Toekomst
'Mijn hart springt van vreugde op in den Heere; want ik verheug mij in Uw Heil.'1 Samuel 2 : 1.
Geen toekomst. Dat is de grote nood van Hanna, een van de vrouwen van Elkana, want zij was onvruchtbaar, kinderloos. Peninna, de andere vrouw van Elkana, herinnerde Hanna daaraan telkenjare wanneer het gezin van Elkana naar Silo ging om te aanbidden en de Heere te offeren. Zij tergde haar, zo lezen we. Tot groot verdriet van Hanna.
Kinderloosheid kan een zwaar kruis zijn. Het kan heel pijnlijk zijn voor ouders wanneer ze daaraan door anderen telkens herinnerd worden. Het is wel heel erg grof wanneer mensen voor het aangezicht des Heeren in het heiligdom elkaar tergen.
Voor Hanna was het des te pijnlijker, omdat in de oudheid anders dan bij ons, die mogen leven onder de nieuwe bedeling, kinderloosheid beschouwd werd als misnoegen van God over je leven. Haar persoonlijk leed hield verband met het Koninkrijk van God. Was zij ongeschikt voor dat Rijk? Had zij geen deel aan dat Rijk? Haar gebed om een kind was een groot verlangen naar de toekomst van de Messias. Zal niemand uit haar huis Hem huldigen wanneer Hij komt om de aard te richten? Is zij uitgesloten van dat grote Heil?
De diepste nood van Hanna is niet dat ze het moederschap moet missen, maar dat ze geen Toekomst heeft. Vurig bidt ze tot de Heere, en de Heere laat geen bidder staan. Haar gebed wordt verhoord. Een kind wordt haar geboren, een zoon wordt haar gegeven. Haar hart springt op van vreugde in de Heere. Immers het was niet uit en door haar, de onvruchtbare, maar uit en door de Heere alleen om Zijn eeuwig welbehagen. Zij verheugt zich in Zijn Heil, door de Heerè haar bereid in de gave van een zoon.
Is de nood van Hanna niet de diepste nood van ieder mens? Wij kunnen in het Rijk van God niet komen, tenzij wij van nieuws geboren worden. Dat leert ons de besprenging met water van de Heilige Doop. Wanneer de Heilige Geest ons deze nood doet verstaan dan mag ons hart van vreugde opspringen in de Heere, dan mogen we ons verheugen in Zijn Heil. Niet omdat Hanna een zoon baarde, maar omdat in de kerstnacht in een stal in Bethlehem Gods Zoon geboren werd. Een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven. Men noemt Zijn Naam Wonderlijk, Sterke God, Vader der eeuwigheid. Vredevorst. Er is toekomst, grote Toekomst.
Toch is hiermee niet alles gezegd. De geschiedenis van Hanna is de ouverture van het boek Samuel. Het was in die tijd droevig gesteld met Israël. Eli denkt dat Hanna dronken is. Kennelijk kwam het meer voor dat dronken mensen in het heiligdom des Heeren kwamen, anders kom je toch niet op zo'n gedachte. De zonen van Eli, priesters des Heeren, worden kinderen Belials genoemd. 'Alzo was de zonde dezer jongelingen zeer groot,' zo lezen we in hoofdstuk 3. Het Woord des Heeren was zeer schaars in die tijd en de schoondochter van Eli noemt haar kind Ikabod: Weg is de eer van God.
Politiek was het ook een donkere tijd in Israël. Wie zal redding brengen? Wie zal uitkomst geven? Onvruchtbaarheid bij mensen. In de onvruchtbaarheid van Hanna wordt de hopeloosheid, uitzichtloosheid en onmacht van Israël getekend. Maar dan… Een kind wordt geboren. De Heere geeft toekomst. Hanna zingt een lofzang, een nieuw gezang den Heere.
Waar horen we deze lofzang meer? We denken aan de lofzang van Maria. Wie deze beide liederen uit het Oude en Nieuwe Testament naast elkaar legt ziet treffende overeenkomsten. Maria heeft de woorden van Hanna tot de hare gemaakt. Ook in die tijd: donkerheid en duisternis, onvruchtbaarheid bij mensen. Wel een verleden, maar geen toekomst. Een wereld verloren in zonde en schuld.
Waar de wereld echter hopeloos en reddeloos is, geeft de Heere hoop en redding. Waar de wereld de dood baart, baart God het Leven. Waar wel een verleden, maar geen toekomst is geeft de Heere Toekomst, door het Kind, het Kind in de kribbe.
In de donkere dagen voor het kerstfeest zingt Gods volk, in de wereld met Hanna en Maria: 'Mijn hart springt van vreugde op in de Heere, want ik verheug mij in Uw Heil.'
Want een Kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder. Er is toekomst, de Toekomst van Gods Rijk.
A. T. Maarssen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 december 1989
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's