De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De democratische verantwoordelijkheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De democratische verantwoordelijkheid

Theocratie en democratie (2)

7 minuten leestijd

In het vorige artikel is duidelijk geworden dat de theocratie geen politiek systeem is, ook geen politiek bereikbaar ideaal, maar een basisgedachte, een gegeven.
'God, de Heer, regeert', dat is er al, 'beeft gij volken, eert', dat ontbreekt er helaas nog aan.
Het gevaar van deze theocratische gedachte zou kunnen zijn: een volstrekt passivisme. Zo in de trant van: als God toch alles bestuurt en leidt, waar zou ik me dan nog druk over maken.
Schrift en Belijdenis wijzen dat af. Lijdelijkheid past niet in de kerk, ook niet in de politiek.

Theocratie en democratie niet uitspelen
Het is een voortdurend spanningsveld. De drie kleine christelijke partijen in het Nederlands parlement wordt nogal eens verweten dat ze eigenlijk niet passen in een democratie, omdat ze niet democratisch maar theocratisch zouden zijn.
Als men met dat verwijt zou bedoelen, dat SGP, RPF en GPV de rechtstreekse Godsregering (zoals in het Oud Testamentische Israël) zouden willen invoeren, dan is dat uiteraard volstrekt onterecht. Als men bedoelt, dat deze partijen al hun politieke keuzen laten bepalen door Gods Woord en Wet, dat ze hun regeringsinvloed in dienst wensen te stellen van de Godsregering, dan is dat terecht maar dan hoeft dat deelname in een democratie niet uit te sluiten, integendeel. Een goed begrensde democratie laat ruimte voor een theocratisch geïnspireerd geluid. Een béter begrensde democratie laat zich er zelfs door leiden.
Theocratie en democratie mogen daarom niet tegen elkaar uitgespeeld worden, hoewel dat wel vaak gebeurt.
De theocratische basisgedachte kan net zo goed in een democratie als in een keizerrijk tot ontplooiing worden gebracht. Hij kan evenwel in beide regeringsvormen ook ten onder worden gehouden. Met andere woorden: de Eer van God kan publiek hoog gehouden worden of juist geheel verduisterd.
Dat laatste maken we anno 1989 in ons eigen land mee. Gods Eer, Gods Woord en Wet mag in onze wetgeving en rechtspraak absoluut geen doorslaggevende funktie vervullen, integendeel. God wordt van Zijn Eer beroofd omdat Hij 'democratisch' op gelijke hoogte wordt gesteld met andere goden en hun godsdiensten of met leringen van mensen.

Niet lijdelijk, maar verantwoordelijk
Toch blijft, zoals gezegd, de theocratie bestaan, Gods Werk met deze wereld, ook met ons land, gaat door. We moeten er als kleine mensjes tegelijk bij zeggen: van God uit bekeken. We mogen dat vanuit Zijn eigen Woord weten. Dat maakt ons niet passief, integendeel.
Net zomin als in het kerkelijk regiment, waar Gods trouw en genade ons ook niet lijdelijk mag maken, zo min mogen wij ons in het wereldlijk regiment onttrekken aan onze menselijke verantwoordelijkheid, sterker nog, aan onze persoonlijke verantwoordelijldieid.
Het is wel zo dat Gods handelen ons een vaste grond onder de voeten wil geven, zonder dat wij direkt de richting en de bedoeling van Zijn handelen hoeven te begrijpen. Dat is in de kerk zo, dat moet in de politiek ook zo zijn. We mogen ons geloof vertrouwend laten rusten op Gods almacht en regering, we mogen daar, zo lang we op aarde zijn, niet in berusten. We hebben ook te handelen, als we daartoe geroepen worden.
En in een democratie met een algemeen kiesrecht wordt iedere volwassene daartoe geroepen.

