Wolk van getuigen rondom… José en Luis
Van overzee
Afgelopen zondag had ik als tekstgedeelte voor de prediking Hebr. 12 : 1-4 genomen. De aanleiding daartoe was, dat ik zaterdag voor het eerst kans zag een groot deel van een voetbalwedstrijd te zien. Het was ook mijn laatste kans, want het was de finale van de Europa-cup. De 'geoliede oranjes' tegen de 'systeem-gehoorzame roden', zeiden ze hier. De Peruanen zijn erg pro Holland, sinds ze twee keer bijna de wereldcup veroverden. Elke Peruaanse taxichauffeur weet meer van het Hollandse voetbal dan schrijver dezes, die helemaal niet op de hoogte is. Hij is alleen maar een amateurvolleyballer, maar dat vindt men hier een meisjessport. Hoewel, dat taboe wordt steeds meer doorbroken. Hier begrijpen we trouwens nog beter, dat als je het volk maar brood en spelen geeft, het dan wel koest blijft. Maar brood is er steeds minder voor iedereen en tijd voor spelen heeft men alleen 's zondags. Op straat. Met daarna: pils. Krijg die mensen maar eens naar de kerk…
Wat me opviel tijdens de wedstrijd was de grote schare Hollanders op de tribunes, die uit volle borst zongen: wij hebben gewonnen, de zilvervloot. Ten eerste vanwege mijn moedertaal en ten tweede vanwege het thema: het zilver kwam uit Latijns Amerika, waar ik nu werk. Wij zijn van die slimme Hollanders en die Spanjaarden waren zo dom, maar degenen die echt de dupe waren en zijn, zijn o.a. de Peruanen. Maar sommigen hebben daar ook wel weer hun verklaring voor: het is hun eigen schuld want ze zijn lui en kijken te veel televisie. Maar wees nu eens eerlijk: wie constant kaalgeplukt wordt heeft weinig zin om te vliegen. Of: wie nooit aan het roer mag zitten, heeft weinig zin om altijd te roeien. En wie nooit wat te besteden heeft, gooit veel eerder het weinige geld over de balk. Als je dat hier niet een beetje tracht te begrijpen, dan raak je gefrustreerd van al de onbenulligheid en luiheid om je heen. Of Luis en José een goede uitzondering zijn? Ze deden toch pas belijdenis? Vergeet het maar. Door nalatigheid van José was ik pas bijna mijn groene (Kockengense) fiets kwijtgeraakt. Gelukkig zijn we dankzij een bekende buur-dief op het spoor van de steler en de heler gekomen…
Goed, de wedstrijd was een goede aanleiding en hulp om uit te leggen wat de schrijver van de Hebreeënbrief met die wolk van getuigen bedoelt. Wat me ook opviel bij de exegese was, dat de 'zonde', die we af moeten leggen, hier vooral de neiging is om de moed te verliezen en het toegeven aan de moeheid, die je af doet haken. Het betreft christenen, die al begonnen zijn met rennen in de loopbaan (10, 32 en 12, 12), maar die om allerlei redenen niet volharden tot het einde. Dat zie je hier in Peru soms heel concreet gebeuren. Mensen van wie je geloofde, dat ze echt bekeerd zijn, kunnen ontrouw worden. Daarom is het zo bemoedigend geweest voor José en Luis (en ook voor ons), dat ze zoveel welgemeende aanmoedigingen uit Holland hebben gekregen om door te lopen en te strijden n.a.v. een vorig artikel in 'De Waarheidsvriend'. Daar heb ik in de preek ook naar verwezen.
Zo goed is onze God, dat Hij niet alleen ons Zijn beloften geeft en het uitzicht op de overwinning, maar dat Hij ook zorgt voor die internationale schare, die ons vanaf de tribune aanspoort. Zullen we samen verder rennen en niet gefrustreerd door de vele obstakels afhaken? Dat kan alleen als we ons onderweg concentreren op Jezus Christus: Ziende op de Voorloper en Voleinder van het geloof. Die én lijdend streed én gehoorzamend overwon!
Als blijk van dank voor de ontvangen post, volgt hier de vertaling van de brieven, die José en Luis aan de verzenders wilden sturen:
Zeer geliefde broeders en zusters,
In de Naam van de Heere Jezus heel hartelijk dank voor de kaarten die u mij stuurde. Ik zal nog iets over mezelf vertellen: Mijn opa nam me eens mee neer de kerk om schoon te maken. Ik was echter afkerig van alles, voordat ik het Woord van God kende. Maar toen het tot me door begon te dringen, voelde ik me heel klein voor God worden, als iemand voor wie geen uitweg is. Nu ik God dien, heb ik meer kracht om niet langer mijn oude leven te leiden en mijn lagere school af te maken. Op de avondschool zit ik, want overdag moet ik werken. Ik zou u best graag leren kennen.
José Espino
Hopelijk bent u goed gezond als u deze brief ontvangt. Ik ben erg dankbaar voor de post, die u zo vriendelijk was mij toe te sturen. Het waren mooie kaarten, die me bemoedigd hebben om op de weg van Christus te blijven gaan. Ik wil u vertellen hoe God begonnen is mijn leven te veranderen. Ik werd eerst door een paar vrienden meegenomen naar de kerk. Het beviel me goed. Ik was vier en een halfjaar sympatisant. Het was voor mij een emotioneel gebeuren toen ik gedoopt werd. Niemand had dat vroeger gedacht. Ook mijn familieleden niet. Mijn vader heet ook Luis Felipe (gaat nooit naar de kerk), mijn moeder heet Gloria (is sympatisant) en mijn zus heet Maria del Carmen (gaat ook niet). Ik zit in de derde klas van de middelbare avondschool, dichtbij mijn huis. Die school is naar José Maria Arguedas genoemd, een groot schrijver. Ik zou graag het vaderland leren kennen van de man die ons de weg wees naar De Juiste Weg, maar daar heb ik het geld niet voor. Ik heb wel in de gaten gekregen in de loop van de tijd, dat er geen enkele kerk is waar geen problemen zijn, hetzij geestelijke of stoffelijke. Naar onze kerk kunnen de jongeren soms niet komen, omdat hun ouders hen dat verbieden (ten diepste misschien wel omdat ze jaloers op ons zijn). Ik wens u alle goeds toe in de Naam van Jezus Christus en ik hoop u nog eens te ontmoeten.
Luis Perales
Dit was dan weer de post van overzee.
Ds. L. W. Smelt
Lima, Peru
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1988
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's