De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Verliezen wij de vroomheid? (8)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verliezen wij de vroomheid? (8)

11 minuten leestijd

Ter afronding van deze reeks artikelen wil ik nog ingaan op een aantal reacties die ik van lezers òf telefonisch òf per brief ontving. Vrijwel al die reacties cirkelden rondom 'de geest van onze tijd'. Onwillekeurig – zo werd gezegd – heeft de tijdsgeest een grote invloed op het denken en handelen van de mensen. Ook christenen worden daardoor beïnvloed en, zonder dat zij het soms zelf weten meegevoerd. Een gevolg daarvan is, dat wij de vroomheid verliezen. Met deze reacties ben ik het grotendeels wel eens, hoewel ik er direkt bij zeg dat niet alles onder de noemer van de tijdsgeest geplaatst moet worden en wij zouden moeten denken alsof niet iedere tijd met de tijdgeest te kampen zou hebben. De tijdsgeest moge zich in vorige eeuwen anders gemanifesteerd hebben, maar zij was er wel. En evenals nu was zij vroeger: vijandschap tegen God!

De geestelijke wapenrusting
Wat moet nu de christen doen om de tijdsgeest te onderkennen en daartegen te strijden? Het antwoord op deze vraag is niet zo moeilijk. In Efeze 6 : 11-12 zegt de apostel Paulus: 'Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels. Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht'. Uit deze woorden blijkt, dat alleen in de wapenrusting Gods de machten kunnen worden weerstaan en men staande kan blijven ook tegen de tijdsgeest. Tot deze strijd wordt iedere christen opgeroepen. Dat is evenwel nog niet zo'n gemakkelijke strijd. Het is namelijk een strijd op leven en dood. Een strijd niet voornamelijk tegen vlees en bloed, tegen mensen die uiteindelijk zwakke stoffelijke wezens zijn, maar ten diepste tegen andere machten, die door Paulus met verschillende namen worden genoemd en die duidelijk hun kracht en invloed naar voren brengen. Deze machten zijn 'geestelijke boosheden in de lucht'. Zij zijn zeer ongrijpbaar. Daarom is waakzaamheid geboden. Met de gehele wapenrusting d.i. met het gehele Woord Gods moet een christen op wacht staan. Onverhoeds kan er door die machten een overval gedaan worden en wanneer dan de gehele wapenrusting ontbreekt of een deel daarvan wordt gemist, zal zo'n overval altijd doeltreffen met de uiterste consequentie dat men meegesleurd wordt op de weg van het verderf. Wat is het daarom nodig dat er kennis is van het Woord, van het gehele Woord. Want zou ook dit niet één van de oorzaken zijn dat velen zich laten meesleuren door de tijdsgeest, omdat de kennis van het Woord zo minimaal aanwezig is? Ik weet: het gaat om geestelijke, bevindelijke kennis van het Woord. Met andere woorden: een kennis van het Woord die in het hart gestalte heeft genomen. Hiermee bedoel ik vanzelfsprekend niet te zeggen, dat er achter de waarheid nog een waarheid ligt en dat dit dan de geestelijke kennis òf bevindelijke kennis van het Woord zou zijn. Het Woord zoals ons dit van Genesis 1 tot en met Openbaring 22 is geopenbaard is de waarheid. De Bijbel zoals ons die is gegeven is geestelijk. Daarachter behoeven wij dus niet iets te zoeken wat nog geestelijker zou zijn. Daarom is het parool: laten wij ons houden aan de Schrift en dan aan de gehele Schrift.