Christen-politicus persoonlijk verantwoordelijk
ledere volwassen Nederlander, en dat zijn er nogal wat, heeft de mogelijkheid om te gaan stemmen (aktief kiesrecht), iedere Nederlander die op een kieslijst staat, en dat zijn er heel wat minder, heeft de kans gekozen te worden (passief kiesrecht). Ondanks de sombere situatie van ons land geldt dus nog steeds dat ook in onze democratie 'door Gods genade christenen tot het overheidsambt geroepen worden'. Daarmee is inderdaad de democratie niet gekerstend, evenmin als het overheidsambt zelf, zoals het raads-, staten-, kamerlidmaatschap of het minister-, burgemeester- of wethouderschap.
Daarmee is wel het persoonlijke karakter, waarmee de Bijbel over de ambten spreekt, zowel voor kerk als staat, scherp aangegeven.
Gods Woord spreekt eigenlijk nooit over het begrip 'staat', dat is een te abstracte en ongrijpbare onpersoonlijke grootheid, maar over 'overheid' en wel op een heel persoonlijke manier. Als het in de Bijbel gaat over het 'ambt' van de overheid, dan richt het Nieuwe Testament zich tot de mensen, die dat ambt vervullen (zie dr. J. Koopmans, De Nederlandse Geloofsbelijdenis, 184 e.v.).
God roept mensen ter verantwoording, geen kabinetten, geen colleges, geen raden, geen partijen. Ieder, die als christen in één dezer verbanden werkzaam is, dient dat te beseffen en dat ook in de politieke debatten voor zichzelf en anderen te laten merken.
Een christen-politicus dient te weten dat God in Zijn Woord ook het staatkundige leven binnen de persoonlijke sfeer trekt, binnen de sfeer der verantwoordelijkheid. Dat hij ook voor al zijn politieke beslissingen verantwoording dient af te leggen voor God. Wat voor mensen, achterban of oppositie, misschien wel helpt, daar kijkt God doorheen, tot in het hart. Verschuilen achter een fractie-, partij- of collegestandpunt of -program helpt niet, iedere christen-politicus komt voor zichzelf.

Christelijk tegenover democratisch
Waarom dit een hele aktuele zaak is, wil ik toelichten uit de politieke praktijk. In de gemeenteraad waarvan ik zelf deel uitmaak, ontstaat er nogal eens een discussie over wat christelijke politiek is. In een raad waar 10 CDA-ers, 4 SGP-ers en 3 RPF-ers zitten is dat begrijpelijk. Dat de partijen zich in de principiële debatten snel opsplitsen in CDA enerzijds en SGP/RPF anderzijds is zonder uitzondering altijd snel een feit.
SGP en RPF nemen Gods Woord als norm en trekken daaruit hele praktische grenzen, het CDA neemt de 'democratie' als uitgangspunt en zegt steeds duidelijker dat de C in haar naam slechts van belang is voorzover de D daar ruimte voor schept. Het CDA zegt steeds weer: er zijn christenen en er zijn ook mensen die er anders over denken en wij zijn er voor allemaal. En daarom subsidiëren we haast alles, wat zich aandient, voorzover dat voldoet aan de plaatselijke subsidievoorwaarden. En steeds weer klinkt het: wij denken vanuit de christen-democratie nu eenmaal anders dan de RPF en de SGP. Met andere woorden, men heeft een denksysteem opgebouwd van waaruit men zich verdedigt! De kernvraag voor iedere christen blijft echter, alle denksystemen ten spijt, of hij zijn politieke handelen persoonlijk kan verantwoorden voor God. Het leven is niet gedeeld, ook niet in Kerk en Staat. Er zijn wel onderscheiden verantwoordelijkheden, maar op alle terreinen van het leven moet voor een christen Christus Koning blijven. Twee regimenten, één Heere!
Christenen, die geroepen worden tot een overheidstaak, moeten elkaar daar op blijven aanspreken. Met als enige toetssteen: Gods Woord. Want alle menselijke constructies, vaak vastgelegd in politieke programma's en afspraken, hebben in dat licht geen waarde.

Bidden en werken
Het is bijbels en christelijk om niet van 'staat', maar van 'overheid' te spreken, niet van kabinetten, colleges en raden, maar van overheidspersonen. Wij worden niet door de één of andere abstractie geregeerd, maar door mensen die daartoe door God, ook in een democratie, over ons zijn gesteld.
Dáárvoor kunnen wij bidden, wat we voor een abstractie niet kunnen. Dat is één kant van de zaak, vanuit de kerk bekeken. De andere kant, vanuit de politiek bekeken is, dat er ook in onze democratie nog de ruimte is om als christen, zonder in de persoonlijke verantwoordelijkheid beknot te worden, te kunnen werken. Dat is niet natuurlijk, dat is genade.

J. H. ten Hove, Katwijk aan Zee

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De democratische verantwoordelijkheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 oktober 1989

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's