De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Kerknieuws

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerknieuws

18 minuten leestijd

AMBTSDRAGERSVERGADERING OVER 'GESLINGERD GELOOF!'
Eemnes-Buiten. Onder grote belangstelling van ambtsdragers vaft Herv.-Geref, Chr. Geref. en Gereformeerde Gemeente-zijde sprak dr. A. van Brummelen uit Huizen op 21 april jl. in 'Eben-Haëzer' (Woudenberg) over 'Geslingerd geloof!'. Gastheer op deze door de werkgroep 'Herv.-Geref. ambtsdragersvergaderingen in de wijde omgeving van Amersfoort' belegde bijeenkomst was drs. P. Koeman uit Woudenberg. Dr. van Brummelen benadrukte dat het vaststaan in de volle verzekerdheid der genade alleen mogelijk is, wanneer het geloof werkzaam is met de beloften des Heeren en wanneer wij de getuigenis van de Heilige Geest in ons hart ontvangen. Als we door het geloof leven zijn we zeker niet van elke wankeling gevrijwaard. Zowel in Gods woord als onder de vaste gelovigen in onze tijd komen heiligen voor die volkomen verzekerd zijn van de hoop die in hen is (en die roemen in God door Christus), maar die toch bij ogenblikken heftig worden geschokt. Spreker wees op de schreeuwende behoefte die we hebben aan een kinderlijk geloof. Ook riep hij op om enerzijds op te passen voor een 'drukknopgeloof en anderzijds voor 'altijd maar piepen'. Dr. van Brummelen ging in op de volgende subthema's van 'Geslingerd geloof': het verschijnsel; de oorzaak; de genezing. Voor wat betreft het verschijnsel: men is dan depressief, gesluierd, er gaat geen kracht meer van de gemeente en van de particuliere lidmaten uit. Men stemt de Goddelijke waarheden wel toe, maar alles is bevroren. Het lenteleven der genade is langzamerhand een winterleven geworden. Het Gereformeerde deel van de Hervormde Kerk lijdt onder deze akelige bevriezing meer dan men wil waar achten. Dit is een grote belemmering voor de wasdom van het geloof en geeft grote dodigheid in de gemeente te zien, waardoor het tere lenteleven der genade zo weinig ontbot en uitspruit. De voornaamste oorzaak van de geloofsverhindering is altijd weer de schuld van ons mensen, want het geloof is naar zijn aard een volkomen zekerheid en een onaantastbaarheid voor elke twijfel in zijn wezen. In dit 'heil-vattende' geloof zegt Gods kind: 'Bij mij is geen heil; het heil is alleen door God in Christus… door Hem moet ik gered worden'. Als het geloof toch vaak verschillende trappen doorloopt voordat dit heil-vattende geloof ons enige houvast in leven en sterven is, is dat aan onszelf te wijten. Satan zal daarbij geen middel schuwen om degenen die Gods Woord als richtsnoer voor hun leven aanvaarden te strikken. Ook de dode rechtzinnigheid is een wezenlijk gevaar op de weg van het heilvattende geloof.
