De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

11 minuten leestijd

Ds. J. van Amstel, De rijkdom van de kinderdoop, uitg. Oosterbaan & Le Cointre, Goes, 80 blz., prijs ƒ 10,75.
Er zijn door de eeuwen heen al heel wat geschriften over de Heilige Doop verschenen. Er zou een flinke bibliografie over zijn samen te stellen. Thetisch en antithetisch, leerstelling en pastoraal. De laatste decennia blijkt het ook steeds weer nodig het bijbels recht van de kinderdoop aan de orde te stellen. Ds. Van Amstel haakt daar ook op in in zijn woord vooraf. Er wordt onder invloed van doperse visies binnen de kerken door vooral jongeren, maar ook wel door ouderen getwijfeld aan de rechtmatigheid van de kinderdoop. De enthousiaste getuigenissen van hen die een 'overdoop' hebben ondergaan, brengen sommigen tot die twijfel. Dat heeft de schrijver ertoe gebracht zich weer eens te bezinnen op de betekenis van de kinderdoop om vooral de rijkdom ervan aan het licht te brengen. Hij zet uiteen wat er in de drie reformatorische belijdenisgeschriften over de doop met grote zekerheid wordt beleden. Vooral de zondagen 26 en 27 van de Heidelberger en artikel 34 van de NGB komen aan de orde. Het boekje wordt afgesloten met hoofstuk I paragraaf 17 van de Dordtse Leerregels alwaar de troost vermeld staat voor godzalige ouders wier kind(eren) jong sterven. Ds. Van Amstel schrijft vooral voor de jeugd. Die kunst verstaat hij goed, moet ik zeggen. Helder en bevattelijk voor jong en daarom mede voor oud is dit geschrift. De titel van het boek is zeer terecht. Mij glansde de rijkdom van de kinderdoop opnieuw in de ogen. Wat liggen de accenten bij hen die deze doop afwijzen in veel opzichten toch heel anders. Bij de 'overdoop' is het de wedergeboren mens die centraal staat en zijn geloof bevestigd krijgt. Bij de reformatorische belijdenis van de kinderdoop staan God en Zijn beloften steeds in het middelpunt. God doet het, God geeft het. Genade blijft het. Wij moeten niets, God doet alles. We kunnen in onze tijd niet meer zeggen: leer de natie haar doop verstaan en ze is gered. Maar het is in onze gemeenten meer dan ooit nodig: leer uw doop verstaan, uw redding wordt er in verkondigd. Wie al veel geschriften over de doop heeft gelezen en bestudeerd, vindt wellicht niet zo veel nieuwe dingen. Toch kan het nuttig en verhelderend zijn de dingen nog weer eens door een ander te horen zeggen. Een uitstekend boekje om aan jongeren of ouderen te geven die aangevochten worden terzake de rechtmatigheid van de kinderdoop. Maar ook geschikt voor jonge ouders die hun pasgeborene willen laten dopen of nog niet zo lang geleden hebben laten dopen. Zeer aanbevolen.
J. Maasland, C. a. d. IJ.

