Globaal bekeken
Bij uitgeverij Groen te Leiden verscheen dezer dagen een heruitgave van de biografie van dr. Ph. J. Hoedemaker, geschreven door dr. G. Ph. Scheers (dissertatie 1939). Bij de aanbieding van dit boek sprak minister mr. W. Deetman o.a. het volgende:
'Vanuit het oogpunt van de wetenschapsontwikkeling is het bovendien boeiend dat aan déze mens, dr. Hoedemaker, nu wederom aandacht wordt besteed d.m.v. een publikatie. Voor velen met belangstelling voor onze geschiedenis en onze cultuur zijn andere namen van belangrijke aanvoerders van christelijke organisaties en richtingen eerder een bekende klank dan de naam van Hoedemaker. Ten onrechte, natuurlijk. Maar mensen als De Savornin Lohman, Kuyper, Schaepman, De Visser en Groen van Prinsterer, staan velen van ons toch scherper voor de geest, hebben in de herinnering een scherper profiel behouden.
In "De erflaters van onze beschaving" noemen Jan en Annie Romein Abraham Kuyper zeer beeldend "de klokkenist der kleine luiden". Een eretitel die Kuyper zeker toekwam en dat bovendien uit de pen van historici die zijn opvattingen beslist niet deelden, maar zijn statuut en zijn denkkracht eerlijk wisten te waarderen!
Denkt men aan mensen als Kuyper, Lohman of Schaepman, dan is die term "klokkenist" toch heel treffend. Zij gaven krachtig en welluidend een stem aan de overtuiging van vele kleine luiden. Die stem was zonder meer duidelijk en had politiek dan ook gewicht.
Hoedemaker was een man met andere talenten. Als theoloog en als bron van politieke inspiratie primair een denker, een man van de spiritualiteit meer dan van de actualiteit. Hij was misschien niet een der klokkenisten, maar dan was hij beslist één van de klokkengieters. Hij was als iemand die uit edel metaal voor de klokkenist het instrument weet te vervaardigen. Dat is een kunst en een ambacht tegelijk. Nu zou men in onze tijd kunnen zeggen: dat is fraai, maar "De erflaters" van Romein is al een boek op leeftijd en de tijd van Hoedemaker en Kuyper is nog verder achter ons. Kortom: wat voor boodschap heeft het dan nu nog voor het heden? Dan is het goed de tijd van toen en die van nu eens wat afstandelijk te beschouwen.
Hoedemaker leefde in de periode van grote veranderingen en onzekerheden op geestelijk en materieel gebied. Velen maakten zich zorgen over ontkerkelijking en de normstelling in de samenleving bij grote sociale vraagstukken. Wetenschap en economie leken in een stroomversnelling te komen en heel nieuwe vragen te stellen. Hoedemaker was in zijn tijd, waarin dit soort verschijnselen kenmerkend werden, een inspirerende figuur en iemand die de wezenlijke vragen van normatieve aard centraal stelde. Wie zal willen ontkennen, dat wat dit aangaat onze tijd opnieuw veel inspiratie behoeft?
Zeker christen-democraten hebben aan dit gegeven boodschap, in het bijzonder als men zich rekenschap geeft van de betekenis van Hoedemaker voor de geestelijke wortels van deze politieke overtuiging. Het kan niet zo zijn dat politiek een kwestie wordt van pragmatisch vernuft.
Wie de authentieke hunkering in Oost-Europa en vele landen buiten Europa naar een volwaardig democratisch bestel ziet moet getroffen zijn door het fundamentele, normatieve karakter van de visie op een menswaardige samenleving, die daaruit spreekt. Voor ons in West-Europa en in de christen-democratie een aansporing temeer om in onze visie voorbij de horizon van het alledaagse te durven zien.
De wezenlijke normen voor staat en maatschappij behoren dan ook in de politieke overtuiging geprofileerd herkenbaar te blijven. Bezinning op leven en werk van Hoedemaker aan de hand van dit boek is dan een bron van inspiratie. Ik hoop van harte dat met dit boek de inspirator Hoedemaker nieuwe inspiratie aan nieuwe lezers in kerk en politiek zal kunnen geven. Dr. Scheers heeft vanuit meerdere gezichtspunten bezien, een boek geschreven, waarvoor wij dankbaar kunnen en moeten zijn.
De uitgever komt dank toe, omdat hij het belang van het boek van dr. Scheers heeft onderkend, en tot he ruitgave heeft besloten.'