Tot genezing moeten we allereerst worden gewezen op de bewarende genade des Heeren. Dit mag ons echter nooit brengen tot valse lijdelijkheid, want de Heere gebruikt ook middelen en het belieft Hem menigmaal om Zijn 'geslingerden' in de weg der middelen (in het algemeen het 'mediteren'… de overdenking van het Woord) te leiden.
In een geslingerd geloof komt het er altijd weer op aan om de weg terug te gaan en om kleiner te worden in de verootmoediging over onze zonden. Hoe meer we inzien dat we niets kunnen doen zonder Jezus en Zijn bloed, hoe onderworpener wij geleerd worden. De kern van de zaak is immers altijd weer: méér schuldbesef drijft ons meer aan op het gebruik van Jezus alleen. De Heere alleen is de Geneesmeester en wie uit een klaar geloof leeft, leert steeds meer zeggen: Uit Hem, door Hem en tot Hem zijn alle dingen.
Na de lezing ging dr. Van Brummelen in de plenaire discussie op pastorale en concrete wijze in op vele vragen van de toehoorders, zoals:
– Hoe om te gaan in de gemeente met het verschijnsel van de vrije groepen?
– Wat te denken van de hedendaagse verstrooiing, met name de televisie? Dr. van Brummelen gaf bij de beantwoording van deze vraag ook zijn visie op de aanpak van de Evangelische Omroep.
– Wat te doen als we nog niet kunnen komen tot het gebruik van de sacramenten (die een middel zijn om van geloofsslingeringen te worden genezen), omdat we ons afvragen of we het ware geloof wel bezitten?
– Hoe om te gaan met ongelovige mensen? Wordt het geloof niet sneller verzwakt in de omgang met hen?
– Met referte aan Jes. 54 : 7: Kan het ook niet zijn dat God Zijn gelovigen op de leerschool van de Heilige Geest zet?
– zijn wij anno 1988 nog wel pelgrims en laten we ons niet te veel volpompen met allerlei ballast?
– Kunnen gelovigen ook afvalligen worden?
Aan het einde van deze zeer zinvolle avond benadrukte dr. Van Brummelen nog eens dat we veel moeten leren in het Woord om de samenhang der Goddelijke dingen te leren verstaan. We hebben aan de Heere te vragen om een eenvoudig geloof. Dan zal Hij het ons leren. Hij is een God van Zijn Woord, Die de 'slechten' wijsheid zal leren (Ps. 116 : 7). In het waarzaligmakend (= heil-vattend) geloof leert God Zijn volk af dat geloven een soort 'legospelen' is, waarbij alles in elkaar past. Gods volk moet uit genade op Hem geworpen worden door het geloof en toch vertrouwen dat God Zich niet vergist.
Wij wijzen u er vast op dat de e.v. ambtsdragersvergadering van de werkgroep wordt gelegd op D.V. donderdag 22 september 1988 om 19.30 uur in 'De Hoeksteen' te Veenendaal. Ds. A Beers uit Lunteren spreekt dan over 'Zelfverloochening'.
Van de bijeenkomst op 21 april jl. in Woudenberg kunt u een cassettebandje bestellen, waarop het referaat van dr. A. van Brummelen en zijn beantwoording van de door de aanwezigen gestelde vragen zijn vastgelegd. Dit bandje kan schriftelijk worden aangevraagd bij W. Verhoog, Meentweg 10, 3755 PE Eemnes-Buiten. De prijs bedraagt ƒ 12,50 per bandje, welk bedrag u na ontvangst dient te voldoen.
Eemnes-Buiten
W. Verhoog

