Kerknieuws
BEROEPEN TE:
Babyloniënbroek en Nederlangbroek: H. Markus kand. te Nieuwerkerk a/d IJssel.
Beekbergen: D. van Meulen te Ridderkerk.
Dordrecht: K. Beuckens te Bome.
Lisse: J. Verdijk te Westerlee.
Urk: D. Heuvelman te Klaaswaal.
Katwijk a/Zee: W. H. B. ten Voorde te Nw.-Vennep.
Aalsmeer: N. Raatgever te Opijnen en Tuil.
Amstelveen-Buitenveldert: H. J. Oudhof te Leeuwarden.
Serooskerke: H. W. J. Paassen te Baambrugge.
Rijssen: P. H. van Trigt te Middelharnis.
AANGENOMEN NAAR:
Berkenwoude: A. A. Wijlhuizen, kand. te Zoetermeer.
's-Gravenhage: C. Schakel te Oud-Beijerland (deelgem.).
Zevenhuizen: A. Lagendijk, kand. te Leiden.
BEDANKT VOOR:
Bedum en Onderendam: J. Verdijk te Westerlee.
Ederveen en Oud-Alblas: A. van Herk te St. Annaland.
Harderwijk, Krimpen a/d IJssel en Aalburg: P. H. van Trigt te Middelharnis.
BEROEPBAAR
H. van Wingerden (leraar Godsdienst), Van Wijnbergenlaan 51, Barneveld.
GROOT AMMERS
Zondag 7 mei vond onder een talrijk en dankbaar gehoor de bevestiging en intrede plaats van ds. M. A. v. d. Berg komende van Harderwijk.
Hij werd in de morgendienst bevestigd door de consulent ds. W. Verboom te Streefkerk.
Deze had zijn stof tot overdenking gekozen uit Mattheüs 14 vs. 16 'Geeft gij hen te eten'.
Hij vestigde de aandacht op een drietal punten, t.w.:
1. Een noodlijdende gemeente.
2. Verlegen dienaren.
3. Een rijke Christus.
De grote schare die Jezus volgde naar een woeste plaats was in nood.
Ze waren als schapen die geen herder hebben en daarbij kwam op een gegeven moment ook nog gebrek aan voedsel.
Geestelijk en maatschappelijk noodlijdend dus. De opdracht van Jezus 'Geeft gij hen te eten' brengt de discipelen in verlegenheid.
Met veel moeite worden 5 broden en 2 vissen gevonden. Dat betekent niets voor een menigte van vele duizenden. En dat weinige moeten ze nog inleveren bij de woorden van Jezus:
'Brengt mij dezelve hier'.
Maar dan komen ze tot de ontdekking dat ze een rijke Christus hebben.
Hij gaat uitdelen via de discipelen, de dienaars. Er komt bijna geen eind aan.
Ze krijgen overvloed en houden zelfs nog over.
Dat mag ook nu nog worden ervaren.
Groot Ammers is een gemeente, die geacht wordt redelijk welvarend te zijn.
Verwacht mag worden dat het predikantsgezin maatschappelijk niets tekort zal komen.
Maar het is wel een gemeente, die buiten het paradijs ligt en derhalve aan allerhande ellende, ja zelfs aan de verdoemenis onderworpen is.
Dat maakt ook van Groot Ammers een noodlijdende gemeente. Ook daar zal de opdracht van een predikant zijn 'Geeft gij hen te eten'. Dat zal alleen kunnen wanneer we weten dat we ook nu nog een rijke Christus hebben. Want van onszelf hebben we weinig te bieden. Hier ligt ook een belangrijke opdracht voor de gemeente om door gebed en medeleven eraan mee te werken, dat een predikant iets mag ontvangen uit de handen van Christus om uit te delen.
Dat is noodzakelijk van predikant en gemeente. Na het stellen van de vragen uit het formulier en het duidelijke antwoord daarop van de bevestigde predikant liet ds. Verboom deze toezingen Ps. 134 vs. 3.
In de middagdienst bepaalde ds. v. d. Berg de gemeente bij het woord uit 1 Kor. 4 vs. 1 'Alzo houde ons een ieder mens, als dienaars van Christus en uitdelers der verborgenheden Gods'.
Hieruit werden een drietal vragen gesteld:
1. Waar mag de gemeente ons voor houden?
2. Wat mag een dienaar de gemeente vóórhouden?
3. Waar zijn we door Christus aan gehouden?
Dominee betekent: heer. Het woord 'dienaar' in deze tekst betekent roeier op een galei. Dus bijna twee uitersten. Daartussen moet een predikant werken met gezag en dienstbaarheid.
Daarnaast is hij ook nog uitdeler of beheerder. Wat hij ontvangt van zijn grote Opdrachtgever mag en moet hij, als een goed beheerder niet in de kast houden maar hij moet dit uitdelen en doorgeven aan de gemeente.
Houdt daarvoor uw dienaar, uw predikant wanneer u voor hem bidt als gemeente.
Een predikant is geen uitdeler van alle wensen uit de gemeente. Hij mag uitdelen, wat God uit te delen heeft. Dan gaat de uitdeling vaak uit boven bidden en wensen.
Mogen wij zo'n uitdeler voor u zijn?
De uitdeling van Gods heilgeheimen als brood voor het hart?
Heilgeheimen die aan Zijn vrienden worden getoond?
Ontvangen en uitdelen zonder prijs en zonder geld. Al wat u ontbreekt, schenk Ik zo gij 't smeekt.
Daarbij is de Schenker belangrijker dan de uitdeler.
Die plant en die wat maakt is niet meer dan een dienaar.
Het is de Heere Die de wasdom geeft.
Dan moet Hij wassen en wij minder worden.