Dr. W. Aalders, Revolutie en Réveil, 1789-1989, uitg. J. N. Voorhoeve, Den Haag, 83 blz., ƒ 14,75.
U zult er intussen al wel van vernomen hebben dat we leven in het jaar dat in Frankrijk het tweede eeuwfeest der Revolutie wordt gevierd, het bicentenaire, om het op z'n Frans te zeggen. In Frankrijk verschijnen er op het ogenblik meer dan twee boeken per dag over de Revolutie van 1789. In ons eigen land is dat aantal uiteraard beduidend minder. Ik bekeek een uitgebreide boekentafel in een der grootste boekwinkels in mijn woonomgeving gewijd aan uitgaven over deze Revolutie en trof daar voor het merendeel Franse titels aan met slechts een enkele studie in onze taal. Eén daarvan was een bundel studies over het thema 'revolutie' waarin uitgerekend de visie van Groen van Prinsterer nogal in gebreke werd gesteld. Maar het geschrift van dr. Aalders ontbrak helaas onder de uitgestalde geschriften.
Dat geeft tegelijk wel aan dat de inhoud van Aalders' boek haaks staat op veler beoordeling van wat er in 1789 en de jaren erna zich voltrok in Frankrijk met zo'n krachtige uitstraling tot in ons eigen land toe. Wie de opvattingen van dr. Aalders kent, zal er zich niet over verbazen dat hij zich geheel aansluit bij de visie van Groen o.a. verwoord in diens studie 'Ongeloof en Revolutie' uit 1847. Groens grondgedachte in dit boek is: de Franse Revolutie is de doorbraak geweest van het theoretische en praktikale ongeloof in de staatkunde en in de politiek. Dr. Aalders citeert meerdere keren in zijn geschrift deze kerngedachte van Groen: 'De revolutie-leer is de religie van het ongeloof tot alwat op het geloof berust in negatieve betrekking'.
In bondige woorden een duidelijke taxering van het gebeuren in 1789: ongeloof de theorie. Revolutie de praktijk. Of om het met nog weer andere woorden te typeren: 1789 brengt de politieke emancipatie van het ongeloof. Het ongeloof al veel eerder geuit in de ideeën der Verlichting, is tot een staatkundige en politieke macht geworden, die de historische kaders waarbinnen Europa tot dan toe leefde, eigenmachtig en willekeurig naar haar hand zet. Volgens dr. Aalders is Groen de enige geweest die bij de bestudering van de Franse Revolutie ook de godsdienstige achtergrond betrokken heeft. Geen God en geen meester, deze in die tijd gelanceerde en veel uitgeroepen leus zegt genoeg. Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap, ze vormen een fantasieprodukt, een droom die in de plaats wordt gesteld van een staat en een maatschappij, die in de wil en de ordening van God hun oorsprong hebben. Kritici van Groens opvattingen verwijten hem op dit punt conservatisme. Groen zou in wezen hebben willen vasthouden aan de oude standenmaatschappij. Ik kan, bij gebrek aan inzicht en kennis van heel Groens oeuvre, hier niet zinnig op reageren. Mij is wel opgevallen dat dr. Aalders dit verwijt aan Groen niet noemt noch weerlegt. Daar is het kader van zijn studie ook niet geschikt voor.
Maar dat in Frankrijks Revolutie van 1789 meer aan de hand was dan alleen een emancipatie van het uitgeknepen volk op het Franse platteland, bleek me toen ik dezer dagen de boeken van Stefan Zweig las over Marie Antoinette en Joseph Fouché. Laatstgenoemde speelde gedurende vele jaren een zeer voorname rol in de gebeurtenissen van 1789 en daarna. Een lage en zeer valse rol trouwens, ongelofelijk slecht en wreed. Zweig vertelt een gebeurtenis die aangeeft hoezeer bittere vijandschap tegen God en Zijn dienst een centraal onderdeel is geweest van de Revolutie. De Conventie stuurt in 1793 Fouché naar Frankrijks tweede stad Lyon om er met grof geweld de Revolutie door te zetten. Dat gaat gepaard met afgrijselijke slachtpartijen onder de bevolking. Maar ook met een Godonterende ontheiliging van alles wat met de godsdienst te maken heeft. Kerken worden van al hun vrome symbolen beroofd, crucifixen van de altaren getrokken, kleden en misgewaden weggegrist. Maar wat het ergste is, Zweig noemt het een 'stupide smakeloosheid', een rumoerige bende komt dansend als Indianen aandragen met de uit de kerken geroofde misvaten en kelken. Achter hen aan sukkelt een ezel die ze een bisschopsmijter op de oren hebben gezet. En aan de staart van het dier hebben ze een crucifix en een Bijbel gebonden. Duidelijk is de bedoeling: het Evangelie bungelt tot dol plezier aan een ezelsstaart in het straatvuil van de stad Lyon. Even later wordt het Evangelie van de ezelsstaart gesneden en in het vuur geworpen om met alles wat aan God doet denken in rook op te gaan. Fouché was zeer religieus opgevoed maar brak openlijk met God en zijn dienst. Wie kennis neemt van de verschrikkingen van deze Revolutie kan bijna niet anders dan Groen in zijn beoordeling in veel opzichten gelijk geven.
Welnu, Groen deed wat volgens dr. Aalders van een christen mag worden verwacht in zulk een situatie: belijden. Belijden is uitkomen voor de waarheid op het punt waar de verdediging bezwaarlijk is, waar belijden met lijden gepaard gaat. Belijden voltrekt zich altijd middenin de tijd waarin men staat en leeft. Groen vond in de beweging die we kennen als het 19e eeuwse Réveil beginselen waaraan kracht kon worden ontleend tegen het ongeloof. Daar ziet dr. Aalders ook voor het heden de enig begaanbare weg in een maatschappij die zo duidelijk de droeve gevolgen vertoont van het verbannen van God en Zijn Wet uit de samenleving. In een tijd waarin we ons bezighouden met vragen rond de secularisatie, mogen we niet vergeten dat wortels te vinden zijn in wat er in 1789 in Frankrijk doorbrak. Terecht noemt dr. Aalders 1789 een keerpunt in de geschiedenis, een breuk in de tijd. En sindsdien speelt zich een dramatisch conflict af met de toekomst van het Christendom als inzet. Dankbaar zijn we voor dit geschrift van dr. Aalders. En dat in het jaar waarin het hem gegeven werd de leeftijd der zeer sterken te bereiken.
J. Maasland, C. a. d. IJ.

