De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

In Memoriam ds. A. J. de Jong

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Memoriam ds. A. J. de Jong

6 minuten leestijd

Een uitzonderlijk man is ons ontvallen, op 5 september opgevangen en ingeleid in de rust des Heeren: ds. A. J. de Jong. Geboren in 1919, naar het vlees en naar de geest zoon van het vlakke, Alblasserwaardse land dat ons beiden lief was, is hem daar al in zijn jeugd de boodschap van Gods vrije genade zonder enige verdienste onzerzijds door Gods Geest ontsloten, en is zijn roeping tot het ambt opgebloeid.
Als jong predikant kwam hij in 1943 temidden van de stormachtige oorlogsjaren in Ederveen, in 1947 wist hij zich naar Scheveningen geroepen dat hij heel lang trouw is gebleven, en in 1968 kwam hij naar Leiden, een stap die door sommigen en ook door hemzelf weleens is omschreven als een geestelijk avontuur. Over zijn gemeenten sprak hij met liefde en zijn gemeenten deden dit ook over hem.
Ds. De Jong was dus geen trekker; hij was een binder. Hij was begaafd met een haast onuitputtelijk en charmant vermogen mensen voor zich in te nemen, waardoor hij ingang kreeg bij velen en deze gave begeerde hij te gebruiken om mensen onder het beslag van het Woord te brengen. Door zijn intuïtief door mensen aangevoelde diepte en rijkdom van geestelijk leven, wisten velen zich, vaak zonder dit bewust te zijn, door hem in hun hart herkend. Niet dat hij ooit met zichzelf naar voren kwam. Dit lag niet in zijn ten diepste terughoudend karakter, maar hem was van God geleerd dat het er in het predikambt om ging mensen tot de prediking der zaligheid te trekken, tot de rijkdom die in Christus is.
Voor hem stond deze eerste opdracht voor de Dienaar van het Woord zo centraal, dat hij alles daaraan onderwierp. Om alles in de kerk wat te maken had met structuur of organisatie liep hij liever wat heen. Zijn eerste opdracht achtte hij een op de prediking gericht pastoraat. Zo lag het trouwens ook in het verlengde van zijn karakter: hij was een solist en een binnenvetter beide. Ook thuis altijd bezig als man van de gemeente, met de prediking, met meditatie, met meditatief lezen van anderen, en nochtans overlopend van liefde voor zijn vrouw, zijn (klein)kinderen. Een dominee die ook man en vader was. Een man en vader die van binnenuit altijd predikant was. Dit hield ook verband met zijn ambtsopvatting: zeggen onze formulieren niet ergens dat de 'andere' ambten geroepen zijn om de herders en leraren bij te staan?
De grote kracht van zijn prediking lag in de eenzijdigheid en tevens veelzijdigheid ervan. Eenzijdig: het gaat in het evangelie om de vrije genade. Alles wat een mens begeert mee te brengen valt onder het oordeel en is te veel. Niets hebben wij dan Gods belofte-Woord. En wie niets heeft bezit in Christus alles: de rechtvaardigheid 'uit' het geloof, de heiliging die als vrucht opbloeit door de Geest. Alles, alles ligt in de vrije gunst Gods besloten. Daarbuiten is alleen de dreiging van het oordeel. Maar deze eenzijdige prediking was tevens veelzijdig. Ds. De Jong wist zich in de traditie te staan, een met hen die voorgingen en hun spoor trokken in de kerkgeschiedenis. Ook hun woorden droeg hij verder, hij beriep zich erop als zondaar onder de zondaren. Is het een wonder dat velen die dit niet begrepen nochtans bleven komen omdat zij zich herkend voelden?
Bij zijn 40-jarig jubileum op 11 juli 1983 werd hem zijn 'Liber Amicorum' aangeboden. Een ons nu ontroerende foto van hem onderaan de kansel van zijn – onze – geliefde Marekerk aan het begin. Een liefdevolle levensbeschrijving en typering van de hand van ds. J. J. Poldervaart. Alles Romeinen 1 vers 16v: 'uit het geloof'. Daarom in die bundel de namen van Luther en van hen die hem verstaan hebben vanuit hemzelf: Iwand, Hamann… Helaas ontbreken de namen van Kohlbrugge en Bonhoeffer, maar deze waren evenzeer zijn geestelijk eigendom, vooral hun meditatieve geschriften. Gods oordeel gaat over onze vroomheid, onze eigen religie. Het enige wat wij meebrengen is hoogmoed die Gods soevereiniteit miskent. De gerechtvaardigde zal alleen uit het geloof leven, en uit het geloof alleen zal hij het weten.
De gereformeerde traditie had evenzeer zijn hart, en om dezelfde reden. Ds. De Jong kroop als het ware in de Catechismus weg. Dordt sprak hem minder aan: waren de remonstranten niet veel meer een bedreiging voor de rechtvaardiging uit het geloof dan voor een rechte verkiezingsleer? Was de spits in Dordt wel goed gericht? Hij was ook een theocraat op gereformeerd erf: behoorde niet alles onder het Koninkrijk van Christus te vallen, niet in het minst de overheid?
Ds. De Jong was ook een grondig kenner van de Franse taal en (kerk)geschiedenis, van de Hugenoten en hun predikers, van de oude Franse predikanten, van de boeken over de Hugenoten in hun vervolgingstijd, die werden stukgelezen en in zijn boekenkast gezet zoals op de naambordjes in Leiden hun nazaten nog op rij te herkennen zijn. Met Pascal mediteerde hij mee.

