De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De kerk als moeder (3)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De kerk als moeder (3)

7 minuten leestijd

Moederfunctie van de kerk
Calvijn doet treffende uitspraken over de kerk als moeder in Boek IV van zijn Institutie. Ik geef er enkele door. Hij schrijft: Ik begin bij de kerk. In haar schoot wil God zijn kinderen vergaderen. Niet slechts om hen door haar moeite en dienst te voeden, zolang zij nog zuigelingen en kinderen zijn, maar ook opdat zij door haar moederlijke zorg geregeerd worden, totdat zij opgegroeid zijn en eindelijk tot het doel van het geloof komen. Want wat God heeft samengevoegd, mag niet gescheiden worden (Marc. 10 : 9): voor wie Hij de vader is, dient de kerk een moeder te zijn. En dit niet alleen onder de wet, maar ook na de komst van Christus, naar het getuigenis van Paulus die leert dat wij kinderen zijn van het nieuwe en hemelse Jeruzalem.' (IV, I, 1).
En verderop schrijft hij: '… zouden wij alleen reeds uit de naam "moeder" kunnen leren, hoe nuttig, ja zelfs noodzakelijk het voor ons is haar te kennen. Immers er is geen andere toegang tot het leven, dan alleen wanneer zij ons in haar schoot ontvangt, ons baart en voedt aan haar borst en eindelijk onder haar hoede en leiding neemt…" (IV, I, 4).

Toegang
Geen andere toegang tot het leven. Wedergeboren worden door de Heilige Geest geschiedt in de moederschoot der kerk. Het zaad waaruit we geboren worden is het Woord (1 Pt 1 : 23-25). De kerk is moeder voorzover ze kerk van het Woord Gods is. 'God geeft ons het geloof in de harten, maar door het instrument van het evangelie' (IV, I, 5). God verbindt Zijn Geest aan het Woord. Zo worden er kinderen geboren, van boven geboren zeker. Maar hier beneden in de moederschoot der kerk verwekt en ontvangen en gebaard (zie ook: Jak. 1 : 18). Als we ons bevinden binnen de schoot der kerk zijn we in de ruimte waarbinnen het God behaagt zalig te maken. In dit kader laat Calvijn het oude woord van Cyprianus gelden: uiten de kerk geen zaligheid. Hij bedoelt ermee dat er buiten de verkondiging van het Woord om, zonder de arbeid van Geest en Woord, geen heil ergens anders te vinden is. Gods kinderen worden inderdaad in de kerk geboren. 'De heilsbetekenis van de kerk ligt niet in haar zelf, in wat zij is in zichzelf, maar in haar functie, haar dienstgestalte, haar instrument-zijn in de handen van de Geest' (Prof. Graafland a.w. blz. 42).
In dat opzicht is de kerk dus levensnoodzakelijk. Ingang tot het leven, aldus Calvijn. Je komt een gebouw of huis gewoonlijk niet binnen dan door de daartoe bestemde ingang. Wij treden het leven niet binnen dan door de daartoe bestemde ingang. Wij treden het leven niet binnen buiten de moederschoot om. 'Zo komen we ook nooit het eeuwige leven binnen dan via de schoot van de moeder-kerk' (Graafland, a.w. blz. 43).

