De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Landingsplaatsen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Landingsplaatsen

Prof. dr. H. Jonker over 'theologie en leven'

11 minuten leestijd

Professor Jonker behoeven we bij de lezers niet nader te introduceren. Nog niet zo lang geleden plaatsten we een vraaggesprek met hem in deze kolommen, waarin de levensloop en theologische visie van deze oud-hoogleraar in de praktische theologie aan de Rijks Universiteit te Utrecht, daarvóór dominee in Molenaarsgraaf, Bodegraven en Amsterdam, werd belicht. Menigmaal namen we ook iets over uit zijn altijd lezenswaardige 'Reflexen' in Theologia Reformata, waarin hij met de regelmaat van de klok gebeurtenissen uit het gewone leven doorzichtig maakte tot op de Schriften en tot op God.


Nu verscheen dan een bundel van zijn hand, waarin hij nog eens samenbracht een aantal teksten die hij componeerde in de loop van zijn leven, hetzij in de vorm van radiolezingen, hetzij in publicaties.
Jonker bundelde deze bijdragen onder de titel 'Landingsplaatsen'. Hij beziet het leven vanuit een sportvliegtuig: 'Als in een sportvliegtuig. Niet als in een chartervliegtuig of lijntoestel, want hierin verheffen wij ons al suffend en sluimerend tot boven het wolkendek, verliezen het contact met de aarde en laten ons bestaan geheel en al over aan de deskundigheid van de bemanning. In een sportvliegtuig blijft men het contact met de aarde onderhouden, zichtbaar en hoorbaar.'
In het hoofdstuk Sabbatsrust schetst Jonker waar hij, van huis uit vandaan komt. Elementen van dit hoofdstuk waren ook te lezen in genoemd interview.
Dan volgt een hoofdstuk over Israël. Uit dit hoofdstuk blijkt een diepe solidariteit met het oude Bondsvolk, al geboren op het 'zonovergoten Bethlehemsekerkplein in mijn vaderstad Zwolle'.


Paulus
Centraal in dit boek is – in theologische zin – de ontmoeting met Paulus, omdat het een ontmoeting met de Christus der Schriften is. Hier volgt – omdat Jonker best zelf aan het woord gelaten kan worden – een letterlijke episode uit het boek:

'We waren begin januari 1981 een week in Griekenland, twee dagen in Athene en vier dagen met een gezelschap op reis door Korinthe, Mycene, Epidaurus, Olympia en Delfi.
Iedere reis geeft zo zijn eigen indrukken. In Tunis, Rhodos en Egypte kwam ik onder de indruk van de grote macht van de Islam en kwam de vraag op – vooral in Tunis met Carthago (Augustinus) – hoe het toch mogelijk is geweest dat het christelijk geloof daar door het mohammedanisme werd verdrongen. In Israël zal men de plaatsen met bijbelse geschiedenis invullen. In Griekenland achtervolgde mij het probleem van de confrontatie van het Evangelie met de Griekse mythologische en filosofische cultuur, de confrontatie van het geloof in de God van Israël en de opgestane Christus contra de natuurreligies.
Het was guur weer op de Areopagus in Athene. Het regende en sneeuwde wat. Geen dikke vlokken maar hagelachtige sneeuwkristallen die in je gezicht prikken, zeer onaangenaam.
Ik knoopte mijn das wat steviger om mijn hals, want er stond ook nog een koude wind. En met de handen diep in de zakken van mijn regenjas sprong ik van de ene oneffenheid van de rots naar de andere. Niemand was er vanwege het onaangename weer op de rots te zien, ik liep er in mijn eentje rond. Toen ik wegging kwam er een jong paartje de rots opgeklauterd, langs de stenen trap met hoge treden. Hier heeft dus Paulus gestaan voor de Atheense rechtbank om zijn levensvisie te verdedigen. Boven op de rots? Je kunt het je haast niet voorstellen met al die oneffenheden. Maar misschien was de top negentien eeuwen geleden vlakker en hebben de regens het zand weggespoeld en de rotspunten te voorschijn laten komen.
Of werd de zitting twintig meter lager op het vlakke terras voor de rots gehouden, waar nu op asfalt de auto's rijden? Hoe dan ook, Paulus heeft hier gestaan en heeft zeker de omhoog-rijzende Akropolis gezien met het Parthenon aan de oostkant van de Areopagus, die ik ook nu in alle schoonheid bewonderde. Hij heeft zeker op de Agora, het marktplein gewandeld ('op de markt' Hand. 17 : 17), dat zo dicht bij de Areopagus ligt. Ook daar heb ik in mijn eentje rondgelopen te midden van de resten van allerlei tempels, heiligdommen en schatkamers.
Het weer kan in Griekenland plotseling omslaan: de volgende dag was het prachtig weer met zon. Ieder liep zonder jas. Toen was het druk op de Agora en op en rondom de Areopagus. Atheense families maakten er met hun kinderen hun zondagmiddagwandeling.
Ik verwonderde mij over verschillende zaken. In de eerste plaats kreeg ik bewondering voor de moed van Paulus om op de Agora en de Areopagus in zijn eentje mei zijn boodschap lijnrecht in te gaan tegen de toenmalige cultuur en de algemeen-heersende gedachten met alle vanzelfsprekendheden van de epicurische en stoïsche filosofen. Paulus moet een kerel geweest zijn, een gedrevene van de Heilige Geest. Natuurlijk is hij de Propylaeën langs gegaan naar de top van de Akropolis met de tempel Athena-Nike rechts, met het altaar van Pallas Athene, de heiligdommen van Eros en van Aphrodite, met de tempel van Dionysos. Hij heeft gewandeld op de Agora met de Hephaistos-tempel, de tempel van Apollo Patroos, het altaar van Zeus Agoraios en de Ares-tempel. Maar wat betekenden toentertijd voor de Atheners eigenlijk al die mythologische goden in het leven van alledag? Wat betekende nu eigenlijk de hoofdgod Pallas Athene in hun godsdienstig leven? Wat betekende Zeus voor Olympia en Apollo voor Delfi? Hoe aanbaden en wat aanbaden de Grieken aan het begin van onze jaartelling? Dit zijn godsdienst-psychologische vragen waar we maar moeilijk een antwoord op kunnen geven.
Eén ding is zeker: al die goden waren er zomaar niet, maar zijn in alle opzichten ver bonden geweest met het leven en de samenleving. Eigenlijk zijn het vergoddelijkte krachten en machten van het leven van alledag. De olympische goden zijn vergoddelijkte natuurkrachten door de mythologie in een bepaald systeem gebracht. Natuurkrachten en levenskrachten als de zinnelijke liefde (Aphrodite), het Griekse licht, leven, dood en het goddelijk orakel (Apollo in Delfi), de oorlog (Ares), de jacht (Artemis), het menselijk vernuft (Pallas Athene), het koren en de produkten van de aarde (Demeter), de bode van de goden naar de aarde (Hermes, vergelijk Hermeneutiek!), de wijn met het onderbewuste en de vervoering (Dionysos), moeder aarde (Goia), de donkere onderwereld (Hades), de zonnewagen (Helios), het vuur (Hephaistos), de zee (Poseidon), enzovoort. Het zijn machten en krachten in het leven, waar ieder mens mee te maken heeft, waarvoor men vreest of die men prijst. Het is alles zeer menselijk en begrijpelijk, want het zijn dezelfde krachten, machten, werkelijkheden waar wij mee te maken hebben. En al deze levenswerkelijkheden werden door epicurische en stoïsche filosofen in een alomvattende systematiek gebracht om de mensen gelukkig te maken op aarde. En tegen deze levens- en wereldbeschouwing, tegen deze maatschappelijke orde ging Paulus in.
Wat Paulus beweerde was geen kleine zaak, hij verstoorde de rust in de maatschappelijke samenleving. En daarom nodigden de filosofen hem uit om voor de rechtbank van de Areopagus, de behoedster van, het maatschappelijk en ethisch handelen, te verschijnen, want, zo zeiden ze, hij verkondigt vreemde goden die wij niet kennen en die in ons geestelijk en maatschappelijk systeem niet passen. En zo wandelde Paulus met hen mee, van de Agora de stenen trap op, naar de top van de Areopagus.
De geleerden keken met minachting op de jood neer, want hij verstoorde hun wijsheid en wetenschap maar: "Spermologos" (vers 18) noemden ze hem: zaadpikker. Spermologos is een scheldnaam vol minachting, een zaadpikker is iemand die op de markt van alles opraapt wat anderen hebben weggegooid. Maar een scheldwoord zou je ook, denk aan het woord "geuzen", positief kunnen laden: hij heeft juist het ware voedsel opgepikt, zoals een vogel of kip te midden van de zandkorrels het graan oppikt!'

