tot de meest kostbare herinneringen voor de familie mogen worden.
Jkvr. dr. E. de Marees van Swinderen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's