Ambten
Voor Calvijn voltrekt die moederlijke functie van de kerk zich dan met name via de ambten. Aan de ambten is de verkondiging van het evangelie toevertrouwd. Woord en ambt horen bij elkaar. Dat is Gods orde, acht Calvijn. God heeft dat zo gewild en daarom zo ingesteld. Het zijn met name de herders aan wie de prediking der hemelse leer is opgedragen. Paulus bijvoorbeeld roemt dat hij door het evangelie de gemeente Gods te Corinthe heeft geteeld (1 Cor. 4 : 15). Hij zegt van zichzelf dat hij maar niet een dienaar van de letter is geweest, maar dat hem gegeven is de krachtige werking van de Geest opdat zijn prediking niet onnuttig zou zijn (2 Cor. 3 : 6). In de ambtelijke Woordverkondiging is God dan ook zelf tegenwoordig. God buigt zich naar ons toe. Hij kiest voor een menselijk toegankelijke weg om in ons leven binnen te dringen. Niet zonder oorzaak zijn kerken van reformatorische inslag kerken waar het Woord, waar de bediening van Woord en sacrament, centraal staat. En het zij er ons daarbij voortdurend om te doen om hart en oog te hebben voor Gods bedoeling: opdat er voor Hem kinderen worden geboren en vervolgens gevoed.
Welnu, waar de kerk zo als instrument van God en zijn Woord fungeert als een moeder, daar is ook het gezin, de gemeente. 'De kerk is dus wel moeder, instrument, maar niet op een abstracte manier. Zij is moeder van een gezin. Zij heeft als een echte moeder graag de kinderen om zich heen. En deze kinderen vormen één gezin. Er is een onderlinge band, een gezinsléven in onderlinge liefde. De kerk is één groot gezin, rondom moeder, rondom het Woord en de ambtelijke bediening ervan.' (Graafland, a.w. blz. 48).

Moeder en gezin
Na het bovenstaande kunnen we niet anders dan het grote belang onderstrepen van de gemeente als het gezin, het huisgezin van God. In haar midden behaagt het God ons het geestelijk leven te schenken. We kunnen haar niet missen. Nooit anders dan met dankbaarheid en in liefde kunnen en mogen we over de gemeente spreken. Ik zou bijna zeggen: het is kenmerkend voor geestelijk leven als we met respect denken aan en spreken over de kerk. Hoe uniek en onvergelijkelijk is moeder in ons leven. Hoe teer spreken de meeste kinderen over haar uit wier schoot ze als mens het leven ontvingen. En van wie we het eerste voedsel ontvingen en uit wier mond we de eerste woorden leerden spreken.
Respect hebben we voor haar vanwege haar 'ouderdom': ze was er eerder dan wij allen. Ze is niet van vandaag of gisteren. In haar belijdenissen bezit ze oude papieren. Ze heeft een respectabele geschiedenis en traditie achter zich. We leven in een tijd dat voor veel mensen elk historisch besef schijnt te zijn verdampt. Egocentrisme, domheid en kortzichtigheid zijn er voorname oorzaken van. Voor sommigen is de Geest kennelijk pas deze eeuw echt gaan werken. Ze nemen tenminste volop vrijmoedigheid 'moeder' verachtelijk van de hand te doen of haar in het verpleeghuis te laten sterven. Het mens heeft haar tijd gehad. Wat een hooghartige vergissing.
God geeft ons in de kerk zoveel mee. In haar midden ontvangen wij het eeuwige Godswoord. In haar schoot worden we geboren tot het eeuwige leven. God schrijft in Zijn goedheid Zijn driewerf heilige Naam op mijn voorhoofd en neemt me voor altoos voor Zijn rekening. In Christus krijgen we de schatten van verzoening en vergeving vermaakt en op naam geschreven. God gaat een genadig verbond aan met kinderen des torns die zonder wedergeboorte het Rijk Gods niet kunnen binnengaan. Hij wacht niet op onze keus voor Hem. Maar zet Zijn keus voor ons door. Niet wij zochten de gemeente op, maar God bracht ons binnen de beschutting van de kerk in de wereld. Niet in de kille woestijn van Godsvervreemding aanschouwden wij het levenslicht, maar we ademden van jongsafaan in de vrije gunst van de Eeuwige. Ingelijfd in de gemeente genoten we alle voorrechten haar door God geschonken. We groeiden niet op in blinde onwetendheid, maar hoorden de Naam van de Getrouwe noemen en roemen. In het gezin van de gemeente leerden we Iezen in het Woord van God: zondagsschool, kerkgang, catechese. We ontmoetten er geoefende broeders en zusters die ons zoveel goed van God en Zijn dienst konden en graag wilden vertellen. Oudere broers die meer van de Heere wisten dan wij. Zusters die vanuit een gedurige omgang met Vader ons als kinderen meetroonden naar Hem van wie de kerk als moeder getuigt.

J. Maasland, Capelle aan den IJssel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De kerk als moeder (3)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's