BEVESTIGING EN INTREDE VAN DRS. H. TALSMA IN DE GROTE KERK TE NIJKERK OP ZONDAG 24 APRIL 1988
Voor de gemeente van Nijkerk was zondag 24 april een blijde dag. Na een vacaturetijd van ca. 6 maanden werd een nieuwe predikant ontvangen in de persoon van drs. H. Talsma, die over kwam van Rijssen. De bevestingsdienst werd geleid door zijn broer, ds. L. C. Talsma van Wilsum. De tekst voor de prediking was gekozen uit 2 Kor. 4 : 7: 'Maar wij hebben deze schat in aarden vaten, opdat de uitnemendheid der kracht zij van God en niet uit ons'. De schat van de verkondiging is niet toevertrouwd aan engelen, maar aan mensen, zondig, broos en vergankelijk. De tegenstelling tussen schat en vat werd duidelijk geschetst. Een geweldige schat in een gering vat. De Heere laat zijn eer niet aan mensen geven. De schat verdient alle aandacht en niet het vat; het gaat steeds om de boodschap niet om de boodschapper. De verkondiger is niet meer dan een aarden vat met een kostbare schat bij de gratie Gods. De gemeente werd opgeroepen tot veel gebed voor haar nieuwe predikant. Vromen moeten worden leeggepreekt, zodat plaats komt voor de uitnemendheid van Christus. Christus werd een vat vol van oneer, schande en kruis, opdat een ieder, die in Hem gelooft, zou worden een vat ter ere van God Drieënig. Stelle God de Heere predikant en gemeente voor elkaar tot rijke zegen, aldus besloot ds. L. C. Talsma zijn bevestingspreek.
's Middags deed ds. H. Talsma zijn intrede met de tekstwoorden uit Psalm 4, vers 7 'Velen zeggen: wie zal ons het goede doen zien? Verhef Gij over ons het licht Uws aanschijns, O Heere'. Als u weer een eigen predikant ontvangt en als ik onder u intrede mag doen dan is dat het stralend bewijs van Gods trouw over ons. Velen beweren, dat de kerk zijn tijd heeft gehad en zeggen: 'U wordt meer en meer een randbeweging in de samenleving'. Als het van u en mij afhangt, krijgen ze gelijk, want zo'n geweldige indruk maken wij niet. Velen, ook jongeren haken af omdat de kerk hen niets meer doet en wat erger is: ook Gods Woord zegt ze niets meer. Het geweldige is, dat het niet van ons afhangt, Gode zij dank niet! De Heere Zelf draagt Zijn Kerk en Zijn Zoon, Jezus Christus zorgt voor Zijn eigen Woord. En daarom mag ik samen met mijn collga's het werk onder u beginnen. Dat is genade, wat hebben we met een groot God te doen. De verkondiging gaat door en Zijn Geest werkt door; de Heere wil met u en met uw kinderen te maken hebben. In de tekst is sprake van grote moedeloosheid. Men verwachtte van David een welvaartsstaat en dat viel tegen. Door de zondeval is de grote onrust in ons leven gekomen en de vraag: wie zal ons het goede doen zien' is al eeuwen oud. Wij erkennen niet, dat ons hart onrustig in ons blijft tot het rust vindt in God alleen. Hier ligt ten diepste de oorzaak van onze ellende. Alleen bij God is Leven en Vrede. Als we dat buiten Hem zoeken, blijft de eeuwige wanhoop over. Dat is niet zwaar, maar gewoon waar. Als we niet veranderen door wedergeboorte, door Woord en Geest God leren belijden als Degene, Die werkelijk het goede geeft, dan blijven we rondtobben met de vraag 'Wie zal ons het goede doen zien?' We worden dan alleen maar moedelozer en zullen het nooit vinden. En dat, terwijl het te vinden is, we hoeven niet om te komen in tobberij. De Heere biedt ons het goede aan in Zijn Zoon Christus. We moeten terug naar God. Kom op de knieën en vraag om de overtuiging, dat dit het goede is, dat ik van mijzelf ­verlost word en van de zonde, die scheiding maakt tussen God en mij. Bid om verzoening van de zware schuld en te mogen leven onder Gods milde handen en vriendelijke ogen. De Heere wil dat doen om Zijn Zoon Jezus Christus, Die in de Godverlatenheid ging, waar wij horen. Christus, Zaligmaker van onze zonden. Dat is om moed te grijpen, ook als we zijn vastgelopen voor God en voor de mensen. Juist voor zondaren gaf God Zijn Zoon; er zijn voor Hem geen hopeloze gevallen. Hij roept u in Christus toe: 'Kom tot Mij en Ik zal u het goede doen zien in uw uitzichtloze leven. Zo kan het! En machtig God mogen we elkaar verkondigen in de komende jaren. De preek werd besloten met een indringende oproep tot gebed voor elkaar voor de ander: Heere Verhef Gij het licht van Uw aanschijn over de overheden, land en volk, de gemeente, de zending. Steek uw hand uit naar de jongeren, de ouderen en blijf bidden om het licht van Gods aanschijn. Dan zal de Heere zich ontfermen en dan zullen we een gezegende tijd hebben.
Na de dienst werden woorden van begroeting gericht aan ds. Talsma en zijn gezin door burgemeester Van der Zaag en de consulent, ds. M. Baan.