Paulus, de zaadpikker, bracht het Evangelie van de Opgestane Christus. 'Zelfidentificatie met Psalmisten, Profeten en Apostelen is noodzakelijk om de realiteit van het heil te kunnen vatten en beleven. Een stuk bevinding zouden de vaderen zeggen.'
Laat men Paulus los – wil Jonker zeggen – dan laat men Christus los.
Rembrandt overigens, die heeft Paulus begrepen, zo is Jonkers conclusie. Jonker zèlf heeft dunkt me ook iets verstaan en begrepen van Paulus' geloofsworsteling in de culturele context van zijn dagen. Zo kon hij ook de hedendaagse leefssituatie van de moderne mens doorlichten vanuit het Evangelie van Paulus.


Diversen
Een volgend hoofdstuk handelt over Preken. 'Concrete prediking gelukt pas na intense voorbereiding.'
Dan volgt een 'Paasgetuigenis', samen met prof. dr. A. A. v. Ruler in de Dom van Utrecht: 'Pasen doet de ogen tintelen van vreugde'.
Ik ga nu verder niet alle hoofdstukken langs, de radio-Reflexen voor de N.C.R.V., stukken uit 'Sporen van een slag', toespraak bij het 17e lustrum van de G.T.S.V. Voetius (over 'Theologie en literatuur').
Ik attendeer nog slechts op het In memoriam bij het overlijden van prof. dr. A. A. v. Ruler ('een gereformeerd en modern denker'); getypeerd als 'een formidabele arbeid, die sommigen niet konden volgen en waarvan anderen zich afkeerden, omdat dezen slechts met moderne slogans tevreden waren'.
Ook de 'Leersumer lessen' ontbreken in dit boek niet (zijn ervaring in het revalidatiecentrum na een attaque).
Maar speciale aandacht wil ik nog geven aan het hoofdstuk 'Dodenherdenking', dit n.a.v. een dienst in Molenaarsgraaf op 4 mei 1987 ter herdenking van de Engelse vliegers die in mei 1944 daar omkwamen. Hier volgt een letterlijke beschijving van die aangrijpende gebeurtenis:

'De dominee van Molenaarsgraaf had op 21 mei 1944 een drukke zondag. 's Morgens preekte hij in Molenaarsgraaf, 's middags in Kinderdijk en 's avonds weer in Molenaarsgraaf. Vermoeid door de drie diensten ging hij vroeg naar bed. Voordat hij insliep hoorde hij hoog in de lucht het bekende gezoem van Engelse vliegtuigen, die over Nederland vlogen om hun opdrachten boven Duitsland te vervullen.
Midden in de nacht, omstreeks kwart voor twee, werd hij met een schok wakker. Hij vloog het bed uit en keek door het gangraam op de eerste etage naar buiten. Hij zag dat het haantje van de kerktoren glinsterde als in een vuurgloed. De kerk staat in brand! De pastorie staat in brand! Het centrum van het dorp staat in brand!
Maar de pastorie, de kerk en de omliggende huizen stonden niet in brand. In de tuin van de pastorie en in de weilanden rondom brandden kleine vuurtjes.
Toen het licht werd bleek wat er aan de hand was. In de pastorietuin en de weilanden eromheen lagen smeulende wrakstukken van een Engels vliegtuig. In de nacht had zich boven de polder een vliegramp voltrokken. Twee Lancasters op hun terugtocht naar Engeland werden naar beneden gehaald. Een Duitse jager had hen met een vuurstraal van onderen getroffen. De toestellen vlogen in brand en kwamen in de Alblasserwaard neer, in Goudriaan en Molenaarsgraaf. In Molenaarsgraaf kwam één lid van de bemanning in de Graafstroom terecht en kon zich in veiligheid stellen. Hij werd door de Duitsers gevangen genomen en in krijgsgevangenschap weggevoerd. De anderen werden dood bij de wrakstukken van hun vliegtuig aangetroffen. Wijd en zijd lagen de wrakstukken verspreid. De weilanden werden door de Duitsers, die spoedig ter plaatse waren, afgezet en de resten van het geëxplodeerde vliegtuig werden in het gemeentehuis opgeslagen.
Er werden zes lijken gevonden van Engelse vliegers. De burgemeester gaf opdracht aan de dorpstimmerman zes kisten te timmeren die werden afgeleverd in de ruimte onder de toren van de kerk, thans de ingang van de kerk.
's Middags kwam de burgemeester in de pastorie op bezoek. De Duitse commandant had toestemming verleend om de piloten op de begraafplaats achter de kerk te begraven. De burgemeester had gevraagd of ze een christelijke begrafenis konden krijgen. De commandant had daartegen geen bezwaar, mits er geen 'patriottische Rede' werd gehouden. Dus vroeg de burgemeester aan de dominee: Wilt u de begrafenis leiden zonder toespraak met alleen schriftlezing en gebed? Hij aanvaardde het verzoek. Tegen vijf uur in de middag zou de begrafenis plaatsvinden.
Een grote menigte had zich verzameld op het kerkplein. Bij de ingang van de kerk onder de toren stonden de zes blanke, vurenhouten doodskisten. Vier dragers droegen in een plechtige processie ten aanschouwe van de dorpsgemeenschap de kisten één voor één om de kerk heen naar de kleine begraafplaats achter de kerk. De dominee kleedde zich in rouwkleding, zoals zijn gewoonte was bij een begrafenis. Achter de zesde kist stelde hij zich op en liep met zijn bijbeltje in de hand achter de kist naar de begraafplaats. (…)'

Neem en lees
Men neme dit boek en leze het. Het boeiende bij Jonker is altijd weer de bevindelijke verbinding, die hij legt met het gewone leven, dichtbij en veraf. Daarbij gaat het ook altijd om het Kruis als demasqué van ons menselijke, afgrondelijke bestaan en om Pasen, als de klaroenstoot van het leven.
Vanwaar toch die levensblijheid in het leven van een mens, die ook in diepten keek? Vanwege het Paasleven! De verborgen omgang met God heeft een binnenzijde maar ook een buitenzijde, naar de wereld en de culturen toe.
Jonker neemt ons in dit boek vanaf de Hoogte van de Heilsfeiten mee in de diepten en naar de hoogten van het leven. Zijn laatste boek is een levensgetuigenis. Het behoeft onze aanbeveling niet om vele lezers te vinden. Een blijmoedig boek!

v. d. G.

Dr. H. Jonker, Landingsplaatsen, Uitgave G. F. Callenbach, Nijkerk, 184 pag., ƒ 29,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1989

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Landingsplaatsen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1989

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's