Dat wij ons ambt en plicht, o Heer
Getrouw verrichten tot Uw eer
Dat Uwe gunst ons werk bekroon
Uw Geest ons leid' en in ons woon'.
Aldus ds. v. d. Berg.
Vervolgens werd de predikant nog toegesproken door:
wethouder Fredrikse namens de burgerlijke gemeente, ds. Verboom namens classis en ring en ouderling Den Hartog namens de kerkelijke gemeente en haar colleges.
Waarna de predikant en zijn gezin staande werd toegezongen Ps. 68 vs. 10 en 17.
Ds. v. d. Berg sprak hierna een slotwoord tot de sprekers, de gasten en de hele gemeente.
Zo was de vacature, ontstaan door het vertrek van ds. F. van Roest naar de N.H. Gemeente van Rijssen, na 7 maanden weer vervuld.
AFSCHEID DS. M. A. VAN DEN BERG
Na een verblijf van bijna 5 jaar in Harderwijk nam ds. M. A. van den Berg op 23 april in de middagdienst afscheid van de Hervormde Gemeente wijkgemeente I. Tekst voor de verkondiging was Joh. 3 vers 29. Die de bruid heeft, is de bruidegom, maar de vriend des bruidegoms, die staat en hem hoort, verblijdt zich met blijdschap om de stem des bruidegoms. Zo is dan deze mijn blijdschap vervuld geworden.
Gemeente, een dominee neemt afscheid. Wat is afscheid? Het is terugtreden van een dienaar. Samen mochten we een eindje optrekken. De gemeente is niet van mij. De gemeente is Christus' bruid. Die de bruid heeft is de bruidegom.
Afscheid is geen echtscheiding. Hij heeft u niet in mijn handen gelegd, Hij heeft u in Zijn handen gehouden. Een dienaar neemt afscheid, en in het licht van deze tekst kan het met blijdschap. Het thema van deze dienst is 'blijdschap vervult'. Wij zien 3 dingen:
ten eerste: in de bruid en haar bestemming
ten tweede: in de bruidegom en zijn stem
ten derde: in de vriend en zijn vreugde.
De gemeente mag de naam van bruid hebben, de bruid van Christus. Christus zegt: de gemeente is Mijn bruid. Zijn eigendomsrecht staat boven alle twijfel. Los van Christus is ze helemaal niets, heeft ze geen bestaansrecht. Niets is erger dan dat Christus Zijn bruid zal vinden in de armen van een ander. Wel bruid genoemd, maar bruid zonder hart voor de bruidegom. We spreken op en onder de kansel veelal beneden de maat, over de gemeente van Christus, de situatie is er dan ook wel naar. Als we dan maar weten dat we spreken over bruid van Christus. En bruid van Christus zijn we, als we een levend lidmaat mogen zijn.
De stem van de bruidegom, het is geen zwijgende. Hij blijft lokken en trekken: 'mijn zoon, mijn dochter, geef mij uw hart'. De bruid legt de verbintenis niet. De gemeente zijn wij, de gemeente zoekt de verbintenis niet. Wij hebben Hem niet uitverkoren. Zijn stem, hebt u die gehoord?
De vriend van de bruidegom en zijn vreugde
Vriend van de bruidegom zijn. Als de Heere mij zo heeft willen gebruiken, dan ben ik blij. De Heere God vergeve het als ik te veel vriend van de bruid was, ten koste van de bruidegom. Hij mag de bruid voorbereiden op de ontmoeting met de bruidegom. En dan kon je het soms niet gebrijpen dat er toch mensen waren die toch niet van Hem gingen houden. Heb uzelf toch voor Hem over.
Wat is uw enige troost, beide in leven en sterven?
Dat ik met lichaam en ziel beide in het leven en sterven niet mijn, maar mijns getrouwen Zaligmaker Jezus Christus eigen ben. Er is niets heerlijker dan vriend van de bruidegom te mogen zijn. U mag alles van mij vergeten, als u dit maar onthoudt: van Hem te houden. De bruidegom is bezig geweest zijn bruid te werven. Als er nog andere heren zijn, dan mag ik nog een keer waarschuwen, als u nog buiten Hem bent. Buiten Jezus is geen leven. Om Christus' wil, laat u met God verzoenen. Hij moet wassen en wij minder worden. Dan blijft er niets van mezelf en u over. Maar Hij is een en al. Dat wil ik van mijzelf niet. Ik ben blij als u alleen nog maar blij kunt zijn met de bruidegom. Dan is mijn dienst, hoe het ook geweest mag zijn, dienstbaar geweest.
Aan het einde van de dienst dankt ds. Van den Berg een ieder voor de hartelijke betrokkenheid. Ik beveel u Gode.
Door de burgerlijke gemeente werd ds. Van den Berg toegesproken door wethouder Van de Veer. Namens de plaatselijke gemeente van de Christelijk Gereformeerde kerk door ds. Oosterbroek.
Ds. H. J. Lam sprak namens classis Harderwijk, de ring Putten, het college van predikanten en de kerkvoogdij.
Namens de gemeente en de kerkeraad sprak ouderling W. Petersen. Ds., mevrouw en de kinderen werden uitgeleid door het zingen van Psalm 138 vers 1.
HGJB-VAKANTIEKAMPEN
In de voorbije maanden zijn honderden boekingen voor de HGJB-vakantiekampen binnengestroomd. De grote belangstelling is verheugend. In slechts enkele kampen zijn momenteel nog plaatsen vrij. Zo kunnen jongens en meisjes van 15, 16 en 17 jaar nog geplaatst worden in Leersum van 19 aug.-26 aug. 1989. Wie belangstelling heeft kan een kampgids aanvragen bij: Landelijk Centrum HGJB, Pr. Bernhardlaan 1, 3722 AE Bilthoven, tel. 030-285402.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's