Globaal bekeken
In Opbouw (Nederlands Gereformeerd) liet drs. H. de Jong een brief afdrukken, die hij op 22 februari 1987 zond aan 'de twee van Breda'. De inhoud spreekt voor zichzelf.
'Mijn Heren,
U hebt nu onlangs voor de tweede maal in het openbaar voor de oren van het Nederlandse volk gezegd dat u van u vreselijk gedrag in de jaren van de tweede wereldoorlog berouw hebt. Eerst in 1972 en nu in 1987. De eerste keer met een verzoek om gratie, de tweede maal zonder zo'n vraag.
Alom in ons land let men er nu op hoe de politiek op uw gebaar zal reageren. Ik treed daar als evangeliedienaar niet in. U hebt om zo'n reaktie trouwens niet gevraagd.
Ik voel me gedrongen, niet in politieke, maar in christelijk-menselijke zin op uw schuldbelijdenis in te gaan. Ik zou u willen antwoorden wat Jozef zei tegen zijn broers toen die hem hun schuld beleden: "Ben ik in de plaats van God?" (Genesis 50 : 19). Hij bedoelde te zeggen dat de broers hun schuldbelijdenis vooral zouden richten tot de Allerhoogste.
Dit wil ik u ook raden. Verwacht u de vergiffenis van uw zonden niet in de eerste plaats van mensen, maar van de Here God. Want om Jezus' wil vergeeft Hij gaarne, ook zelfs het grootste kwaad.
Wanneer u met uw schuld deze weg die wij u wijzen gaat, dan zult u mij en alle christenen in dit land noodzaken de Here God na te volgen en – een ieder voor zijn deel – u van harte vergeving te schenken voor wat u ons Nederlandse volk hebt aangedaan. Echte christenen zullen immers hun medemens die om Christus' wil hen om vergeving vraagt, de broederband niet (kunnen) weigeren. De vraag of u op uw hoge leeftijd de gevangenis zult mogen verlaten, ja of nee, is daarmee in geen enkel opzicht beantwoord.
Ik wens u de kracht van de Heilige Geest toe dat Hij u er toe mag brengen om uit de diepste grond van het hart met de woorden van de verloren zoon uit de gelijkenis tot het Nederlandse publiek en in het bijzonder tot het Joodse volksdeel in zijn midden te zeggen:
"Wij hebben gezondigd tegen de hemel en voor u" (Lukas 15 : 21). In deze zin zal ik ook voor u bidden.
Hoogachtend,
H. de Jong
Onder de titel 'Heilig onze gedachten' verscheen in 1938 een verzameling citaten van 'bekenden' uit de (Kerk)geschiedenis van de hand van dr. A. K. Kuiper. Hier volgt een aantal citaten:
Die mijns harten vrede zijt
En de eenig ware ruste,
Reine bron van klare lusten,
Zuivre zon van zaligheid –
Laat mij willen en niet willen,
Wat Gij wilt en niet en wilt,
Blijde gaande door het stille
Leven in uw vreê verstild.
Buiten U is niets dan strijd,
Niets dan moeiten, niets dan zorgen –
Laat mij in Uw rust geborgen,
Rusten gaan in eeuwigheid.
Jacqueline v. d. Waals
(Naar Thomas à Kempis)
Daar zijn mensen, die vol geduld sterven, maar er zijn ook gehoorzame mensen, die met geduld blijven leven.
Augustinus
Jezus Christus is een God, dien men zonder hoogmoed nadert en onder wien men zonder wanhoop zich vernedert.
Pascal
Twee dingen zijn altijd nodig: moed en deemoed. 'Als ik zwak ben dan ben ik machtig.' II Cor. 12 : 10.
Augustinus
Wanneer gij het boek der evangeliën opent: leest of hoort lezen, dat Christus hier of daar komt, of dat iemand tot hem gebracht wordt, dan moet gij daardoor de blijde boodschap vernemen, dat Hij tot u komt of dat gij tot Hem gebracht wordt.
Luther
O vriendelijk aangezicht des Heeren!
Hebt gij de ganse creatuur
Gelijk vergeten dezer uur
Om U geheel tot mij te keren?
O liefelijke levensblik!
Het is mij nu, o mijn beminde!
Als was er nergens iets te vinden
Als was er niets dan Gij en ik.
Jan Luiken
Daar onze Heere en Meester Jezus Christus zegt: doet boete, heeft hij gewild, dat het geheele leven der gelovigen boete zij.
Luther
Het mysterie van het geloof kunt gij in u-zelf bewaren, ook daar waar gij vrijmoedig voor uw geloof uitkomt; en als gij machteloos op uw ziekbed ligt en geen lid kunt verroeren, als gij zelfs uw tong niet kunt bewegen, kan nòg dat mysterie bij u wonen.
Kierkegaard
Daar zijn slechts twee soorten van verstandige mensen: zij die God van harte dienen, omdat zij Hem kennen en zij, die God van harte zoeken, omdat zij Hem niet kennen.
Pascal
Waar is een vreugd, een kalmt', een heil,
Zo zalig als dit hoogst genot?
Het vloeit uit God en keert tot God,
Het heeft noch paal, noch perk, noch peil,
In Christus is mijn zalig lot
Verborgen bij mijn God.
Hij is mijn lust,
Ook als mijn stof eens rust.
O prijst Hem mijn gezangen!
Ik blijf zijn komst verlangen
Hij is mijn lust.
Jan Hinloopen
De christen, die dagelijks buigt voor God, kan geen hoogmoedige mens meer zijn; toch is hij niet gemaakt-klein tegenover het ijdele spel der wereld, dat steeds meer achter en beneden hem ligt.
P. D. Chantepie de la Saussaye
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1989
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 augustus 1989
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's