De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

C. H. Spurgeon en Calvijn (4)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

C. H. Spurgeon en Calvijn (4)

5 minuten leestijd

Verschillen
Ongetwijfeld zijn er in de prediking van de Baptist C. H. Spurgeon verschillen aan te wijzen met het Calvinisme. En bij 'Calvinisme' moet dan heel direkt worden gedacht aan de leer van Calvijn zelf.
Als Baptist verwierp Spurgeon de kinderdoop en dat bracht met zich mee, dat hij wel anders over het verbond der genade moest denken dan Calvijn. Dit behoeft echter niet noodzakelijkerwijs te betekenen, dat hij dan wezenlijk met het Calvinisme in strijd is geweest.
Zelf weigerde hij te aanvaarden, dat hij in zijn prediking wezenlijk verschilde van Calvijn.
Het loutere feit, dat men hem – van de zijde van het Hypercalvinisme – een Arminiaan heeft genoemd is, op zichzelf genomen, allerminst een bewijs van deze stelling: 'Ik herinner mij, dat er groot bezwaar werd gemaakt tegen een preek van mij (getiteld) "Dwing ze om in te komen", waarin ik met grote teerheid sprak om maar zielen te winnen. Die preek werd Arminiaans genoemd en onzuiver. Broeders, het is mij voor het minst een geoordeeld te worden met een menselijk oordeel, want mijn Meester zette Zijn zegel op die boodschap; ik heb nog nooit een preek gehouden, waardoor er zoveel zielen voor God gewonnen werden. Ik geloof net zo vast in de leerstukken van de genade als welk levend mens dan ook, en ik ben een echte Calvinist naar de orde van Johannes Calvijn zelf; maar als men het een slechte zaak vindt om een zondaar te bidden naar het eeuwige leven te grijpen, dan zal ik in dit opzicht nòg slechter zijn, en hierin mijn Meester en Zijn apostelen navolgen, die, hoewel zij leerden, dat de zaligheid uit genade is en uit genade alleen, er niet bevreesd voor waren om tot mensen te spreken als tot zedelijke wezens en verantwoordelijk handelende personen; en ik zal hen bidden te strijden om in te gaan door de enge poort. Geliefden, klem u vast aan de grote waarheid van verkiezende liefde en de goddelijke souvereiniteit, maar laat dezen u niet in boeien slaan, wanneer u, in de kracht van de Heilige Geest, vissers van mensen wordt.'

Betrekkelijk
Spurgeon bezat in ruime mate het charisma (genadegave) om de zaken betrekkelijk te zien, waardoor hij aan de voortdurende neiging en dreiging tot systematiseren, binnen het Calvinisme, ontkwam: 'Ik heb de man gekend, die geacht werd een gezond Calvinist te zijn en die geloofde in een heel hoge leer ("in very high doctrine"), maar die een onheilig leven leidde. Hij verachtte Arminianen, zoals hij ze verkoos te noemen, ofschoon sommigen van deze verachten heel dicht bij God leefden en in heiligheid en oprechtheid wandelden.'
Zijn grote waardering voor het Methodisme van George Whitefield en John Wesley – opwekkingspredikers uit de 18e eeuw – had in een niet geringe mate er toe bijgedragen, dat Spurgeon de zaken heel betrekkelijk kon zien.
En dat, terwijl hij toch heel goed wist, dat Whitefield, als Calvinist, de samenwerking verbrak met de Arminiaan Wesley: 'Welnu, ik, die Whitefield net zo erg bewonder als de Wesleyaan Wesley bewondert – hoewel ik daarom nog niet gehouden ben mijn ogen te sluiten voor zijn gebreken – ik heb Wesley heel erg hoog, omdat Whitefield dit ook had, en ik zou niet graag met Whitefield van mening verschillen'.
In deze laatste opmerking schuilt een kostelijke humor, die ook nodig is om de dingen in hun onderlinge betrekkelijkheid te zien.
Ook voor Wesley, met zijn Arminiaanse tendensen, was er plaats binnen de gemeenschap der heiligen naar het oordeel van Spurgeon: 'Welnu, de wezenlijke leer van het Evangelie is de rechtvaardiging door het geloof… Dat preekte hij (Wesley), en hoewel er in een bepaald geval, zoals ik u aan zal moeten tonen in zijn leven, sprake was van een treurige vergissing met betrekking tot deze fundamentele leer, preekte hij – en zijn volgelingen deden dat ook en doen dat nog – deze waarheid even getrouw als welke groepering van christenen onder de hemel dan ook'.
En daarbij achtte Spurgeon uiteraard Wesley uitnemender dan zichzelf: 'Als ik hun levensbeschrijvingen lees (van John en Charles Wesley), dan heb ik het gevoel als of ik er nog niet mee begonnen ben om te leven en niet weet hoe ik er mee moet beginnen'.
Spurgeon kon de praktijk der godzaligheid laten domineren over leergeschillen: 'Het zal dan tijd voor ons worden aanmerkingen te maken op John en Charles Wesley, niet wanneer wij hun fouten ontdekken, maar wanneer wij de onze gecorrigeerd hebben. Wanneer we meer vroomheid zullen hebben dan zij, meer vuur, meer genade, meer brandende liefde en een grotere onzelfzuchtigheid …dàn, en niet eerder, mogen we beginnen om aanmerkingen te maken en kritiek te leveren'. Dat betekende niet, dat Spurgeon de ogen sloot voor ketterij: 'De grootste dwaling, denk ik, van Wesley's leer was vooral de leer van de zondeloze volmaaktheid'.
Wesley leerde immers dat een christen in dit leven reeds geheel en al volmaakt – dus zonder enige zonde te doen – kon leven.
Maar wèl had Spurgeon oog voor de omstandigheden, waaronder zo'n dwaling ontstaan was: 'Wesley scheen niet helemaal genegen te zijn om de leer van de uitverkiezing te verwerpen tijdens zijn eerste contact met Whitefield; maar na een tijd (van heftige meningsverschillen) werd hij van deze (leer) de meest felle en bittere tegenstander'.
Wesley was van mening, dat de leer van de uitverkiezing de verantwoordelijkheid van de mens zou opheffen. Spurgeon was dit bepaald niet met hem eens, maar had er zeer wel begrip voor.

C. A. van der Sluys, Veenendaal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 januari 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

C. H. Spurgeon en Calvijn (4)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 januari 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's