Voorbeelden
Wel blijft dan de vraag staande, hoe kennis van de Schrift in het hart wordt gerealiseerd met als gevolg dat de strijd tegen de tijdgeest aangebonden kan worden? Die kennis wordt gewerkt door de Heilige Geest. Door de oorpoort brengt de Geest Gods het Woord in het hart. Maar u hebt het al begrepen, dat sluit het gebruik maken van het Woord niet uit. Van het lezen in de Schrift, van het onderzoeken van de Schrift maakt de Heilige Geest gebruik. En zou juist het lezen in – en het onderzoeken van – het Woord niet een groot manco onder ons zijn tengevolge waarvan de Heilige Geest Zijn werk in het hart niet kan doen. Nu moeten wij natuurlijk niet zo overgeestelijk zijn door te zeggen: 'och, het is allemaal maar uitwendige kennis. Daarmee doe ik èn voor de tijd niets, èn voor de eeuwigheid niets'. Zo'n opmerking getuigt toch niet van veel eerbied voor het werk van de Heilige Geest Die de uitwendige kennis van het Woord toepast aan het hart. De Heilige Geest maakt gebruik van de middelen. En ik wenste wel, dat wij ook méér gebruik zouden maken van de middelen o.a. het Woord Gods. Wellicht zeg ik het enigszins overtrokken, maar ik denk dat er voor de Heilige Geest meer werk te doen zou zijn, wanneer wij ijveriger waren in het lezen in – en het onderzoeken van – het Woord. Wanneer wij daarvoor meer tijd zouden nemen. En nu denk ik zo aan onze gezinnen. Nemen wij als ouders nog wel de tijd om met onze kinderen het Woord te lezen? Samen de dag te beginnen en samen de dag te beëindigen? Echte vroomheid bestaat niet in het doen van een aantal spectaculaire dingen, maar in hele gewone en eenvoudige dingen o.a. met onze kinderen bezig zijn in het Woord Gods. Nu is het mij niet onbekend, dat het gezinsleven door allerlei oorzaken soms zeer ontregeld kan zijn. Vooral wanneer onze kinderen het voortgezet onderwijs volgen is het gezinsleven onsamenhangend. De één gaat op dit uur weg, de ander een paar uur later. En als èn vader èn moeder een taak buitenshuis hebben, wordt het er allemaal niet gemakkelijker op. Toch moet het mogelijk zijn 's ochtends de dag met elkaar te beginnen en zeker ook de dag met elkaar te besluiten en wellicht kan er tussendoor nog wel een maaltijd gezamenlijk worden gebruikt waarbij het Woord en het gebed een plaats hebben. Vroeger kende men wel zogenaamde huisgodsdienstoefeningen. Niet alles van vroeger behoeven wij over te nemen, maar wat zou er tegen zijn om de huisgodsdienstoefening in ere te herstellen. En dan niet als een loze vorm, doch inhoudsvol. Ik denk dat vooral dit laatste van betekenis is. Onze kinderen moeten zien en horen wat de wezenlijke waarde van dit alles is. Anders zegt het hen niets en zullen zij vroeg of laat afhaken. Daarbij komt nog iets. Onlangs was ik ergens op bezoek waar allen keurig – voor het oog althans – meeleefden. Trouw gingen allen naar de kerk, trouw werden door de kinderen de catechisaties bezocht. De dag werd gezamenlijk begonnen en beëindigd met Schriftlezing en gebed. Vader of moeder ging zelfs hardop in de gebeden voor. Toen ik zo eens naar de krantenbak keek, zag ik dat daarin een aantal pulp-bladen van het laagste allooi lag en daarbovenop het Reformatorisch Dagblad. Het leek wel alsof dit dagblad die andere bladen moest toedekken. Kijk, wij zullen allen wel verstaan, dat dit niet kan. Mag ik het zo zeggen: een christen kan géén vriend en metgezel zijn van het Reformatorisch Dagblad en van bladen als Story, Privé, Panorama en andere pulpbladen. Uit laatstgenoemde bladen spreekt een heel andere geest dan uit het genoemde dagblad. Nu gaat het mij niet om het dagblad, hoezeer ik het ook waardeer, maar wel om die pulpbladen die iets van de tijdsgeest laten lezen, welke geest haaks staat op de Heilige Geest. Zulke bladen behoren dan ook niet in ons gezin te komen. Er wordt wel gezegd dat je toch moet weten wat er zo te koop is in deze wereld. Ik denk niet dat .dit nodig is en vooral niet wanneer wij door genade enigszins ons eigen hart kennen. Echter… er zijn nog wel meer voorbeelden te noemen waarin de tijdsgeest is op te merken. Hoe gaan wij bijvoorbeeld om met de media? Al heel snel wordt nu gedacht aan radio, televisie, video. Daaraan denk ik ook, maar ik denk niet minder aan de dagbladen en boeken die wij in huis hebben. Wat horen, wat zien en wat