Israël tussen gedenken en verwachten, onder redactie van dr. C. den Boer, drs. Van Campen en ir. J. van der Graaf, uitg. Echo, Amersfoort, prijs ƒ 11,90.
Er verschijnen de laatste tijd steeds weer boekjes waarin een bepaald thema door een keur van scribenten wordt belicht. Komt dat omdat men vaak nog wel tot het schrijven van een opstel kan komen, maar de tijd en de rust voor een diepergravende studie mist? Te betreuren valt dat wel, omdat zulke bundeltjes al gauw iets vluchtigs hebben, zowel wat de inhoud als de werking betreft. Dit boekje bevat opstellen, die naar aanleiding van het 40-jarig bestaan van de staat Israël zijn ontstaan. De aktualiteit is echter gelukkig niet tot dat feit beperkt en het vluchtige, waarop ik doelde, geldt voor de meeste bijdragen niet. Men begint met een bespreking van het 'gedenken' in de Schrift: prof. dr. C. van Leeuwen over het Oude Testament en dr. A. Noordegraaf over het Nieuwe Testament, allebei gedegen stukken, die het inzicht verdiepen. Daarna volgen bijdragen over het gedenken in het jodendom van dr. H. Vreekamp en over de joodse feestdagen, toegespitst op het thema, van drs. H. de Leede en drs. J. A. van der Velden. Ze getuigen van deskundigheid en van een zich toegewijd verdiepen in de stof. In deze artikelen komt duidelijk tot uiting, dat men niet als buitenstaanders over het jodendom wil spreken, maar zich terdege rekenschap heeft willen geven van wat het levende jodendom beweegt.
Deze bijdragen hebben een hoge informatieve waarde. Dat geldt ook van dr. G. H. Cohen Stuart, die schrijft over de religieuze wortels van het Zionsverlangen. Het gaat vooral over de orthodoxe verwerking van het Zionisme, een kant van de zaak die vaak wat in de schaduw bleef maar in de huidige situatie meer en meer van betekenis is geworden. Cohen Stuart geeft goede informatie over de antizionistische Neturci Karta en over de strijdvaardige Goesh Emuniem, bewegingen waar men iets van moet weten om de huidige krachtsverhoudingen in Israël te kunnen taxeren. Ook komt in zijn opstel de verhouding tussen zionisme en messianisme aan de orde, alsmede de wijze waarop het zionsverlangen altijd in de joodse liturgie is beleden. De bijdrage van drs. Van Campen over gedenken in het licht van de Holocaust staat m.i. onder de druk van te veel stof en te kort bestek. Al met al: een bundel die veel goeds bevat en graag wordt aanbevolen.
S. Gersson

Omzien naar een nieuwe tijd. Vormen van toekomstgericht holisme. Redactie: Egbert van Dalen. Meinema, Delft; 104 blz.; ƒ 21,50.
Bij mijn bespreking van een andere uitgave van Meinema, nl. de beide deeltjes die respectievelijk over de proces-theologie en de ontmoeting tussen natuurwetenschap en theologie handelen, en een aantal teksten boden van vooraanstaande vertegenwoordigers van het nieuwe denken, noemde ik de New Age Beweging reeds, het holisme.
New Age is een vaag begrip. Misschien kunnen we het een beetje omschrijven als een nieuw levensgevoel waarin mens, natuur en God als een eenheid wordt beleefd. Het is een levensgevoel dat zich verbinden kan met allerlei Oosterse en zelfs occulte beseffen, maar dit hoeft niet. Het is een verzamelnaam.
In deze bundel treffen wij een aantal opstellen aan van mannen en vrouwen die vanuit dit nieuwe levensgevoel willen denken en handelen. Voor de meesten van hen is het christendom, althans zeker in zijn klassieke vorm, een gepasseerd stadium. Niet dat niet allerlei christelijke beseffen in deze nieuwe eenheidsvisie doorwerken, maar dan alle veranderd en in het nieuwe wordingsproces en eenheidsbewustzijn ingepast. Het resultaat is vaak puur heidendom: God als de moederfiguur die de aarde heeft voortgebracht en, met haar verbonden, zichzelf wordt. Om met dr. H. Berkhof te spreken: alles is God geworden. Ook de naam holisme drukt het al uit: alle gebeuren is een heilsgebeuren dat op de toekomst gericht is en waaraan wij participeren.
In hoeverre is er dan nog plaats voor Christus? Hoogstens kan Hij een symbool zijn van de menselijke zelfrealisatie, het diepste – en hoogste-inzicht-in – zichzelf. Nodig is Hij niet, evenmin als een persoonlijk God: de Boeddha heeft zijn verlichting ook zonder Hem bereikt, evenals de Brahma. Wij worden voortgestuwd door het grote energiegebeuren dat het heelal draagt waarvan wij onderdeel zijn.
Dit boekje toont ons dat er veel vormen van holistisch denken bestaan kunnen, alle met gelijk recht – het boekje heeft maar liefst negen auteurs – maar dat er ten diepste maar één grondvorm is: een nieuw heidendom, een nieuwe natuurreligie, als reactie op de natuurbeheersing van het technocratisch tijdvak.
Lees het maar eens. Onze jongeren die nu aankomen aan de universiteit hebben dit levensgevoel, zonder er zich rekenschap van te geven, diep in hun harten. Een soort alomvattend eenheidsgevoel waar hun godsbeeld de projectie van is.
S. Meijers, Leiden

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's