De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Om uwentwil arm geworden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Om uwentwil arm geworden

8 minuten leestijd

Toen de familie van de overledene zich had neergezet in de aula op de begraafplaats, begon er een plaat te spelen. En deze keer was het geen psalm die 'het oud vertrouwen' uitzong. Het was een oud strijdlied van de SDAP. Een heldere stem zong: 'Eens komt de schone dag'. Op uitdrukkelijke wens van de weduwe en de kinderen.

Eens komt de schone dag
Ja, want dat was immers 'de droom' geweest van hem die we gingen begraven. Heel zijn leven lang. Zijn nabestaanden hadden het mij verteld tijdens het rouwbezoek. Hoe hij vooraan in de gelederen van de arbeidersbeweging gestreden had voor 'het recht der armen en verdrukten'. Vooral in die bittere tijd tussen de twee wereldoorlogen. 'Die roeping heeft vader gevolgd', zei één van zijn zonen. 'En de kerk heeft hij altijd gerespecteerd, al bezocht hij zelf nooit de kerkdiensten'.
'Zegt u, dominee maar wat u moet zeggen, als vader begraven wordt; als u er maar geen bezwaar tegen hebt, dat in de aula nog één keer dat lied klinkt: 'Eens komt de schone dag'.
En zelden heb ik op een begraafplaats mensen zo zien huilen als toen. Heel het leven van vader kwam terug in dat lied. Zijn 'droom'. Zijn schone oude dag wellicht. Samen met zijn lieve vrouw. Samen met zijn kinderen die de armoe en ellende van vroeger hadden mogen inruilen voor een leefbaar bestaan of zoveel meer.
Het thema van de rouwdienst die ik mocht leiden, ging ook over een schone dag. Schoner dan de dagen van een mensenkind op de aarde. Aangebroken in de komst van een arme Messias die het recht der armen, der verdrukten gelden doet. En nog schoner, als de dag zal aanbreken, waarop Hij de 'zachtmoedigen het aardrijk zal doen beërven'. Maar ik ging wel met een paar vragen naar huis. 'Waarom wilde die man de kerk van binnen nooit zien?' En: 'Zijn zijn kinderen, in wier leven de droom van vader werkelijkheid was geworden, ook toegekomen aan wat "beters dan dit tijd'lijk leven" – Gods goedertierenheid?'

En legde Hem neder in de kribbe
Als ik – jaren na datum – over deze dingen nadenk, komen er woorden bij mij boven uit de overbekende Kerstgeschiedenis van Lukas 2 : 'En legde Hem neder in de kribbe (vs. 7). Hoe wij ons de geboorteplek van Jezus ook moeten voorstellen (was het wel een stal?), het woord 'kribbe' zou door Lukas niet gebruikt zijn en de engel die de geboorte van de Messias in de velden van Efrata aankondigde, zou datzelfde woord 'kribbe' niet over zijn lippen hebben gekregen, als de wieg van Jezus niet een armzalig iets was geweest. En ook iets dat de herders van Bethlehem wist thuis te brengen.
Jezus is geboren in bittere armoe. En dan niet: armoe in zijn algemeenheid. Maar armoe van een zeer laag gesitueerd herdersvolk. En dan niet, omdat er helaas in Bethlehem geen beter plekje te vinden was. Inderdaad waren de betere plekjes door anderen ingenomen. Maar omdat Hij in de kribbe precies op Zijn plaats was. Lag er geen bewuste keuze van de Allerhoogste achter? Op geen andere wijze kon Jezus beantwoorden aan het beeld van de Messias, in het oud-profetisch Woord vervat. Het beeld van de arme Messias die Zich het lot zou aantrekken van 'een arm en ellendig volk' (Zef 3 : 12). En denk daarbij dan maar aan hen die hun akker, het erfbezit der vaderen waren verspeeld aan machtige grootgrondbezitters. En in die akker het bewijsstuk van Gods ontferming over hen. Zij waren nergens meer. Zij zaten in zak en as. De Heere was kennelijk vergeten genadig te zijn. Niettemin was daar de Naam des Heeren. Als hun enige Toevlucht.

De Messias der armen
Kerstfeest is het feest van de komst van de Messias, die Zich het lot van deze armen en ellendigen aantrekt. F. J. Pop ('Bijbelse woorden en hun geheim') schrijft: 'Hij was rijk en is om der mensen wil arm geworden… (2 Kor. 8 : 9). Hij heeft zichzelf ontledigd en de gestalte van een slaaf aangenomen… (Fil. 2 : 7v). Dat is Zijn eigen wil en daad geweest… Hij maakte het uitzichtloze, aan de vloek vervallen bestaan (der mensen) tot het Zijne. Zijn materiële armoede was daarvan de zichtbare gestalte. Alleen als arme kon Hij laten zien hoezeer een mens, deze volkomen vastgelopen mens, geheel aangewezen is op de genade Gods en alleen daardoor gered kan worden… In deze situatie bestaat slechts één echte verzoeking: de armoede in eigen kracht op te heffen en niet in geloof te wachten op wat God doet'.
De Messias van Israël is deze Messias van deze armen. Vooral de evangelist Lukas vertoont Hem zo aan Israël en aan de volkeren. Het aangename jaar, het jubeljaar des Heeren is aangebroken (Luk. 4 : 16vv).