GOUDRIAAN EN OTTOLAND. Na een vacaturetijd van ruim vier maanden kregen onze gemeenten op zondag 1 mei weer een eigen predikant in de persoon van P. B. Verspuij uit Alblasserdam. 's Morgens werd kand. Verspuij in de N.H. Kerk te Ottoland in het ambt van dienaar des Woords bevestigd door de consulent ds. A Baas van Molenaarsgraaf. Deze bediende het Woord uit Joh. 20 : 21-23: 'Jezus dan zeide weer tot hen: Vrede zij ulieden, gelijk Mij de vader gezonden heeft, zend ik ook u. En toen Hij dit gezegd had, blies Hij op hen, en zeide tot hen: Ontvangt de Heilige Geest. Zo gij iemands zonden vergeeft, die worden zij vergeven; zo gij iemands zonden houdt, die zijn zij gehouden'. Ds. Baas trok in de preek o.m. de volgende lijn: 'Vrede zij ulieden'. Met dit woord doet Jezus intrede bij de Zijnen. Zijn intrede, vandaag en elke zondag, maakt onze intrede o zo gemakkelijk. Want waar deze Vredevorst komt, daar heeft Hij alles bij zich, wat tot een rechte ambtsbediening nodig is. Zijn intrede doet ons aantreden, want Jezus zegt in één adem met Zijn vredegroet: 'Gelijkerwijs Mij de Vader gezonden heeft, zend Ik ook u'. De Heere Jezus zendt vredeboden uit. Hij bevestigt ze, in de volle zin van het woord. Hij bekwaamt ze door Zijn Geest.
Aan de handoplegging werd, naast de bevestiger, deelgenomen door de Albasserdamse predikanten W. G. Gerritsen en A. van Vuren, onze vorige predikant A. Naijen van Damwoude, de oud-Ottolander ds. J. G. van Hoven van Numansdorp, en verder door ds. W. Verboom van Streefkerk en ds. P. F. Bouter van Schelluinen.
's Middags deed ds. Verspuij zijn intrede in de kerk van Goudriaan. Hij preekte over Kol. 3 : 16: 'Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende de Heere met aangenaamheid in uw hart'. Ds. Verspuij stond achtereenvolgens stil bij het woord van Christus in de prediking, in de vermaning en in de lofprijzing. Het Woord van Christus moet centraal staan in de prediking, de maatstaf zijn voor de onderlinge vermaning en de boventoon voeren in de lofprijzing. Het gaat Paulus erom dat nieuwe mensen met nieuwe harten een nieuw lied zingen voor de Heere. Alleen zo'n lied kan de Heere behagen. Want dat is zijn eigen werk, dat Hij zelf in ons leven verheerlijkt heeft, en dat uitmondt in Zijn lof. En dan geldt ook hiervoor: uit Hem, door Hem en tot Hem zijn alle dingen.
Aan het eind van de dienst richtte de dominee het woord tot diverse personen en instanties. Daarna werd hij toegesproken door burgemeester G. W. Abbring namens de gemeente Graafstroom, door ds. A. Baas namens de classis Alblasserdam en de ring Hardinxveld, en door ouderling S. Tukker namens de beide kerkeraden en de gemeenten. Deze liet de nieuwe predikant Psalm 85 vers 3 en 4 toezingen.
Na afloop van de dienst was er in 'Kerkzicht' gelegenheid om ds. en mevr. Verspuij te verwelkomen.

