Preken van ds. L. Vroegindeweij
'Zie het Lam Gods'
Als ik zijn foto zie, schieten me weer tal van uitdrukkingen te binnen van de markante prediker 'Leen' Vroegindeweij. Bijv. dat Luther ook gereformeerd was al was hij dan Luthers, of dat de Kananese vrouw, die niet tot het uitverkoren volk behoorde, er toch bij mocht (God liet zich gewoon ompraten, gemeente); of de typering van reus Goliath: als je hem met z'n wapenrusting zag aankomen was het net een vliegdekmoederschip.
Intussen was Vroegindeweij een prediker, die radicaal de genade preekte door de mens tot de grond af te breken en die de algenoegzaamheid van Christus voor de grootste der zondaren ruim preekte. Als het daarom ging konden 'zelfs' oud-gereformeerden zalig worden. En als het daarom ging kon hij met grote waardering spreken over de campagne van wereldevangelist Billy Graham (wiens meetings hij meemaakte in het Rotterdamse Feyenoord Stadion), want het ging Graham om het redden van zielen voor de eeuwigheid, 'al moest hij nog wel wat vorderen in de genade'. Vroegindeweij zelf had iets van een heilssoldaat, maar dan op gereformeerde grondslag.
Er is intussen al een geslacht opgegroeid, dat Jozef niet meer gekend heeft. Levendig herinner ik me nog de rouwdienst in de Nieuwe Kerk te Delft, waar zijn broer ds. A. Vroegindeweij voorging. Maar het is al weer 20 jaar geleden! Samen met ds. G. Boer liep ik in de lange rouwstoet door Delft.
Het is een goede zaak dat thans een bundel preken van ds. L. Vroegindeweij is uitgegeven. Ds. G. S. A. de Knegt (schoonzoon) en ds. J. H. C. Olie zorgden voor de bundeling van een elftal preken (in gebonden uitvoering), onder de titel 'Zie het Lam Gods', de woorden die op de grafsteen van L. V. zijn gebeiteld.
Ouderen, die hem nog hebben gekend, zullen met graagte naar deze preken grijpen. Ze horen het hem weer zeggen. En wie hem niet hebben gekend kunnen hem leren kennen in en vanuit deze bundel; een bundel met 5 preken 'vrije stof' en 6 catechismuspreken. Vroegindeweij was een (theologisch) belezen man en kon intussen ó zo eenvoudig preken. Een gave apart. Wilt u een citaat? Hier volgt een stuk uit 'De opstanding van de nieuwe mens' (Zondag 33 H.C.).
'Wat is de bekering?' De opstanding van de nieuwe mens is een stuk van de bekering, nietwaar? Dus wat is bekering? Dan staat hier: 'Een hartelijke vreugde'. Weet je waar nou de Avondmaalgangers mee mogen beginnen (…) namelijk met een hartelijke vreugde. Daar is die verwondering, die doet zeggen: 'Heere, zou het nu toch nog waar wezen? Zou er nu toch dat eeuwige leven zijn?' Dàt is wat, mensen! Als je straks gaat sterven en je bent hier maar een tobberd geweest, een tobberd voor het Avondmaal, een tobberd aan het Avondmaal en een tobberd na het Avondmaal, ja altijd maar een tobberd, en je krijgt dan de eeuwige vreugde. Dat zou wat wezen!!!
Je zou er al verwonderd over en verblijd mee kunnen wezen, dat het kan en dat je er iets van gezien hebt, van dat gebroken lichaam en van dat vergoten bloed. Ik heb er iets van gezien, dat Hij Zijn leven heeft gegeven voor goddelozen en zondaren. En als Hij zondaren wil hebben, dan moet Hij bij mij wezen. Dat kan toch? Kijk, dan mogen ze daar mee beginnen en daarmee voortgaan met een hartelijke vreugde, dat hun ziel verblijd is. Daarmee kunnen ze verder leven.
'Een hartelijke vreugde in God', staat er. Dat is nu de oorsprong van alles. Want als je vraagt wat het christendom is, dan zegje: 'O, dat is een grote blijdschap'. Nu werpt iemand tegen: 'Nee dominee, daar is zoveel te klagen, daar is zoveel geween en zoveel leed te dragen…' Ja zeker, 't is nog wáár ook, maar de vreugde die breekt altijd weer door: 'Zie, ik verkondig u grote blijdschap'. Dan zeg je: 'Ik geloof het niet. Als ik het goed zie, dan is het leven van bekeerde mensen, die ze dan bekeerd noemen, één grote droefheid'.' Maar dan zeg ik: 'ik geloof niet dat u het goed verstaat, want hoeveel droefheid er ook in wezen mag, je weet niet hoe er onder die droefheid een verwachting, een stüle vreugde ligt en u weet niet hoe groot of die is, want christen-zijn heeft in zich: blijdschap.' Ik geloof toch ook wel, dat ik het een beetje duidelijk kan maken. Daar zit perspectief in. Laat ik die zoon uit de gelijkenis maar nemen. Daar heb je een soort opstanding. Hij zegt: 'Ik zal opstaan – zie, daar heb je 't – ik zal opstaan en tot mijn vader gaan'. Kijk, en dan voel ik daarin wat tintelen. Die jongen heeft niets en tòch is er die verwachting. Hij moet nog zeggen: 'Vader, ik heb gezondigd' en toch is er die stille, blijde hoop. Hier heb je nu een opstanding.
En wat nu een ieder zichzelf wel mag vragen, als hij van die jongen leest en als hij dan terug gaat in zijn leven, of hij ergens een plek vindt, waarvan hij zegt: 'Daar ben ik opgestaan'. Zijn er velen bij ons, die zeggen: Dat is toch eigenlijk mijn leven. Ik heb dat toen niet zo gezien, maar nu achteraf mag ik het zien: dáár ben ik opgestaan en tot mijn hemelse Vader gegaan'? U hebt het misschien niet zo gezegd. U hebt misschien alleen maar gezeg: 'O God, help mij'. Maar dat is toch eigenlijk een opstaan met verwachting, niet waar? Zijn er nog onder ons, die het weten? Ik hoop van wel. Want daar mag dan volgen wat er volgen wil, het is toch een opstanding als de mens uit zijn nood om genade leert roepen. Daar ligt verwachting. 't Is een hartelijke vreugde in God.
N.a.v. ds. L. Vroegindeweij, 'Zie het Lam Gods', uitgave L.V. Fonds, Burg. van Engelenweg 135, IJsselmuiden, 1989, 135 pag., ƒ 19,75 (excl. portokosten).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's