Een late Pasen!
En Thomas antwoordde en zeide tot Hem: Mijn Heere en Mijn God!Johannes 20 : 28a
Een late Pasen! Ja, dat is het voor Thomas geworden. Maar toch Pasen. Dat kan dus. De eigenlijke paasboodschap en derhalve de paasvreugde kunnen aan ons voorbijgegaan zijn en toch kan het nog Pasen worden. Ook nu. Omdat God genadig is. Grijp moed, als u zegt, dat u zo weinig of niet deel gehad hebt aan de vreugde van Pasen.
Het ongeloof dat Thomas zo lang in de duisternis gehouden heeft was wel heel hardnekkig geweest.
Hij was als het ware bedolven geweest onder de paasgetuigenissen. De een na de ander van de discipelen was hem gaan vertellen dat de Heere was opgestaan. Op de avond van de opstandingsdag was de Meester Zelf immers in hun kring verschenen. Thomas was er niet bij geweest, maar de andere discipelen hadden tegenover hun treurende medediscipel niet kunnen zwijgen. Genade maakt mededeelzaam. De lippen der rechtvaardigen consumeren niet alleen, maar voeden ook. En tegenover dit eenparige getuigenis had Thomas slechts zijn 'nee' kunnen plaatsen. Dat is de weerspannigheid van het ongeloof. Het ongeloof, ook het ongeloof der gelovigen, rekent met alle feiten waar men mee van doen heeft. Alleen het rekent niet met wat God zegt en wat Hij doen kan. Zo ook bij Thomas. Hier gold alleen de werkelijkheid van de dood en het graf. Keiharde voorwaarden had hij gesteld. Eerst zien, tasten en ervaren en dan geloven. U herkent de oude kwaal. Het zit er bij ons zo diep in. En zo kunnen wij de Heere in de weg staan.
Het is een wonder dat Christus naar zulke mensen omziet. Maar het gebeurt. Terwijl Thomas gezeten is in de kring der discipelen. Dat is een les voor ons. Hoe uitzichtloos het ook kan schijnen, laten wij nooit de middelen der genade verzuimen waar te nemen. Te denken valt aan het gebed, het lezen van het Woord en, niet te vergeten, de samenkomsten der gemeente. Daar wil Christus Zich openbaren. Daar wil Christus in het bijzonder omzien naar de zwakken en kleinmoedigen.
Als Christus Zich wendt tot Thomas, volgt Hij een gedragslijn waar wij niet meer op hoeven te rekenen. Wij hoeven niet te denken dat God aan onze voorwaarden en eisen voldoet. Maar Thomas mag zien en voelen. Omdat hij als apostel als ooggetuige zal hebben op te treden. Omdat hij het ons zal hebben te vertellen. Hij mag de identiteit van de Heere Jezus vaststellen, opdat wij voor honderd procent zekerheid zouden hebben. Hij mag, zo heeft iemand het eens gezegd, in de wonden van Christus wroeten, opdat de wonden van onze ziel genezen zouden kunnen worden.
En nu Thomas. Ja, het geloof is een wonderlijke iets. Het kan zo klein zijn als een speldeknopje, maar als de Geest werkt kan het ineens in alle kracht naar voren komen. Thomas ziet de opgestane Christus.
Zo belijdt hij het: 'Mijn Heere en mijn God'.
Hij is de Heere! Hij heeft van de Vader ontvangen een naam boven alle namen. Alle dingen zijn onder Zijn voeten gelegd. Dat is Paasfeest vieren: Jezus erkennen als Overwinnaar en Gebieder. De Heilige Geest kan het ons leren. En die Geest leert ook: Hij is mi/jn Heere! Voor Hem begeer ik te bukken met heel mijn hart. Hij alleen heeft het voor het zeggen in mijn leven.
Mijn God! Ook dat behoort bij de belijdenis van Thomas. Wat heeft het geloof toch een scherpe blik. Het is net als bij het avondmaal. Wie alleen met natuurlijke ogen kijkt, ziet alleen maar brood en wijn. Maar wie ziet in het geloof ziet door de tekenen van brood en wijn tot in het hart van God. Zo wordt ook Thomas door het aanschouwen van Christus' wonden geleid tot het God-zijn van Christus. Zo kan het nog gaan. Van Christus' mens-zijn worden wij geleid naar Zijn God-zijn. Met de Kerst belijden wij: Hij die daar ligt in de kribbe komt van boven. Hij is God geopenbaard in het vlees. En met Pasen belijden wij eveneens: Hij komt van boven. Hij is krachtig bewezen te zijn de Zoon van God door de opstanding uit de doden. Thomas' belijdenis is een hoogtepunt. Maar met minder kunnen wij niet toe. Hier is de kern van het christelijk geloof aan de orde. Nee, het gaat hier niet enkel om een stukje geloofsleer. Dan kunnen wij ons nog op de vlakte houden. Het gaat erom dat wij Hem kennen als onze God. In aanbidding en verwondering.
Zo alleen wordt het Paasfeest. Wij hebben en mogen het doen met het Woord der apostelen. En dat is ruimschoots genoeg. Op het getuigenis van apostelen en profeten wordt de gemeente van God gebouwd. Laat ons bidden om de Geest van het geloof Christus niet ziende maar wel in Hem gelovende, zullen wij ons verheugen met een onuitsprekelijke en heerlijke vreugde.
P. H. van Harten, Wapenveld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's