Zalig zijn de vreedzamen
Wanneer wij dit bijbelwoord alleen op de klank afgaande willen beoordelen, zouden wij de vreedzamen willen houden voor mensen, die een afkeer van twist en strijd hebben en daarom maar liever onrecht verdragen, dan om er tegen in verzet te komen. De kanttekeningen van onze Statenvertaling geven ons evenwel al licht over de juiste betekenis van het door Jezus gebruikte woord. In de oorspronkelijke taal staat zeer duidelijk 'vredemakers' of 'vredestichters', en dit zijn geen makke naturen, maar er gaat kracht van uit, een kracht, die de vrede overal zoekt te herstellen, waar hij verbroken werd. Jezus heeft hier op het oog, diegene die het mogelijk is, de komst zoeken te bevorderen van het Vrederijk. Wat zijn nu vreedzamen? Dat zijn discipelen, die in gebondenheid aan Christus en Zijn Evangelie, de komst van dit Vrederijk trachten te verkonden, door vrede rondom zich te verspreiden. Wij mogen dit vooral in onze dagen niet vergeten.
Oppervlakkig genomen wordt dit bijbelwoord nogal eens toegepast op de vredemakers onder de diplomaten, die sinds lange jaren bezig zijn om vrede te maken tussen de volken door krammen en lijmen op conferenties zonder tal. Het zijn dan doorgaans reizende diplomaten, die de ene partij een weinig tegemoet willen komen en de andere partij een weinig willen afvallen. Ze zoeken het gulden midden. Wij weten dat wij in deze wereld zonder deze diplomaten niet kunnen in het wereldverkeer. Wij hebben van hun arbeid geen duurzame verwachting. Hun arbeid is vaak plakken en gommen. Het kan vaak niet anders in deze wereld. Maar wij bevinden ons bij deze kundige ambassadeurs in een geheel andere sfeer dan die van deze zaligspreking. Wat zij nastreven is iets anders dan wat Christus bedoelt.
Wat betekent dan het woordje 'vreedzamen'? Jezus spreekt ze zalig en daaruit volgt, dat wij hen niet onder de natuurlijke mensen hebben te zoeken, want alleen degenen, die in Christus Jezus zijn, kunnen zalig genoemd worden en zullen ééns volmaakt zalig worden. De zucht om vrede te stichten, waar vijandschap heerst, is een vrucht van de genade. De mens is van nature vol van nijd en haat, ook al komt dat niet immer voor de dag, maar wordt dat bedekt door veel fatsoen en eerbaarheid. En, als er dan desniettemin toch nog vredestichters op aarde zijn, dan is dit hieraan te danken, dat sommige harten vernieuwd, herschapen en wedergeboren zijn door de Heüige Geest. De vreedzamen weten uit ervaring wat het is vrede met God te hebben door het bloed des kruises. Dat is een vrede, die alle verstand te boven gaat. Het is een onverdiende genadegave Gods, waarop zij geen aanspraak kunnen maken. In zichzelf zijn ze niet beter of heiliger dan degenen, die nog steeds in vijandschap tegen God voortleven. 't Is Zijn verkiezende genade alleen, die hen boven duizenden bevoorrecht. Maar nu scharen zij zich ook rondom de banier van het kruis als de banier van de vrede. En waar het bij hen vrede is van binnen, daar leeft de drang in hun ziel om vrede te maken onder de mensen, een duurzame vrede, die een vrucht van het kruis is.
Wij nemen nu maar eens uit de aard der liefde aan, dat u van die vrede uit Christus iets kent. Dan hebt u de roeping om die vrede ook te stichten in een wereld, die nog in het boze ligt. U zult dan ogenblikkelijk tegenwerpen, dat u niet kunt beginnen in een haatdragende wereld. Het is waar, u zult niet direct tastbare resultaten zien. Wij zijn al eeuwen bezig met het uitzaaien van de vredegedachte en hoe weinig is er nog bereikt. Ook hier geldt het woord: het is een ander, die zaait en een ander die maait. En toch is het waar: als u het evangelie des vredes helpt verbreiden, dan bevordert u de komst van het uiteindelijke Vrederijk. Alleen – een ieder moet natuurlijk in eigen kring beginnen. De gedachte van vrede werkt als een zuurdesem, die de drie maten meel geheel tot de uiterste omtrek doorzuurt, maar die aanvankelijk toch op één plek in het meel verborgen wordt, om daar zijn stille werk te beginnen. Het is daarom de plicht van ons allen in eigen levenskring te gaan beginnen. Christus moet daar als Vredevorst heersen en regeren.
Kijk dus eerst eens in uw eigen huis. Uw kinderen zijn natuurlijk geheel verschillend van karakter. Er botst en kraakt overal wel eens wat. Sommige broers en zusters trekken heel sterk op elkaar aan. Anderen vervreemden in de loop van het leven helemaal van elkaar. Welnu, die dingen moeten wij zien te beperken door ook als ouders onze taak te vervullen. Er op toe te zien dat er eendracht heerst. Wij moeten ook als vader en moeder er zorg voor dragen dat wij de een niet boven de ander bevoorrechten. Bovenal: vervullen wij ook de priesterlijke dienst in ons huis door steeds onze kinderen op te dragen aan de Heere?
Zie nu ook eens rond in uw eigen familie. Er bestaan hier en daar familieveten over een stuk grond, een oude antieke kast. Ze houden soms lange jaren aan zodat gehuwde broers en zusters elkaar als schimmen voorbijgaan. Er zullen misschien wel rechtmatige gronden voor zijn. Maar Jezus' woord blijft ook dan van kracht, dat wij de zon niet mogen laten ondergaan over de begrijpelijkste toorn. Langer dan één dag mag de onmin in geen enkel geval duren. Bijleggen is geboden.
Zorg ook voor de vrede in het gemeentelijk leven. Ook dáár scheurt en kraakt het veelszins. De gemeentelijke hartstochten zijn het felst, wanneer zij eenmaal losgekomen zijn. Er brandt zoveel onheilig vuur. Bezie eens nader 't Woord of uw toorn en verongelijking wel rechtmatig is. Er is op dit punt zoveel onheilig vuur. Koud vuur. Wij moeten elkaar niet verbijten en vereten. U weet heus wel hoeveel smaad er door dat twisten en kibbelen over de Naam des Heeren wordt gebracht. Wanneer de wereld ervan hoort, haalt zij minachtend de schouders op over een gemeente, een Christus, een geloof, waarvan geen kracht schijnt uit te gaan om het twisten te beëindigen. Houdt op met de twist. Roep waarheid en recht te hulp. Jaagt de vrede na met allen, namelijk zoveel mogelijk is en zoveel in u is, altijd behoudens een goed geweten en de vrede met God. Er volgt in Jezus' woord nog een zinsnede. Maar die laten wij ditmaal eens met opzet rusten. Gaat u zelf maar eens op onderzoek uit. Denk maar eens voort op eigen wijze. Allicht dat u de smaak des Woords zult proeven!…
A. van Brummelen, Huizen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1989
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1989
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's