DS. J. W. VAN ESTRIK PREDIKANT VAN MOERKAPELLE
Na een periode van vijftien maanden vakant te zijn geweest, door het vertrek van ds. J. Harteman naar de Hervormde gemeente Wijk bij Heusden, is in Moerkapelle de herdersstaf opnieuw ter hand genomen. In de ochtenddienst van 1 mei, waarin drs. P. Koeman uit Woudenberg voorging, werd ds. J. W. van Estrik bevestigd. Ds. Koeman had als tekst Efeze 3 : 7 en 8 genomen. In de prediking stond hij stil bij de rijkdom in Christus. Dat geeft de gemeente die ontvangt een grote verantwoording en de dienaar des Woords weet zich geplaatst voor een onmogelijke opgave. Beiden kunnen dat nooit in eigen kracht, maar moeten op de knieën voor Gods genade, aldus de bevestiger. Genade als een gave van God ervaren leert kort te zijn over onszelf en groot te spreken van de Gever. Dat is de gave die zowel de gemeente als de nieuwe predikant wordt toegewenst.
In de middagdienst werd ds. Van Estrik na votum en groet toegesproken door burgemeester A. W. Lips, ds. D. Rietdijk van de plaatselijke Gereformeerde Gemeente en vervolgens door de consulent, ds. P. J. Teeuw, namens de classis en de ring Gouda. Ds. Van Estrik bediende het Woord uit Psalm 40. Centraal in de bediening stond vers 6, alwaar de wonderen en gedachten van de Heere vele zijn gemaakt aan David en het volk, ja zovele dat hij niet in staat is ze in orde en veelheid te vertellen. De pastor belichtte dit vers allereerst als onderdeel van de Psalm en stond stil bij het feit dat de eerste twaalf verzen ogenschijnlijk een lofzang is die losstaat van het klaaggebed van de verzen dertien t/m achttien. Opmerkelijk is het dat hier als het ware sprake is van de omgekeerde wereld: lofzang en dan klacht. Deze Psalm leert dat het leven mét God is, zo geheel anders dan het van de wereld zijn. De predikant kan dan ook niet meegaan met degenen die stellen dat het om twee afzonderlijke Psalmen gaat. De verwijzing die veel verklaarders geven dat het tweede deel alles met Psalm 70 te maken heeft is dan ook een foutieve. Een geestelijk verstaan van deze Psalm is noodzakelijk om dat te zien, om dat te verstaan. Het leven met God kent het ene moment hoge tonen en op een ander moment zware bassen. Lofzang en klaagzang wisselen elkaar af. In het donker van de nacht worden de Psalmen geboren, Christus buigt zich over hulpbehoevende kinderen. Door het lijden leert de mens zijn ellende kennen en Gods heerlijkheid peilen.
Ds. Van Estrik haakte in op de bevestigingsdienst door het loven van Paulus als voorbeeld te stellen. Als Saulus, die dacht God te dienen, werd hij Paulus die aan den lijve ondervond hoe het tot Gods beschikking staan wordt tegengestaan. Wie heeft Paulus nou mee? De wereld niet, onbekeerden niet en zichzelf niet. Nochtans bracht hij het Woord, ja hij werd door Christus gedrongen en de uitwerking bleef niet uit. Menig zondaar kwam oog in oog met Jezus Christus en die gekruisigd te staan. Als dat gebeurt valt de prediker er tussenuit. Dan is er het wonder: Hij buigt van de hemel naar mij af. Het loflied wordt geboren. Lofzingen is dan geen tegenprestatie aan God maar een gave van God aan de mens. In het zesde vers kon David niets anders dan gods wonderen beschrijven. Hij weet zich tenslotte uit het diepste opgehaald, gered van zijn zonde en schuld. In Hebreeën 10 worden de verzen 7-9 door Christus gespeld, de verzoening van de zonde wordt daar aangeboden. David had geroepen. Hem verwacht en werd verhoord. Het gaat erom dat we zo Christus nodig hebben. Hem vragen en smeken en zo een levende ontmoeting zoeken. Dan is iedere dag, ieder moment een wonder. David beseft dat ook, hij moet telkens opnieuw verlost worden. ledere dag is er schreeuwend behoefte aan hulp. Zijn leven was arm en behoeftig, maar dat leert hem bidden. Zó wordt God groot. Zijn naam moet eeuwig eer ontvangen. De eeuwigheid is nodig om die onbeschrijfelijke christus te verstaan, te loven en te overdenken. Om de ontelbare gedachten Gods eeuwig te verhalen. Na de Woordbediening sprak scriba A. van de Herik namens de kerkeraad en de gemeente de nieuwe predikant en zijn gezin toe. Op zijn voorstel werd het gezin Psalm 84 : 3 en 6 toegezongen. En zo behaagde het de Heere de gemeente Moerkapelle te gedenken door dat deel van de Wijngaard een dienaar van het Goddelijk woord te schenken.

