C. H. Spurgeon en de prediking (7)
De rechtvaardiging
De rechtvaardiging van de zondaar geschiedt door toerekening van de vreemde gerechtigheid van Christus. Hij legt Zijn gerechtigheid op een vervloekt mens, en de zonde van deze mens neemt Hij op Zich: 'God zegt: Ik zal die mens verdoemen; Ik moet, Ik zal – Ik zal hem straffen. Christus komt binnen, duwt mij opzij, en stelt Zichzelf in mijn plaats. Wanneer het op het pleidooi aankomt, zegt Christus: schuldig! Mijn schuld neemt Hij over als Zijn schuld. Wanneer de straf uitgevoerd moet worden, komt Christus naar voren. Straf Mij! – zegt Hij – Ik heb Mijn gerechtigeheid op die mens gelegd en Ik heb de zonden van die mens op Mij genomen'.
Deze rechtvaardiging wordt verkregen alleen uit genade; daarvoor behoeft men niet eerst jarenlang een heilig mens te wezen om tenslotte de rechtvaardiging te verkrijgen – er behoeft geen enkele prijs voor te worden betaald: Wel, maar hoe wordt zij verkregen – zegt iemand – moet ik vele jaren lang een heilig mens zijn om haar te krijgen? Luister! Vrij door Zijn genade, vrij, omdat er geen prijs voor betaald behoeft te worden'.
Evenzeer wordt deze rechtvaardiging verkregen alleen door het geloof. Op hetzelfde moment, waarop een zondaar in Christus gelooft, verkrijgt hij vergeving van zonden en wordt hij rechtvaardig: 'Op het moment, waarop Hij in Christus gelooft, ontvangt hij in een keer zijn vergeving, en zijn zonden zijn niet langer de zijne… Dat is de leer van de rechtvaardiging door het geloof. De mens wordt niet langer door Goddelijke gerechtigheid beschouwd als een schuldige; op het moment, waarop hij in Christus gelooft, wordt al zijn schuld weggenomen… maar wat meer is, hij wordt rechtvaardig… want, op het moment, waarop Christus zijn zonden overneemt, neemt hij Christus' gerechtigheid…'.
Het rechtvaardigend geloof kent aanvechting en twijfel, maar chronische twijfel moet worden veroordeeld: 'Chronische twijfel is een zonde, die niet geduld mag worden'. Waarschijnlijk zag Spurgeon daarin een voedingsbodem voor wetticisme.
De nadruk op de rechtvaardiging uit genade en door het geloof bleef kenmerkend voor Spurgeon's gehele prediking tot aan het eind van zijn leven toe. Nog twee jaar vóór zijn dood, zei hij: 'Op het moment, waarop u gelooft in de opgestane Zoon, rekent God u rechtvaardig; en terwijl u blijft geloven, houdt God u voor rechtvaardig'.
De heiliging
De heiliging is de keerzijde van de rechtvaardiging en verdient als zodanig niet minder aandacht. Spurgeon preekte de heiliging zelfs met vreugde, omdat hij jaagde naar de volmaaktheid: 'Ik verblijd me er in om de heiliging te preken, en ik zal me daarop richten zo lang ik leef, en nooit kan ik tevreden zijn tot dat ik volmaakt ben, maar steeds behoeft en heeft mijn ziel nodig de Zaligmaker van zondaren'. Tussen de regels door zien we Spurgeon afstand nemen van de volmaaktheidsleer van John Wesley, waarbij de volmaaktheid hier in dit leven zou kunnen worden bereikt als een feitelijk gegeven. Bij Spurgeon komt het jagen naar de volmaaktheid onmiddellijk op vanuit de rechtvaardiging.
In dit licht gezien zal het duidelijk zijn, dat er bij hem geen enkele plaats kan zijn voor een antinomiaanse levenshouding – waarbij met de wet geen enkele rekening meer behoeft te worden gehouden: 'Ik heb u nooit gepreekt, dat u wel in zonde man leven als u maar in Jezus gelooft'.
Evenmin mag de heiliging worden beleden als een soort 'bovenbouw' van de rechtvaardiging. Wanneer sommigen dit een 'hoger leven' (higher life) noemden, dan wilde Spurgeon wel bekennen, dat, zolang hij niet in de hemel was, voor hem het hoogste leven dat van de arme tollenaar was, toen deze zei: 'O God! wees mij, zondaar, genadig'. De heiliging is immers niet meer, maar ook niet minder, dan de andere zijde van de rechtvaardiging: 'Ik heb gemerkt, dat een groot deel van mijn broeders sinds kort enige erg aardige kleine houten bouwseltjes aan het maken zijn boven op (de belijdenis van) Jezus Christus. Ik meen, dat ze dit een 'hoger leven' noemen, als ik me die naam nog goed herinner. Ik weet van geen ander leven, dat hoger is dan dat van het eenvoudige geloof in Jezus Christus. Wat mij betreft, het hoogste leven voor mij, buiten de hemel, is het leven van de arme tollenaar, toen hij zei: O God! wees mij, zondaar, genadig'.
In wezen bestaat de heiliging in het gelijkvormig worden aan Christus. Reden waarom Spurgeon 'diep respect voor sommigen had, was, dat ze zoveel van zijn Meester aan en om zich heen hadden'! Hij wilde graag 'vele mijlen reizen om met zulke mensen te praten, want hun spreken was altijd zo vol van Christus, en zij leefden zo dicht bij Hem'.
De heiliging van het leven heeft ook het beginsel van de eeuwige vreugde in zich, hetgeen ons behoedt voor een oppervlakkig leven: 'Ik had enige tijd geleden een gesprek met een zeer uitnemend mens… Hij zei me in de loop van ons gesprek: Hoe dwaas bent u toch, en heel dat gezelschap van predikers. Jullie zeggen de mensen, dat ze moeten denken aan de volgende wereld (het hiernamaals), terwijl het beste, wat ze zouden kunnen doen, zou zijn, dat zij zich zo goed mogelijk in deze (wereld) zouden gedragen! Ik stemde de waarheid van deze opmerking toe; het zou erg onwijs zijn om de mensen het tegenwoordige te laten veronachtzamen, want het is van buitengewoon groot belang; maar ik ging verder met hem aan te tonen, dat uitgerekend de beste methode om mensen attent te maken op het tegenwoordige dit was, dat men bij hen hoge en edele motieven met betrekking tot de toekomst inprent. De machtige kracht van de toekomende wereld voorziet ons door de Heilige Geest met kracht voor de juist vervulling van de plichten van dit leven'.
Aan het eind van zijn leven nam het verlangen naar levensheiliging bij Spurgeon eerder toe dan af: 'Doet aan de Heere Jezus Christus! Dit is een wonderbaarlijk woord voor mij, want het wijst er op, dat we in de Heere Jezus volmaaktheid hebben'. Dit zei hij twee jaar voordat hij in Jezus ontsliep.
C. A. van der Sluijs, Veenendaal.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juni 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's