Tot slot noemen wij hier de naam van Kierkegaard, mede omdat deze naam zo vaak door ds. De Jong op de kansel werd gebracht. Begrijpelijk, deze herkenning, want weinigen hebben als Kierkegaard hun gaven zo ingezet in de strijd tegen de vormendienst en de veruitwendiging en tegen de goedkope gevoelsmatige vroomheid die bevredigt maar niet bekeert, ook al had ds. De Jong niets van Kierkegaards scherpte en sarcasme. Maar, verraadt Kierkegaards boek over de angst, het diepste boek dat over dit onderwerp in de vorige eeuw is geschreven, niet ook, dat Kierkegaard Luther (te) laat heeft leren kennen, en vertolkt het ook niet iets wat op spanning staat met het bijbelwoord dat de volmaakte liefde de vrees uitbant? Dan moet men bij het meditatieve lezen toch de kritische zin niet afleggen.
Wij verloren in ds. De Jong een collega die, inzonderheid tegen het einde van zijn aardse leven, ons in klimmende openheid en oprechtheid tegenover zichzelf en anderen tot een mede-zondaar werd, en zo tot vriend en broeder. En zo heeft God hem gekroond en eren wij hem. Zo gaat het immers niet ten koste maar tot eer van de Heere Jezus Die Zijn eigendom in leven en sterven onverkort en onvoorwaardelijk vasthoudt.
De gemeenten die hij diende en waarin hij preekte en die hij liefhad, het land waar de vreze des Heeren te velde staat, studerenden en eenvoudigen hebben in ds. De Jong niet alleen een uitzonderlijk erudiet Dienaar van het Woord verloren, maar bovenal een getuige van Christus die uit de diepte de hoogte verkondigde van de genade Gods die alle verstand te boven gaat. Ons vaak te hoog. en te groot. Maar als de zaligheid niet buiten ons lag, was er geen hoop. Laat het woord van ds. De Jong mogen naklinken want het kan ons niet vaak genoeg gezegd worden. En moge de Here Die aan zijn lieve vrouw Gerrie zoveel wijsheid en standvastigheid gaf Zijn handen nog wijder openen, ook voor de kinderen en kleinkinderen.
'Uit de diepten roep ik tot U o Heere… bij de Heere is goedertierenheid en bij Hem is veel verlossing.' Het geldt nu hem en ons.
S. Meijers

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 september 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

In Memoriam ds. A. J. de Jong

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 september 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's