Inzicht in zijn werk
Toen opende Hij hun verstand, opdat zij de Schriften verstonden. En zeide tot hen: Alzo is er geschreven en alzo moest de Christus lijden en van de doden opstaan ten derden dage.Lukas 24 : 45, 46
De grote Herder der schapen temidden van de Zijnen op Paasavond. Opgestaan uit de doden. De zonden van de Zijnen verzoend. De Herder was geslagen en de schapen verstrooid. Maar Hij is hier bezig hen bijeen te vergaderen en orde op zaken te stellen in hun hart en leven. En hen tevens zicht te geven op hun verdere leven en de toekomst van Zijn Koninkrijk.
Een merkwaardige tijd voor Zijn jongeren, deze tijd tussen opstanding en uitstorting van de Heilige Geest. Een soort overgangstijd is het voor hen geweest tussen het vroegere meer lichamelijke zien en het volgende geestelijke-gemeenschap-hebben aan hun Meester. We willen er met elkaar enkele malen bij stilstaan. Maar in deze eerste meditatie eerst wat teruggrijpen naar de voorafgaande periode in de omgang tussen Christus en Zijn discipelen. Dan alleen komen de dingen op hun juiste plaats te staan.
Het is dus niet de eerste keer dat we Hem aantreffen temidden van Zijn jongeren. Reeds drie jaar was Hij met hen omgegaan. Met de macht van Zijn Geest had Hij ze tot Zich geroepen. Er was een band van levend geloof, vurige hoop en werkzame liefde tot Hem ontstaan. Vrucht van Zijn Woord en roeping!
Mag ik u vragen: Is die zalige vrucht er ook reeds in uw leven? Want dat is geen vanzelfsprekende zaak. Geen gegeven dat automatisch meekomt met ons verkeren op het erf van het verbond, met het lid zijn van de gemeente. Niet slechts in de wereld maar ook in de gemeente is wedergeboorte, bekering en komen tot geestelijke kennis van Christus nodig. Heeft Zijn roep in de bediening van het Woord reeds deze heerlijke zegen afgeworpen? Mogelijk nog slechts een aanvankelijke kennis van Hem door het licht des Geestes?
Weet het: Hij, de grote hemelse Opvoeder wil verder leiden. Zie het bij de discipelen. Weliswaar is hun positie en hun aardse natuurlijke omgang met hun Meester uniek geweest. Tijdgenoten waren ze van Hem in Zijn aardse omwandeling. Daar kan in ons leven geen sprake meer van zijn. Dat neemt echter niet weg dat Christus' leiding en onderwijs aan hen ook voor ons nu nog veel lering bevat.
Wat een stoere belijdenissen hadden ze reeds uitgesproken ten aanzien van hun Meester. Maar hoe was dat alles nog gebaseerd op veelszins verkeerde inzichten en voorstellingen. Is dat niet telkens ook nu het geval? Maar met welk een geduld en wijze liefde weet onze hemelse Opvoeder tot andere inzichten te brengen. Stap voor stap ging Hij met Zijn discipelen voort. Dat is bij hen door diepe depressies, door moedeloosheid en ergernis heengegaan. Hij ontdekte ze tot beschamens toe aan hun overmoed, hun verkeerde instelling en inzichten. Diep vernederend moet dat voor al hun hoge en vrome gedachten over zichzelf geweest zijn. Nochtans bleek het de weg waarin ze van zichzelf verlost werden en waarin het juiste licht over zichzelf en over hun Meester opging.
Hoe was het alles anders gegaan dan ze zich voorgesteld hadden. Gedroomd hadden ze van een aards koninkrijk met Hem als koning en zij op voorname posten. Maar alles was de bodem ingeslagen. Als een machteloze hadden ze Hem zien sterven aan het kruis. Ontzield was Zijn lichaam ten grave gedragen. Niets was overgebleven van hun schone dromen.
En het erge was: Zij verstonden de Schriften hierin niet. Zij verstonden de weg van de Man van Smarten niet. De weg die Hij ging naar de Raad Gods tot verlossing van verloren zondaren. De weg die Hij moest afleggen tot hun verzoening, geopenbaard in de Schriften. En ze waren evenmin gedachtig aan de woorden die Hij hen hierover ook Zelf gezegd had. Heel de gang van Immanuël was daarom één groot raadsel voor hen. In wat voor huiveringwekkende diepten van teleurstelling, moedeloosheid en verdriet moeten ze terechtgekomen zijn!
Maar nu hier op deze Paasavond gaat de Levensvorst hun de ogen openen voor dit diepe mysterie. Toen opende Hij hun verstand opdat zij de Schriften verstonden, zo lezen we. Heel dat verwarrende gebeuren in Jeruzalem rond hun Meester bleek de vervulling van de Wet van Mozes, de Profeten en de Psalmen. Het was niet alles een toevallige samenloop van omstandigheden. Maar zó was er geschreven. Zó moest de Christus lijden en van de doden opstaan ten derden dage.
Wonderheerlijke ervaring als de vragen omtrent Zijn gang en Zijn werk worden opgehelderd en de twijfels worden weggenomen. Als voor ons onverklaarbare zaken bij Geesteslicht transparant, doorzichtig worden tot op de bodem van de Schrift. Als ons hart er ja en amen op mag zeggen met insluiting van onszelf. Begrepen in al het werk van sterven en opstanding van onze Heere en Zaligmaker. Wat blijkt dan de verzoenende kracht van Zijn bloed groot in ons hart tot vergeving. Welk een vrede en vreugde van het eeuwige leven vervult de ziel! Zo werd het 'Pasen' in het leven van de discipelen. Zo wordt het 'Pasen' van binnen ook bij ons, die alle grond onder onze voeten in onszelf kwijtraken.
Wat blijkt hieruit van welk een grote betekenis het onderwijs in de Schriften voor ons is. Dit Evangelie van kruis en opstanding wordt u elke week gepredikt. Het wordt u verkondigd opdat u gelooft! Wie zal immers leven en staande blijven voor Gods aangezicht buiten het geloof in Christus om? Wat een grote verantwoordelijkheid dan! Anderzijds komt ook hier weer naar voren hoe de Levensvorst door Zijn Geest de Schriften dient te openen en ons verstand en hart erin moet verlichten. Als het hemelse licht van de Vorst van Pasen er niet over straalt blijven de dingen toch verborgen. Zelfs voor het meest scherpzinnige verstand.
Smeek daarom bij de voortduur om Geesteslicht. Want eens verlicht betekent nog niet in alles verlicht. De grote hemelse Pedagoog ontsluit vaak het een na het ander. En telkens weer komen wij hierin voor drempels en onmogelijkheden te staan. Stap voor stap, zo blijkt ook hier, gaat Hij echter met de Zijnen verder en schenkt Hij meer geloofslicht en geloofshouvast in Zijn Persoon en werk. Zo wordt Hij steeds heerlijker en dierbaarder voor ons hart. Zo gaan we meer en meer ons Zijn eigendom weten. Temidden van alle moeite en aanvechting nochtans voor Zijn rekening. Hij het fundament van ons leven, maar tevens de bron van ons leven en werk. Over dit laatste een volgende keer D.V.
G. Hendriks, Ouderkerk a/d IJssel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's