De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Naar het land van Luther (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Naar het land van Luther (1)

9 minuten leestijd

'Och, werd het mij gegeven, om naar u toe te vliegen,' zo schreef eens Calvijn aan Luther, 'opdat ik tenminste enkele uren van het samenzijn met u zou mogen genieten! – Maar wat ons hier op aarde niet geschonken wordt, zal binnenkort, naar ik hoop, in het Koninkrijk van God ons deel zijn.'
Wat Calvijn toen niet geschonken werd, dat is mij wel vergund: vliegen naar het land van Luther. En toen ik in de stad van Luther, Wittenberg, aankwam en in de kerk van Luther verwelkomd werd door de Gnadauer Gemeinschaft en een volgestroomde kerk ook mocht toespreken, en dat daar zo zei (dat het mij, 'arme Pfarrer aus Amsterdam' vergund was wat de grote Calvijn niet kon…) werd ik spontaan met applaus begroet. De broeders en zusters daar vroegen mij u allen te groeten en dat doe ik bij deze. Daarom wil ik u ook iets over hen vertellen.

Bij Gnadauer Gemeinschaftswerk achter Berlijn
Dat vliegen naar het land van Luther ging overigens wel met een omweg: het KLM-toestel bleek niet regelrecht naar het oosten te gaan, maar via Hamburg en de Oostzee! Alleen de Grote Vier mogen sinds de oorlog regelrecht vliegen… En zo duurde de vliegreis niet drie kwartier, maar bijna twee uur. (Op de terugreis zou het Interflugtoestel zelfs met een boog om heel de Bondsrepubliek heen gaan: toen vlogen wij via Denemarken!).
Ik werd in Oost-Berlijn afgehaald door de secretaris van de Gnadauer Gemeinschaft, dr. Drechsel, die mij vriendelijk ontving in zijn huis in Woltersdorf, ten oosten van Berlijn. Het huis was pas door vrijwilligers gebouwd. De regering had vorig jaar toestemming verleend: een gul gebaar bij het honderdjarig bestaan van de beweging. Bij kerkelijke jubilea (b.v. in het Lutherjaar) laat de regering zich van zijn beste zijde zien aan de buitenlandse gasten… Ik voel me in dit gezin meteen thuis: er is geen televisie. De gastheer vindt dat de Westduitse televisie, waar iedereen in de DDR naar zit te kijken, meer kwaad doet dan de Oostduitse, waar iedereen hier om lacht. Dat kwade uit het westen is het materialisme en de wetteloosheid, waardoor duizenden zich hebben laten verleiden. Een echte christen laat zich niet door het materialisme beheersen en blijft waar God hem geroepen heeft. Dr. Drechsel zelfwas eerst docent praktische theologie aan de universiteit van Halle, maar heeft zijn 'carrière' opgegeven om de piëtistische groep in de kerk te gaan dienen. Zo is hij een van de weinige theologen in een Gemeinschaft, die sinds jaar en dag afwerend staat tegenover theologie; want theologie in Duitsland is bijna overal 'links'. Sinds de overheid meer reismogelijkheden heeft gegeven – dat heeft de Evangelische Kerk toch maar kunnen bereiken – begint ook de Gnadauer Gemeinschaft wat uit het isolement te treden. Zij heeft in Scandinavië in de landskerken daar piëtistische broeders en zusters ontdekt, die de Westduitse Gemeinschaft (met alle reismogelijkheden) nog niet ontdekt had! Vóór de oorlog was het kontakt met Scandinavië normaal, maar sinds de oorlog en de deling van Duitsland is met name Oost-Duitsland geheel in het isolement terechtgekomen. Alle deuren gingen dicht. Maar nu beginnen ze open te gaan. Bij het 100-jarig bestaan van de Gemeinschaft waren christenen uit 15 landen vertegenwoordigd! Ook de Evangelische Alliantie hier heeft vele internationale kontakten kunnen leggen en een E.A. vergadering kwam voor het eerst op de tv! De Gnadauer Gemeinschaft werkt in die Evangelische Alliantie broederlijk samen met de zgn. Freikirchen, vrije kerken zoals de Baptisten e.a. Voor de kleine kinderen in mijn gastgezin heb ik wat speelgoedautootjes uit Holland meegebracht. De grotere kinderen zitten natuurlijk op een staatsschool en horen ervan op, dat de onze op een christelijke zitten en daar Bijbelles krijgen. Maar achteruitgezet worden deze kinderen niet meer, ook als ze geen lid zijn van de 'pioniers', een socialistische jeugdorganisatie. De geschiedenisboeken blijken ideologisch gestempeld te zijn, maar de oudste dochter van 12 jaar, kijkt er goed doorheen. En zo heeft deze nieuwe generatie in de DDR toch wel weer een gelukkige jeugd.
Vervolgens bezoeken we in Woltersdorf het Christelijke ziekenhuis! Amerikaanse bezoekers verbazen zich dat zoiets in de DDR kan, maar ik wist uit de boeken van Hebly, dat de hele 'Innere Mission' in de DDR behouden is gebleven en dat het 'Russische model' hier gewoon mislukt is in de jaren '60. Waarom? De gastheer zegt: die christelijke ziekenhuizen en tehuizen waren gewoon onmisbaar, werden gesteund vanuit West-Duitsland en kregen vandaar ook de modernste apparatuur, die na gebruik nog tot voorbeeld diende van de Oostduitse universiteiten! Wel kampt het ziekenhuis met artsentekort. Eén is gevlucht… Hier in Woltersdorf is ook het secretariaat gevestigd van de Gnadauer Gemeinschaft. Men verzorgt de nodige publikaties, vooral Bijbelleeshulpen. Maar dat moet wel lopen via de Evangelische Verlagsanstalt van de kerk zelf, die meer modern-theologische boeken uitgeeft. Onze Piëtisten hebben meer problemen met deze kerkelijke uitgeverij dan met de regering…