lezen wij? De media kunnen dienstbaar zijn. Ik bedoel: er kan een goed gebruik van gemaakt worden. Deze gaven in Gods goede schepping ons geschonken, zullen wij niet zomaar mogen wegwerpen. In dit verband denk ik aan een artikel van de hand van nu wijlen ds. Van de Ent Braat in het boek 'In antwoord'. Wie dit wil lezen kan het vinden op bladzijde 139 e.v. van genoemd boek. Niettemin is ook dit waar, dat de media ons helemaal geen dienst bewijzen en dientengevolge eerder een afbreuk doen aan het geestelijke leven en de daarmee verbonden praxis pietatis (praktijk van de vroomheid) dan dat zij die opbouwen. Alles horen, alles zien, alles lezen heeft een schadelijke invloed op hoofd en hart. Weliswaar heeft een onderzoek aangetoond, dat slechts 10 procent van wat wij horen, zien en lezen bij ons achterblijft. Maar wanneer 10 procent bestaat in alles wat niet met Gods Woord in overeenstemming is is het al voldoende om ten verderve te gaan. Nu ben ik wel zo nuchter, dat ik denk dat de media niet meer weg te denken zijn in onze samenleving. Maar dan is het voor ons wel van belang, hoe wij daarmee omgaan? En als vader en moeder daarin onze kinderen voorgaan. Als wij werkelijk God naar Zijn Woord begeren te dienen, zullen wij heus wel weten, wat kan en niet kan, wat mag en niet mag. Laat ik in het kort dit neerschrijven: alles kan en mag wat in overeenstemming met Gods wet is. En als iemand twijfelt of aarzelt en zich afvraagt: is dit of dat wel in overeenstemming met Gods gebod, dan moet hij het nalaten. Deze gulden regel van Calvijn geef ik maar door. Wellicht kan iemand er wat mee doen. In het bovenstaande heb ik trouwens maar wat grote lijnen getrokken zonder moralistisch te willen zijn. Niet dat ik vrees voor 'moralistisch' uitgemaakt te worden, maar wel omdat het mij te doen is de banier van Gods gebod hoog te houden en elkaar wat praktisch te mogen helpen. Want het zal waar zijn, dat de tijdsgeest heerst en in onze levens doordringt, waardoor er van een heilig en vroom leven geen sprake meer is. In alle sferen van het leven behoort tegen de tijdsgeest gestreden te worden. Ik noemde een paar voorbeelden. Maar ik wil mij daartoe niet beperken. Ook de wijze waarop wij ons in ons levensonderhoud voorzien is van belang. Leven wij alleen maar om geld te verdienen – liefst zoveel mogelijk – en dit geld dan alleen ten nutte van onszelf te besteden? Het is maar een vraag, omdat ik mij niet helemaal aan de indruk kan onttrekken, dat met de komst van het individualistisch denken ook het materialisme is toegenomen. Leeft ook onder ons vaak niet een geest zoals je die in de wereld aantreft van: ikke, ikke en de rest kan…! Weten wij nog wel wat ons huwelijksformulier zo prachtig uitdrukt, dat de man in zijn Goddelijk beroep naarstig zal arbeiden, opdat hij zijn gezin met God en met eer mag onderhouden en ook daarenboven iets heeft om aan de noodruftigen mee te delen. Onze gaven wereldwijd delen is een slogan in onze tijd. Maar doen wij dat ook? En weten wij van een sober leven.

Wij zeggen wel, dat wij ons aan de Schrift willen houden, maar dan ook aan de gehele Schrift? Ook aan dat gedeelte waar gesproken wordt over het onderhouden van de armen. Ik vraag maar, ik beschuldig niemand, maar vergeet niet dat ook Mattheüs 25 : 31-46 in de Bijbel staat. Ik wil met dit alles maar zeggen, dat onze behoeftige naaste verweg en dichtbij ons ter harte moet gaan. Als wij zelf van de genade Gods in het leven mogen weten en Hij ons overlaadt met tijdelijke goederen, zo mag een ander die behoeftig is daarin delen. En men is wel door een hele boze macht, het materialisme, bevangen als men hiervan niet weet. Ook het delen van de gaven behoort tot de vroomheid, alsmede het zich bezighouden met de gerechtigheidsvragen. Wat betekent het onder andere de gerechtigheid van Christus door het geloof deelachtig te zijn in relatie tot gerechtigheid in ons land en in deze wereld. Kunnen wij met lede ogen toezien, hoe anderen worden verdrukt, vervolgd en vertrapt?
(slot volgt)

G. S. A. de Knegt, P.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1988

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Verliezen wij de vroomheid? (8)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 oktober 1988

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's