't Is de Heer' die 't recht der armen.
Der verdrukten gelden doet,
Die uit liefderijk erbarmen
Hongerigen mild'lijk voedt.
Die gevang'nen vrijheid schenkt
En aan hun ellende denkt.

Lees het na in – om maar iets te noemen – de gelijkenissen van Jezus die Lukas ons verhaalt. In de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan: de man aan de kant van de weg, de toekomstloze aan wie iedereen voorbijloopt. In de gelijkenis van 'de rijke man en Lazarus'. De enige gelijkenis waarin iemand een naam krijgt: Lazarus – 'God helpt'. Deze man bezit immers niets anders dan een paar lege bedelaarshanden, open voor wat God in Zijn genade daarin zal leggen… Zo vaak heeft hij het meegemaakt, dat mensen zijn lege handen voorbij liepen zonder er iets in te leggen; waarom ook niet? Hij had geen recht op hun aalmoes… Als God hem voorbij zou gaan, wat zou hij daarvan kunnen zeggen? Wat anders dan dat het Hem vrij staat hem niets te geven van wat hij in zijn smeking vroeg? God toont echter hem lief te hebben en Zich over hem te ontfermen… (F. J. Pop).

Teken van protest en solidariteit
Blijkens vele andere getuigenissen van het Nieuwe Testament kan niemand er omheen, dat Jezus een arme Messias was. Niet noodgedwongen, maar uit vrije wil. En Zijn vrijwillige armoede was een teken. Een teken van protest tegen rijken die de schatten der aarde bezitten en hun macht en aanzien misbruiken tot meerdere glorie van henzelf en ten koste van zo goed als iedereen. 'Wee u, gij rijken'. Zijn vrijwillige armoede was een teken. Ook een teken van solidariteit met de armen, wier bitterheid Hij peilde tot op de bodem, tot in hun godverlatenheid, toen Hij aan Zijn vloekhout hing, tussen hemel en aarde en riep: 'Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?' Opdat Hij hen die als rechtloze zondaren overal buiten vallen en nergens een pand kunnen vinden van Gods goedheid in hun leven, rijk zou maken in God. Met al het nodige van dit tijdelijk leven. 'Indien zij voedsel en deksel hebben, zij zullen daarmee vergenoegd zijn' (1 Tim. 6 : 8). En met iets beters dan dit tijdelijk leven. De ondoorgrondelijke en eeuwig prijzenswaardige goedertierenheid van God. En met een uitzicht dat perspectieven biedt in de bittere ure van de dood. 'De zachtmoedigen zullen de aarde erflijk bezitten' (Matth. 5 : 5).

Doe intocht, Heer' in mijn gemoed
En dan denk ik toch nog even terug aan de man met wie ik dit verhaal begon. Hebben de volgelingen van Israëls arme Messias ooit voldoende beseft, dat het Kersten Kruis-evangelie ons aan de kant zet van de ellendigen en de armen? Om onder hen een teken op te richten van Gods opzoekende zondaarsliefde. Hoe is het mogelijk, dat iemand zegt een christen te zijn en inmiddels geen hand uitsteekt om hen die ter dood wankelen te redden?
Laat het Kerstfeest 1989 er althans goed voor zijn om allen die zich het lot van de armen aantrekken, in Nederland, onder jood en Arabier of in de derde wereld, met veel gebeden en milde gaven te ruggesteunen. Hun bewogen liefdadigheid zou een heirbaan kunnen worden, waarlangs de Messias der armen in Zijn onpeilbare liefde Zijn intocht doet in onze wereld.
Ik denk ook nog even terug aan de nabestaanden van hem over wie ik schreef. De schone dag van vaders droom was in hun leven werkelijkheid geworden. Maar ik zou me echt hebben moeten schamen, als ik niet ook gesproken had over de diepste wortel van 's mensen ellende, over zijn afval van de levende God. Wij hebben ons lot in eigen hand genomen. Wij maakten van onze buik een god. Zondaars. En – als God ons de ogen opent – juist zo: bedelaars. Mensen die alle rechten hebben verspeeld. En die alleen maar echt blij zijn te maken, als de Heere in hun geween tot hen zegt: 'Ik ben uw heil alleen'. Mensen die eerst op hun plaats zijn, als zij tot de Heere kunnen zeggen: 'Armoede of rijkdom geef mij niet; voed mij met het brood van mijn bescheiden deel'. (Spr. 30 : 8).
Laat Kerstfeest 1989 er dan goed voor zijn om de volle waarheid uit te zeggen over een wereld, verloren in schuld. Want in die weg komt de Messias der armen intocht doen in mijn gemoed.

C. den Boer (B)

[Tekst foto: Vroeg-christelijk kerkje in Ierland]

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1989

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Om uwentwil arm geworden

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1989

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's