Bij Gnadauer Verband in Saksen-Anhalt
De oud-secretaris van de Gemeinschaft, broeder Dressier, zet me op de trein naar Wittenberg: twee uren staan en hangen in een oude trein. In de Lutherstad word ik opgevangen door de plaatselijke 'Prediger' en gebracht naar zijn Gemeinschaftsgebouw, waar een vergadering al aan de gang is van het gemeenschapsverband Saksen-Anhalt. Dit is één van zes Verbanden, die de Gnadauer Gemeinschaft in de DDR kent, samenvallend met de grenzen van de zes Landeskirchen (Oost- en West-Mecklenburg, Brandenburg, Saksen, Thüringen). Landelijke samenkomsten zouden niet kunnen: daar is geen accommodatie voor. Deze regionale verbanden beslissen over belangrijke zaken: zij financieren de 'predikers' (in Saksen-Anhalt 48, in heel de beweging 350), begeleiden het rouleren van deze 'predikers!, begeleiden het plaatselijke werk middels een 'Inspektor', enz. Want voor de Gemeinschaft geldt – zo staat in een prospectus –: in de kerk, met de kerk, voor de kerk, maar niet onder de kerk!
Er zijn ook wel predikanten bij de Gemeinschaft aangesloten en hier in Saksen-Anhalt zitten ze vaak ook wel in de besturen, maar de meeste predikanten in de Evangelische Kerk schamen zich ervoor bij Piëtisten te horen. De 'predikers' zijn lekepredikers, die in de eigen Bijbelschool opgeleid zijn, die in echt-Lutherse distrikten niet, maar in 'Unierte' streken wèl in de kerk mogen preken. Zij streven naar een goede verhouding met de plaatselijke predikant, werken samen waar mogelijk, vermijden botsingen, doen niet aan richtingenstrijd. Bij het ontstaan van de beweging in 1888 moet de toen nog sterke kerk de Piëtisten hooghartig afgewezen hebben. En de oudere voorzitter van de plaatselijke afdeling in Wittenberg herinnert zich nog wel spanningen met de plaatselijke kerk: de dominees werden geïrriteerd als ze hoorden van de noodzaak van 'bekering' en 'geloofszekerheid', want wie gedoopt is is immers al een kind van God. Maar de laatste jaren is de verhouding verbeterd: een zwakgeworden kerk heeft deze trouwe groepering nu wèl nodig! En de Gemeinschaftsleute laten nu meer het oordeel der liefde gelden over goedbedoelende predikanten. Dit lijkt me een merkwaardig verschil met de Bonders in de N.H. Kerk bij ons: deze vrome mensen blijven ook 'liberale' predikanten trouw, maar handhaven naast 'Bijbelgetrouwe' predikanten toch hun eigen plaatselijke aktiviteiten, al geeft dat – naar zij zelf ook zeggen – 'dubbele belasting': ze zitten in de kerkeraad èn in de 'afdeling', ze betalen kerkelijke belasting èn offeren in de Gemeinschaft.