VLADIMIR ROESAK NOG VOOR MILLENNIUM VRIJ?
De Russisch-orthodoxe diaken Vladimir Roesak bevindt zich in de Lefortovo-gevangenis in Moskou. Begin april maakte zijn vrouw nog een vergeefse reis naar het kamp in de Oeral, waar haar man in de ziekenboeg was opgenomen. Zij kreeg daar te horen dat hij naar Moskou was getransporteerd.
Het kostte haar echter enkele dagen om uit te vinden waar haar man zich in Moskou bevond. Volgens vrienden van Vladimir is zijn overplaatsing een hoopvol teken. Er wordt gespeculeerd dat hij nog vóór de viering van het millennium op 10 juni vrij zal zijn.
(Kruistochten)

BERICHT NOORDERKRING
Nadat we op maandag 9 mei een bijzonder fijne dag beleefd hebben en met elkaar gesproken hebben over de relatie tussen refomiatorische en evangelische christenen, onder leiding van ds. W. J. Bouw, hopen we in september weer samen te komen in Groningerland. Het thema zal zijn 'Catechismus en catechese'. Ds. T. van 't Veld uit Ede zal onze gespreksleider zijn. We komen samen op maandag 26 september in Zevenhuizen bij Leek.
Bij deze berichtgeving is het goed nog even te bedanken voor het feit dat wij gedurende enkele jaren gesubsidieerd worden door de Gereformeerde Bond en de Confessionele Vereniging, voor welke ondersteuning wij als Noorderkring steeds dankbaar zijn.

DDR: HELFT ALLE BEGRAFENISSEN ZONDER ENIGE PLECHTIGHEID
Steeds meer begrafenissen in de DDR vinden plaats zonder enige plechtigheid. Volgens 'Glaube und Heimat', een te Jena verschijnend evangelisch weekblad, is het zelfs geen vanzelfsprekendheid meer, dat wanneer de predikant er niet meer aan te pas komt, een 'redenaar uit vrijdenkerskringen' dan wel de organist van de begraafplaats deze rol overneemt.
Het blad baseert zich op schattingen in een grote stad in Thüringen, volgens welke rond vijftig procent van de familieleden van overledenen afzien van elke plechtigheid, in welke vorm dan ook. Exacte aantallen ontbreken evenwel, omdat de openbare diensten van de begraafplaatsen geen gegevens daarover publiceren.
(LWI/Hervormd Persbureau)

1588—1988
De openbare jaarvergadering van de 'Vereniging Protestants Nederland' zal D.V worden gehouden zaterdagmiddag 28 mei a.s. in een der zalen van restaurant De Oude Tram, Stationsplein 4 te Amersfoort. Aanvang 14.00 uur (2 uur n.m.).
In deze bijeenkomst onder leiding van ds. C. J. van der Plas (Zwijndrecht) als voorzitter van het hoofdbestuur der vereniging, hoopt dr. H. A. Hofman uit Apeldoorn te spreken over: 'De Armada: bezegeling van de ondergang van een wereldrijk'. Belangstellenden zijn hartelijk welkom.

DE HAAMSTEDE-CONFERENTIE
De 4e Haamstede-conferentie zal D.V. op 6, 7 en 8 september in conferentie-oord 'De Burght' te Burgh/Haamstede worden gehouden. Deze conferentie heeft tot doel theologen door middel van lezingen toe te rusten vanuit de beginselen van de Reformatie en de Nadere Reformatie.
In deze lezingen zal de nadruk liggen op het persoonlijke en pastorale karakter.
Onder meer zullen het woord voeren: ds. A. Beens (Lunteren), ds. D. J. Budding (Elspeet), ds. P. den Butter (Middelharnis), ds. K. ten Klooster (Middelharnis), ds. J. Maasland (Capelle aan den IJssel) en mr. W. Silfout (Amersfoort).
De deelname staat open voor predikanten, evangelisten, alsmede voor studenten, die zich voorbereiden op de dienst des Woords. Verwacht wordt, dat de doelstelling van de conferentie wordt onderschreven. Voor eventuele inlichtingen kunt u zich wenden tot ds. P. Roos, Laan van Zuylenveld 14, 3611 AJ Zuilen (tel. 030-434847) of ds. K. ten Klooster, Doetinchemsestraat 1, 3241 AA Middelharnis (tel. 01870-2529).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1988

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Kerknieuws

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 mei 1988

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's