Een oude baard had het 'grapje' over gemengd zwemmen al (geciteerd bij Tweede Kamerlid Ploeg in het vorige nummer in deze rubriek). De Strijdkreet bracht het verhaal al in 1971. Een lezer had dat nummer bewaard, waarin ook de volgende stukjes stonden:
• 'Coca Cola
Op mijn reis door Azië was Coca Cola het enige woord dat ik in alle talen verstond en dat mij tussen de vreemdste lettertekens zeer vertrouwd voorkwam. Wat hapert er toch aan de wereld waarin Coca Cola het enige woord is, dat de Babylonische spraakverwarring heeft overleefd?
Over Coca Cola kunnen we met elkaar praten, over vrijheid niet meer, over God niet meer en ook niet over wat de naaste betekent.'
Helmuth Thielicke
• 'Hoe moet dat nou?
Duizenden vissen dood in de Zuid-Willemsvaart;
Duizenden vogels dood in de Biesbosch;
Duizenden bomen sterven door lekken in aardgasleidingen.
De tijd dringt!' (1971!!, v.d.G.)
• 'Ze waren allebei opgepakt wegens landloperij en stonden voor de rechter. "Naam en adres", bulderde de rechter "Mijn huis is overal, de straten, de velden, de bossen en de stranden." "En waar woon jij," vroeg de rechter aan de andere bedelaar. Met een onschuldig gezicht zei deze: "Ik woon naast hem.'"
Dezer dagen kwam mij nog eens onder ogen het boekje 'De lofzangen Israëls', geschreven door Jacob en Johannes Groenewegen. De versregel 'Zoete banden, die mij binden aan het lieve volk van God' wordt nogal eens geciteerd. Het is de eerste regel van een 16 coupletten tellend gedicht. Hier volgen vier coupletten (de eerste en de laatste twee).
'Zoete banden die mij binden/
aan het lieve volk van God/
Mijne ziele haar beminden/
Want zij erven eender lot/
o Hoe lieflijk zijn die banden/
o Wat is dat zalig een/
Zoo verenigt hart en handen/
Alles hebben wij gemeen.
't Zijn mijn broeders in Den Heere/
't Zijn mijn vrienden na den Geest/
Dus in liefde wij verkeeren/
En in vreden onbevreest/
't Zijn mijns Vaders lieve kind'ren/
Wij verkeeren hand aan hand/
Niets kan deze vrede hind'ren/
Was de zonden uitgeband.
Eeuwig wensch ik ook te leven/
Bij dat volk in 't Vaderland/
O hoe wordt mijn ziel gedreven/
Mijne ziel reikt hart en hand
Zie daar / Jezus! zijn mijn zonden/
Zie daar / Jezus! is mijn hart/
Neem mij aan die nu gebonden/
Zit in angst en zielen smart.
Namaals zal ik op de wolken/
Staan aan uwe regterhand;
In 't gezigt van al de volken/
Die zoo talrijk als het zand/
Uwen troon dan eens omringen/
Als gij 't laatste vonnis slaat/
Eeuwig zal ik mede zingen/
In dien heerelijken staat.'
Bij het citeren uit andere bladen of geschriften blijken weleens onnauwkeurigheden in citaten of gedichten mee overgenomen te zijn. Een attente lezer gaf ons de tekst door van het gedicht van Geerten Gossaert (De Moeder), dat we overnamen uit de Schakel maar waarin enkele regels niet geheel correct waren:
'Hij sprak en zeide
in 't zaêl zich wendend:
Vaarwel, o moeder,
Nooit keer Ik weer…
En door de lanen
Zag zij hem gaan en
Sprak geen vervloeking maar weende zeer.
Sprak geen vervloeking…
Doch, bijna blijde,
Beval den maegden:
Laat immermeer
De zetels staan en
De lampen aan en
De poort geopend, de slotbrug neer.
En toen, na jaren,
Melaatsch, een zwerver
Ter poorte klaagde:
Uw zóon keert weer…
Zag zij hem aan en
Vond geen tranen,
Voor zooveel vréugde geen tranen meer.'
(Uit Experimenten, v. Dishoek, Bussum)
• De laatste regel van het gedicht van Jacqueline van der Waals (Globaal 10 augustus) moet zijn 'slapen gaan in eeuwigheid'.
• De briefschrijver maakte mij er verder op attent dat de naam van de vrouw van mr. Isaäc da Costa (in mijn artikel in het nr. van 27 juli) is Hanna Belmonte (niet Delmonte).
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's