Ter vergadering brengt men verslag uit van het plaatselijke en regionale werk. Hoe het bv. met het jeugdwerk gaat vertelt een jeugdwerkleider. Men discussieert levendig over de vraag of de 'predikers' buiten hun vakantie om nog bezinningsdagen nodig hebben. Men zingt tussendoor mij onbekende liederen bij een mij zeer vertrouwd instrument: een harmonium in de hoek van de zaal. Voorzitter van het Verband is een gewezen ingenieur van een Wittenbergse chemiefabriek, br. Hobrack, die zijn baan opgaf, nu minder verdient, maar de Gemeinschaft bekwaam en warm weet te leiden. Hij heet me hartelijk welkom, en zegt de vergadering hoe belangrijk het is te weten dat er ook buiten de eigen Gemeinschaft geestverwante broeders en zusters zijn. Men had die uit Scandinavië eerst en die uit Holland dan nu ontdekt! Ik voel me thuis: de ontdekking is wederzijds.
Spreker ter vergadering is… bisschop Wollstadt uit Görlitz. Van de bisschoppen is hij wel de enige die met de Gemeinschaft sympathiseert. Hoewel: zijn ambtsbroeder bisschop Krusche kwam ook uit de Gemeinschaft en verloochende dat niet. Net als de beroemde Krusche was ook Wollstadt in het Westen gepromoveerd, maar teruggekeerd naar Oost-Duitsland om de kerk daar te dienen. De bisschop zal spreken over de Philippenzenbrief, maar vertelt eerst dat hij wegens een hartinfarct met emeritaat moest gaan. Hij vertelt dat zijn vader predikant was en zijn zoon het is geworden, terwijl zijn dochter in de zending ging. Dan komt de Bijbelstudie: kundig, warm, uiterst pastoraal, echt-bevindelijk, evenwichtig te midden van de stromingen. Als Christus maar gepredikt wordt! (Phil. 1). Dat telkens terugkerende 'in Christus' is me onvergetelijk. En hij bleek te spreken naar het hart van ieder in dat Jeruzalem. Paulus kreeg zijn kans in het 'praetorium' (Huis van de keizer, Phil. 4). De bisschop schaamde zich dat hij in zijn contacten met de DDR-regering vaak meer het mogelijke had bepleit, waar hij Christus had moeten betuigen en was ervan onder de indruk dat Billy Graham bij zijn bezoek aan de DDR bij de regering alleen over Christus had gesproken. Paulus waarschuwt tegen hen die 'de buik als hun god' beschouwen (Phil. 3) en de bisschop past het voorzichtig toe op het huidige materialisme, dat velen ertoe bracht het land te ontvluchten. Paulus zat gevangen, maar zong hij niet in de nacht?
De spreker waarschuwt verder tegen verwettelijking: dat kan in de kerk (gebedsgenezing) en in de politiek (socialisme). Dan wordt iets goeds, een waarheidsmoment, iets kwaads. Ik dacht: als een parakerkelijke organisatie zo'n spreker waardeert, zit er niets sectarisch in.

C. Blenk, Amsterdam

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 september 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Naar het land van Luther (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 september 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's